Hallo katermannen en kattenpoezen,
Ik ga jullie vertellen over mijn tuin jungle. En waarom dat mijn meest favoriete plek is. Vooral als er zon is.
In de vroege ochtend, wanneer de zon haar eerste warme stralen over mijn jungle strooit, sluip ik geruisloos tussen de bladeren en de geurige struiken van mijn tuinjungle. Mijn rode vacht vangt het zonlicht als een warme vlam. Daarna rek ik mijzelf uit op de platte stenen die nog koel zijn van de nacht.
Bliksem
Om mijn hoofd fladderen vlinders, zoemen bijen en ritselen de bladeren zachtjes van de
wind. Bliksem ligt dan altijd bij mij in de buurt. Half verscholen onder de hortensia, terwijl de egelfamilie ligt te slapen in hun nest onder de dikke bladeren van de klimop struiken. Dan voel ik mij helemaal tevreden. Dit is mijn koninkrijk, mijn paradijs.
Dan ga ik lekker op mijn tuinstoel liggen, en geniet ik van de warme zon op mijn rug, het zachte geluid van de vogels in de bomen, en het gevoel dat al mijn vrienden dichtbij zijn. In deze tuin, vol leven en geheimen voel ik mij vrij, geliefd en helemaal thuis.
Mijn favoriete plek is een kleine beschutte plek tussen de struiken en de platte stenen. Daar lig ik precies goed. Ik kan me daar heerlijk uitstrekken. De grond daar omheen is lekker zacht en je ruikt van alles.
Vanaf deze plek kan ik alles goed in de gaten houden, en ik heb zicht op alles wat beweegt. De egel familie die rond scharrelt, Bliksem die op de schutting ligt te loeren en Roover die de jungle in komt lopen.
Geluk
Hier voel ik mij rustig en helemaal op mijn gemak. Het is mijn troon, mijn uitkijkpost, mijn rustplek. En als dan de zon op mijn vacht schijnt voel ik mij gloeien van geluk. En dan kan ik zomaar heerlijk de hele dag tevreden doorbrengen in mijn jungle.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik weer knuffels, lekker eten, snacks en veel zon.
Ik vind nog steeds dat de herfst oké is tot nu toe. Er is nog genoeg zon. Het is alleen vroeger donker. Maar dat is weer goed voor de egelfamilie.
🐾 Poot van Doerak
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Ik zat op mijn favoriete plekje op de vensterbank, mijn vacht was lekker warm. Bliksem lag opgerold naast mij, zijn zwarte staart over zijn neus geslagen. Roover, de jonge avontuurlijk katerman uit de buurt, was net binnen komen lopen nadat hij zich gemeld had door te kloppen tegen het raam. Hij liep met een ondeugende blik en modderige pootjes naar binnen. Kortom het leek op een dag als alle anderen.
De rest van de avond lagen we met zijn allen op de bank. Ik hoorde verhalen vertellen over Tante Fleur, over hoe ik Bliksem alles heb geleerd vroeger. Van muizen vangen tot de beste verstopplekken in de jungle. Roover zat er met gespitste oren bij. Alsof hij het opsloeg voor thuis.
Achter de stapel tijdschriften die om de een of andere reden op de koelkast ligt, vond ik deze week een doosje. Klein. Het kwam me vaag vertrouwd voor, dus ik opende het nieuwsgierig.
Het ging best goed met slank en atleeties worden en ik geloof ook dat ik het was, hoe lang weet ik niet, maar wel eefe, ik ben ook zo een keer op de foto gegaan, maar ik weet nou ook, ik ben weer dikker dan ik moet zijn.
Ik ben nou gewend, dat dacht ik maar het is ook zo dat ik nieuwe dingen leer en ontdek en doe, dus ik foel dat ik wat wil en kan en dat ik het gewoon mag. Dus nou heb ik de laatste tijd een nieuw spelletje.