Kever heeft een mening over tefeel

De zon is fantasties, en warmte ook, maar eerlijk is eerlijk: het kan ook tefeel worden, zelfs voor mij, en zo was het aan het einde van forige week, het was niet keitroopies maar KEIkeitroopies, het was zo troopies dat ik me helemaal slap en moe foelde, zelfs onder de planten was het te warm, dus ik ging maar binnen onder het bed liggen, naast mijn mand.

Ik kreeg de hele dag door natvoer met waater er doorheen, en mijn mensen pasten op dat ik niet heel sloom werd, ze keken of ik aalert was, en dat was ik, maar sloom was ik ook, loogies want hoe kan je nau veel beweegen als het aanfoelt alsof je door fuur heenloopt?

Waater

Mijn mensen waren het meest bezorgd om Juultje, zij was de hele dag buiten, dus elk uur gingen ze kijken en gaven ze haar waater en natvoer, gelukkig is Juultje keistoer en kon ze best goed tegen het KEIkeitroopies.

Maar niet iedereen die buiten woont krijgt waater en eeten, sommige dieren moeten het allemaal zelf reegelen, en dat is moeilijk, als je een koei in de wei bent en nergens is een boom voor een beetje schaaduw, wat dan?, of als je een zwerfkat bent die op straat woont, hoe kan je dan iets te drinken finden?, dat kan alleen als mensen je helpen.

En daarom wil ik fandaag fraagen of iedereen een bak waater buiten wil zetten, of een bakje brokjes, of je op wil letten of een koei of schaap wel schaaduw heeft, of dat vogels genoeg te eeten en te drinken hebben, en of niemand een hond in de outoo laat zitten.

We moeten op elkaar passen, dat moeten we altijd wel find ik, maar met keitroopies ekstraveel, mijn vrouw zegt dat dat ook geldt voor mensen, dat weet ik niet presies als katerman zijnde maar ik denk dat het wel zo is, mensen moeten ook genoeg drinken en genoeg schaaduw, dus als we met zijn allen op elkaar letten komt het vast goed, want Saame is alles beeter.

Gewoon

Gelukkig is het hele troopiese nau weer wat minder, ik kan weer gewoon in mijn tuin zijn, in mijn gras liggen, onder mijn planten liggen, en doen wat ik wil, heerlijk is dat, en ik heb nau geleerd dat MEER niet altijd fijner is, dat MEER ook tefeel kan worden, folgens mijn vrouw is dat waar, en is dat met alles in het leefen zo, maar toefallig weet ik dat er iets is waar je nooit tefeel van kan hebben en dat is liefde, nau… en misschien ook kouwstiks.

***

Ik tetter natuurlijk weer door voor vreede, dat fergeet ik nooit!
Gelukkig zijn Ollie en mevrouw Ollie weer thuis, daar is het het allerfijnste.
Ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes, en ik zwaai naar nieuwe ster Milo 🌟

Joep begint met aftellen

Wat een rare week was het eigenlijk, toen Ollie samen met z’n vrouw noodgedwongen uit logeren was omdat er mannen herrie kwamen maken in hun huis. En ik snap dat helemaal want ik hou ook niet van herrie, en drukte met vreemde mannen over de vloer.
Maar ja, het was ook nog ‘s ongezellig zonder de dagelijkse verhalen op de saait van Saame en de berichtjes van Ollie op Feestboek. Maar gelukkig zijn Ollie en mevrouw OllieBert nu thuis en gaat alles weer gewoon worden, zoals het altijd was. En daar hou ik van.

Omdat het allemaal zo rustig was had ik mooi de tijd om de laatste puntjes op de i te zetten voor het Derde Grote Weilandfeest, dat vandaag over purrrcies drie weken van start gaat. De bestellingen zijn gedaan voor de wokkelwaterglijbaan, de kraampjes, tenten, slaapkussens en al het andere wat het feest de voorgaande twee keer zo’n succes maakte. En de sponsors melden zich nu al zelf aan, waardoor we er ook dit jaar weer saame een gratis toegankelijk feest voor blaffers en mauwers van kunnen maken.
Want ik durf het nog steeds niet aan om andere diertjes in het weiland toe te laten, omdat ik als organisator er niet aan moet denken dat er per ongeluk een gast op een van de barbeknoeis terecht komt omdat iemand denkt een lekker hapje gevonden te hebben. O, en de minimale leeftijd voor kittenmauwers en puppyblaffers om alleen naar het feest te komen is nog steeds 1 jaar. Iedereen die jongerder is, kan toch echt alleen onder begeleiding van z’n vader of moeder het weiland in. Ik moet me nou eenmaal in verband met de veiligheid toch ook aan bepaalde regels houden…

Oproep

Nu het feest steeds dichterbij komt, heb ik aan Junior gevraagd om nog even te kijken naar wie dit jaar welke workshop wil geven, zodat ik op m’n Feestboekpagina een overzicht kan neerzetten. Want die workshops, daar is het eigenlijk allemaal mee begonnen drie jaar geleden. Ik wilde als jonge katermans graag iets van anderen leren, en omgekeerd wilde ik wat ik al goed kon ook aan anderen leren. Maar wat denk je? Ze kan nu het grote witte schrift waar ze al iedereen die zich had aangemeld om een workshop te geven in had opgeschreven nergens meer vinden. En ik heb het echt niet onthouden, dus ik moet nu op zoek naar de blaffers en de mauwers die een workshop willen geven op het Weilandfeest. Wat een gedoe hè? Ik heb Junior hier natuurlijk wel even serieus op aangemauwd en heb zelfs zelf helpen zoeken, maar het schrift is echt niet te vinden. Dus wil je me nog een keer laten weten als je een workshop wilt geven? Dan kan ik voor het feest nog een overzicht maken zodat de bezoekers voorafalvast een keuze kunnen maken wat ze willen leren.

Gelukkig loopt de organisatie van de hapjes en maaltijden voor het feest via Muisbezorgd, dus daar hoef ik me geen zorgen over te maken. In de week voor het feest gaan we in Muisbezorgdteams weer met de koelwagens het land door om de sappigste muizen te vangen, die dan met zorg gefileerd worden om daarna in de Muisbezorgdkoelkasten rustig te kunnen marineren. Dat gaat helemaal goed komen, want die planningen bij Muisbezorgd lopen in elk geval wel gesmeerd.

Natuurlijk zal op het feest ook de catnipwijn en het bottenbier niet ontbreken, en deze zal ook weer verkrijgbaar zijn als 0.0 variant voor de bezoekers die met eigen vervoer komen.

Hoewel je er ook weer voor kunt kiezen om te blijven slapen van zaterdag- op zondagnacht, want er zullen weer genoeg slaapkussens en -dozen beschikbaar zijn om een lekker dutje te kunnen doen.

Leptop

Jammer genoeg zullen ook dit jaar weer vertrouwde snuiten van mauw- en blafvrienden ontbreken op het feest omdat ze te oud zijn om de reis naar het weiland te maken, omdat ze niet van drukte houden of omdat ze over de Regenboogbrug zijn gegaan vanwegens dat hun leef-tijd op was. Maar ook zij worden natuurlijk niet vergeten, en mooie herinneringen ophalen doen we ook op het feest saame, want in ons hart is iedereen nog altijd gewoon heel dicht bij ons.

Ik hoop jullie allemaal weer te zien over vier weken en ik heb al tegen Junior gemauwd dat ze de komende tijd maar wat minder vaak brokjes moet gaan verdienen en wat meer achter de leptop moet gaan zitten om alle berichtjes te lezen en aanmeldingen te noteren, want ik begin vanaf vandaag met aftellen naar het Derde Grote Weiland Feest!

Stevige poot en zachte kopjes,

Joep.

Waarom ik nou een afspring-kussen heb

Toen ik weer thuis kwam uit het Tuinhuis, toen snapte ik meteen waar ik was en dat was thuis, waar ik alles ken en begrijp. Alleen er was toch iets anders.

Onder mijn fensterbank heb ik een dekenbed, dat is heel dik en ik lig er graag op te slapen, ik kan er ook goed op trappelen. Daar was iets mee.
Ik dacht ga ik kijken of niet en toen zei mijn vrouw van Ollie ik ga het uitleggen, kom maar. Dus wij er samen heen.

Het dekenbed was anders. De dekens eronder waren weg en nou had ik een heel dik schuim en daarofer lagen mijn kroeldekens die waren gewoon.
Mijn vrouw duwde op het schuim en zei dit is een afspringkussen foor je poot, je weet waarom ik dit zeg Ollie.
En toen wist ik het weer.

In het Tuinhuis had ik ook een fensterbank net als hier alleen dan twee en eentje was bij een bank en de andere was bij het grote raam. Hoe kom ik daar. Nou mijn vrouw had een trap gemaakt van kisten en stoelen en fan alles. De eerste keer ging ik daarofer en de tweede keer ook.
Heen en terug. Dat ging goed, ik kon het gewoon.
Dus toen foelde ik me tefreede.
En ik dacht ik hoef geeneens ofer die trap.
Nou, ik springen, in de fensterbank en er weer uit de hele tijd en het lukte elke keer, alleen daar moet ik eerlijk ofer zijn, toen deed mijn poot weer pijn.
Ik bleef springen.
Mijn vrouw wees naar de trap maar ik dacht ik kan springen.
Maar na een paar dagen dacht ik toch fan ik ga in die andere fensterbank bij de bank dat is gemakkelijker weeges mijn poot.
Ferder sliep ik daar ook weeges het keihete.

Dus daarom heb ik nou een afspring-kussen. Het is zachter foor mijn poot als ik neerkom. En ik kan er ook op trappelen dat heb ik pas ontdekt. Dus het is een goed kussen en ik weet nou ook ik moet zelf foorzichtig leren zijn alleen dat is soms moeilijk.

Jajim en Frou Frou: over het nieuwe op het balkon

Miauw lieve allemaal, we zijn weer terug van weg geweest en hopen dat het goed met iedereen gaat na de tropische purriode.

Ontdekking

Frou Frou: “De zomer is eindelijk écht begonnen, en hoe. Het is zo heet binnen en buiten, dat het balkon de hele nacht open is voor furkoeling. Voor mij en Jajim een feestje. We lopen in en uit wanneer we willen. Bepalen zelf of we op avontuur gaan om mieren te tellen of om op de grote mensenmand mee te doen met de lange dut. Vanavond is het anders. Ik ga op de deurmat bij de deur staan en onze mensenbroer steekt zijn hand uit, kriebelt me op mijn koppie en zegt ‘zo terug! Lief binnen blijven hoor’ en sluit de balkondeur achter zich zodra hij buiten staat. Een beetje verward blijf ik bij de deur staan tot hij terug is. ‘Kom maar, het is al klaar!’

De avondzon schijnt in streepjes op mijn zwarte vacht als ik naar buiten loop. Normaal zijn het nooit streepjes. Zachtjes laat ik mezelf neerploffen op de nog warme balkonvloer en kijk om me heen. Ik spits mijn oortjes, het ritselt. Wat krijgen we nou? Ik steek mijn neusje in de lucht en zet mijn snorharen op standje furkenning. Het gaat van ‘ZZZSSJJ ZZSSSJ ZSSJJ’. Er hangt een soort doek met gaatjes. Waar is mijn zon gebleven? Vragend kijk ik terug naar binnen, onze mensenbroer heeft wat uit te leggen.”

Keiheet

‘Het zijn voorbereidingen voor de tropische zon en hitte’, legt onze tweevoeter uit. Dat is waar ook. Er komen keihete dagen aan, zoiets furtelde een weermevrouw die in dat rechthoekige ding aan de muur woont. Meowsgierig houd ik mijn koppie scheef. ‘Mogen we dan helemaal niet naar buiten vanmiddag?’, het is het proberen waard om het met mijn meest aandoenlijke stemmetje te vragen. Het werkt niet. ‘Jullie blijven binnen, meisjes, het is echt beter om dat keihete zoveel mogelijk buiten te houden. Daarom hangen de legernetten er, die maken extra schaduw op de ramen.’

Even proberen Jajim en ik het nog, maar het maakt geen furschil. De legernetten blijven hangen en pas ‘s avonds mogen we weer buitenspelen. Voor mij mag die balkondeur anders best open blijven overdag, denk ik nog. Jajim en ik zouden het liefst de hele dag op het balkon furtoeven. Om Saame mieren te kijken, af en toe wat te tuinieren en over de balkonvloer te rollen terwijl we zonnestralen vangen, zoals Willem dat ons geleerd heeft. Hoewel Jajim nog regelmatig beschutting zoekt onder de purrasol, dat wel. Maar nu hangen er dus schaduwdoeken en kán je niet meer in de volle zonnestraal.”

Binnen

Jajim: “We wonen ook nog heel hoog, dichter bij de zon, zonder beschutting en met een plat dak. Dat wordt zo warm dat je er wel een kipfilet op zou kunnen braden. De ramen hebben de hele dag zon, maar daar wilde onze mensenbroer een poot voor steken door legernetten op te hangen in onze ren. Waar we op gewone dagen de hele dag vogels kunnen kijken, zijn het nu opeens rode gordijnen waar we tegenaan koekeloeren. Maar wat we ook hebben, zijn twee waaidingen. Die ene is echt supurrr krachtig en staat de hele dag te loeien, zelfs ‘s nachts. Frou Frou vindt dat hete helemaal niet erg trouwens, sterker nog, ze is een poes van de bovenste plank waar het nog een graadje warmer is. Zelf neem ik een furrbeeld aan onze mensenbroer.

Hij zit in zijn zwembroek en hemd op de bank bij het waaiding. Rustig ga ik naast zijn voeten liggen, languit op de koele laminaatvloer. Het briesje kietelt door mijn haren en mijn ogen gaan een beetje dicht. Achter mijn oogleden zie ik al gauw allemaal visjes zwemmen in een klein beekje, met in het midden speciaal voor mij en Frou Frou een rots waar we Saame droog kunnen zitten om visjes te vangen. Mijn mensenbroer zei later dat mijn pootjes ook in wakker-land aan het vissen waren, zo enthousiast was ik.”

Bovenste plank

Frou Frou: “Waar Jajim al ver weg naar dromenland is, ben ik helemaal alert. De gordijnen zijn dicht, dat is anders nooit. Een beetje furveeld loop ik rond. De lunch zit net in onze maagjes, geen vogel-TV, voor knuffels is het zelfs voor mij aan de plakkerige kant vandaag… Wat nu dan? En hoe moeten we liggen? Jajim vindt dat waaiding fijn, ik vind het een vreemd robot ding. Mijn favoriete plekjes zijn altijd zo hoog mogelijk, in mijn mandje dat regelmatig vraagt om opgeschud te worden, in een radiator hangmatje of bovenop de kast. Ja, daar ga ik liggen. Helemaal bovenin. Alsof het géén 32 graden is binnen, race ik met een bloedgang via de krabpaal omhoog en klim bovenop de kast. ‘Ha, dit is het plekkie’, denk ik opgelucht, strek mijn pootjes en spreid al mijn tenen. Stiekem is het toch wel fijn om een pietsie van dat zachte briesje op te vangen.”

Show

Jajim: “En net als we gewend zijn aan ons nieuwe ritme, met overdag languit liggen en in het donker op avontuur gaan, furandert het. Opeens hangt er een soort mist in de lucht. Ik duw mijn neus door het gaas bij ons raam. Het ruikt naar regen. Net op het moment dat ik het denk, klinkt het ‘KLENG!’ en sneller dan het licht ren ik naar de gang. Even ben ik bang, een klein beetje maar hoor. Onze mensenbroer legt uit dat het wolken zijn die elkaar kopjes geven. Niet veel later stort er met veel kabaal een tropische regenbui neer op ons balkon en er komen zelfs ijsballetjes. De wolken maken felle flitsen in de donkere lucht, het lijkt wel een lichtshow! Zelf weet ik even niet wat ik ervan vind, maar Frou Frou is niet onder de indruk. Alsof er niks aan de hand is, gaat ze rustig verder met haar dutje.”

Hoe zijn jullie de hete dagen doorgekomen?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem vertelt hoe hij het hete weer doorkwam

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,

Zoals jullie allemaal weten is mijn naam Bliksem en die heb ik niet voor niks. Dat kan je goed zien als ik achter een vlieg of vogel aan zit. Maar met deze tropische hitte van de afgelopen week was er van die snelheid weinig over. Ik lag languit op de koele vloer in de kamer. Ik had mijzelf uitgerekt tot wel een meter lang, in de hoop elk spoortje koelte van de vloer op te vangen.
Buiten in de jungle was het zinderend warm. De zon brande op het dak en de schutting, en zelfs de vogels hielden hun snavels dicht. Ik zuchtte eens diep. Mijn vacht voelde vandaag als een dikke winterjas die ik maar niet uit kon trekken.

Schema

Om de dagen goed door te komen had ik voor mijzelf een strak schema ontwikkeld. In de ochtend verhuisde ik van de gang naar de badkamer, waar ik met mijn pootjes in de wasbak ging liggen. Dat was heerlijk koel. In de middag als de zon op haar hoogst stond, zocht ik de schaduw en de koele vloer in de keuken op. Mijn manmens had daar een natte koude handdoek neergelegd en een bakje met koud water met ijsklontjes erin. Dat vond ik fijn om af en toe aan te likken.
Maar terwijl ik daar zo lag te liggen begon het te knagen in mijn kattengeweten. Ik was natuurlijk niet alleen een knappe katerman, maar ook de onofficiële koning van de buurt. Ik maakte mij zorgen. Hoe zou het gaan met mijn vrindjes en vriendinnetjes in de buurt?
Zou Roover ook een koel plekje hebben gevonden? En hoe zat het met Luna, de poes van het hoekhuis? Ik kneep mijn ogen bezorgd samen. Ik moest ook aan de schuwe zwerfkatjes denken. Wie gaf hun nu vers water?
Toen de avond eindelijk gevallen was en de felle zon achter het huis van de overburen zakte, begon er een klein briesje te waaien. Ik kwam gelijk in actie. Het was tijd voor een inspectieronde.

Buiten

Ik glipte naar buiten. De tegels voelden nog warm aan, maar de lucht was nu best wel heerlijk. Ik liep met hoog opgegeven staart naar de schutting en sprong erop. Vanuit mijn hoge post keek ik over de tuinen uit. Ik begon te miauwen, met een beetje vragende toon.
Al snel hoorde ik geritsel in de struiken. Daar was Roover. Die luis spinnend tegen een waterbakje met zijn kop wreef. Hij zag er goed en tevreden uit. Een paar huizen verderop zat Luna op het schuurdak. Ze gaf zichzelf een uitgebreide wasbeurt om haar vacht te koelen, maar ze zwaaide vrolijk met haar staart naar mij. Dat was een goed teken.
Ik haalde opgelucht adem. Mijn vriendjes en vriendinnetjes waren slim genoeg om de hitte te overleven. En mijn manmens riep dat hij filmpjes had gekregen dat de zwerfkatjes goed verzorgd werden met veel water, eten en koeldekens. Net toen ik weer naar binnen wilde gaan voor mijn avondbrokjes, zag ik bij de grote heg een glanzende schaal staan. Het zat tot de rand toe vol met vers, schoon water. De familie egel stond er samen tevreden van te drinken.

Binnen

De mensen hadden goed voor de dieren gezorgd. Met een gerust hart liep ik weer naar binnen. Ik sprong op het voeteneind van het bed van mijn manmens, waar de ventilator een heerlijk briesje blies. Het was een zware warme dag geweest, maar de buurt was veilig, mijn vriendjes en vriendinnetjes waren oké, en ik kon eindelijk gaan dromen van koelere dagen.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekkere snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem