Miauw lieve allemaal, je zou denken dat we na zo lang hier wonen toch alle avonturen wel beleefd hebben? Nou, er is dus altijd iets nieuws om te furkennen. Deze week maakten we kennis met een nieuw vriendje.
Spelletje
Frou Frou: “Vlak voordat de zon achter de daken wegduikt, vliegt de achterdeur eindelijk open. Het is ondertussen zo’n beetje onze routine geworden. Na een rustige middag binnen bij het waaiding mogen we weer het balkon op. Ik duw mijn snuitje door het nieuwe horgordijn heen om de frisse avondlucht op de snuffen. Mijn mensenbroer zegt bevestigend ‘toe maar kleine, lekker buiten spelen’. Het eerste wat ik doe is naar het afwasteiltje lopen. Hij heeft het voor ons omgedoopt tot speelbadje. Even denk ik na, zal ik pootje baden of een slokje nemen? Om de temperatuur te testen steek ik mijn pootje over de rand en tik het water aan. En zet ‘m erin, om de andere poot erbij te zetten. Het wordt pootje baden én drinken, besluit ik. Mijn mensenbroer kan zijn lach moeilijk inhouden als ik, volgens hem, wat onhandig terug het teiltje uit probeer te komen en me furvolgens pootschuddend neervlij op het buiten-deurmatje. Koudwatervrees heb ik niet, en dit water
is warm dus dat is nog beter. ‘Jajim, kom je ook spelen?’ piep ik naar binnen. Mijn grote zus ligt languit op een wit laken, nog uit te waaien bij het ietwat griezelige, lawaaierige waaiding. Liever zij dan ik, denk ik bij mezelf. Bij mij mag alleen de echte wind, die van buiten, door mijn snorharen woeien. Jajim lijkt mijn uitnodiging om pootje te baden niet te horen en verroert geen poot.”
Jajim: “Psst, miauw het niet door maar ik doe maar alsóf ik haar niet hoor. De wind aait nou net zo lekker door mijn vacht terwijl ik lig te soezen. Jullie zouden het vast niet geraden hebben, mijn leeftijd, maar met mijn bijna 14 zomers jong hoef ik minder te spelen dan Frou Frou. Nou ja, dat doe ik wel hoor, maar dan liever ‘s nachts. Tegen de tijd dat het makkelijker is mijn koppie koel te houden. En het is nu nog tussen snack en avondetenstijd in, oftewel dutjestijd. Dus ik strek mijn pootjes en voel de luchtstroom tussen mijn tenen. Furkoelend, denk ik bij mezelf en ga verder met mijn droom. Pas als het gerinkel van onze schaaltjes klinkt en het bekende KLAK-geluid van een openend blikje luidt, ben ik klaarwakker.”
Mysterieus beestje
“De donkere tijd is namelijk wanneer de échte avonturen pas beginnen. Zoals afgelopen nacht. Ik lag net languit op mijn krab-sofa als ik iets op de vensterbank hoor tikken. ‘TIK TIK .. TIK TIK’. Iets fel groens springt door de lucht en landt vlak naast mijn pootje. Meteen is ook Frou Frou van de purrtij en Saame kijken we naar dezelfde plek op de vloer. Tegelijkertijd beweegt onze blik dezelfde kant op-en-neer. En onze mensenbroer, die nog af ligt te koelen voor de nacht, vliegt zowat overeind en knipt het licht aan om te zien waar we op azen. Ik wiebel met mijn bil en zet me schrap om de groene springer een tikkie te geven.”
Frou Frou: “Heel heldhaftig klinkt het niet als de tweevoeter een beetje bibberend vraagt waar we op aan het jagen zijn. En eerlijk gemiauwd weten wij het antwoord niet eens want een beestje zoals deze hebben we nog niet eerder gezien. Net op het moment dat we allebei aanstalten maken om het van dichterbij te besnuffelen, springt het in sierlijke boogjes voor ons uit. En opnieuw, en opnieuw. ‘Een sprinkhaan!’ hij slaakt een zucht. Jajim
en ik staan allebei onderzoekend naar onze springende, nieuwe vriend te kijken.”
Jajim: Na een poosje kijken miauw ik ‘kom Frou Frou’, dit ziet eruit als een knapperig nagerechtje’. Maar mijn zusje snapt jagen niet zo goed en is alweer klaar met kijken. ‘MIEW’ klinkt het, en ze trippelt naar de schaal met brokjes. Zij heeft haar eigen manier van jagen gevonden zonder kruipende of springende vriendjes te meppen. Brokje voor brokje schuift ze haar nagerechtje op de vloer voordat ze het zich laat smaken. Het spelen met ons nieuwe vriendje, of in mijn oogjes een midnight-snack, laat ze aan mij over.”
Hebben jullie ook weleens zo’n nieuwe ontdekking in huis, en wat doe je er dan mee?
Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou
Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
worteltjes krijgen?
Vakantie
Dag liefe frientjes,
Oopa StokkieStefan en Oopa Oscar. Die waren oud en hadden een ouwe fagt met klitten die frouwtje uitkammen dee. Zo deeje ze op hun hooge leeftijd er toch furrzorrugd en netjes uit zien zeg frouwtje teege mij. Jij ben nog jong Belle zeg ze, maar ik ga jou een beetje hellupe om fan je dikke fagt een lugtug zomerjurrukje te maken. Nou heef frouwtje 2 kammen, een kam met kleine tande en een groote klittenkam met heele groote tande. Met met die groote klittenkam moe ze uitkijke, die doe soms te feel trekke aan mijn fagt en dan geef ik een mep. We hebben ooit afgesprooke dat ik hier in huis nie meppe doe, maar in dit gefal moet ik gewoon mijn grenzen aangeefe.
Opeens zei frouwtje, Belle jij krijg een zoomerkaadoo! Nu had ze op de aaipet geleese oofer koelmatten en dat daar ook katten feilig op kunnen ligge om af te koele. Ik denk wel dat jij daarfan gebruik maake doe Belle zei ze. En nu heef ze dus een koelmat besteld, 2 foor de prijs van 1. Dan leggen we de eene koelmat in de huiskaamer en de andere op de slaapkaamer, of ik ga er zelluf met mij voeten op, zei frouwtje. Maar het kan wel eefe duuren Belle, die koelmatten moeten heeelemaal
was met De Rossige, die het hele alfabet kon miauwen. En op een dag was het er zomaar. Opeens kwam er een piepje uit mijn keel. Een miniscuul piepje. Nauwelijks hoorbaar, maar ik voelde dat het er was, dat piepje. Daarna ging het hard. Het piepje groeide uit tot een piep. Trots liet ik hem aan De Rossige horen. Wat er toen gebeurde, ben ik nooit vergeten. Hij begon te lachen. Ik had verwacht dat hij trots op me zou zijn, maar nee, hij schaterde het uit. ‘Je klinkt alsof je een vogeltje hebt ingeslikt’, zei hij, schuddebuikend van het lachen. Daarna durfde ik niet meer te miauwen waar andere katten bij waren.
Op een dag werd alles anders. De Rossige furhuisde, de wijk werd van mij en CW kwam terug. Die had dat kleine brutale katertje al die tijd ontweken. CW komt sindsdien dagelijks kroelen, spelen en snacken. Wat hij ook doet, is zingen. En hoe! Purrachtige serenades. Ik hoor hem al van verre aankomen. Nu leert hij het mij ook, zodat we een duet kunnen vormen. Mo is blij dat ik weer aan het oefenen ben. Om een heel andere reden. Ze zou het fijn vinden als ik iets van me laat horen als ze me roept. Zodat ze weet in welke tuin, in welke boom of onder welke struik ik uithang als ik weer eens te lang van huis ben en ze me moet zoeken. Ik laat haar nog maar even in de waan. Want eerlijk gemiauwd, hoor ik haar wel, maar heb ik gewoon geen zin om te luisteren. En al helemaal niet om te antwoorden. Want sommige dingen wil je als kat gewoon voor jezelf houden.
Mijn tuin zit aan ons huis vast, of ons huis zit aan mijn tuin vast, net hoe je het bekijkt, je moet een klein trapje af naar mijn tuin, want die is laager dan ons huis, maar mijn tuin wordt steeds NOG een beetje laager, mijn vrouw heeft mij uitgelegd hoe dat komt maar ik snapte het niet helemaal, iets met ferzakken ofzo, maar enniewee: er komt een kier tussen ons huis en de teegels van de tuin.
Ik stond bij die kier en deed heeeeel goed snuffen, wat rook ik nau toch?, en leek het niet net alsof ik iets hoorde beweegen, daar onder de grond?, en zag ik niet iets glinsteren…. nee, het was weer weg.
Mijn vrouw zag de kleine rat de folgende ochtend naar buiten loopen en ze was opgelucht, maar dezelfde afond kwam ik binnen en riep mijn man Keef heeft weer iets!, ik was al weer naar buiten, ik had de beebie binnen gebracht en wilde kijken of ik er nog eentje kon fangen.