Categorie archieven: Joep

Joep heeft nog veel vragen

Morgen is ‘t 4 oktober, en dat is volgens mijn personeel dan een feestdag voor alle dieren op de wereld. Katsoonlijk heb ik niet zoveel met feestdagen, want dan komt er vaak bezoek over de vloer.
En daar heb ik het niet zo op als ik ze nog niet vaak heb gezien. Of m’n personeel is dan een deel van zo’n dag gewoon foetsie, en dan blijf ik op ‘t huis passen. Dat doe ik ook wel liever, omdat niemand me dan in de weg zit en ‘t heerlijk rustig is in huis.

Huis en tuin

Nou heb ik zelf als huis-, tuin- en weilandkatermans ook heel weinig met de feestdagen die op de kalender van m’n personeel staan, want voor mij is het gewoon elke dag een feestdag, dus ik snap die drukte niet zo goed. Ik heb een heel huis, waar ik kan gaan en staan en liggen waar ik wil, een katfortabele bank in m’n woonkamer, een kaktuskrabpaal met een mandje bovenin waar ik een prima uitzicht heb over m’n huis en tuin, en zachte dekentjes en kussens in de vensterbanken, waar het ook prima dutten is.
Er is plek genoeg in huis en tuin waar ik legaal m’n stiletto’s kan scherpen, m’n snoeptoren wordt elke avond gevuld voordat m’n personeel naar bed gaat (al zijn dat er natuurlijk nooit genoeg naar mijn mening), nadat ik achter wat snoepjes door het huis ben aangerend. M’n bakjes met brokjes en vers water zijn altijd gevuld en ik krijg elke dag een bijna altijd prima ontbijt en diner met natvoer geserveerd.
Okee, soms zit er een blikje of zakje of kuipje tussen dat ik niet lust of waar ik helemaal geen trek in heb, maar dat lost m’n personeel altijd netjes op.

Personeel

Natuurlijk wordt m’n lunch ook niet vergeten wanneer ik thuis ben. De ene keer krijg ik een schaaltje kattenmelk uit een cupje, de andere keer een lekker soeppie, of zo’n lekkere strip met tonijn of zalm of kip. Maar soms sla ik lunch ook wel ‘s over, als ik nog vol zit van m’n ontbijt. Dan knabbel ik daarna gewoon wat brokjes wanneer ik weer trek heb en neem ik wat slokjes water. Het is hier gewoon elke dag feest, niet alleen met etenstijd maar ook met heel veel knuffels en aaien, lieve woordjes, kroelen en aandacht wanneer ik daar zin in heb.
Dus ik heb helemaal niks te klagen. En ik zou ook niet weten wat ik me op zo’n dagelijkse feestdag nog meer zou kunnen wensen, want m’n huis ligt al vol met speelgoed, ik heb etensbakjes genoeg en kattastische plekjes om een dutje te kunnen doen.
Ik stel me voor dat het bij jullie thuis niet veel anders is, want we hebben denk ik allemaal prima personeel door wie we op onze mauwen bediend worden.

Feestdag

Eigenlijk is het dan best wel raar dat er één dag in het jaar een feestdag is voor alle dieren, want eigenlijk zou het voor ieder dier elke dag dierendag moeten zijn. En dan niet alleen voor de bofbipsen zoals ik met een eigen huis en inwonend personeel, maar voor alle dieren die het niet zo getroffen hebben en die nog steeds wachten op een eigen warm en veilig plekje.
Dus na een hele dag diep nadenken kwam ik vanmorgen tot de katklusie dat dierendag eigenlijk bedoeld moet zijn om tweebeners bewust te maken van alle dieren die het moeilijk hebben.
Gelukkig denkt mijn personeel niet alleen aan mij, maar ook aan de vogeltjes die, zodra het weer kouderder gaat worden, in de tuin mogen komen eten. En aan de familie egel, die ook welkom is om hun buikjes rond te komen smikkelen voordat ze aan hun winterslaap beginnen.
Zelf zit ik er hard aan te denken om wanneer het kouderder wordt ook weer wat potten pindakaas het weiland in te rollen om de muizen die daar wonen de winter door te helpen.

Grens

Maar ik vraag me tegelijkertijd af waar de grens ligt op dierendag. Want mijn personeel laat spinnen in alle soorten en maten gewoon in huis wonen, maar de mieren uit de tuin zijn bijvoorbeeld niet welkom over de vloer. En stel dat vannacht een vlo of een teek in m’n vacht mee naar huis wil voor ontbijt, moet ik die dan de hele rest van de dag laten zitten omdat het dierendag is? Mag ik morgen nog wel met goed katsoen een muis gaan vangen ennehhh, kan ik morgen nog wel genieten van m’n eten waar een kip, een vis of een ander dier in zit?
En hoe zit het met vliegen in huis, mag ik die op dierendag nog steeds met een welgemikte BAM van m’n voorpoot uit de lucht slaan? Of kan ik daar problemen mee krijgen?

Katerdag

Gelukkig heb ik vandaag nog een hele katerdag om daar over na te denken. Want ik vind het best ingewikkeld hoor, zo’n speciale dag die door goedbedoelende tweebeners gevierd wordt. Omdat ik en m’n personeel het zelf heel logisch vinden dat een dier in nood geholpen moet worden, en wanneer tweebeners dieren in huis of op stal nemen dat ze daar goed voor moeten blijven zorgen. Niet alleen op dierendag, maar op alle dagen in het jaar.
Dus ik denk dat ik om te beginnen vanavond de vliegenmepper van Junior maar even ga verstoppen…

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

 

Joep heeft een tijdelijk bijbaantje

Ondanks dat volgens mijn personeel afgelopen woensdag de herfst écht is begonnen, merk ik er niet veel van. Ik heb de hele week heerlijk genoten van de zon en de nachten waren ook nog steeds prima van temperatuur, dus dan maakt het mij eigenlijk niet uit hoe het seizoen genoemd wordt.

Part-time

Toch moest ik deze week het heft in eigen poot nemen, wat spontaan geleid heeft tot een part-time job die ik vol overgave op me genomen heb, zeker nog voor de eerstkomende paar dagen.
Dat zit zo. Al sinds ik hier woon staat er een oude plant in de hoek van m’n tuin, naast de schuur tegen het hek aan. Die plant is heel veel jaren ouderder dan ik, en in de winter heeft ‘ie kale takken.
Maar zodra het warmer begint te worden komen er bladeren aan. Ik heb er al ‘s eerder over gemauwd, want die bladeren groeien zo afgrijselijk snel dat ik in de zomer via m’n catwalk niet eens meer op het dak van m’n eigen schuur kan komen zonder me in allerlei bochten te moeten wringen. Maar dat niet alleen.
Op een gegeven moment komen er groene balletjes aan die takken, die ook steeds groterder worden. Net zolang tot ze heel donkerblauw zijn. M’n personeel plukt die blauwe balletjes dan uiteindelijk uit de struik en eet ze gewoon op. Echt waar. Zelf moet ik daar niet aan denken, en ik zal je mauwen waarom.

Hapje

Toen ik nog een heel klein beebiekittenkatertje was, heb ik m’n tandjes ook wel ‘s in zo’n balletje gezet. Gewoon omdat ik nieuwsgierig was, maar dat is me toen helemaal niet goed bevallen want ik kon daarna gelijk door naar m’n vriendelijke dierendoktermeneer omdat ik buikpijn had.
Dus sinds die tijd eet ik niks meer dat aan bomen of struiken hangt, ik hou het liever bij wat ik in m’n etensbak krijg. Hoewel ik voor een zelf gevangen lekkere sappige krakend verse weilandmuis natuurlijk ook echt m’n neus niet ophaal. Maar muizen groeien dan ook niet aan bomen of struiken, en die zou ik buiten dus wel prima kunnen eten wanneer ik even geen zin heb om terug naar huis te wandelen voor een hapje.

Plant

Maar goed, ik dwaal af. Terug naar ‘t verhaal dat ik eigenlijk wilde mauwen.
Dit jaar is die plant naast m’n schuur enorm gegroeid. Niet alleen over m’n catwalk in de tuin, maar ook over m’n schutting. En boven langs de schuur. Zelfs buiten m’n tuin, op ‘t achterpad, hangen die takken met bladeren tegen m’n schuur. Zelfs zoveel dat Senior een maand of wat geleden een klimrek op de muur heeft vastgemaakt, waar die takken in korte tijd allemaal doorheen groeiden. En overal zaten eerst van die kleine groene balletjes die uiteindelijk groot en rond en blauw werden. M’n personeel was daar heel errug blij mee, maar het werden er zoveel dat ze de balletjes niet meer op konden. Maar de buren uit de buurt eten ze niet, die halen die balletjes liever uit de winkel omdat daar geen pitjes in zitten. Dus besloot m’n personeel dat alles wat buiten m’n tuin hing voor de vogels was. En die hebben er een groot feest van gemaakt, want er hangen nu bijna geen balletjes meer aan die takken.

Zelluf heb ik het niet zo op de vogels in de buurt, want die zijn heel groot en ze maken best veel herrie. En daarmee jagen ze alle kleine vogeltjes weg, alsof zij de baas zijn over die oude plant die in mijn tuin staat. Dus ik vond dat er iets moest gebeuren en deze week ben ik elke dag een uurtje of wat op m’n catwalk gaan zitten, verstopt tussen al die grote takken en bladeren.
En zodra ik zo’n grote vogel hoorde aankomen stak ik m’n kop omhoog en joeg ik ze met heel hard blazen weg. Dat was best hard werken hoor, maar ik heb ‘t er graag voor over om voor m’n personeel en de kleine vogeltjes uit de buurt te zorgen dat er nog wat laatste blauwe balletjes voor hun blijven hangen in m’n tuin.
‘t Is wel even heel ander werk dan op weilandmuizen jagen en de nachtelijke buurtcontrole, maar ik doe ‘t er graag even bij. En ik denk dat de grote vogels intussen wel weten dat ik verstopt kan zitten tussen al die grote bladeren, want gisteren heb ik geen verenbaal meer gezien dus heb ik zitten genieten van het weidse uitzicht over het grote weiland waar de muizen en de hazen wonen.

Bijbaantje

Misschien dat ik volgende week al wel weer terug ga naar m’n gebruikelijke dagelijkse bezigheden, maar dit weekend zoek ik het gewoon nog even hogerop. En ik kom alleen van m’n catwalk om even de poten te strekken of om de planten in m’n tuin te bewateren en bemesten. Of omdat ik wordt geroepen als m’n lunch of diner geserveerd wordt, en dan zit m’n bewakingswerk van de blauwe bolletjes er voor die dag weer op.
Wat zo’n bijbaantje moet natuurlijk wel leuk blijven.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Joep keurde zijn nieuwe krabton

Soms heb je van die dagen dat je denkt, ik heb eigenlijk helemaal geen zin om iets te doen. Nou, dat had ik deze afgelopen week dus. Vooral woensdag.

Nieuw

Want ‘s morgens regende het keihard, dus ik dacht da’s een mooie dag om lekker lui te zijn. Nou heb ik sinds een maand of drie een nieuwe krabton onder het kleine raam aan de voorkant van m’n huis. Maar daar liep ik altijd met een grote boog omheen.
Misschien omdat ‘ie net iets lagerderder is dan de vensterbank, terwijl m’n oude krabpaal, die met de komst van de nieuwe naar buiten is verhuisd, juist een klein beetje hogerderder was. In die nieuwe krabpaal lag ook een zacht kussentje, en nou hou ik best van zacht en ik hou van kussentjes, maar deze was toch net niet helemaal naar m’n zin. Het lag echt niet aan de kleur hoor, want die was mooi zilvergrijs wat weer heel goed bij m’n jas past. Maar ‘t was ‘m gewoon niet vond ik.

Vensterbank

Op woensdag liep ik dus na m’n ontbijt naar de grote slaapkamer. Zou ik lekker languit op ‘t grote bed m’n dutje doen, of misschien in de grote vensterbank? Of toch in die kleine? Want er zijn keuzes genoeg om aan de voorkant in m’n huis lekker te kunnen dutten. Ik sprong op het grote bed en was net begonnen met m’n ochtendwasbeurt, toen Senior binnenkwam met een grote mand met wasgoed om op te vouwen.
Weg rust. Want ik had helemaal geen zin om te helpen. Dus ik besloot om toch maar in de kleine vensterbank te gaan liggen zodra al m’n haren weer netjes op een rijtje lagen.

Katfortabel

Nou is de gemakkelijkste weg naar het raam om via het bed en het nachtkastje in die vensterbank te springen, om die nieuwe krabton te ontwijken. Maar terwijl ik op het kastje stond, zag ik dat de bovenkant van m’n ton er ineens anders uit zag. Het kussentje was weg.
Heel voorzichtig zette ik één poot op de krabton. Dat voelde ook wel zacht, maar vooral best lekker stevig. En daar hou ik wel van. Dus ik zette m’n tweede poot erbij, en voordat ik het wist lag ik prinsheerlijk opgerold, boven op de ton waar ik eerst niks van moest hebben. Er zit ook een randje aan nu het kussen er uit is, en dat ligt best katfortabel. Misschien was dit toch wel een mooi nieuw plekje om te dutten bedacht ik me nog, voordat ik met een tevreden gevoel in slaap viel.
Ik was zelfs zo diep in slaap dat ik geeneens wakker werd van het openschuiven van de deuren toen Senior de opgevouwen kleding weglegde. Ik werd niet eens wakker om te kijken of m’n lunch al was geserveerd. Omdat ik zo lekker lag. Waarom was ik niet eerder zelf op ‘t idee gekomen om dat kussen van m’n krabpaal te gooien?

Lunch

Ik werd wakker van de zon die heerlijk op m’n jas scheen. En dat was precies op tijd, want ik hoorde de stappen van Junior al op het tuinpad. Hoog tijd dus om even lekker uit te rekken, met een hoge rug, en m’n stiletto’s in de zijkant van m’n krabton wat bij te scherpen. Om vervolgens, voordat Junior haar telefoon kon pakken om foto’s van me te maken, met een sierlijke sprong via het grote bed naar de vloer te springen en met m’n staart omhoog een kopje tegen haar benen te geven als begroeting.
Want als Junior ‘s middags weer thuis komt van brokjes verdienen, vraagt ze altijd eerst even of ik al lunch heb gehad. Maar nu was ze heel verbaasd, want ze had me van de krabton zien springen en was net te laat om dat vast te leggen. Vandaar dat ze jullie geen foto kan laten zien hoe ik daar voor het eerst lag te slapen. Maar dat komt vast nog wel een keer, want ik kan je mauwen dat ik vast nog wel ‘s door haar betrapt ga worden zonder dat ik dat door heb.

Stoel

Na een weer voortreffelijke lunch was het hoog tijd om naar buiten te gaan, want m’n oude krabpaal staat sinds deze week weer op z’n vertrouwde plek onder het balkon van de bovenburen. Hij is gelukkig weer helemaal droog na de flinke regenbuien van vorige week, en er staat gelukkig ook weer een stoel naast de tuintafel. Dus er zijn genoeg plekjes om buiten lekker te releksen als ik terugkom van mijn plantsoenendienst.
Natuurlijk kies ik dan altijd voor de stoel, zeker als m’n personeel niet in de tuin zit. En mochten ze besluiten om buiten nog van de laatste paar dagen zomer mee te genieten, dan mogen ze altijd bij me komen zitten op de klapkrukjes die ze bij de nieuwe tuinstoelen hebben gekocht. Of op m’n oude krabpaal, want daar doe ik echt niet moeilijk over. Want saame buiten genieten van de zon is toch altijd het gezelligst.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Joep kreeg de schrik van z’n leven

‘t Was deze week een beetje tam bij mij thuis, in die zin dat er niet zoveel te beleven was. Behalve dan dat ik dinsdag bijna de sloot ingespoeld ben door alle regen die ineens naar beneden kwam. En nou heb ik helemaal niks tegen een nat pak en ik heb al m’n zwemdiploma’s, maar er moet natuurlijk niet overgedreven worden vind ik.

Nat

Dus ik zo snel als ik kon naar binnen. M’n personeel weet inmiddels dat ik, wanneer ik écht tot op de binnenvoering van m’n jas nat ben, niet wil worden afgedroogd, al halen ze de grootste en zachtste handdoek uit hun kast. Eén blik bij binnenkomst van mij naar m’n personeel was dan ook nu weer voldoende om druipend vanaf de achterdeur rustig door het huis te wandelen, om me vervolgens op het net verschoonde bed te nestelen.
En nee, natuurlijk niet op de handdoek die m’n personeel er haastig overheen gegooid had, maar lekker met m’n natte poten op het dekbed, de achterkant van m’n jas tegen het kussen aan. Want dat is de beste poesitie om snel te drogen. Eerst de poten drooglikken, daarna m’n borst, buik en zijkanten. En als laatste niet te vergeten m’n staart. Dat zijn de plekken waar ik het makkelijkste bij kom. Dan haal ik nog een paar keer m’n poot over m’n kop om het teveel aan water eraf te vegen.

Droog

Tegen de tijd dat ik daar dan helemaal klaar mee ben is m’n rug ook alweer bijna opgedroogd en is het hoog tijd om te verkassen naar het andere kussen om het laatste beetje vocht dat nog bovenop m’n kop en de achterkant van m’n jas zit kwijt te raken. En ik moet mauwen, dat werkt voor mij gewoon het beste. Zodra ik weer droog en wel van het bed af ga voor een slokje of een hapje, of gewoon om de poten even te strekken, haalt m’n personeel het bed af om in de wasmachine en droger te doen, en opnieuw op te maken voor de nacht. Dus dan heb ik ‘s avonds weer een nieuw, lekker fris en droog dekbed wanneer ik nog even een dutje tussen m’n personeel in doe voordat ik aan m’n buitendienst begin.
Toegeven, ik zou ze veel minder werk geven wanneer ik me op de deurmat bij de achterdeur met een handdoek zou laten afdrogen, maar dat doe ik gewoon veel liever zelf met een grote wasbeurt. Op bed.

Jumpsuit

Gelukkig was het die nacht tijdens m’n straatcontrole drogerder dan overdag, al heb ik voordat het tijd was voor ontbijt nog even in de tuinstoel van Senior gelegen om op te drogen. Maar ik hou er gewoon van om een deel van de nacht buiten te zijn, zeker zolang de temperaturen nog aangenaam blijven. Want winterse kou, daar moet ik niks van hebben. Maar dat mauw ik natuurlijk niet tegen m’n personeel, want ik vrees dat Junior dan nog voordat ik m’n zin af heb gemaakt haar breipennen al heeft gepakt om een jumpsuit met capuchon en uitsparingen voor de oren, poten en staart voor me te breien.
Ze heeft al ‘s een foto voor me gemaakt met zo’n kompjoeterprogramma om te laten zien hoe dat er dan uitziet. Maar ik begin daar natuurlijk niet aan. Al heb ik wel bollen koningsblauwe wol in de bovenste la zien liggen, dus ik blijf op m’n hoede. Want als trotse rode katermans weiger ik al bij voorbaat om zo uitgedost over straat te gaan…

Maar goed. Woensdagochtend ging ik dus na m’n ontbijt zoals gebruikelijk even een dutje doen in de vensterbank van het grote raam.
Nadat ik wakker werd omdat het lunchtijd was, zag ik dat de zon alweer scheen. Dus ik mauwde dat ik klaar was om m’n soepje geserveerd te krijgen, waarna ik op de mat voor de hordeur ging zitten. Dan is een blik naar m’n personeel genoeg, en wordt de deur voor me opengedaan zodat ik naar buiten kan voor mijn eerste dagelijkse bemesting en bewatering van de planten in m’n tuin.  Maar toen ik met alle vier de poten buiten stond, kreeg ik de schrik van m’n leven…
Want waar was m’n krabpaal naast de achterdeur gebleven? En m’n nieuwe tuinstoelen, en de bijpassende krukjes waarop m’n personeel van de zomer mocht zitten wanneer ik al prinsheerlijk in zo’n nieuwe stoel lag? En de tuintafel, die stond ook ineens heel anders dan anders…

Zomer

Ik rende bliksemsnel weer terug naar binnen en mauwde luidkeels dat de tuin leeg was. M’n personeel keek daar niet van op, maar deelde doodleuk mee dat alles die ochtend in de schuur gezet was om te drogen. Overleg met mij? Welnee, ze hadden het gewoon gedaan terwijl ik aan de andere kant van het huis lekker lag te dutten. Terwijl ik al bijna alle buurtkatten wilde optrommelen om te helpen m’n verdwenen spullen te zoeken.
Nadat ik weer buiten was heb ik zeker een uur voor de schuurdeur gezeten voordat Senior die voor me open deed. Terwijl ik inspecteerde of alles echt wel in de schuur stond, haalde Senior de barbeknoei uit elkaar om helemaal schoon te kunnen maken. Dus ik denk dat de zomer nu dan toch echt voorbij is. M’n kussentje ligt alweer op de tuintafel onder het balkon van de bovenburen, al hoop ik stiekem dat Junior nog een oude tuinstoel uit de schuur haalt om elk straaltje zon dat misschien nog komt buiten mee te kunnen pakken.
Dan kan ik daar na m’n nachtdiensten lekker een beetje beschut op gaan liggen wachten tot het tijd is voor m’n ontbijt. Om daarna binnen op ‘t grote bed nog te dromen over de prachtige lange zomer die we saame toch maar weer mooi gekregen hebben.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Joep had er een baantje bij

Deze week hadden we hier 3 seizoenen in een dag. Alleen de winter ontbrak er nog aan, want ik heb geen sneeuw of ijs gezien.

Dus wanneer ik thuis kwam van m’n nachtelijke straat-, buurt- en weilandcontroles ging ik na m’n ontbijt lekker in de vensterbank liggen, om te proberen nog wat zon op m’n vacht te vangen. Of op het grote bed, wanneer de zon daar scheen. Want deze week ben ik toch minstens drie keer bijna uit m’n jas gewaaid, en daar heb ik het niet zo op.

Regen vind ik best, maar het moet wel leuk blijven. Want zodra ze in het donker achter de Regenboogbrug beginnen om vuurwerk af te steken, dan blijf ik het liefst lekker op m’n krabpaal in m’n achtertuin zitten om alles te bekijken. En wanneer de knallen te dichtbij komen zit ik met een flinke sprong zo binnen. Tenminste, zolang m’n personeel nog niet is gaan slapen, want dan staat de deur nog op de haak. Anders komen ze altijd nog wel uit bed om de deur open te maken zodra ze vuurwerk horen en ik nog buiten ben.

Wintervoering

Volgens m’n personeel ben ik deze week ook begonnen om de wintervoering in m’n jas beetje bij beetje weer terug te krijgen. Waar ik, toen het een tijd zo heel erg warm was, niet veel at maar wel heel wat dronk, is het nu een beetje omgekeerd. M’n ontbijt en diner gaan vaak schoon op. Tenminste, als ik het lekker vind. Want tegenwoordig ben ik een beetje uitgekeken op alles waar rund in zit. Ik heb liever iets met vis of kip, en af en toe een hapje kalkoen of rendier gaat er ook best in. Maar m’n favoriet is eigenlijk alles waar kaas in zit. Of heel veel bouillodinges, want dan is ‘t eten en drinken tegelijk.
M’n brokjes, waar ik van de zomer soms een hele dag mee kon doen, worden nu twee keer per dag bijgevuld omdat ik er niet van hou als m’n bakje leeg is. Al heb ik toch sterk het vermoeden dat ik nog steeds wel ongeveer hetzelfde aantal brokjes per dag krijg als anders.
Maar ze blijven me prima smaken, want ik krijg al sinds ik beebiekittenkater was hetzelfde merk, met vier verschillende smaken die m’n personeel zelf door mekaar heen mengt. En dat verveelt me nog steeds niet.

Baantje

Maar om nou te voorkomen dat m’n binnenvoering te dik gaat worden voordat het echt winter is, heb ik er tijdelijk even een baantje bij genomen. Dat zit zo.
De afgelopen tijd had ik ineens heel veel vliegen in huis, dus m’n personeel had een paar van die meppers gekocht om te voorkomen dat die vliegers in mijn etensbak of op het bord van m’n personeel zouden gaan zitten. Want extra eiwitten zijn dan wel gezond, maar we willen toch niet overdrijven.
Maar dat geklap van die mepper stoorde me in m’n dutjes, of tijdens ‘t eten. Alsof er bij elke klap een kanon werd afgeschoten, zo hard. En was mijn personeel niet aan het meppen, dan hoorde ik de Buuf en Buum meppen, want zij hadden hetzelfde probleem. Het was een echte plaag in de buurt en vliegenstrips, vliegenvallen of blauwe lampen leken bij deze soort zoemers niet te werken. Dus zat er niks anders op dan het heft in eigen poot te nemen en zelf maar weer vliegen te gaan vangen.

Meppen

Dus de afgelopen week ben ik maar begonnen om alles wat om me heen vloog met twee poten te meppen. Dat ging in elk geval een heel stuk geruislozerder dan wanneer m’n personeel het deed. Maar ‘t was best wel hard werken hoor, dat sluipen, springen en rennen door ‘t huis. Soms kon ik, wanneer ik in de vensterbank of op ‘t grote bed lag, gewoon BAM met m’n voorpoot doen, en dan had ik er weer eentje te pakken. Maar vaker moest ik er gewoon achteraan.
Pas tegen het eind van deze week kon ik het weer wat rustiger aan gaan doen. Al blijft m’n personeel nog steeds een kap met gaas over m’n natvoer heen zetten wanneer ik dat niet in een keer opeet, voor ‘t geval er toch nog een verdwaalde vlieg in huis zit.
Aan de ene kant is dat dus best wel handig, maar aan de andere kant moet ik altijd weer iemand mauwen om die kap weg te halen als ik laterderder nog wat hapjes wil eten. Gelukkig hoef ik dan nooit lang te wachten, omdat ik prima personeel heb. En dat mag toch ook wel weer ‘s gemauwd worden.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep