Alle berichten van Ollie

Opeens wist ik het de slaapkamer is stom

Elke afond als mijn vrouw naar bed wil, dan ga ik op mijn dekenbed trappelen. Met mijn voorpoote ga ik er diep in en dan duw ik ze helemaal weg en dan weer terug, soms loop ik er ook bij zo werk ik dan met mijn poote dat is omdat ik weet zo krijg ik fijne gefoelens in mijn lighaam en in mijn kop en die heb ik dan ook nodig weeges ik wil niet dat ze naar de slaapkamer gaat.

“Ollie, je kunt ook komen hoor,” zegt ze dan. Ja dat kan. Ik kan traplopen. Soms ga ik eefe kijken door het raam dat is op de oferloop boven. Daar heb ik ook een matje liggen, en ik zie dan achterkanten van huizen dat is eefe wat anders dan de straat.
Maar ik wil niet.
Ik bedoel wel in dat raam, dat is leuk. Pas heb ik daar mijn eete gegeten, beneden wilde ik niet nou ik ofer de trap naar boven en ik wist ze komt het eete brengen en dat was ook zo, en tussen de happen door keek ik naar buiten, dat was gezellig.
Dus naar boofe, dat kan gewoon.
“Kom je mee naar de slaapkamer?” vraagt ze dan en ze loopt door en gaat op het bed liggen en ze roept en zegt fan je kunt erbij en je hebt hier een eigen kussen en dat is allemaal zo maar ik heb geen zin.
Weeges ik find de slaapkamer stom.
Ik wil niet alleen zijn maar ik wil niet naar de slaapkamer.

Froeger niet. Toen ik hier pas was, toen had ik daar mijn feiligheid. Onder het bed en in de kast had ik matjes en kussens. Daar was het ook donker dus ik kon zo wennen.
En lang erna rende ik soms de slaapkamer in, sprong op het bed foro eefe saame en daarna weer terug.
Maar nou, nee.
Ik weet dus niet hoe zoiets kan. Een ferandering in je eigen huis. De slaapkamer is gewoon hetzelfde. En hoe kan het nou dat ik opeens een andere meening heb?

De keuken find ik nou het allerfijnste. Die is klein en ik heb er knuffels en elke afond krijg ik daar een paar ekstra brokjes en dan gebeurt er ferders niks dus dat is goed.
Eigenlijk heb ik liefer dat mijn vrouw in de keuken gaat slapen maar ze zei fan Ollie dat doe ik niet. Dus nou weet ik het eefe niet hoe moet dit ferder.

Ik heb een freemde en rare zomer

Ik find de zomer is foor ontspanning dat je gewoon kunt liggen en warm zijn en foelen het is nou net wiekent alleen dan de hele tijd. Maar het is deze zomer helemaal anders dat komt door de reenoovaazie.

Het duurt feels te lang en niemand weet waarom. Mijn vrouw fraagt het aan iedereen: de schilder zei ik weet het niet, ook andere mannen in de straat wisten het niet, ze ging meelen en ze zei Ollie niemand weet het dat is stom en dat was ook mijn mening.

Deze week was er ook een ferandering en die was goed. Er kwam een man binnen en die maakte aan een plafond een waaiding. Ik zat wel achter de kastjes maar ik was niet bang weeges ik rook allemaal kattenluchten aan hem en mijn vrouw zei had gezegd hij is in orde Ollie.
Toen hij weg was, had ik wind in de kamer.
Van het plafond.

Ik ging er meteen onder liggen en mijn vrouw kwam naast me liggen. Toen fertelde ze ofer de reenovaazie en dat ik nou meer zelf-fertrouwen had, weeges ik kon in de flet zijn de eerste keer en ook in het tuinhuis de tweede keer en ik bleef eete en saame zijn dus ik was een dappere jongen. En nou moesten we nog eefe doorzetten.
En ik durfde al in de fensterbank als de stijger er staat en ik foelde dat is waar.
En ik kon ook in de kamer saame blijfen toen er herrie aan het keukenraam was en dat is ook zo.
En ik deed goed aan saame-zijn om steun te finden dat was ferstandig zei ze en ik foelde me tefreede.

Maar het is toch freemd en raar dat zoiets kan gebeuren, dat er zomaar iets gebeurt in je leefe en dan moet je ermee omgaan ook al weet je niet hoe. Ik weet nou dat het gewoon kan gebeuren en dat je dan steun nodig hebt fan thuis en je frienden en nou wil ik zeggen dankjulliewel daarfoor.

Waarom ik thuis niet zoveel zeg

Ik ben geen Siemees dat is gewoon zo, Siemezen dat zijn praters van zichzelf, als je jhet bent dan praat je maar ik ben het dus niet en thuis zeg ik niet feel.
Daarbij het is ook niet nodig.

Toen ik hier kwam moest ik eerst mijn stem leren finden. Dat heeft bijna iedereen die uit het asiel komt in een huis, je weet niet meteen hoe is het hier, wie ben ik hier en heb ik wat te zeggen en hoe doe ik dat dan.
Dat lukte maar het was meer foor mezelf dat ik af en toe MEWW deed. Nou is het anders geworden.
Ik zal een oferzicht geven.

Wanneer zeg ik wel wat

  • als het nacht is en mijn vrouw komt naar beneden en ze kijkt waar is hij en ik zie gewoon ze ziet me niet, dan doe ik eefe MEW en ze kijkt naar mij en ik naar haar weeges ik weet wat ze dan terug zegt en dat is: O ben je daar. Meer hoeft niet.
  •  en ook als het afond is dan ga ik op de trap stil zitten en als ze erlangs loopt spring ik opeens tevoorschijn en roep MEWW dat is mijn spelletje en zij doet dan fan ze schrikt
  •  elke keer als het bijna tijd is om te eten en ze fraagt fan heb ik trek, of ik geef een MEWW fan ik heb trek

Waar ik nooit antwoord op geef dat zijn fragen als:

  •  Ollie hoe sta jij er nou in
  •  Hoe moet het nou ferder
  •  Find je het ook zo gezellig

Daar kan ik gewoon niks mee en als ik luister dan is het genoeg dat is mijn mening. Ze praat gewoon ferder dus het is in orde.
Zomaar meww doe ik nooit. Ik ben een serieuze kater, ik zeg alleen iets als ik wat te zeggen heb. Ja, en als ik eete wil dan ook. Dat wilde ik eefe zeggen.

Waarom ik nou een afspring-kussen heb

Toen ik weer thuis kwam uit het Tuinhuis, toen snapte ik meteen waar ik was en dat was thuis, waar ik alles ken en begrijp. Alleen er was toch iets anders.

Onder mijn fensterbank heb ik een dekenbed, dat is heel dik en ik lig er graag op te slapen, ik kan er ook goed op trappelen. Daar was iets mee.
Ik dacht ga ik kijken of niet en toen zei mijn vrouw van Ollie ik ga het uitleggen, kom maar. Dus wij er samen heen.

Het dekenbed was anders. De dekens eronder waren weg en nou had ik een heel dik schuim en daarofer lagen mijn kroeldekens die waren gewoon.
Mijn vrouw duwde op het schuim en zei dit is een afspringkussen foor je poot, je weet waarom ik dit zeg Ollie.
En toen wist ik het weer.

In het Tuinhuis had ik ook een fensterbank net als hier alleen dan twee en eentje was bij een bank en de andere was bij het grote raam. Hoe kom ik daar. Nou mijn vrouw had een trap gemaakt van kisten en stoelen en fan alles. De eerste keer ging ik daarofer en de tweede keer ook.
Heen en terug. Dat ging goed, ik kon het gewoon.
Dus toen foelde ik me tefreede.
En ik dacht ik hoef geeneens ofer die trap.
Nou, ik springen, in de fensterbank en er weer uit de hele tijd en het lukte elke keer, alleen daar moet ik eerlijk ofer zijn, toen deed mijn poot weer pijn.
Ik bleef springen.
Mijn vrouw wees naar de trap maar ik dacht ik kan springen.
Maar na een paar dagen dacht ik toch fan ik ga in die andere fensterbank bij de bank dat is gemakkelijker weeges mijn poot.
Ferder sliep ik daar ook weeges het keihete.

Dus daarom heb ik nou een afspring-kussen. Het is zachter foor mijn poot als ik neerkom. En ik kan er ook op trappelen dat heb ik pas ontdekt. Dus het is een goed kussen en ik weet nou ook ik moet zelf foorzichtig leren zijn alleen dat is soms moeilijk.

Ollie gaat op avontuur

Thuis riep mijn vrouw van ‘Ollie kom eens’ en ik wist meteen er is iets wat zou dat zijn. Ze zat op het tapijt en ik ging erbij liggen op feilige afstand want je weet nooit of je opeens naar de dokter moet en ik dacht dat wil ik niet.

– Ollie, we gaan op avontuur. Morgen begint het en het is een veilig avontuur want het loopt goed af en we blijven de hele tijd samen.

Ik dacht ik wil niet maar ik moest luisteren ook al omdat ik spanning had weeges er was herrie aan het keukenraam.

– We gaan een week ergens anders wonen, net als toen in de flat, maar nu niet in de flat maar dus ergens anders. En daar is het fijner als in de flat, je kunt er ook naar buiten kijken.

Ik dacht dat wil ik niet, ik ben een binnenjongen ik foel me hier thuis ik wil nergens heen.

– Het kan niet anders Ollie. Want de mannen die zo’n herrie maken komen volgende week in het huis, ze gaan door de huiskamer, over de trappen, naar de slaapkamer en daar gaan ze herrie maken aan het raam. En ze gaan dan ook herrie maken aan alle ramen van de huiskamer, ze gaan schuren met de machine en hakken en schuren en schilderen, dat is te veel voor ons.

Ik dacht ik wil geen herrie.

– Dus daarom gaan we weg, naar een ander huis, daar is het stil en daar zijn we veilig. En als we terug komen, dan zijn de mannen weg en de steigers ook, dat hebben ze beloofd.

Ik fond het moeilijk.

– Ja dat snap ik Ollie, het is ook een groot iets om mee te maken. Daarom is het een avontuur, en we doen het samen.

Ik dacht aan mijn spullen.

– Je spullen gaan mee Ollie. De badjassen, je dekenbed, en verder zoveel mogelijk. Er is misschien weinig internet dus ik weet niet hoe het gaat met Facebook.
Maar wij blijven samen hoor, en we gaan weer terug en dan is het leven weer gewoon.

Toen wilde ik wel knuffels. En ik dacht saame durf ik het misschien wel.