Categorie archieven: Willem & Jajim & Frou Frou

Jajim en Frou Frou: hoe wij een relax-dag doen

Miauw lieve lezers, het weekend is in zicht en het wordt weer kei heet. We hebben gevraagd aan de weerman of er dan niks tussenin zit maar blijkbaar is het het één of het ander. Eigenlijk vinden we dat purrrima, dit is toch veel beter dan binnen zitten?

Dag en dauw

Frou Frou: “Het werd pas net licht en de vogeltjes floten hun mooiste liedjes al. Tenminste, ik denk dat het hun mooiste liedjes waren, in elk geval mooi genoeg om ervoor wakker te blijven en mee te zingen. Daar zijn Jajim en ik goed in, in Saame muziek maken. De groene papegaaiachtige vogel kwam uit de boom waar hij met al zijn vriendjes zat en landde bovenop ons balkon gaas om een purrachtige solo te zingen. Ik voelde me ook muzikaal dus tijdens het refrein deed ik mee; ‘EKEKEK’, en Jajim deed er ‘mauw-mauww’ achteraan. Zo maken we Saame een mooi ochtendlied, veel beter dan die saaie wekker.”

Jajim: “Na onze purrformance werd het tijd om de plannen van de dag door te nemen met onze mensenbroer. Vandaag is hij vroeger op dan gewoonlijk. ‘Het wordt een zonnige dag’, hij klonk opgewekt. Mooi zo, hoe beter het weer, hoe beter zijn humeur en dus hoe beter de snackies. Terwijl hij met Frou Frou op schoot aan het doornemen was wat we vandaag gingen doen, lag ik alweer weg te dromen. Wat voor lunch staat er op het menu? Zou het weer kalkoenfilet zijn, of krijgen we tonijnmousse? Allemaal vragen die door mijn koppie gaan. Mijn maag begint zachtjes te knorren bij de gedachte aan alle lekkernijen die we in de kast hebben staan. Er moet toch een potig trucje zijn om die blikjes zelf open te maken, ging het door mijn kop vlak voordat ik weer in slaap viel.”

Waar lekker weer is…

Frou Frou: “Nou Jajim weer in haar catnap is beland, heb ik weer meer tijd voor quality time met onze mensenbroer. Vanwege de warmte binnen, ligt onze tweevoeter ook even te rusten. Dat heb ik het allerliefste, dat hij rustig ligt, dan kruip ik er gezellig bij en knuffelen we met zijn tweeën. Maar net als ik op zijn buik klim hoor ik ‘DRRRRRRRRRR!’ en het komt van beneden. Weg rust. Furschrikt houd ik mijn pootje in de lucht en weet even niet waar ik ‘m neer moet zetten. Onze mensenbroer is ook meteen weer klaarwakker en hij zegt ‘rustig maar Frou Frou, het klinkt alsof ze bij de buren bezig zijn, gelukkig niet bij ons. Ik ga kijken wat het is’. Hij gaat naar de hal en jawel, hij ziet dat er allemaal spullen in de trappenhal staan. Nieuwe tegels, een oude wastafel, een kluskoffer… ‘Het lijkt wel alsof er overal verbouwd en gerenoveerd wordt nu het mooi weer is, Frou Frou’, zegt onze mensenbroer. Daar zit je als poezendame of katerman echt niet op te wachten. En als katten- en poezenmens net zo min.”

Purrasol

Jajim: “Voor mij is het ook even schrikken met de sloopherrie, even ga ik met mijn buik dicht bij de grond staan. Maar het is te warm om me druk te maken, besluit ik. Op ons balkonnetje is de herrie iets minder, daar dreunt het niet omhoog door de vloer heen. En er staan plantjes om aan te snuffelen en in te bijten. In de schaduw van onze groene purrasol vind ik het juiste plekje en ga op de warme vloer liggen. Een beetje om me heen kijken, meer hoeft even niet. Een dikke hommel cirkelt op haar gemakje boven de lavendel en rozemarijn en een mier probeert wat potgrond mee terug te nemen naar zijn mierenhoop om de koningin mee te furrassen. Om toch te laten zien dat ik de praktijklessen heus heel serieus neem, zet ik een paar keer vlug mijn pootje neer waar de mier rondloopt. Hij is me te snel af maar dat geeft niets, het is immers geen GBK en ook geen Bromvlieg.”

Furzorgpoes

Frou Frou: “Jajim is wel even bezig met het balkon inspecteren, kan ik rustig bij onze mensenbroer blijven liggen. Het valt me wel op dat hij langer aan het relaxen is dan gewoonlijk. En dat ‘ie regelmatig een stukje uit een boek leest tussen de dutjes door, en potten vol groene thee drinkt, ook al is het warm. Vragend leg ik mijn koppie op zijn arm. Hij heeft last van zijn hooikoorts, zegt ‘ie. Maar dat snap ik niet, we hebben hier toch geen hooi? ‘Het betekent dat je een soort van furkouden bent, een beetje net zoals jij wel eens met je chronische niesziekte hebt, dan moet je ook snotteren en heb je soms een extra catnap nodig.’ Aha, nu weet ik wat me te doen staat. Waar ik me altijd beter van ga voelen is liefde en knuffels, en begin zachtjes met mijn pootjes te kneden en geef kopjes tegen zijn kin. Als we Saame rustig aan doen voelt hij zich vast weer snel weer goed.”

Jajim: “Zo veel hadden we dus niet te beleven deze week, maar wel extra tijd met onze mensenbroer. En heel veel balkon tijd onder de purrasol. We zijn benieuwd, wat doen jullie op een typische relax-dag?”

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou over je eigen ding doen


Miauw lieve allemaal, we zijn er weer met onze letters en hopen dat iedereen een fijne week heeft gehad.

Frou Frou: “net op het moment dat mijn ogen dichtvallen tijdens het begin van een catnap, klinken er geluiden van achter het keukenmuurtje. Onze mensenbroer probeert zo stilletjes mogelijk de schaaltjes en een vork uit de kast te halen om rustig ons eten te kunnen furdelen. Maar ik herken het geluid meteen. Het klinkt namelijk heel anders dan wanneer hij zijn eigen schaaltje pakt. Vol furwachting til ik mijn koppie op en strek mijn nekje uit om te laten zien dat ik best trek heb in wat lekkers. Jajim pakt het moment anders aan, nog voor het natvoer klaar staat cirkelt ze miauwend en zingend om zijn benen heen. Jullie weten ondertussen hoe ze is. ‘Even geduld meisje’, is het antwoord op Jajim’s ongeduld. Maar daar is mijn zus het niet mee eens en zodra het zakje met saus open gaat maakt ze een sprong en probeert het met haar poot uit zijn handen te tikken.”

Jajim: “met mijn allerliefste en meest hongerige blik kijk ik omhoog. ‘Schiet nou op’, miauw ik. Zonder effect, hij schiet helemaal niet op. Tenminste, het kan altijd sneller, toch? ‘Komt eraan meisjes’. Nadat onze mensenbroer VEEL te langzaam de stukjes vis over de bakjes furdeelt en prakt, komt eindelijk het magische woord. ‘Eeeten!’. Ik loop voor hem uit en het bakje raakt de vloer nog niet of ik begin al te slurpen.”

Frou Frou: “zelf blijf ik geduldig in mijn mandje liggen, onze mensenbroer zal die vis heus niet zelf opeten, toch? Ik steek mijn snorharen vooruit en snuffel in de lucht, maar blijf gewoon liggen waar ik lig. Onze mensenbroer komt op ooghoogte bij me staan en zet het bakje voor mijn neus in de grote mand. ‘Kijk eens kleine Kruimel, lunch!’ zegt hij enthousiast. Maar waar ik net mijn snorharen alleen al aflikte bij de geur, moet ik nu opeens nog even nadenken en draai mijn koppie de andere kant op. ‘Toe, kijk eens? Visjes, in saus!’. Hmm, die saus ruikt wel heel lekker… Met een beetje tegenzin kom ik half overeind en neem een likje. Jammie, de moeite waard om mijn catnap even uit te stellen. En dan begin ik enthousiast te smullen. Het maakt me ook niets uit dat er af en toe een stukje vis in mijn snorharen belandt of door de lucht vliegt. Die restjes zijn voor straks. Ondertussen zegt onze mensenbroer allemaal lieve dingen, over hoe goed ik het doe.”

Aanmoedigen

Frou Frou: “jullie vragen je vast af waarom ik lunch in mijn mand krijg en met allemaal aanmoedigingen. Nou, soms zijn er dingen die me zenuwachtig maken, zoals herrie. En dat was laatst, keiharde herrie!
Wat het nou purrcies was blijft een mysterie voor mij als poes. Het andere waar ik zenuwachtig van word is dat Jajim altijd op mijn bakje zit te azen, maakt niet eens uit wat erin zit zolang het maar eetbaar is. Daarom eet mijn grote zus aan de andere kant van de tussendeur, ook wel onze kattensluis. De zenuwen met eten doen me denken aan toen ik in een kennel woonde met een heleboel andere katten, daar heb ik geleerd om heel bescheiden te zijn en liet alle andere katermannen en poezendames voor. Het komt omdat ik zachtaardig ben, en een allemansvriendinnetje, zegt onze tweevoeter.”

Jajim: “die dichte deur vind ik purrsoonlijk heel stom! Het beste zou zijn als er helemáál geen deuren in huis zitten. Soms bedenkt onze mensenbroer het om te gaan douchen met de deur dicht, iets met tocht. Ik weet niet wélke tocht hij bedoelt, zo groot is de badkamer écht niet hoor. Pas geleden heb ik er wat op furzonnen, op dat met die deur. Namelijk een prooi vangen en dan roepen dat ik een katdootje heb. Zo hard dat de buren het vast ook horen. En het werkt echt goed! Zo snel als hij kan komt onze mensenbroer de badkamer uit en geeft me een aai over de bol.
En soms ook een snoepje. Waarom niet altijd? Het zou kunnen dat ik nog een beetje aan mijn zomerjasje aan het werken ben op het moment, dat zou beter zijn voor mijn gezondheid. Ach ja, hij zegt wel meer. Bijvoorbeeld dat het prooi-popje misschien aan furvanging toe is. Kijk nou zelf, die is toch supurrr mooi?”

Even rust

Frou Frou: “weet je nog laatst, Jajim? Toen moest er een klusjesman in de grote kamer zijn. Er werd met spullen geschoven en van alles en dat was vanwege die man. Ook moesten wij naar de kleine kamer, sterker nog, wij wilden naar die kamer toen de bel keihard ging. Daar is het onze veilige plek voor. Of eigenlijk is het vooral míjn veilige plek. Mijn lievelingshangmat is daar, en ook onze oude krabpaal. Allemaal met furtrouwde luchtjes.
Voor mij is het geen probleem als de deur even dicht is hoor. Een zus hebben is vaak gezellig, heus waar, maar soms wil ik even rust. En Jajim ook.”

Jajim: “daar heeft mijn zusje dan wel weer een punt. Ook al houd ik écht niet van deuren, zolang onze mensenbroer aan dezelfde kant van de deur zit als ik is het opeens niet erg meer. Hoef ik ook niet steeds prooien te vangen, en we kunnen Saame relaxen of slapen zonder dat Frou Frou de boel furstoord door keihard PRRR PRR PRRR te doen en bovenop ons te gaan liggen.
Soms wil je gewoon even met zijn tweeën zijn. Sinds Willem in Regenboogland is gaan wonen, hebben we een nieuwe dynamiek, zo noemen mensen dat. En nu hebben we ontdekt dat het echt genieten is om af en toe je mensenbroer helemaal voor jezelf te hebben. Maar dat we elkaar ook missen als er te lang een deur dicht is.”

Hoe is jouw dynamiek thuis?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou: twee furschillende karakters

Miauw lieve lezers, we hebben weer een week met wat toestanden achter de poot. Niet purr se het soort avonturen waar we wat van begrijpen of over willen miauwen, dus we zijn aan het bedenken wat we nu kunnen furtellen. Door alle tumult in het gebouw de afgelopen dagen hebben we een kleine pootschrijversblock. Zullen we vandaag dan wat meer furtellen over onze karakters en hoe we van elkaar furschillen? We beginnen maar gewoon bij de zondagochtend.

PIEPje

Het is dus zondagochtend en ik til mijn koppie op bij het wakker worden, mijn snorharen nog een beetje gekreukt maar klaar voor de dag. Naast me hoor ik geritsel van de lakens, onze mensenbroer is zo te horen ook wakker. Mooi zo, want ik kijk op de klok en geef een miauw. Het is namelijk al lang 5 uur ‘s ochtends geweest en dat betekent etenstijd. Even richt ik mijn blik op Frou Frou maar die trekt zich niet zoveel aan van de klok. Wel van onze mensenbroer met zijn geritsel. Op de één of andere manier vindt ze dat veel interessanter dan een bakje vol krakend verse brokjes. Zoals bij bijna elk geluidje wat ons mens maakt, gaat haar koppie wel even over de rand van het mandje, purraat om bij hem op de grote mand te springen. Maar omdat hij de lakens weer mompelend over zijn hoofd trekt, over iets met ‘te vroeg’, bedenkt mijn zusje zich, geeft een goedkeurend PIEPje en begint eerst rustig met een wasbeurtje.

Wasbeurt

Frou Frou: “Zo begin ik mijn dag het aller liefste en de volgorde maakt me niet zo veel uit. Als onze mensenbroer nog half in dromenland is komt de wasbeurt eerst, en als hij al een keer overeind is gekomen kom ik er net op tijd bij in de grote mensenmand voor warme ochtendknuffels. Hoe het brokje ook kruimelt, het moet allebei gebeuren vinden, jullie ook niet? Als de mooie en furzorgde poezendame die ik ben, maak ik er een heel werkje van als ik mezelf was. Eerst lik ik mijn linkerpootje nat om furvolgens op mijn gemak achter mijn oren te wassen. Dan volgt de rechterpoot en daarna ga ik half rechtop zitten om mijn witte buikje nog witter te maken door haartje voor haartje mijn vacht schoon te poetsen. Op die manier begin ik heel relaxed aan de dag, met geen vachthaar furkeerd. En als onze mensenbroer al lang purraat is, draai ik het gewoon om en kom ik hem eerst helpen met zijn wasbeurt.”

Honger

Jajim: “Terwijl Frou Frou bezig is met haar ochtendroutine sta ik toch echt te trappelen om brokjes. Verse brokjes, want die van vannacht smaken me niet meer hoor. Onrustig loop ik heen en weer tussen voerbakje en mensenbroer en hij steekt een hand onder de lakens vandaan in een poging mijn staart een aai te geven. Maar omdat ik méér snak naar ontbijt, reageer ik afkeurend en maak een schijnbeweging naar zijn hand om duidelijk te maken hoevéél honger ik heb gekregen van die veel te lange nacht. Even moet ik me inhouden om geen hapje uit zijn hand te nemen maar ik doe het niet, ik weet wel beter. De hand die je voert, moet je te vriend houden, heb ik ooit eens van Willem furnomen.”

Donder

Jajim: “De laatste tijd gaat het, en terecht, veel over het weer. Waar het eerst opeens weer herfst was, werd het zomaar plotseling zomer met keiheet weer. Dat was even wennen maar die zon in mijn vacht voelt supurrr lekker warm en vredig, veel beter dan die dikke regendruppels die nu uit de hemel vallen. Geen haar op mijn kop die eraan denkt om nu een poot buiten de balkondeur te zetten hoor. Onze mensenbroer zegt trouwens dat mijn humeur net zo furranderlijk is als het weer. Ergens heeft ‘ie daar wel een punt, zonder een vers vleesje is het nou eenmaal moeilijker om te bedenken of ik een knuffelsessie nodig heb of toch liever wil spelen met de muis. Net zoals boven in de lucht, gaat het soms bij mij ook wel eens donderen, maar dan in mijn koppie. En daarna gaat de zon ook altijd weer schijnen, zo gaat dat bij mij.”

Zacht

Frou Frou: “En dat is nou het leuke van een duokat-huishouden. We zijn allebei poezendames en toch heel furschillend. Waar Jajim met haar hele lijf duidelijk kan maken hoe de staart staat, ken ik dat wispelturige, zoals onze mensenbroer dat noemt, niet. Voor mij mogen er altijd wel knuffels zijn, dag en nacht! Hoe meer hoe beter. Mijn staart staat altijd goed en er zijn maar een paar aaitjes voor nodig voor ik ‘PRRRR’ zeg. De enige keer dat ik ooit purr ongeluk uitschoot met mijn nagels, was toen onze mensenbroer weer eens in zijn hoofd had gehaald om te oefenen met optillen. Daar ben ik als angst-katje net iets te angstig voor, met vier pootjes aan de vloer voelt alles toch een stuk veiliger. Daar zijn de meeste furriendjes het vast miauwend over eens, toch? Na het krabben kreeg hij een heleboel kopjes hoor, dat met die nagels ging hartstikke purr ongeluk. Dat komt vanwege dat er heel veel liefde en zachtheid in mij zit, dat is gewoon mijn karakter.”

Nou zijn wij benieuwd hoe jullie karakter is en of de staart wel eens op onweer staat of dat het altijd knuffeltijd is?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou over het tropenschema

Miauw lieve lezers, wat een omslag he? Een week of 2 geleden hadden we het nog koud en nu vallen de mussen van het dak. Spreekwoordelijk dan. Vandaag gaan we miauwen hoe wij de tropische temperaturen doorkomen in ons appartement.

Jajim: “Ons hele schema furandert met het weer mee en dat zal bij onze furriendjes vast niet anders zijn. Waar we met gewoon rustig lenteweer lekker de hele dag de ren in en uit kunnen lopen wanneer we willen, gaat nu ‘s middags de deur dicht.
Daar vind ik wat van want het liefst lig ik met al mijn poten gestrekt op de campingstoel in het zonnetje te dommelen. Met vogelgeluidjes op de achtergrond en het getik van spelende duiven op het dak van de buren hiernaast. Er valt zoveel te bekijken en te beleven vanaf onze furdieping, we zitten purrcies op vlieghoogte van de vogels dus we hebben altijd aanspraak.”

Afkoelen

Frou Frou: “Jullie vragen je vast af waarom we dan niet gewoon naar buiten mogen om in de zon te relaxen, zoals een heleboel tweevoeters nu doen. Het komt omdat onze mensenbroer zegt dat het buiten te heet is, zelfs nog heter dan binnen.
De afgelopen nachten bleef het warm, waardoor ik de lentekriebels weer kreeg en midden in de nacht voelde; ik moet NU spelen. We hebben zo’n ballenbaan en als je er een slinger aan geeft, tikken die balletjes keihard tegen elkaar aan, zo van PATS. Onze mensenbroer was purr direct wakker toen ik ging spelen maar hij vond het niet erg. Hij zei dat het nu tenminste genoeg was afgekoeld voor een spelletje en speelde even mee.”

Avontuur

Jajim: “Nadat Frou Frou was uitgespeeld en het binnen genoeg was afgekoeld ging onze mensenbroer slapen. Eindelijk, want nou kan het avontuur beginnen. Ik ging in de deuropening van het balkon zitten. De geluiden klinken anders in de donkere nacht. Er ritselde een blaadje in de goot en ik sloop er naartoe, om furvolgens vliegensvlug toe te slaan. Het was een blaadje met een zaadje erin maar dat maakte me niet uit, het kraakte lekker tussen mijn slachttanden en het had wel wat bijzonders.
Na het vangen moest ik even uitrusten in de campingstoel, die ene met liquid snack houder. Maar er was geen snackie meer te bekennen. Scheelt dat we een furzameling aan plantjes hebben staan waar ik (op dat aardbeienplantje van laatst na) nog niets mee gedaan had, tot nu toe. Terwijl je daar ook heerlijk je tanden in kan zetten. Ons kattengras had de hitte namelijk niet helemaal goed doorstaan, het sappige was eruit. Katzijdank stond er verse rucola en de aardbeienplantjes die ervoor stonden waren furschoven. Nu was mijn kans, er stond me niks meer in de weg. Het was dan wel geen kattengras, toch leek wat groens me wel smakelijk. Met mijn snorharen tikte ik het plantenpotje aan en voorzichtig nam ik een hapje uit één van de groene bladeren. En nog eentje, en nog eentje.
Hmm, anders dan kattengras, het was een beetje kruidig maar best een purrima alternatief. Tot onze mensenbroer wakker werd van het gerinkel, het plantje stond op een bord voor het water. ‘Poes toch, die is niet voor jullie… die rucola was voor in mijn salade’ zei hij met een slaperige stem. De reserve-aardbeienplant werd ervoor geschoven zodat het rucola plantje veilig was voor mijn tanden. ‘Als het ochtend is, krijgen jullie weer een extra smakelijk ontbijtje, beloofd’, hij gaf me een aai en ging terug naar bed.”

Koude traktatie

Frou Frou: “Zelf ben ik niet zo van het avontuurlijke zoals Jajim hoor, dat is me net iets te furmoeiend. Zoals altijd knuffel ik liever, hoewel het met de tropische warmte zelfs mij soms iets te warm wordt op schoot. En op het balkon wordt het me ook te heet onder de pootjes. Daarom heb ik bedacht om gewoon heel dicht bij onze mensenbroer te gaan zitten, dan aait hij mij vanzelf wel. De warmte is ook wel een ding met mijn gezondheid.
Begrijp me niet furkeerd hoor, ik ben een blije poes, alleen heb ik eerlijk gemiauwd ook mijn astma waardoor onze mensenbroer extra op mij let en meer lekkers geeft. Helemaal geen straf eigenlijk, want nu het kei heet is binnen én buiten krijgen we iets speciaals en wij noemen het kattensoep, of Catspacho. Het recept is heel simpel, ons favoriete natvoer wordt helemaal fijngeprakt met water, zodat we genoeg vocht binnen krijgen, en ook voor de furkoeling.
Jajim vindt het stom dat het gemixt wordt maar ik ben dol op Catspacho en ben meteen klaarwakker zodra het KLAK-geluid van het blikje klinkt. Het recept staat hieronder want er komen nog een heleboel keihete dagen aan dit jaar furmoed ik, en zo kan jouw mens het ook maken.

Catspacho:

1/2e blik van je favoriete natvoer
50ml water
Een vork en schoteltjes

Verdeel het natvoer over de schaaltjes met een vork. Nu kan je er water bij doen, voor de minder goede eters is het belangrijk dat er niet te veel water bij gaat want er zit al vocht in het eten. Daarom heet het natvoer.
Nou kan je mens alles goed fijn prakken. Water uit de kraan is prima want het moet niet te koud zijn voor je buikje.”

Momentje

Jajim en Frou Frou in koor: “We willen ook even een momentje nemen voor Tommy en zijn mensen. De ene dag kregen we zoals elke week een purrichtje van Tommy op ons furhaaltje en de dag erna hebben de sterren hem geroepen.
Onze lieve, trouwe vriend is nu bij alle andere stralende sterren, maar wat hadden we hem zo graag nog veel langer beneden gehad. We sturen heel veel troostende kopjes naar zijn voltijd- en deeltijd mensen die Tommy het allermeest missen. We furgeten hem nooit en weten zeker dat alle andere sterrenfurriendjes hem een (super)warm welkom hebben geheten.”

Hoe gaan jullie om met de hitte?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou: hoe we aan onze namen komen

Miauw lieve allemaal, daar zijn we weer met onze donderdagse letters. We hebben pootje gedrukt om te bepalen waar we vandaag over gaan miauwen. Nu willen jullie natuurlijk weten wie er gewonnen heeft met pootje drukken?

De spanning was om te snijden, je kon een snorhaar horen vallen, zo stil was het in de kamer. Strak keek ik Frou Frou aan en fronste een beetje. Met mijn strenge frons, die ik extra aanzet met de witte bliksemschicht boven mijn neus, voor karakter. Ze keek me wat onzeker maar geconcentreerd aan, de kussentjes van onze linkerpoot stevig tegen elkaar aan gedrukt, maar we bleven allebei purrcies in het midden. Zo zaten we al zeker 6 minuten lang en Frou Frou is helemaal niet van de confrontaties. Ik houd daarentegen wel van een potje tikkertje, of in dit geval een serieuzer potje pootje drukken. Onder mijn andere drie poten waarmee ik op de tafel stond, begonnen zich kleine zweetdruppeltjes te vormen en ik voel mijn stand verslappen. Zou dat bij Frou Frou ook zo zijn? Als je je tegenstander maar genoeg vermoeid, komt de ofurwinning vanzelf. Ik zocht mijn moment uit en toen, als een verrassings-move, zette ik extra kracht met mijn poot tegen die van Frou Frou en BAP! Haar pootje ging met een klein plofje tegen de tafel. Laat die snackies maar komen.

Saame spelen

Jajim: “We spelen niet zo vaak Saame, Frou Frou en ik. Alleen met het klosje veren aan een touw en een stok, die dingen klapwieken ook zo indrukwekkend door de hele kamer heen. Vandaag deden we een intensief spel, pootje drukken. Dat speelde ik wel eens met Willem, Frou Frou is meer van de sierlijke spelvarianten zoals bromvlieg vangen of achter lintjes aan springen. Dus waaróm deden we dan aan pootje drukken? Dat komt omdat we Saame onze letters maken en deze keer wilden we allebei over iets anders schrijven. Nu ik gewonnen heb, gaan we het over onze namen en bijnamen hebben, en vooral hoe we daaraan komen. Voor ik verder typ, strek ik mijn pootjes uit en klauw met mijn nagels in de stof van een sierkussen. ‘Poes… poe-hoes’ klonk het meteen vanuit de keuken.”

Bijnaam

Jajim: “Vinden jullie het ook niet gek dat onze mensenbroer mij vaak Poes noemt, terwijl ik Jajim heet? Dat zit zo. Het is vanuit de tijd toen ik nog wilde haren had en als kitten door het huis rende. Ik was zo klein, wollig en snel dat onze mensenbroer vaak niet wist waar ik was. We woonden toen nog ergens met twee verdiepingen en ik kon rondjes rennen van de woonkamer naar de hal, linksom via de keuken terug met een sliding de woonkamer in. Beneden was een supurr plek voor furstoppertje. En als hij me dan bijna vond, was er nog een trap waar ik met mijn kittenpootjes keihard overheen kon rennen. Ik woonde pas net bij mijn mensenbroer en had nog geen naam. Ook niet in mijn poespoort. Op mijn furjaardag, geslacht en kruising na stond er niks. En onze mensenbroer wilde toch af en toe weten waar ik zat, of gewoon iets naar me roepen voor de gezelligheid. ‘Nu je hier woont heb je ook een naam nodig’, zei hij. Kort daarna kreeg ik een tijdelijke naam; Poes. Echt heel veel fantasie zit daar niet in vind ik, maar verder voelt de naam goed. Zo goed dat ik er nog steeds op reageer. Of ik er ook naar luister hangt van de situatie af. Pas na drie weken denken kwam er een naam in hem op. Twee zelfs: Jajim Robinson, want ik furdien ook een achternaam, zegt ‘ie. Jajim is niet echt een woord, het is helemaal furzonnen vanuit zijn kindertijd en het betekent eigenlijk biggetje, en het betekent ook mascotte en in Spanje noemen ze een huisdier ‘mascota’ dus dat lijkt erop. Ik vind het wel prima, het liefst heet ik Jajim Poes want die namen snap ik allebei.”

Kruimeltjes

Frou Frou: “Zo, mijn grote zus Jajim zit weer op de miauwmand. Als die eenmaal begint met miauwen…. Goed, het furhaal over hoe ook ik aan een naam kwam. Dat ging bij mij heel anders want ik kwam net van de straat en had niet eens een poespoort, dus niemand wist wie ik was. De lieve mensen die mij en mijn broertjes van een schoolpleintje hadden gered, gingen een poespoort voor ons maken, dat was nodig voor de witjas en voor het officiële. Omdat mijn broertjes en ik nog zulke mini kittens waren, leken we wel een stelletje kruimels. Zo kwamen mijn broertjes aan hun koekjes namen, zoals Oreo en Cookie. Nou moest er nog een derde koekjesnaam komen zodat iedereen wist dat we bij elkaar hoorden. Mijn mensenbroer en de andere kattenmensen gingen keihard nadenken en uiteindelijk hadden ze het; Frou Frou, dat spreek je uit als Froe Froe. Chique he? Plus, een koekjesnaam vind ik purrsoonlijk wel goed bij me passen want ik ben, al miauw ik het zelf, ook altijd zoet en nog steeds klein. Toen ik mijn gouden furrever mandje kreeg, kwam er ook een bijnaam bij. Op een dag toen onze mensenbroer mij weer eens liep te zoeken gebeurde het. Mensenbroer riep en riep, maar ik kwam niet. En opeens klonk het ‘Kruimeltje’, want hij had al heel vaak Frou Frou geroepen, en sinds die dag noemt hij me ook wel eens Kruimeltje, omdat ik zo klein ben en me goed kan furstoppen en zo zoet ben als een koekje.”

Hoe kom jij aan je naam?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou