Categorie archieven: Willem & Jajim & Frou Frou

Jajim en Frou Frou over jezelf vermaken


Miauw lieve viervoeters en tweevoeters, daar zijn we weer en vandaag miauwen we over als je mens in de lappenmand ligt en hoe je daar iets gezelligs van kan maken.

Frou Frou: “Er klinkt wat geritsel naast mijn mandje en ik kijk over de rand naar beneden. Het is al lang etenstijd geweest, maar de brokjes van vannacht staan er nog. Jajim en ik kijken elkaar aan en besluiten dat het tijd is om de grote mensenmand om te toveren tot springkasteel. ‘Grmpf’, klinkt het gesmoord van onder de lakens. Zo te horen is het nog geen speeltijd voor hem. Met mijn meest charmante miauwtje loop ik naar zijn hoofd en begin zijn haren te wassen, bijna gegarandeerd succes om je tweevoeter om je pootjes winden. Maar niet vandaag.”

Jajim: “Zo geduldig als Frou Frou onze mensenbroer probeert overeind te krijgen, ben ik alweer klaar met pogingen om hem wakker te springen. ‘Het duurt me te lang, Frou Frou, probeer jij het nog even, dan ga ik zelf op zoek naar wat te knabbelen’. De plantjes op het balkon zijn een mooi voorgerechtje, besluit ik. En met wat geluk is de mierenfamilie ook van de purrtij.”

Furzorgpoes

Frou Frou: “Jajim is wel even bezig met het balkon inspecteren, kan ik rustig bij onze mensenbroer gaan liggen. Misschien werkt dat wel om hem in actie te krijgen. Het valt me op dat hij al sinds een paar dagen meer aan het relaxen is dan gewoonlijk. En dat ‘ie vanaf gisteren regelmatig stukjes uit een boek leest tussen de dutjes door, en potten vol groene thee drinkt ondanks dat deze temperaturen eerder uitnodigen tot furkoelende drankjes. Vragend leg ik mijn koppie op zijn arm. Eindelijk komt hij een stukje overeind. ‘Ik heb last van mijn hooikoorts, snoepie. Dan heb je rust nodig’. Dat snap ik niet helemaal, we hebben hier toch geen hooi? ‘Het betekent dat je een soort van furkouden bent, een beetje net zoals wat jij weleens hebt met niezen, dan moet je ook snotteren en heb je soms een extra catnap nodig.’ Aha, nu weet ik wat me te doen staat. Waar ik me altijd beter van ga voelen, zijn liefde en knuffels. Ik besluit mijn tactieken om te gooien en begin zachtjes met mijn pootjes te kneden terwijl ik kopjes tegen zijn kin geef. Jajim furmaakt zich ondertussen wel met het zoeken naar een apurritiefje.”

Jezelf furmaken

Jajim: “Roerloos blijf ik half binnen, half buiten over de drempel liggen, met de mierenfamilie in het vizier. Ik wacht het purrrfecte moment af. Nog hééél even… NU! En PATS, met een doffe dreun zet ik mijn klauw neer, en nog een keer, en nog een keer. Na ons vorige furhaal begreep ik van onze vriend Kever dat mieren van de tuintegels likken, of balkonvloer in ons geval, ook een optie is en ik besluit het te proberen. De ziltige smaak van de mier doet mijn bekkie samen trekken. Niet furkeerd, besluit ik. ‘Frou Frou’, miauw ik, ‘doe je mee?’ Ze is veel te druk met het furzorgen van onze mensenbroer. Meer zoutige snackies voor mij, klinkt het tussen mijn oren. Maar zo’n jacht is na een poos ook wel weer klaar, en het furzorgen van onze mensenbroer gaat zelfs voor Frou Frou een beetje vervelen. Tegen de middag en na de zoveelste pot thee begrijpt onze tweevoeter dat het tijd is voor afwisseling. ‘Jullie hebben jezelf lang genoeg bezig gehouden, lieve meisjes. En ik voel me al stukken beter na de knuffels en mijn dutje. Weten jullie wat? Ik knutsel wat leuks voor jullie in elkaar. Jullie blij, ik blij.’ En er komen lege keukenrolletjes en pritstiften tevoorschijn. Al theedrinkend knutselt hij wat in elkaar. Pas als we gekraak van een zakje partymix horen, springen we allebei op. In een kartonnen doos staan allemaal rolletjes rechtop en strak tegen elkaar. Frou Frou en ik sluipen op de geur af en als eerste steek ik mijn neus in een rolletje. Met mijn linkerpoot hengel ik er een snoepje uit, het heeft de kans nog niet om op de vloer te vallen of ik vang het op met mijn bek. ‘Kijk Frou, zo doe je dat!’ miauw ik smakkend. Als je mens even wat anders aan de poot heeft, moet je jezelf furmaken. Een paar uur lang hengelen we Saame wat af en smikkelen het ene na het andere snoepje op. Tussen de furpleeg-sessies door natuurlijk.”

Wat doen jullie tegen de furveling als je mens voor pampus ligt?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou: over het nieuwe op het balkon

Miauw lieve allemaal, we zijn weer terug van weg geweest en hopen dat het goed met iedereen gaat na de tropische purriode.

Ontdekking

Frou Frou: “De zomer is eindelijk écht begonnen, en hoe. Het is zo heet binnen en buiten, dat het balkon de hele nacht open is voor furkoeling. Voor mij en Jajim een feestje. We lopen in en uit wanneer we willen. Bepalen zelf of we op avontuur gaan om mieren te tellen of om op de grote mensenmand mee te doen met de lange dut. Vanavond is het anders. Ik ga op de deurmat bij de deur staan en onze mensenbroer steekt zijn hand uit, kriebelt me op mijn koppie en zegt ‘zo terug! Lief binnen blijven hoor’ en sluit de balkondeur achter zich zodra hij buiten staat. Een beetje verward blijf ik bij de deur staan tot hij terug is. ‘Kom maar, het is al klaar!’

De avondzon schijnt in streepjes op mijn zwarte vacht als ik naar buiten loop. Normaal zijn het nooit streepjes. Zachtjes laat ik mezelf neerploffen op de nog warme balkonvloer en kijk om me heen. Ik spits mijn oortjes, het ritselt. Wat krijgen we nou? Ik steek mijn neusje in de lucht en zet mijn snorharen op standje furkenning. Het gaat van ‘ZZZSSJJ ZZSSSJ ZSSJJ’. Er hangt een soort doek met gaatjes. Waar is mijn zon gebleven? Vragend kijk ik terug naar binnen, onze mensenbroer heeft wat uit te leggen.”

Keiheet

‘Het zijn voorbereidingen voor de tropische zon en hitte’, legt onze tweevoeter uit. Dat is waar ook. Er komen keihete dagen aan, zoiets furtelde een weermevrouw die in dat rechthoekige ding aan de muur woont. Meowsgierig houd ik mijn koppie scheef. ‘Mogen we dan helemaal niet naar buiten vanmiddag?’, het is het proberen waard om het met mijn meest aandoenlijke stemmetje te vragen. Het werkt niet. ‘Jullie blijven binnen, meisjes, het is echt beter om dat keihete zoveel mogelijk buiten te houden. Daarom hangen de legernetten er, die maken extra schaduw op de ramen.’

Even proberen Jajim en ik het nog, maar het maakt geen furschil. De legernetten blijven hangen en pas ‘s avonds mogen we weer buitenspelen. Voor mij mag die balkondeur anders best open blijven overdag, denk ik nog. Jajim en ik zouden het liefst de hele dag op het balkon furtoeven. Om Saame mieren te kijken, af en toe wat te tuinieren en over de balkonvloer te rollen terwijl we zonnestralen vangen, zoals Willem dat ons geleerd heeft. Hoewel Jajim nog regelmatig beschutting zoekt onder de purrasol, dat wel. Maar nu hangen er dus schaduwdoeken en kán je niet meer in de volle zonnestraal.”

Binnen

Jajim: “We wonen ook nog heel hoog, dichter bij de zon, zonder beschutting en met een plat dak. Dat wordt zo warm dat je er wel een kipfilet op zou kunnen braden. De ramen hebben de hele dag zon, maar daar wilde onze mensenbroer een poot voor steken door legernetten op te hangen in onze ren. Waar we op gewone dagen de hele dag vogels kunnen kijken, zijn het nu opeens rode gordijnen waar we tegenaan koekeloeren. Maar wat we ook hebben, zijn twee waaidingen. Die ene is echt supurrr krachtig en staat de hele dag te loeien, zelfs ‘s nachts. Frou Frou vindt dat hete helemaal niet erg trouwens, sterker nog, ze is een poes van de bovenste plank waar het nog een graadje warmer is. Zelf neem ik een furrbeeld aan onze mensenbroer.

Hij zit in zijn zwembroek en hemd op de bank bij het waaiding. Rustig ga ik naast zijn voeten liggen, languit op de koele laminaatvloer. Het briesje kietelt door mijn haren en mijn ogen gaan een beetje dicht. Achter mijn oogleden zie ik al gauw allemaal visjes zwemmen in een klein beekje, met in het midden speciaal voor mij en Frou Frou een rots waar we Saame droog kunnen zitten om visjes te vangen. Mijn mensenbroer zei later dat mijn pootjes ook in wakker-land aan het vissen waren, zo enthousiast was ik.”

Bovenste plank

Frou Frou: “Waar Jajim al ver weg naar dromenland is, ben ik helemaal alert. De gordijnen zijn dicht, dat is anders nooit. Een beetje furveeld loop ik rond. De lunch zit net in onze maagjes, geen vogel-TV, voor knuffels is het zelfs voor mij aan de plakkerige kant vandaag… Wat nu dan? En hoe moeten we liggen? Jajim vindt dat waaiding fijn, ik vind het een vreemd robot ding. Mijn favoriete plekjes zijn altijd zo hoog mogelijk, in mijn mandje dat regelmatig vraagt om opgeschud te worden, in een radiator hangmatje of bovenop de kast. Ja, daar ga ik liggen. Helemaal bovenin. Alsof het géén 32 graden is binnen, race ik met een bloedgang via de krabpaal omhoog en klim bovenop de kast. ‘Ha, dit is het plekkie’, denk ik opgelucht, strek mijn pootjes en spreid al mijn tenen. Stiekem is het toch wel fijn om een pietsie van dat zachte briesje op te vangen.”

Show

Jajim: “En net als we gewend zijn aan ons nieuwe ritme, met overdag languit liggen en in het donker op avontuur gaan, furandert het. Opeens hangt er een soort mist in de lucht. Ik duw mijn neus door het gaas bij ons raam. Het ruikt naar regen. Net op het moment dat ik het denk, klinkt het ‘KLENG!’ en sneller dan het licht ren ik naar de gang. Even ben ik bang, een klein beetje maar hoor. Onze mensenbroer legt uit dat het wolken zijn die elkaar kopjes geven. Niet veel later stort er met veel kabaal een tropische regenbui neer op ons balkon en er komen zelfs ijsballetjes. De wolken maken felle flitsen in de donkere lucht, het lijkt wel een lichtshow! Zelf weet ik even niet wat ik ervan vind, maar Frou Frou is niet onder de indruk. Alsof er niks aan de hand is, gaat ze rustig verder met haar dutje.”

Hoe zijn jullie de hete dagen doorgekomen?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou: hoe wij een relax-dag doen

Miauw lieve lezers, het weekend is in zicht en het wordt weer kei heet. We hebben gevraagd aan de weerman of er dan niks tussenin zit maar blijkbaar is het het één of het ander. Eigenlijk vinden we dat purrrima, dit is toch veel beter dan binnen zitten?

Dag en dauw

Frou Frou: “Het werd pas net licht en de vogeltjes floten hun mooiste liedjes al. Tenminste, ik denk dat het hun mooiste liedjes waren, in elk geval mooi genoeg om ervoor wakker te blijven en mee te zingen. Daar zijn Jajim en ik goed in, in Saame muziek maken. De groene papegaaiachtige vogel kwam uit de boom waar hij met al zijn vriendjes zat en landde bovenop ons balkon gaas om een purrachtige solo te zingen. Ik voelde me ook muzikaal dus tijdens het refrein deed ik mee; ‘EKEKEK’, en Jajim deed er ‘mauw-mauww’ achteraan. Zo maken we Saame een mooi ochtendlied, veel beter dan die saaie wekker.”

Jajim: “Na onze purrformance werd het tijd om de plannen van de dag door te nemen met onze mensenbroer. Vandaag is hij vroeger op dan gewoonlijk. ‘Het wordt een zonnige dag’, hij klonk opgewekt. Mooi zo, hoe beter het weer, hoe beter zijn humeur en dus hoe beter de snackies. Terwijl hij met Frou Frou op schoot aan het doornemen was wat we vandaag gingen doen, lag ik alweer weg te dromen. Wat voor lunch staat er op het menu? Zou het weer kalkoenfilet zijn, of krijgen we tonijnmousse? Allemaal vragen die door mijn koppie gaan. Mijn maag begint zachtjes te knorren bij de gedachte aan alle lekkernijen die we in de kast hebben staan. Er moet toch een potig trucje zijn om die blikjes zelf open te maken, ging het door mijn kop vlak voordat ik weer in slaap viel.”

Waar lekker weer is…

Frou Frou: “Nou Jajim weer in haar catnap is beland, heb ik weer meer tijd voor quality time met onze mensenbroer. Vanwege de warmte binnen, ligt onze tweevoeter ook even te rusten. Dat heb ik het allerliefste, dat hij rustig ligt, dan kruip ik er gezellig bij en knuffelen we met zijn tweeën. Maar net als ik op zijn buik klim hoor ik ‘DRRRRRRRRRR!’ en het komt van beneden. Weg rust. Furschrikt houd ik mijn pootje in de lucht en weet even niet waar ik ‘m neer moet zetten. Onze mensenbroer is ook meteen weer klaarwakker en hij zegt ‘rustig maar Frou Frou, het klinkt alsof ze bij de buren bezig zijn, gelukkig niet bij ons. Ik ga kijken wat het is’. Hij gaat naar de hal en jawel, hij ziet dat er allemaal spullen in de trappenhal staan. Nieuwe tegels, een oude wastafel, een kluskoffer… ‘Het lijkt wel alsof er overal verbouwd en gerenoveerd wordt nu het mooi weer is, Frou Frou’, zegt onze mensenbroer. Daar zit je als poezendame of katerman echt niet op te wachten. En als katten- en poezenmens net zo min.”

Purrasol

Jajim: “Voor mij is het ook even schrikken met de sloopherrie, even ga ik met mijn buik dicht bij de grond staan. Maar het is te warm om me druk te maken, besluit ik. Op ons balkonnetje is de herrie iets minder, daar dreunt het niet omhoog door de vloer heen. En er staan plantjes om aan te snuffelen en in te bijten. In de schaduw van onze groene purrasol vind ik het juiste plekje en ga op de warme vloer liggen. Een beetje om me heen kijken, meer hoeft even niet. Een dikke hommel cirkelt op haar gemakje boven de lavendel en rozemarijn en een mier probeert wat potgrond mee terug te nemen naar zijn mierenhoop om de koningin mee te furrassen. Om toch te laten zien dat ik de praktijklessen heus heel serieus neem, zet ik een paar keer vlug mijn pootje neer waar de mier rondloopt. Hij is me te snel af maar dat geeft niets, het is immers geen GBK en ook geen Bromvlieg.”

Furzorgpoes

Frou Frou: “Jajim is wel even bezig met het balkon inspecteren, kan ik rustig bij onze mensenbroer blijven liggen. Het valt me wel op dat hij langer aan het relaxen is dan gewoonlijk. En dat ‘ie regelmatig een stukje uit een boek leest tussen de dutjes door, en potten vol groene thee drinkt, ook al is het warm. Vragend leg ik mijn koppie op zijn arm. Hij heeft last van zijn hooikoorts, zegt ‘ie. Maar dat snap ik niet, we hebben hier toch geen hooi? ‘Het betekent dat je een soort van furkouden bent, een beetje net zoals jij wel eens met je chronische niesziekte hebt, dan moet je ook snotteren en heb je soms een extra catnap nodig.’ Aha, nu weet ik wat me te doen staat. Waar ik me altijd beter van ga voelen is liefde en knuffels, en begin zachtjes met mijn pootjes te kneden en geef kopjes tegen zijn kin. Als we Saame rustig aan doen voelt hij zich vast weer snel weer goed.”

Jajim: “Zo veel hadden we dus niet te beleven deze week, maar wel extra tijd met onze mensenbroer. En heel veel balkon tijd onder de purrasol. We zijn benieuwd, wat doen jullie op een typische relax-dag?”

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou over je eigen ding doen


Miauw lieve allemaal, we zijn er weer met onze letters en hopen dat iedereen een fijne week heeft gehad.

Frou Frou: “net op het moment dat mijn ogen dichtvallen tijdens het begin van een catnap, klinken er geluiden van achter het keukenmuurtje. Onze mensenbroer probeert zo stilletjes mogelijk de schaaltjes en een vork uit de kast te halen om rustig ons eten te kunnen furdelen. Maar ik herken het geluid meteen. Het klinkt namelijk heel anders dan wanneer hij zijn eigen schaaltje pakt. Vol furwachting til ik mijn koppie op en strek mijn nekje uit om te laten zien dat ik best trek heb in wat lekkers. Jajim pakt het moment anders aan, nog voor het natvoer klaar staat cirkelt ze miauwend en zingend om zijn benen heen. Jullie weten ondertussen hoe ze is. ‘Even geduld meisje’, is het antwoord op Jajim’s ongeduld. Maar daar is mijn zus het niet mee eens en zodra het zakje met saus open gaat maakt ze een sprong en probeert het met haar poot uit zijn handen te tikken.”

Jajim: “met mijn allerliefste en meest hongerige blik kijk ik omhoog. ‘Schiet nou op’, miauw ik. Zonder effect, hij schiet helemaal niet op. Tenminste, het kan altijd sneller, toch? ‘Komt eraan meisjes’. Nadat onze mensenbroer VEEL te langzaam de stukjes vis over de bakjes furdeelt en prakt, komt eindelijk het magische woord. ‘Eeeten!’. Ik loop voor hem uit en het bakje raakt de vloer nog niet of ik begin al te slurpen.”

Frou Frou: “zelf blijf ik geduldig in mijn mandje liggen, onze mensenbroer zal die vis heus niet zelf opeten, toch? Ik steek mijn snorharen vooruit en snuffel in de lucht, maar blijf gewoon liggen waar ik lig. Onze mensenbroer komt op ooghoogte bij me staan en zet het bakje voor mijn neus in de grote mand. ‘Kijk eens kleine Kruimel, lunch!’ zegt hij enthousiast. Maar waar ik net mijn snorharen alleen al aflikte bij de geur, moet ik nu opeens nog even nadenken en draai mijn koppie de andere kant op. ‘Toe, kijk eens? Visjes, in saus!’. Hmm, die saus ruikt wel heel lekker… Met een beetje tegenzin kom ik half overeind en neem een likje. Jammie, de moeite waard om mijn catnap even uit te stellen. En dan begin ik enthousiast te smullen. Het maakt me ook niets uit dat er af en toe een stukje vis in mijn snorharen belandt of door de lucht vliegt. Die restjes zijn voor straks. Ondertussen zegt onze mensenbroer allemaal lieve dingen, over hoe goed ik het doe.”

Aanmoedigen

Frou Frou: “jullie vragen je vast af waarom ik lunch in mijn mand krijg en met allemaal aanmoedigingen. Nou, soms zijn er dingen die me zenuwachtig maken, zoals herrie. En dat was laatst, keiharde herrie!
Wat het nou purrcies was blijft een mysterie voor mij als poes. Het andere waar ik zenuwachtig van word is dat Jajim altijd op mijn bakje zit te azen, maakt niet eens uit wat erin zit zolang het maar eetbaar is. Daarom eet mijn grote zus aan de andere kant van de tussendeur, ook wel onze kattensluis. De zenuwen met eten doen me denken aan toen ik in een kennel woonde met een heleboel andere katten, daar heb ik geleerd om heel bescheiden te zijn en liet alle andere katermannen en poezendames voor. Het komt omdat ik zachtaardig ben, en een allemansvriendinnetje, zegt onze tweevoeter.”

Jajim: “die dichte deur vind ik purrsoonlijk heel stom! Het beste zou zijn als er helemáál geen deuren in huis zitten. Soms bedenkt onze mensenbroer het om te gaan douchen met de deur dicht, iets met tocht. Ik weet niet wélke tocht hij bedoelt, zo groot is de badkamer écht niet hoor. Pas geleden heb ik er wat op furzonnen, op dat met die deur. Namelijk een prooi vangen en dan roepen dat ik een katdootje heb. Zo hard dat de buren het vast ook horen. En het werkt echt goed! Zo snel als hij kan komt onze mensenbroer de badkamer uit en geeft me een aai over de bol.
En soms ook een snoepje. Waarom niet altijd? Het zou kunnen dat ik nog een beetje aan mijn zomerjasje aan het werken ben op het moment, dat zou beter zijn voor mijn gezondheid. Ach ja, hij zegt wel meer. Bijvoorbeeld dat het prooi-popje misschien aan furvanging toe is. Kijk nou zelf, die is toch supurrr mooi?”

Even rust

Frou Frou: “weet je nog laatst, Jajim? Toen moest er een klusjesman in de grote kamer zijn. Er werd met spullen geschoven en van alles en dat was vanwege die man. Ook moesten wij naar de kleine kamer, sterker nog, wij wilden naar die kamer toen de bel keihard ging. Daar is het onze veilige plek voor. Of eigenlijk is het vooral míjn veilige plek. Mijn lievelingshangmat is daar, en ook onze oude krabpaal. Allemaal met furtrouwde luchtjes.
Voor mij is het geen probleem als de deur even dicht is hoor. Een zus hebben is vaak gezellig, heus waar, maar soms wil ik even rust. En Jajim ook.”

Jajim: “daar heeft mijn zusje dan wel weer een punt. Ook al houd ik écht niet van deuren, zolang onze mensenbroer aan dezelfde kant van de deur zit als ik is het opeens niet erg meer. Hoef ik ook niet steeds prooien te vangen, en we kunnen Saame relaxen of slapen zonder dat Frou Frou de boel furstoord door keihard PRRR PRR PRRR te doen en bovenop ons te gaan liggen.
Soms wil je gewoon even met zijn tweeën zijn. Sinds Willem in Regenboogland is gaan wonen, hebben we een nieuwe dynamiek, zo noemen mensen dat. En nu hebben we ontdekt dat het echt genieten is om af en toe je mensenbroer helemaal voor jezelf te hebben. Maar dat we elkaar ook missen als er te lang een deur dicht is.”

Hoe is jouw dynamiek thuis?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

Jajim en Frou Frou: twee furschillende karakters

Miauw lieve lezers, we hebben weer een week met wat toestanden achter de poot. Niet purr se het soort avonturen waar we wat van begrijpen of over willen miauwen, dus we zijn aan het bedenken wat we nu kunnen furtellen. Door alle tumult in het gebouw de afgelopen dagen hebben we een kleine pootschrijversblock. Zullen we vandaag dan wat meer furtellen over onze karakters en hoe we van elkaar furschillen? We beginnen maar gewoon bij de zondagochtend.

PIEPje

Het is dus zondagochtend en ik til mijn koppie op bij het wakker worden, mijn snorharen nog een beetje gekreukt maar klaar voor de dag. Naast me hoor ik geritsel van de lakens, onze mensenbroer is zo te horen ook wakker. Mooi zo, want ik kijk op de klok en geef een miauw. Het is namelijk al lang 5 uur ‘s ochtends geweest en dat betekent etenstijd. Even richt ik mijn blik op Frou Frou maar die trekt zich niet zoveel aan van de klok. Wel van onze mensenbroer met zijn geritsel. Op de één of andere manier vindt ze dat veel interessanter dan een bakje vol krakend verse brokjes. Zoals bij bijna elk geluidje wat ons mens maakt, gaat haar koppie wel even over de rand van het mandje, purraat om bij hem op de grote mand te springen. Maar omdat hij de lakens weer mompelend over zijn hoofd trekt, over iets met ‘te vroeg’, bedenkt mijn zusje zich, geeft een goedkeurend PIEPje en begint eerst rustig met een wasbeurtje.

Wasbeurt

Frou Frou: “Zo begin ik mijn dag het aller liefste en de volgorde maakt me niet zo veel uit. Als onze mensenbroer nog half in dromenland is komt de wasbeurt eerst, en als hij al een keer overeind is gekomen kom ik er net op tijd bij in de grote mensenmand voor warme ochtendknuffels. Hoe het brokje ook kruimelt, het moet allebei gebeuren vinden, jullie ook niet? Als de mooie en furzorgde poezendame die ik ben, maak ik er een heel werkje van als ik mezelf was. Eerst lik ik mijn linkerpootje nat om furvolgens op mijn gemak achter mijn oren te wassen. Dan volgt de rechterpoot en daarna ga ik half rechtop zitten om mijn witte buikje nog witter te maken door haartje voor haartje mijn vacht schoon te poetsen. Op die manier begin ik heel relaxed aan de dag, met geen vachthaar furkeerd. En als onze mensenbroer al lang purraat is, draai ik het gewoon om en kom ik hem eerst helpen met zijn wasbeurt.”

Honger

Jajim: “Terwijl Frou Frou bezig is met haar ochtendroutine sta ik toch echt te trappelen om brokjes. Verse brokjes, want die van vannacht smaken me niet meer hoor. Onrustig loop ik heen en weer tussen voerbakje en mensenbroer en hij steekt een hand onder de lakens vandaan in een poging mijn staart een aai te geven. Maar omdat ik méér snak naar ontbijt, reageer ik afkeurend en maak een schijnbeweging naar zijn hand om duidelijk te maken hoevéél honger ik heb gekregen van die veel te lange nacht. Even moet ik me inhouden om geen hapje uit zijn hand te nemen maar ik doe het niet, ik weet wel beter. De hand die je voert, moet je te vriend houden, heb ik ooit eens van Willem furnomen.”

Donder

Jajim: “De laatste tijd gaat het, en terecht, veel over het weer. Waar het eerst opeens weer herfst was, werd het zomaar plotseling zomer met keiheet weer. Dat was even wennen maar die zon in mijn vacht voelt supurrr lekker warm en vredig, veel beter dan die dikke regendruppels die nu uit de hemel vallen. Geen haar op mijn kop die eraan denkt om nu een poot buiten de balkondeur te zetten hoor. Onze mensenbroer zegt trouwens dat mijn humeur net zo furranderlijk is als het weer. Ergens heeft ‘ie daar wel een punt, zonder een vers vleesje is het nou eenmaal moeilijker om te bedenken of ik een knuffelsessie nodig heb of toch liever wil spelen met de muis. Net zoals boven in de lucht, gaat het soms bij mij ook wel eens donderen, maar dan in mijn koppie. En daarna gaat de zon ook altijd weer schijnen, zo gaat dat bij mij.”

Zacht

Frou Frou: “En dat is nou het leuke van een duokat-huishouden. We zijn allebei poezendames en toch heel furschillend. Waar Jajim met haar hele lijf duidelijk kan maken hoe de staart staat, ken ik dat wispelturige, zoals onze mensenbroer dat noemt, niet. Voor mij mogen er altijd wel knuffels zijn, dag en nacht! Hoe meer hoe beter. Mijn staart staat altijd goed en er zijn maar een paar aaitjes voor nodig voor ik ‘PRRRR’ zeg. De enige keer dat ik ooit purr ongeluk uitschoot met mijn nagels, was toen onze mensenbroer weer eens in zijn hoofd had gehaald om te oefenen met optillen. Daar ben ik als angst-katje net iets te angstig voor, met vier pootjes aan de vloer voelt alles toch een stuk veiliger. Daar zijn de meeste furriendjes het vast miauwend over eens, toch? Na het krabben kreeg hij een heleboel kopjes hoor, dat met die nagels ging hartstikke purr ongeluk. Dat komt vanwege dat er heel veel liefde en zachtheid in mij zit, dat is gewoon mijn karakter.”

Nou zijn wij benieuwd hoe jullie karakter is en of de staart wel eens op onweer staat of dat het altijd knuffeltijd is?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou