Categorie archieven: Uit het leven van Bert

Met een plank kan ik bijna alles

plank

Hier sta ik bij mijn benedenplank. En u ziet dat ik mijn nagels netjes heb dat doe ik met die plank. Dus daar wil ik iets meer over zeggen.

Nagels

Eerst over mijn nagels. Die groeien en dat is stom. Want met lange nagels is alles vanzelf moeilijker wegens dat ik overal blijf hangen en steken en hoe moet je dan van de bank af springen als je dat wilt, zeg nou zelf. Dus ik hou mezelf bij. Daarvoor heb ik:

  • een plank beneden die ligt gewoon in de huiskamer dan weer hier en dan weer daar
  • boven in de slaapkamer heb ik ook een plank die ligt voor het tapijt
  • ik heb een paal in de huiskamer
  • aan de bank zit een raar stuk tapijt daar doe ik ook mijn nagels aan
  • soms hang ik gewoon aan de muur, dat is zo’n lekker geluid onder mijn nagels

Dus ik doe best veel dat vind ik. Alleen kwam een keer de dokter en zij heeft me gegrepen en mijn nagels met een tang gedaan. Nou daar schrik je van!! Ik wist geeneens dat vrouwen dat konden. Later hoorde ik van vrienden dat hun vrouw zoiets ook deed. Die van mij durft het gelukkig niet.

Beweging

Er is nog iets anders met die plank. Ik lig er soms gewoon op. En ik doe er mijn Pilatus op dus dat ik op de plank sta en dan mijn achterpoten helemaal rek en strek en dan hou ik mijn rug laag. Daarna kom ik heel langzaam terug in pooziezie en dan voel ik me weer helemaal de katerman.

Hangen en dan strekken dat is dus ook goed voor als je zenuwachtig bent. Mijn vrouw doet het ook en  dan zonder het hangen en ze zegt dat het helpt. Haar nagels doet ze ook zelf.

Dat van de plank wilde ik zeggen omdat ik nou wat langere nagels heb maar ik hoef geen dokter aan mijn poten.

Waarom kopjes geven nou belangrijk is

kopjes

U ziet dat ik hier in de aksie sta om een kopje te geven. Dus dat ik van achteren naar voren kom en dan heb ik vaart gemaakt dus dat zijn de beste kopjes.  Die doe ik nou vaker.

Erfaring

Ik ben een binnenkater maar mijn vrouw vertelt me van alles en ik heb Feesboek, dus ik weet best dingen en ik snap ze ook. En mijn erfaring is dat mijn vrouw thuis vaak zenuwachtig is. Ze zegt het soms maar dan wist ik het natuurlijk al. Misschien weet ik dat soort dingen wel het allereerste van ons twee.
Dus dan neem ik mijn ferantwoordelijkheid. Dit is wat ik doe:

  • ik miauw vaker dat ik wil aaien en knuffelen, en dan echt met aandacht en dat het lang duurt dus niet even snel daar heb ik niks aan. Zij evenmin. Van rustig aaien wordt ze kalm en ik kan slapen.
  • ik geef kopjes, van die harde lukken altijd en soms doe ik ook een zacht kopje tegen haar gezicht dan zegt ze “Ja Bertje” dus dat is poosietief.

Op straat is het ook anders,  ik hou van rust maar dit is rare rust, mischien kan ik er wel aan wennen dat weet ik nog niet.

Warm

Mijn idee is dat alles beter gaat als je pauze neemt om te aaien, dat is waar ik dus voor zorg. Verder heb ik nou veel zon dus ik ben een beetje met thuis-vakantie. Dus ik lig in de zon te slapen en dan ben ik helemaal slap van tevredenheid en ook warm, dus dan geef ik warme kopjes. En die zijn helemaal fijn, hoor ik.

Helpen

Dus dit doe ik en mijn vrouw doet weer andere dingen en zo is het straks minder raar, dat weet ik bijna zeker. We moeten elkaar helpen en ik help ook dus met kopjes, want dat kan ik toevallig best goed.

Waarom ik een nachtlampje wil

nachtlampje

Laatst liep ik de slaapkamer in en eerlijk waar, ik wilde meteen weer weg. Het was er anders. Ik vond het eng.

Donker

Ik had al een paar stappen over de drempel gezet toen ik dat anders-dan-anders van binnen foelde. Toen stond ik stil en ik bewoog nog geen snorhaar. Mijn vrouw lag al in bed en ze zag dat er iets was. “Het nachtlampje brandt niet, Bert,” zei ze. Toen kwam ze uit bed en deed iets en daarna zag de slaapkamer er weer gewoon uit. Dus ik kon op bed voor de welterustenknuffel.

Lampje

Dat nachtlampje was er al toen ik hier kwam wonen. Tim, de kater voor mij, kon niet heel erg goed meer zien wegens dat hij zo oud was, dus toen kocht mijn vrouw dat lampje. Het is voor mensenbeebies maar dus ook voor katermannen. En toen Tim over de Regenboogbrug ging, is het lampje gebleven. Dus zo ben ik gewend geraakt aan wat gewoon is in de slaapkamer. Maar dan moet het wel branden, dat heb ik nou geleerd.

Veranderen

Ik ben gefoelig voor dingen die opeens veranderen dat komt omdat ik zelf niet snel kan veranderen. Eerst moet ik over mijn gefoel heen van wat-is-er. Dan snap ik de verandering. Daarna ga ik bedenken wat er moet gebeuren en eer ik daar weer aan gewend ben nou dat duurt even.
Voor mij hoeft het niet, een verandering. Behalve wanneer het een verbetering is. Zoals dat ik opeens twee keer snek krijg, maar dat gebeurt bijna nooit.

Gewoon

Eerlijk gezegd kan ik in de slaapkamer alles goed zien maakt niet uit met of zonder lampje, daar ben ik katerman voor. Dus voor het zicht heb ik het niet nodig. Alleen wanneer iets gewoon is, dan moet het wel voor altijd en eeuwig zo blijven, want waarvoor heb je anders een gewoonte?

Hier is mijn adfies om echt te genieten

genieten

Er is nou steeds vaker zon en dus heb ik steeds vaker warme oortjes. Superfijn en op de foto kunt u zien dat ik daar erg van geniet. Dat is mijn talent. Genieten. Maar u kunt het ook leren.

Genieten

Echt genieten is een gefoel van binnen. Dat is een gefoel van ja. Dat u het fijne in uzelf toelaat en helemaal ontvangt.
Dus dan gaat u niet aan andere dingen denken.
Dat kan best moeilijk zijn, dat weet ik.
Als ik geniet, dan heb ik alleen dat gefoel. Komt er een gefoel van ik moet een brokje eten, dan doe ik dat en daarna ga ik weer verder met genieten. Dus:

  • als u geniet dan doet u niks erbij
  • pauze kan ook
  • het gaat om het toelaten van binnen

Zon

Als ik de zon voel, ga ik er meteen in. Dan heb ik een warme vacht en van binnen een slap gefoel, dat is dus dat ik rielekst ben.

Het kan ook dat ik in de kamer sta en de zon komt op me. Keifel licht dan doe ik mijn ogen dicht en dan kan ik blijven zitten. Dus dan pak ik meteen het moment. Want ik vind, je moet genieten wanneer je de kans hebt. Morgen is er misschien weer regen. Maar nou heb je zon.

Thuis

Bij mij thuis ben ik de enige die echt kan genieten. Ik kan slapen, in de zon hangen, eten, gewoon liggen, naar buiten kijken, nou van alles en ik geniet er ook van. Mijn vrouw zegt altijd van: “Nog even dit, Bert” of ze moet weg voor werk. Nou ja, zo is zij. En ik ben anders. Dat vinden we goed van elkaar, want dat hoort ook bij samenwonen.

Alleen ik vind het toch beter om te genieten als je kunt genieten. Het leven kan zo fijn zijn. Dat is mijn mening.

Ik heb nou een andere mening over kussen

kussen

Ik ben een katerman die presies weet wat hij wil in het knuffelgebeuren en dat weet mijn vrouw ook. Maar nou ben ik van mening veranderd.

Vrouwen

Eerst had ik moeilijke gefoelens over kussen. Het is iets van mensen en misschien vooral iets van vrouwen denk ik. Die willen dat graag. Honderd kussen op je vacht en dan erbij praten, hoe kan ik dan nog in slaap komen? Dus ik dacht ik wil alleen een paar kussen en dan hele zachte en liever niet op mijn oren of bovenop mijn kop of op mijn staart en helemaal niet de hele tijd.
En op een dag werd ik wakker met een ander gefoel.

Op mijn kop

Mijn vrouw aaide me over mijn kop, en het was heel fijn en toen deed ze een kus op mijn kop.  Wat eigenlijk niet mag. Maar wegens dat andere gefoel was het eigenlijk helemaal niet meer erg. Ze was dichtbij en het was warm en intiem en samen en even iets heel zachts op je kop, ja dat wilde ik eigenlijk wel.
Toen kreeg ik nog een kus.
En nog een.
En meer.
Het hield pas op toen ik mijn kop weg trok.

Schouder

Later merkte ik dat kussen op mijn vacht ook heel fijn was. En op mijn schouder, zelf al kwam zo het hoofd van mijn vrouw heel dicht bij, dan keek ik even de andere kant op en dan lukte het kussen ook beter. Het was niet zo dat ik moest spinnen en liggen van het rieleks-gevoel maar meer dat ik de erfaring had van: dit is een fijn gefoel.
Dus nu ben ik van mening veranderd over kussen.

Hoe het kan

Hoe het presies kan dat weet ik niet. Misschien doe ik aan ontplooien wat mijn verkering Loesje belangrijk vindt. Of misschien is het gewoon dat je elk jaar een andere mening hebt, alleen weet je nooit wanneer het jaar begint.