
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Het is bijna kerst, dus ik schrijf een verhaal over de kerst van vroeger toen Doerak er nog was.
In de dagen dat Doerak nog mijn grote leermeester was, en ik zijn kleine enthousiaste schaduw, was kerst altijd een bijzonder moment in huis. Niet omdat er dure cadeaus lagen of omdat de verlichting perfect hing…. Maar omdat wij het feest elk jaar weer overnamen, alsof het onze persoonlijke traditie was.
Begin
Het begon op kerstavond. En het begon pas echt als de eerste geuren uit de keuken kwamen. Doerak, met zijn statige rode vacht en rustige blik, nestelde zich als eerste op een eetstoel. Alsof hij wilde zeggen: Ik zit vast al goed, dan hoeven jullie straks niet meer te zoeken.
Ik, nog erg jong en een tikkeltje chaotisch, sprong daarna op een manier op de tafel die precies niét mocht. Hup in één keer midden op de gedekte tafel. Servetten schoven opzij. Glimmende kerstballen trilden. En ergens in de verte dacht iemand in de keuken: We hadden dit kunnen zien aankomen.
Doerak keek alleen maar op, langzaam, waardig, met de blik die zei: Jongen…. Zo doe je dat niet. Eerst tactisch de stoel claimen. Dán pas de tafel.
Maar stiekem vond Doerak het prachtig.
En toen kwam de kerstmaaltijd. Zodra de schaal met vlees, vis of iets anders onweerstaanbaars richting tafel kwam, veranderden Doerak en ik in een soort kerstversie van een slow motion actiefilm.
Doerak: Zachtjes opstaan, rug een beetje strekken, één keurige poot op tafel leggen, klaar om aan te vallen zonder dat iemand het merkte.
Ik: Sprong, gleed, landde midden in het tafelkleed, en ik keek trots, alsof ik zojuist een medaille had gewonnen.
En hoe streng er ook werd gekeken, hoe vaak de mensen ons vriendelijk – of iets mindervriendelijk – hadden verzocht om plaats te maken – uiteindelijk lag de kersttafel er altijd hetzelfde bij: Doerak als de stille, elegante heerser op de plek van de gastheer en ik languit op het tafelkleed, half op mijn zij, alsof denken aan eten al vermoeiend genoeg was.
En toen was er stilte na de storm. Als de maaltijd voorbij was en wij allemaal moesten bijkomen van het kattenkerstcircus, dan gebeurde telkens het mooiste gedeelte van de avond.
Slapen
Doerak sprong rustig naar de bank en maakte een warm bolletje van zijn rode vacht. Ik kroop er tegenaan, kleiner maar wel vastberaden. Dan tikte Doerak mij met zijn staart – zachtjes, ritmisch – alsof hij wilde zeggen:
Je hebt het weer gedaan jongen. De kersttafel is weer veroverd. Goed werk.
Ik, half slapend, duwde mijn neus in Doeraks flank. Buiten schenen de sterren extra hard.
Twee katten. Twee harten. Eén kersttraditie die ieder jaar hetzelfde was – en juist daardoor zo ongelooflijk kostbaar.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En natuurlijk fijne kerstdagen en een mooi, gezond nieuwjaar! En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem
Hallo katermannen en kattenpoezen,
vond ik zelf. Binnen een paar minuten lagen er meer ballen op de grond dan in de boom.
Ster
Miauw beste furriendjes en mensen van furriendjes, we moesten hard nadenken waar we deze week over kunnen miauwen. Er is veel furandering geweest de laatste tijd met het licht en de klok, daar miauwden we vorige week over. Nou is er nog iets wat anders gaat sinds we minder licht hebben en dat is niet alleen met eten. Vandaag vertellen we over ons winter-speelkwartier en hoe dat werkt.
Frou ook, maar zodra mijn kussentjes de balkonvloer raken voel ik dat het toch fijner is om binnen iets anders te gaan doen. Vogels kijken en blaadjes jagen is nou eenmaal veel fijner in de frisse buitenlucht met de zon in mijn vacht. Wat dat betreft zijn we allebei luxepoezen”.
stof en het lijkt op een mini paard. Het is mijn prooi en na een tijdje spelen en jagen breng ik het naar onze mensenbroer. Waarom zou je denken? Nou, omdat er ook een beloning voor terug komt. Ik breng het poppetje met een luide MAUW naar hem toe en dan komen de snacks tevoorschijn. Voor de rest vind ik speelgoed met wiew erin HEEL leuk. Dan word ik eventjes wild en voel ik mij speels als een kitten”.
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Tussen het groen van de struiken bewoog iets dat niet bij mijn vertrouwde wereld hoorde. Een gestalte, sierlijk en toch onmiskenbaar anders: een poes met een glanzende vacht, wit als sneeuw en zwart als de nacht. Haar ogen fonkelden nieuwsgierig, alsof ze een geheim met zich meedroeg.
Jungle
Warm blijfen dat is belangrijk, iedereen weet het, helemaal en fooral nou er geen zomer is. Ik heb ferwarming thuis en een dekentje op een deken op een tapijt bij het warme maar weeges mijn poot en mijn sgouder zei mijn vrouw: “Ollie, ik heb iets.”
Tegnies