Categorie archieven: Uit het leven van Bert

Weg uit huis voor de renovatie

Even een bericht uit huize Ollie van zijn vrouw, over de situatie hier. Die is spannend. In de straat waarin we wonen, worden in de woningen de kozijnen van alle ramen vervangen.

Dat betekent boren en hakken en al die dingen meer, wat vooral in de ochtend met veel hard geluid gaat. Het betekent ook een straat vol auto’s waaruit klusmannen met hun materiaal komen. Er staat ook een tent in de straat, pal voor de woning waar de klusmannen in aan het werk zijn.
En volgende week beginnen ze zowat hier.
Wat te doen?

Ollie is een kater met angstklachten, waarvoor hij ook druppeltjes neemt en andere medicatie, in overleg met zijn arts. Evenzogoed zijn die klachten niet weg, alleen minder. En nu met de naderende renovatie voelt hij dat er iets op komst is, en ik ook natuurlijk.

Klusmannen in huis, met alle herrie en ongemak van dien: dat gaat niet.

Daarom gaan we naar een wisselwoning. Donderdag (vandaag dus) vertrekken we, dan kunnen de mannen hier hun gang gaan, daarna komen we weer terug.
In die wisselwoning hebben we rust en veiligheid.
Ik ben de hele week al daar wat spullen aan het neerleggen in de hoop dat Ollie er veilige luchten door ruikt. Gisteren heb ik er een verstop-kamer voor hem ingericht. Daar mag hij schuilen als hij het nodig heeft.

Verhuizen is het beste dat er nu op zit, maar het brengt wel nieuwe zorgen mee. Want Ollie is sinds hij hier kwam – ruim zestien maanden geleden – nog nooit in een andere woning geweest, alleen hier waar alles voor hem vertrouwd en goed is. Dus hoe hij zich daar voelt, dat is een zorg. Als hij maar wil eten. Als hij maar durft rond te lopen, naar buiten te kijken. Zijn vaste spullen gaan natuurlijk mee en ik blijf zoveel mogelijk bij hem.
In overleg met zijn dokter krijgt hij op de verhuisdagen Gabapentine, om de overgang te verzachten.

Verder hoop ik dat het internet goed werkt in de nieuwe woning.
Dan kan Ollie zelf vertellen hoe hij het vindt, als hij er dan tenminste aan toe is.

En Jajim en Frou Frou, dank voor het mogen wisselen van de dag, zo kon ik de situatie uiteenzetten. Jullie mooie verhaal staat al ingepland voor morgen.

🐾 Bliksem en de paashaas. Wie is dat?

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Daar ben ik weer met een vreemd verhaal. Jullie weten dat ik van jagen hou in mijn jungle en van slapen in de zon. En dat allemaal in mijn territorium: De jungle!
Ik hoor geluiden van mijn mensen dat het Pasen gaat worden. En ze hebben het maar steeds over de paashaas die langs zou komen. Ik vond dat maar vreemd. Want wie is die paashaas eigenlijk? Ik ken alle bewoners van de jungle. De eksters, de dikke duif, Roover, Luna en natuurlijk de familie egel die in de struiken woonde onder de heg. Maar een haas? Die heb ik nog nooit gezien.

Egels

Dus ik miauwde tegen mijn man mens: Er is geen haas. Er zijn egels, die hebben stekels. Maar die leggen geen eieren. Die rollen zich alleen maar op.
Dus ik deed nog maar eens mijn ronde in de jungle. Ik sprong op de schutting en keek rond. Ik zag echt geen haas. Wel de familie egel, moeder egel en haar 2 kleintjes liepen rustig rond bij de oude struiken.
Ik besloot maar een kijkje te gaan nemen. Ik liep rustig en behoedzaam naar de struiken. Ik was verbaasd wat ik toen zag. Bij moeder egel lag een half opgegeten wortel. Het leek wel of iemand een feestje had gehad. Moeder egel keek mij aan met haar kraaloogjes en snuffelde.
Toen begreep ik het. De haas is hier natuurlijk in de nacht geweest en had hier zijn laatste stukje wortel verstopt. Dat moet dan wel de paashaas zijn geweest. Ik liep naar de moeder egel en gaf voorzichtig, zonder mijn neus te prikken, een kopje. Toen ging ik in de zon liggen en dacht: Pasen is dus eigenlijk gewoon een ontbijtfeest voor de tuinbewoners. En nu was daar dus ook een haas bij geweest.
Toen had ik nog maar 1 missie. Als die haas bestond en zomaar willekeurige eet dingen in de tuin gooit kan ik dat natuurlijk ook doen. Ik was tenslotte de koning van de jungle.
Ik ging dus op zoek in de keuken naar een buit. Van de vorige avond lag daar nog een schaal met brokjes. Als die haas en de egels zo blij waren met die wortel, dacht ik, dan zullen ze ook wel blij zijn met mijn brokjes.
Met enige moeite sleepte ik de brokjes de jungle in. Het was best wel een komisch gezicht want ik liep achterwaarts de tuin in omdat het een grote schaal was waar de brokjes in zaten.
Ik deponeerde de schaal met brokjes voor de neus van vader egel die net zijn snuit door de heg stak. Hij keek naar mij en naar de brokjes en rolde zich toen langzaam op tot een bal. Dat vond ik raar. Maar toen gebeurde het. De 2 jongste egels zagen de brokjes en liepen enthousiast richting de schaal. Ze begonnen gelijk te eten. Vader egel rolde uit zijn bol en zag dat het goed ging.

Buiten

Mijn man mens kwam naar buiten en riep: Kijk nou! De paashaas heeft dit jaar zelfs aan de egels gedacht.
Ondertussen zat ik alweer op de schutting en schudde met mijn kop. De mensen dachten dat een onzichtbare haas het eten had bezorgd, terwijl ik, de grote koning van de jungle, zich een ongeluk heeft gesleept voor de familie egel.
Volgende keer verstop ik gewoon zijn autosleutels. Kijken of hij dan nog steeds in de paashaas gelooft.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Ferhaare ferhaare ik doe niks anders dan ferhaare

De hele tijd van de afgeloope tijd zat ik te wachten tot het lente werd en bleef, dus echt met zon en warmte en dat je weet de winter is eindelijk weg en die blijft ook zeker weete weg. En ik wist ook wat ik wilde dat is in de zon liggen en me warm en tefreede foelen.
Nou toen ging Bliksem aan de gang met die knoppen van het seizoen en nou is het lente. Alleen ik heb mijn rust niet.
Dat is stom.

Het komt door het ferhaare.
Eerst werd mijn vagt losser en ik dacht er niet ofer na, of eigenlijk dacht ik misschien ben ik slanker aan het worden dan heb ik ook minder vagt nodig dat is de natuur dus dat gaat fanzelf.
Alleen toen wist ik het weer. Als je vagt losser zit dan ga je ferhaare.
Nou is ferhaare in mijn sietuuazie raar want het duurt de hele tijd en ik weet nooit welke haare zitten wanneer los, ik heb het liefer meteen als de dag begint dan is het klaar maar zo gaat het dus niet het duurt altijd.

Nou ben ik een nette jongen dat is gewoon zo en ik heb ook kriebels in mijn vagt dus ik was me ekstra feel. En mijn vrouw helpt mee met aaien en een paar keer de borstel, tot ik opeens foel nou is het genoeg. Dan kijk ik eefe en ze snapt het meteen, anders sla ik met mijn poot want genoeg is genoeg en eigenlijk al te feel.
En het is ook zo dat losse haren kriebelen in mijn vagt. Dan heb ik mijn poote nodig en de achterpoote doen het gewoon goed dat is mijn geluk dus dat is tegen de jeuk.

Dus het is ferhaare- wassen- ferhaare- aaien – ferhaare- wassen – borstel – ferhaare. Ik find de lente heel feel ekstra werk aan mezelf daar ben ik eerlijk over. Maar de winter hoef ik niet terug, echt waar niet.

Toen waren we weer goed op elkaar

Thuis heb ik nog altijd dat we ofer elkaar leren fan wat wil ik en wat wil die ander en folgens mij blijft dat zo weeges ik ben nou anders dan toen ik hier pas was en ook door de pillies en hoe ik nou ben.

Als het afond is dan wil ik spelen met de hengel of het touwtje en dan doen we dan. Dus dat gaat goed.
Of ik wil langzame knuffels met soms praten erbij maar meestal heb ik genoeg aan de knuffel. En pas laatst toen had ik genoeg aan samen liggen. Ik lag op mijn dekenbed en mijn vrouw lag erbij dus een beetje op de deken maar niet tegen me aan, erbij is erbij en dat is dan genoeg.
Ik foelde me rustig en tefreede en dat alles goed was in mijn leefe. Toen draaide ik me om op het dekenbed want ik wilde naar mijn vrouw haar gezicht kijken en dat deed ik dus. Gewoon weeges dan heb ik een dieper saame-gefoel en zij ook dat weet ik gewoon.

Dus zo lagen we het was afond we keken naar elkaar en dit was het allerfijnste moment van de dag en ik wist straks krijg ik weer brokjes.

Maar toen stak mijn vrouw een finger uit en ze aaide mijn kop.
En ik stak mijn poot uit fan nietdoen en mijn nagel kwam in haar hand.
Weeges ik schrok het was te feel.
En toen schrok zij.
Daardoor ik ook weer.

Het is best moeilijk zoon moment. Ik foelde nou is het fijne weg hoe krijg ik het weer terug en zij foelde het ook.
Eefe later ging ze in de keuken mijn hapje maken en toen ging ik een kopje doen. En zij aaide heel zachtjes. Dat kon weer. En na mijn hapje ging ik haar hand wassen en toen wist ik, we zijn weer goed op elkaar en dat zei ze ook.
Dus nou heb ik geleerd het kan weer goed komen en zij heeft geleerd erbij liggen dat is fijn genoeg en nou foelen we ons weer rustig saame dat is poosietief.

🐾 De kersttafel van Doerak en Bliksem

Hallo katermannen en kattenpoezen,
Het is bijna kerst, dus ik schrijf een verhaal over de kerst van vroeger toen Doerak er nog was.
In de dagen dat Doerak nog mijn grote leermeester was, en ik zijn kleine enthousiaste schaduw, was kerst altijd een bijzonder moment in huis. Niet omdat er dure cadeaus lagen of omdat de verlichting perfect hing…. Maar omdat wij het feest elk jaar weer overnamen, alsof het onze persoonlijke traditie was.

Begin

Het begon op kerstavond. En het begon pas echt als de eerste geuren uit de keuken kwamen. Doerak, met zijn statige rode vacht en rustige blik, nestelde zich als eerste op een eetstoel. Alsof hij wilde zeggen: Ik zit vast al goed, dan hoeven jullie straks niet meer te zoeken.
Ik, nog erg jong en een tikkeltje chaotisch, sprong daarna op een manier op de tafel die precies niét mocht. Hup in één keer midden op de gedekte tafel. Servetten schoven opzij. Glimmende kerstballen trilden. En ergens in de verte dacht iemand in de keuken: We hadden dit kunnen zien aankomen.
Doerak keek alleen maar op, langzaam, waardig, met de blik die zei: Jongen…. Zo doe je dat niet. Eerst tactisch de stoel claimen. Dán pas de tafel.
Maar stiekem vond Doerak het prachtig.
En toen kwam de kerstmaaltijd. Zodra de schaal met vlees, vis of iets anders onweerstaanbaars richting tafel kwam, veranderden Doerak en ik in een soort kerstversie van een slow motion actiefilm.
Doerak: Zachtjes opstaan, rug een beetje strekken, één keurige poot op tafel leggen, klaar om aan te vallen zonder dat iemand het merkte.
Ik: Sprong, gleed, landde midden in het tafelkleed, en ik keek trots, alsof ik zojuist een medaille had gewonnen.
En hoe streng er ook werd gekeken, hoe vaak de mensen ons vriendelijk – of iets mindervriendelijk – hadden verzocht om plaats te maken – uiteindelijk lag de kersttafel er altijd hetzelfde bij: Doerak als de stille, elegante heerser op de plek van de gastheer en ik languit op het tafelkleed, half op mijn zij, alsof denken aan eten al vermoeiend genoeg was.
En toen was er stilte na de storm. Als de maaltijd voorbij was en wij allemaal moesten bijkomen van het kattenkerstcircus, dan gebeurde telkens het mooiste gedeelte van de avond.

Slapen

Doerak sprong rustig naar de bank en maakte een warm bolletje van zijn rode vacht. Ik kroop er tegenaan, kleiner maar wel vastberaden. Dan tikte Doerak mij met zijn staart – zachtjes, ritmisch – alsof hij wilde zeggen:
Je hebt het weer gedaan jongen. De kersttafel is weer veroverd. Goed werk.
Ik, half slapend, duwde mijn neus in Doeraks flank. Buiten schenen de sterren extra hard.
Twee katten. Twee harten. Eén kersttraditie die ieder jaar hetzelfde was – en juist daardoor zo ongelooflijk kostbaar.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En natuurlijk fijne kerstdagen en een mooi, gezond nieuwjaar! En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem