Categorie archieven: Ollie

Waarom ik met de bank moet oefenen

“Ollie, luister eens,” zei mijn vrouw. Ik foelde me meteen aalert. Als een vrouw zo begint dan is er iets anders dan knuffels of tijd foor een hapje. Dus ik luisterde wel maar ik dacht meteen ik wil nergens heen echt waar niet.

Daar ging het niet ofer.
Wel over de bank.
Ze zei dat we gingen oefenen met saame op de bank liggen, dat was gezellig en leuk en ook goed foor de ontspanning en al mijn vrienden deden het en froeger lag ik toch ook op de bank nou daarom dus.
Erna ging ik in de fensterbank liggen om te denken wat find ik hiervan.

Ja, froeger deed ik het ook. Toen woonde ik hier pas en ik wist geeneens waar moet ik liggen, waar kan ik dat en als ik ergens ga liggen wat gebeurt er dan en hoe is dat. Toen lag ik dus op de bank, op de hoek. Dan kon ik meteen wegspringen indien nodig en soms deed ik dat ook al was het niet nodig, dan had ik toch mijn zekerheid dat ik weg kon.
Dus de bank was fan mij.

Toch gebeurde het weleens dat mijn vrouw op de bank ging liggen. Dat kon niet. Dus ik ging dan keihard heen en weer rennen ofer de bank, nou dat snapte ze meteen dan ging ze weer aan tafel zitten en ik had mijn rust.

En later wist ik beter waar kan ik liggen en dat er dan niks gebeurt. Toen ging ik niet meer op de bank. Mijn vrouw ook al niet ik find dat netjes.

Maar nou we terug zijn van de flet is het net fan we zijn een nieuwe fase in. Ik ben sterker fan binnen en ik treen weer meer, ik durf ook naar de straat te kijken als er herrie is dus nou moet ik ook oefenen met op de bank liggen.
Eigenlijk find ik er niks aan. Maar als een vrouw iets graag wil dan moet je, dat weet ik nou al.

Er is nog steeds reenoovazie

Gisteren durfde ik het weer in de fensterbank liggen ook al waren er mannen in de straat. Toen ik net in slaap was toen kwam er herrie fan heel dichtbij. Nou ik wakker en meteen wegspringen, de kamer in daar fan opzij de bank daar ging ik liggen en ik keek naar mijn vrouw en zij keek terug.

Het is dus zo dat er nog steeds reenoovazie is. We hebben in de flet gewoond weeges herrie en mannen die in het huis moesten en nou is het nog steeds niet af en niemand weet waarom, dat zegt mijn vrouw, ze ging bellen en meelen.
Er komt nog wat herrie fan dichtbij en nog een dag dat ik niet op de slaapkamer mag en dan is het af dat zegt mijn vrouw.
Dus ik moet het ferdragen.
En ze zegt ik blijf erbij Ollie daar heb ik steun aan.

Herrie is moeilijk, dat weet ik helemaal zeker. Het zit in mijn oore en dan komt het in mijn kop en dan ferder in mijn lighaam en dan ben ik raar.
Ik wil knuffels maar ik kan er niet tegen weeges dan heb ik spanning
Ik heb trek en als de luns komt dan lukt het eete weer niet
Tegen mijn vrouw doe ik mewww-komen en als ze kijkt fan ik-kom moet ik met mijn staart zwiepen nou dat is duidelijk foor mij dat mijn kop iets anders wil dan mijn lighaam

Als het ofer is hoef ik nooir meer reenoovaazie. Dan wil ik zomer met elke dag zon en rust in de straat en dat ik elke dag weet hoe is die dag. Foor mij als gefoelige jongen is dat gewoon het beste.

Weer thuis en hoe is het nu met mij

Ik ben nou al dagen thuis en ik foel me goed, ik foel me tefreede, en ik foel ook het leefe is nou anders dan eerst.

Flet

In de flet was het best moeilijk. Het was zo groot en ik kon de straat daar naast niet zien en ik foelde me ferloren daarom ging ik ook elke nacht op het bed slapen en als ik wakker werd moest ik soms lopen en MEWW roepen, dat heb ik nooit eerder gehad ook niet toen ik hier pas woonde, toen had ik een heel ander gefoel. Dat was fan het is hier nieuw maar ik foel me veilig alleen ik moet wennen dat wist ik toen ook.
En toen moest ik mee naar de flet.

Sterker

Ik kreeg andere druppels en pillies om in de flet sterker te worden en die heb ik nog. Maar ik ben zelf ook anders fan binnen, dat merk ik aan mezelf.
Het is dat ik meer rust in mijn kop heb misschien is dat weeges ik heb een afontuur meegemaakt en ik ben er nog steeds dus dan heb je zelf-fertrouwen.
En ik heb het ook saame gedaan dus ik foel me ook meer saame en dan ben je sterker fan binnen dat is gewoon zo.
Ik kan nou ook langer knuffels.
Ik doe weer tapijtbewerken.
En met kranten schuiven, die had ik ook in de flet maar deze hier zijn de beste.

Gewoon

Ik moet eerlijk zeggen dat ik soms nog wel bang ben, dat is er een geluid of dat ik opeens denk ik moet weer naar de flat, dan ga ik onder het bed liggen. Daar is het donker dus niemand kan me zien dan ben ik er eigenlijk niet dat weet ik zeker. Erna kan ik dan weer naar de kamer en alles is er gewoon.
Mijn vrouw zegt dat ik gegroeid ben, en dat ik bijna de hele tijd in de flet mezelf durfde te uiten wat dapper was. En nou ik weer thuis ben, kan ik weer gewoon Ollie zijn en dat is nou gemakkelijker foor me, dus dat is het goede nieuws.

We gaan weer naar huis (3)

Morgen gaan Ollie en ik terug naar ons knusse kleine huis, waar alles bekend en vertrouwd is, tenminste, dat hoop ik.

We zijn dan ruim twee weken in een andere woning geweest. Hier zitten we een grote flat op zes hoog, met buren naast, onder, boven en opzij van ons. In het weekend is er bij de bovenburen ruzie met geschreeuw dat door de muren reist. Elke woning heeft eigen geluiden, leren Ollie en ik, en deze geluiden hebben we thuis niet.

Thuis

Maar waar is thuis, lijkt nu de vraag. Niet helemaal hier en toch al een beetje. Veel meer daar en toch al wat minder.

Gisteren zag Ollie er rustig uit, hij leek zich tevreden te voelen. Als ik ’s middags weg ga, blijft hij gewoon in de kamer zonder zich onder de bank te verstoppen. Het bange is weg.
Hij komt nu ’s avonds in de ruimte badkamer liggen, gestrekt op een handdoek, klaar liggend voor knuffels. Zo begint hij een nieuwe routine te ontwikkelen. ’s Morgens ligt hij graag op een matje in de vensterbank, rustig te kijken naar het verkeer ver beneden.
En juist nu gaan we terug, naar een huis met weer andere geluiden en waar je anders loopt en ligt, gewoon omdat het huis anders is.
Daar heb ik zorgen over. Hoe dat zal gaan. Of hij het huis herkent als thuis en zich er veilig en gewoon voelt. Of hij zijn hobby tapijtbewerken weer oppakt.

Rust

Pas sinds een paar dagen ken ik de stand van zaken van de renovatie. Veel is af. Niet alles. Maandag gaan ze de kozijnen bij de onderbuurman vervangen, dan hebben we herrie. Wat ook nog moet is de vervanging van de kozijnen in de dakkapel en dat betekent een dag met klusmannen door het huis. Wanneer, weten ze daar nog niet. Dan komen de schilders de boel van buiten aflakken. En daarna is er hopelijk dertig jaar rust.

Wennen

Zaterdag gaan we terug. Met beleid. Eerst het huis weer gewoon maken met spullen en geuren; zo zet ik een bak met licht gebruikt grind neer. Dan morgen met Ollie in zijn reismand over de hoge galerij, in de lift en dan in de taxi naar huis. Van zijn dokter kreeg ik Gabapentine, om de dag van verkassen gemakkelijker te maken. Misschien moeten we wennen, maar daar woonden we langer dan hier en we zijn saame, dat scheelt hopelijk alles.

Ollie en de verhuizing (2)

Hier een voortgangsbericht uit huize Ollie. Hij is nu aan het wennen, maar het blijft een vreemd huis. Hij durft meer, zijn zelfvertrouwen is aan het groeien en toch voelt hij zich niet echt thuis, dat zie ik ook.

Wennen

Dat komt natuurlijk omdat het een grote flat is van wel vier kamers en dan de keuken nog en een ruimtelijke overloop. Hier zijn dus geen trappen, en dat is een gemis. Thuis klimt Ollie over de trap naar boven om daar in de vensterbank te zitten. Thuis en toch ergens anders, een ideaal huiselijk avontuur voor een kater met angstklachten.
En de geluiden zijn hier anders dan hij gewend is. Tegenover de flat aan de galerijkant is een tennisvereniging, daar spelen ’s avonds mensen die veel geluiden maken van het type OE en HRFF en dan hebben we het PLOK van het tennisracket er nog bij. De eerste avonden lag Ollie naast me op het bed, de slaapkamer grenst aan de galerij, en toen keek hij bij elk geluid alert op. Nu kan hij er tegen, hij is er wat aan gewend.

Vensterbank

Naar buiten kijken vindt Ollie hier minder boeiend dan thuis. De laatste dagen gaat hij wel in de vensterbank liggen, maar zes etages naar beneden kijken, dan is alles te ver weg voor hem. ’s Avonds ziet hij bewegende lichten van het autoverkeer, die zijn voor hem interessanter, maar niet veel.
Zo ontdek ik dat Ollie graag een oogje in het zeil houdt wat de straat betreft; de vensterbank thuis is op de eerste etage waar hij goed kan zien wie er door de straat loopt en welke auto’s en bussen er via de doorgangsweg langs ons huis rijden. Ik leer hem nu dus beter kennen in zijn woonwensen.

Pootje

Dat Ollie meer zelfvertrouwen krijgt in deze flat, merk ik ook aan iets anders. Bijna de hele week dat we hier nu verblijven, sliep hij naast me op het bed. Eerst tegen me aan, liefst onder mijn arm, zo dichtbij en zo lang  was nieuw. Hij gaf heel veel lichaamskopjes. En hij vond het goed en zelfs fijn om opgetild te worden en zo in huis een rondleiding te krijgen met uitleg wat-is-wat.
Maar sinds een paar dagen is dat minder. Hij heeft meer eigen dingen te doen en als ik wil aaien terwijl het hem niet uitkomt, geeft hij een tik met het pootje.

Terug

Volgende week moet de renovatie van onze woning klaar zijn. Dan begint de terug-verhuizing en het huis voorbereiden op de terugkeer van ons beiden. Hopelijk is dat op zaterdag, maar de werkzaamheden mogen dan niet uitlopen. Dus een onzekerheid is er wel.