Categorie archieven: Ollie

Weer thuis en hoe is het nu met mij

Ik ben nou al dagen thuis en ik foel me goed, ik foel me tefreede, en ik foel ook het leefe is nou anders dan eerst.

Flet

In de flet was het best moeilijk. Het was zo groot en ik kon de straat daar naast niet zien en ik foelde me ferloren daarom ging ik ook elke nacht op het bed slapen en als ik wakker werd moest ik soms lopen en MEWW roepen, dat heb ik nooit eerder gehad ook niet toen ik hier pas woonde, toen had ik een heel ander gefoel. Dat was fan het is hier nieuw maar ik foel me veilig alleen ik moet wennen dat wist ik toen ook.
En toen moest ik mee naar de flet.

Sterker

Ik kreeg andere druppels en pillies om in de flet sterker te worden en die heb ik nog. Maar ik ben zelf ook anders fan binnen, dat merk ik aan mezelf.
Het is dat ik meer rust in mijn kop heb misschien is dat weeges ik heb een afontuur meegemaakt en ik ben er nog steeds dus dan heb je zelf-fertrouwen.
En ik heb het ook saame gedaan dus ik foel me ook meer saame en dan ben je sterker fan binnen dat is gewoon zo.
Ik kan nou ook langer knuffels.
Ik doe weer tapijtbewerken.
En met kranten schuiven, die had ik ook in de flet maar deze hier zijn de beste.

Gewoon

Ik moet eerlijk zeggen dat ik soms nog wel bang ben, dat is er een geluid of dat ik opeens denk ik moet weer naar de flat, dan ga ik onder het bed liggen. Daar is het donker dus niemand kan me zien dan ben ik er eigenlijk niet dat weet ik zeker. Erna kan ik dan weer naar de kamer en alles is er gewoon.
Mijn vrouw zegt dat ik gegroeid ben, en dat ik bijna de hele tijd in de flet mezelf durfde te uiten wat dapper was. En nou ik weer thuis ben, kan ik weer gewoon Ollie zijn en dat is nou gemakkelijker foor me, dus dat is het goede nieuws.

We gaan weer naar huis (3)

Morgen gaan Ollie en ik terug naar ons knusse kleine huis, waar alles bekend en vertrouwd is, tenminste, dat hoop ik.

We zijn dan ruim twee weken in een andere woning geweest. Hier zitten we een grote flat op zes hoog, met buren naast, onder, boven en opzij van ons. In het weekend is er bij de bovenburen ruzie met geschreeuw dat door de muren reist. Elke woning heeft eigen geluiden, leren Ollie en ik, en deze geluiden hebben we thuis niet.

Thuis

Maar waar is thuis, lijkt nu de vraag. Niet helemaal hier en toch al een beetje. Veel meer daar en toch al wat minder.

Gisteren zag Ollie er rustig uit, hij leek zich tevreden te voelen. Als ik ’s middags weg ga, blijft hij gewoon in de kamer zonder zich onder de bank te verstoppen. Het bange is weg.
Hij komt nu ’s avonds in de ruimte badkamer liggen, gestrekt op een handdoek, klaar liggend voor knuffels. Zo begint hij een nieuwe routine te ontwikkelen. ’s Morgens ligt hij graag op een matje in de vensterbank, rustig te kijken naar het verkeer ver beneden.
En juist nu gaan we terug, naar een huis met weer andere geluiden en waar je anders loopt en ligt, gewoon omdat het huis anders is.
Daar heb ik zorgen over. Hoe dat zal gaan. Of hij het huis herkent als thuis en zich er veilig en gewoon voelt. Of hij zijn hobby tapijtbewerken weer oppakt.

Rust

Pas sinds een paar dagen ken ik de stand van zaken van de renovatie. Veel is af. Niet alles. Maandag gaan ze de kozijnen bij de onderbuurman vervangen, dan hebben we herrie. Wat ook nog moet is de vervanging van de kozijnen in de dakkapel en dat betekent een dag met klusmannen door het huis. Wanneer, weten ze daar nog niet. Dan komen de schilders de boel van buiten aflakken. En daarna is er hopelijk dertig jaar rust.

Wennen

Zaterdag gaan we terug. Met beleid. Eerst het huis weer gewoon maken met spullen en geuren; zo zet ik een bak met licht gebruikt grind neer. Dan morgen met Ollie in zijn reismand over de hoge galerij, in de lift en dan in de taxi naar huis. Van zijn dokter kreeg ik Gabapentine, om de dag van verkassen gemakkelijker te maken. Misschien moeten we wennen, maar daar woonden we langer dan hier en we zijn saame, dat scheelt hopelijk alles.

Ollie en de verhuizing (2)

Hier een voortgangsbericht uit huize Ollie. Hij is nu aan het wennen, maar het blijft een vreemd huis. Hij durft meer, zijn zelfvertrouwen is aan het groeien en toch voelt hij zich niet echt thuis, dat zie ik ook.

Wennen

Dat komt natuurlijk omdat het een grote flat is van wel vier kamers en dan de keuken nog en een ruimtelijke overloop. Hier zijn dus geen trappen, en dat is een gemis. Thuis klimt Ollie over de trap naar boven om daar in de vensterbank te zitten. Thuis en toch ergens anders, een ideaal huiselijk avontuur voor een kater met angstklachten.
En de geluiden zijn hier anders dan hij gewend is. Tegenover de flat aan de galerijkant is een tennisvereniging, daar spelen ’s avonds mensen die veel geluiden maken van het type OE en HRFF en dan hebben we het PLOK van het tennisracket er nog bij. De eerste avonden lag Ollie naast me op het bed, de slaapkamer grenst aan de galerij, en toen keek hij bij elk geluid alert op. Nu kan hij er tegen, hij is er wat aan gewend.

Vensterbank

Naar buiten kijken vindt Ollie hier minder boeiend dan thuis. De laatste dagen gaat hij wel in de vensterbank liggen, maar zes etages naar beneden kijken, dan is alles te ver weg voor hem. ’s Avonds ziet hij bewegende lichten van het autoverkeer, die zijn voor hem interessanter, maar niet veel.
Zo ontdek ik dat Ollie graag een oogje in het zeil houdt wat de straat betreft; de vensterbank thuis is op de eerste etage waar hij goed kan zien wie er door de straat loopt en welke auto’s en bussen er via de doorgangsweg langs ons huis rijden. Ik leer hem nu dus beter kennen in zijn woonwensen.

Pootje

Dat Ollie meer zelfvertrouwen krijgt in deze flat, merk ik ook aan iets anders. Bijna de hele week dat we hier nu verblijven, sliep hij naast me op het bed. Eerst tegen me aan, liefst onder mijn arm, zo dichtbij en zo lang  was nieuw. Hij gaf heel veel lichaamskopjes. En hij vond het goed en zelfs fijn om opgetild te worden en zo in huis een rondleiding te krijgen met uitleg wat-is-wat.
Maar sinds een paar dagen is dat minder. Hij heeft meer eigen dingen te doen en als ik wil aaien terwijl het hem niet uitkomt, geeft hij een tik met het pootje.

Terug

Volgende week moet de renovatie van onze woning klaar zijn. Dan begint de terug-verhuizing en het huis voorbereiden op de terugkeer van ons beiden. Hopelijk is dat op zaterdag, maar de werkzaamheden mogen dan niet uitlopen. Dus een onzekerheid is er wel.

Wat is dat nou luisteren

Als kater zijnde hoef ik niet te luisteren, weeges ik ben geen hond en met luisteren bedoel ik dat mijn vrouw zegt wat ik moet doen en dat doe ik dan of ik doe het helemaal niet dat is meestal het gefal. Je hebt je eer als kater dat maakt wat uit.
Dus dat ben ik mijn vrouw nou aan het leren.

Elke afond roept ze mij in de keuken foor een knuffel. Dan kom ik dus niet. Maar ik wil wel een knuffel dus meteen als ze niet meer roept dan ga ik want dan is het mijn eigen idee en ik weet ze is nog steeds in de keuken, dus ik moet snel zijn en dat kan ik, dus zo doe ik dat.
Dan ga ik liggen tegen haar aan en dan zegt ze fan alles en ik ben helemaal tefreede.

Gezellig

Eigenlijk is het mijn mening dat mensen moeten luisteren naar katten en misschien naar alle dieren dat weet ik niet zeker.
Als ik ’s avonds toe ben aan mijn hapje ga ik bij de deur naar de keuken zitten, dus dan snapt mijn vrouw ze moet wat doen. En ’s morgens heb ik dus ook een hapje, dan kijk ik fan je kunt het nou brengen en dat doet ze dan. Het is ook weeges mijn poot maar fooral weeges mijn gefoel, gezelligheid is gewoon heel belangrijk.

Feilig

Alleen laatst toen was het anders. Het was afond en alles was stil en rustig en de leptop was uit dus ik wist nou is het Ollie-tijd. Ik had al trek. Dus ik ging bij de deur zitten.
Maar toen riep mijn vrouw van Ollie-kom-eens. Ze lag bij mijn dekenbed.
Ik weet niet waarom maar ik liep erheen. Ze klopte op mijn dekenbed en zei fan hier liggen het is nog geen tijd. En ik stapte op het dekenbed en ging liggen, maar ik zorgde wel dat ik goed lag dus dat ik alles kon zien wat ze deed en ze deed niks maar je kunt nooit weete.
Eigenlijk had ik toen gehoorzaamd.
Maar ze zei er gelukkig niks ofer.
We lagen ook gezellig saame te liggen. Er gebeurde niks, ik wist ik ben feilig en dadelijk krijg ik een hapje. En toen dacht ik, misschien kan het soms toch dat ik gehoorzaam maar zij moet het dan ook doen, zeker weete.

Weer een updeet fan mijn poot

Ik weet haast niet meer hoe was mijn leefe toen mijn poot gewoon mijn poot was maar mijn vrouw zegt dat het nou 5 maanden geleden is toen het begon.

Hout

Misschien is het mijn poot daar merk ik het aan. Of toch mijn sgouder dat er daar iets zit. Aan mijn buitenkant is niks te zien daar ben ik gewoon helemaal als ik lig.
Als ik loop is het anders. “Je hebt een houten poot Ollie,” zei mijn vrouw pas maar dat is niet zo mijn poot is mijn lighaam en helemaal geen hout.

Het gaat nou zo.
Elke ochtend heeft mijn poot eefe tijd nodig.
Dus ik ga ’s morgens haast nooit meer mee naar de badkamer. Soms erna kom ik naar de keuken daar ga ik liggen en rollen foor knuffels. En dan kan ik ook wat spelen in de kamer.
Als het afond is, doet mijn poot het weer helemaal. Dan loop ik bijna gewoon en ik kan ook gemakkelijk ofer de trap. Dan is mijn gefoel ook gewoon.
Het is geen artroosie had de dokter gezegd.
En ik krijg pillies en druppels tegen de pijn, want ik moet beweege maar ook weer niet te feel. Het duurt lang dat is mijn mening.

Pauze

Alleen nou heb ik een probleem. Ik spring in en uit de fensterbank, elke ochtend en middag en afond en ook ’s nachts. Daar ligt mijn matje, daar slaap ik, daar kijk ik naar buiten dus daar heb ik mijn leefe.
Als ik uit de fensterbak spring dan kom ik op mijn dekenbed. Dat is nou heel dik er liggend dekens op en daaronder kussens het is best hoog en het is ook zacht.
Maar springen is springen.
En als ik op het dekenbed kom dan foel ik gewoon mijn poot en dan ga ik meteen liggen en ik kan eefe geen knuffels ik heb dan pauze nodig.

Ik blijf toch springen. Maar ik foel het toch. Ik hoop dat mijn poot weer gauw gewoon mijn poot wordt, echt waar.