Nou daar issie dan hoor, m’n allereerste blog op de derde dag van de eerste maand van het nieuwe jaar…
Om te beginnen wil ik dus heel graag de derde blogger zijn op Saame die op deze pagina, die mijn grote vriend en lichtend voorbeeld Bert ooit begonnen is en die een tijdje nadat Bert een hele mooie ster is geworden gelukkig door zijn opvolger Ollie is voortgezet, al mijn vrienden, vriendinnen en hun personeel nog even 363 hele mooie, gezonde en gelukkige dagen toe te wensen.
Ook namens mijn eigen personeel natuurlijk, dat me ook voor dit komende jaar weer beloofd heeft om me te helpen met het vertalen van mijn gemauwde avonturen en gedachten naar letters die andere tweebeners lijken te kunnen begrijpen. En ik kan je verzekeren dat dat niet altijd even makkelijk gaat, want ze hebben echt wel even heel bedenkelijk zitten kijken hier achter de leptop toen ik m’n tweede zin van deze blog aan ze doormauwde. Maar het is allemaal netjes opgetikt, dus ik kan gewoon verder met m’n verhaal over de afgelopen week.
Katrière
Toen ik nog niet zo heel lang geleden hier kwam wonen als beebiekittenkatertje, had ik nooit gedacht dat ik elke week een stukje zou laten optikken over wat ik allemaal meegemaakt had in de afgelopen week. Ik had wel wat anders aan m’n kop, want in die tijd was ik druk bezig met groterderder en sterkerder te groeien. Mijn droom was toen om ooit een katrière als doelkater in het Nationaal Pootbalteam te beginnen. Maar ja, hoe goed ik ook trainde en m’n personeel ook zocht, er bleek helemaal geen Nationaal Pootbalteam te bestaan dus daar was dan ook geen droge brok mee te verdienen.
In de tussentijd maakte m’n personeel foto’s van me, omdat ze m’n leven van kitten naar kater graag wilden vastleggen. Heel eerlijk vond ik dat in ‘t begin best wel leuk hoor, maar toen bleek dat er geen dag meer voorbij leek te gaan gaan zonder dat ik die camera weer voor m’n snuffert kreeg, was de lol er na een tijdje ook wel van af.
Zaterdag
Die foto’s werden door mijn personeel ook op Feestboek gedeeld, waar ik begon te mauwen over wat ik gedaan had of nog wilde gaan doen. Of hoe ik ergens over dacht. Want ik mauwde wat af in die tijd, en m’n personeel begon dat te vertalen. Ik kreeg vrienden, niet alleen miauwers maar ook blaffers, en zelfs een paar tweebeners begonnen me te volgen. Dagenlang zaten m’n personeel en ik achter de leptop om op iedereen te reageren. Maar m’n personeel moest ook nog tijd overhouden om brokjes voor mij te verdienen, met me te spelen, knuffelen en me te aaien, op jacht te gaan om m’n voorraadkast te vullen en m’n huis aan kant te houden. We hadden het er best wel druk mee.
Een paar weken voordat ik m’n allereerste verjaardag zou vieren kreeg ik een mailtje van Mevrouw Bert, of ik het leuk zou vinden om voor de website van Bert te gaan schrijven. Hij was nog op zoek naar iemand die de zaterdag wilde opvullen toen mijn andere grote vriend Bram een mooie ster was geworden en dus geen tijd meer had om zijn blog nog wekelijks te laten optikken.
Bert
Heel eerlijk gemauwd, m’n personeel en ik zijn toen om de tafel gaan zitten om mijn toekomst te bespreken. Want zij vonden dat ik, nu mijn beebiekittenkatertijd ten einde liep en ik een grote katermans aan het worden was, toch iets om poten moest hebben. Zelf vond ik eigenlijk dat ik het al druk genoeg had met groeien, dutten, spelen en knuffelen tussen fotomodel zijn door, en dan had ik het nog niet eens over de tijd die ik doorbracht achter de leptop om op al mijn vrienden op Feestboek te reageren.
Maar door Bert gevraagd te worden om in Bram z’n voetsporen te treden was toch wel een hele grote eer, dus ik besloot mijn mogelijk toekomstige pootbalkatrière op te geven en naast fotomodel aan huis ook de stap te wagen om als schrijver aan de bak te kunnen en de uitnodiging met beide poten aan te nemen. Want ik had ‘t al niet zo op reizen, mijn wereld binnenshuis en buiten in de wijk waar ik woon was al groot genoeg en daar ben ik nog steeds heel tevreden mee. En voor de combinatie van fotomodel en schrijver kon ik gewoon lekker thuis blijven werken, dichtbij al m’n favoriete plekjes om te dutten, m’n eigen personeel en natuurlijk m’n voorraadkast en etens- en drinkbakjes.
Blogkater
Zo ben ik dus blogkater geworden, en ook in het nieuwe jaar ben ik weer van de partij. Saame met alle andere blogkaters en -poezen, die elke week hun belevenissen met jullie
als lezer of luisteraar mogen delen. En dat is eigenlijk best wel biezonder, want zo kunnen we kennis met elkaar maken en leren van anderen en ideeën opdoen waar we zelf misschien nog helemaal niet aan gedacht hadden.
Dat maakt onze wereld groterderder, terwijl we gewoon lekker op ons favoriete slaapplekje liggen of met buurtcontrole bezig zijn of gewoon buiten een frisse neus aan het halen zijn. Zolang we onze belevenissen kunnen blijven delen gaat het zeker weer een purrrachtig jaar worden met elkaar.
Stevige poot en zachte kopjes,
Joep
De afgelopen week ben ik lekker veel binnen gebleven. Gewoon, omdat ‘t kon en omdat ik ‘t buiten veuls te koud vond. Want ik heb ‘t niet zo op die kouwe nachten die er ineens waren.
personeel was gewoon brokjes aan ‘t verdienen of op jacht om de voorraadkasten te vullen. Of allebei.
Voordeel is ook dat ik, net als vorige jaren, volgende week weer lekker vanaf de vensterbank boven dat warme ribbelding naar alle lichtjes buiten ga kijken. En voor alle herrie die daarbij hoort draai ik dan m’n poot niet om. Want met de jaarwisseling en de dagen daarvoor ben ik gewoon een Koele Katermans, al mag ik dan niet naar buiten van m’n personeel. Maar dat vind met de kou ook helemaal niet erg hoor.
Wat gaat zo’n week toch hard hè… Misschien komt ‘t wel omdat ik overdag veel geslapen heb. In een vensterbank, op ‘t grote bed, in verschillende stoelen, op de bank. En natuurlijk in m’n ribbeldingmandje, of boven in m’n cactuskrabpaal of lekker rustig in m’n villa onder de eettafel.
Eigenlijk zijn de dagen voor kerssemus hier in huis best wel raar. M’n personeel is druk bezig met allerlei dingen die nog moeten gebeuren, en dat geeft mij de tijd om lekker ongestoord te kunnen dutten.
Niet alleen met iedereen die je lief is, maar ook met anderen die best wel wat extra hulp of aandacht kunnen gebruiken. Omdat saame zijn niet alleen maar in twee dagen gepropt hoeft te worden maar het hele jaar door gewoon kan. De wereld zou er een heleboel liever en zachterder van worden als we de kerssemusgedachte het hele jaar door vast kunnen houden.
Nou dacht ik de afgelopen week toch echt dat het alweer voorjaar was geworden. M’n personeel durfde overdag zelfs zonder jas de tuin in en, behalve dan de twee dagen dat ik op ‘t achterpad bijna uit m’n jas woeide, was ‘t ook best wel lekker buiten.
het een beetje te druk worden in z’n huis. Maar hij mauwde dat die vreemde tweebeners wel hele mooie jute zakken bij zich hadden, waar hij voordat ‘ie naar buiten ging nog even snel z’n nagels aan gescherpt had en dat er toen allemaal van die rare bolle brokjes uit waren gevallen die hij niet eens mocht opeten.
tafel werd gezet. En ook daar zaten allemaal lichtjes in, en iets dat m’n personeel slingers noemt. Natuurlijk heb ik die boom op tafel aan een potige inspectie onderworpen, maar ik vind er helemaal niks aan. ‘k Ben zelfs op m’n achterpoten gaan staan om ‘m van de bovenste tot de onderste tak te inspecteren, maar er is iets vreemds mee aan de hand. Hij is zacht genoeg om kopjes tegen te geven, maar ik denk niet dat ‘ie mest of bewatering nodig heeft. En hij ruikt helemaal niet interessant genoeg om mee te spelen, maar m’n personeel is er zo te zien best wel blij mee, dus ik gun ze hun pleziertje en blijf er verder van af.
Vorige week heb ik jullie gemauwd over m’n allereerste uitschuifbare hengel die ik als beebiekittenkater gekregen had, weet je nog? En dat die na een tijdje van dik plakband aan elkaar hing, en helemaal niet meer uitschoof en dus uiteindelijk in de vuilnisbak belandde.
Dus nadat het dunste stukje van m’n nieuwe hengel gemaakt was en weer stevig recht stond, wilde ik ‘m ook gelijk uittesten. En ik vond ‘m werkelijk kattastisch. Urenlang ben ik met m’n nieuwe speeltje in de weer geweest om de veertjes te pakken te krijgen. Ik sprong, dook, sloeg er met m’n poten naar en was dan helemaal blij. Vaak kreeg ik ze te pakken, maar soms waren ze net te snel om te grijpen en dan maakte ik me heel klein en volgde in opperste concentratie de bewegingen van de veertjes voordat ik BAM met m’n voorpoot deed om ze dan alsnog te vangen. Ik kreeg er gewoon geen genoeg van, en zelfs als m’n personeel even geen tijd had mocht ik er alleen mee spelen.
Kortom, ik heb dus gisteren niks van Sinterklaas gekregen. Sterker, er is zelfs niemand langsgeweest. Maar gelukkig heb ik wel een lekkere snek gekregen van m’n personeel en heel veel kroelen, kriebels, aaien en lieve woordjes. Zelfs een paar kusjes op m’n neus en tussen m’n oren, maar ik weet nog niet helemaal zeker of ik dat nou echt wel zo leuk vind. Maar ze bedoelen ‘t goed hoor, dat personeel van me. Al is ‘t ze nog steeds niet gelukt om scherpe foto’s te maken als ik met m’n uitschuifhengel speel, want ik ben dan zo afgrijselijk snel dat ik gewoon niet bij te houden ben. Vandaar dat je het even moet doen met een foto van toen ik net wakker was geworden en gelijk de veren van m’n raamhengel greep. Dat is voornamelijk voorpotenwerk zoals je kunt zien aan ‘t bewogen beeld, maar ‘t gaat om ‘t idee, toch?