De afgelopen week ging ik me gelukkig weer steeds beter voelen na m’n bezoek aan de lieve dierendoktermevrouw, waar ik in m’n vorige blog over mauwde.
Al weet ik nog steeds niet helemaal zeker hoe het nou kwam dat ik me niet helemaal fit voelde. Misschien wel omdat m’n personeel zich ook niet helemaal lekker voelde want Junior liep te blaffen als een zieke zeehond en Senior was aan het snotteren en niezen vanwege alle pollen die in z’n neus kwamen.
Uithalen
En misschien kwam het ook wel omdat ik een flinke aanvaring had gehad met de grote boze zwarte kater uit een andere wijk in m’n dorp. Ik heb natuurlijk wel geprobeerd om dat voor m’n personeel verborgen te houden, want ze vinden het niet fijn als ik met andere katten in gevecht raak.
Maar dat doe ik alleen uit zelfverdediging, want ik ben helemaal geen vechtersbaas. Wanneer ik me ongemakkelijk of bedreigd voel ren ik altijd liever weg dan een katfrontatie
aan te gaan, en omdat ik heel hard kan rennen vanwegens dat ik al sinds m’n kittentijd op m’n achterpad geoefend heb zit ik zo weer veilig in m’n eigen tuin. Alleen kon ik deze keer even niet anders dan uithalen naar die grote boze kater. Want soms moet je toch even aan de ander laten weten dat wat hij doet niet okee is. En ik dacht dat ik er prima mee weggekomen was want ik kwam zonder gaten of scheuren in m’n jas weer thuis.
‘t Is dat Junior tussen twee hoestbuien door een heleboel zwarte haren onder de nagel aan de zijkant van m’n rechtervoorpoot zag zitten die duidelijk niet van mij waren want ik heb alleen rode en witte haren aan m’n jas.
Tsja, volgende keer moet ik dan toch beter opletten en m’n nagels goed schoonmaken voordat ik weer naar binnen kom…
Barbeknoei
Het vorige weekend heb ik lekker vrij genomen en dat was maar goed ook want m’n personeel had besloten om de barbeknoei uit de schuur te halen. Dan blijf ik altijd graag in de buurt omdat daar dan vaak hele lekkere luchten vanaf komen.
Jammer genoeg voelde ik me dat weekend nog niet helemaal katlekker genoeg om een paar muizen in ‘t weiland te gaan vangen voor op de barbeknoei, en daar doe ik m’n personeel toch geen plezier mee. Maar zij vonden het zaterdag helemaal niet erg om allebei een stukje van hun zalm voor me te bewaren, dus ik heb rond etenstijd heerlijk zitten smullen en m’n etensbakje kon daarna zo weer de kast in terwijl ik nog lekker in de zon heb liggen uitbuiken.
Nou dacht m’n personeel waarschijnlijk dat ik die sappige stukjes zalm als avondeten zou zien, want om zeven uur was er nog steeds geen diner voor me geserveerd. Gelukkig had ik ook nog geen honger, maar toen ik om 10 uur ‘s avonds nog steeds geen natvoer had gehad heb ik er toch wat van gemauwd. Natuurlijk had ik ook gewoon wat van m’n brokjes kunnen knabbelen, maar ik ben nou eenmaal een gewoontekater. Dus ‘s avonds wil ik gewoon een blikje of een kuipje of een zakje, want dat ben ik nou eenmaal zo gewend.
Na vijf minuten mauwen begreep Senior uiteindelijk dat ik m’n eten wilde en kreeg ik een blikje met kip en kaas, waarvan ik zeker zes happen heb gegeten voordat ik weer tevreden buiten in de tuinstoel ging liggen. Het gaat tenslotte om het katcipe van twee keer per dag natvoer geserveerd krijgen, en daar hou ik aan vast. En nee hoor, ik ben helemaal geen verwende kater. Ik heb gewoon goed personeel uitgezocht.
Weilandmuizen
Maandag voelde ik me al een stuk beterderder dan de week ervoor, dus ben ik het weiland ingegaan om de lege potten pindakaas op te halen en er weer een paar nieuwe potten neer te leggen. Gelukkig heb ik nog een flinke voorraad in de schuur staan dus daar kom ik de elf weken tot aan het GWF wel mee door. Hier en daar zijn zelfs al een paar proeverijen geweest met andere soorten satémuizen en die vielen prima in de smaak, dus ik heb hoge verwachtingen van de pindakaasgevoerde Woelige Weilandmuizen.
Ik moet er alleen op letten dat ik niet teveel potten tegelijk in het weiland leg, want dan eten de muizen niks anders meer als pindakaas. En dat komt het kat-en-muisspel in juli niet ten goede, want dan zijn ze te dik geworden om nog weg te kunnen rennen. ‘t Zou dan een hele oneerlijke jacht worden, omdat we ze dan alleen maar op hoeven te rapen en in de koelwagens te leggen en daar is natuurlijk geen eer aan te behalen voor de topteams van Muisbezorgd.
Spotje
Over Muisbezorgd gemauwd, van de week had onze katlega Spotje ineens de poten genomen. Niemand wist waar ze uithing, en iedereen heeft geholpen met zoeken en hun
best gedaan om haar personeel te troosten. Zelf heb ik uren op de uitkijk gezeten, omdat ik dacht dat ze misschien wel naar het weiland zou komen om alvast wat muizen te jagen, want een paar dagen voordat ze verdween had ze vol trots haar allereerste muis gevangen.
Gelukkig stond ze na vijf dagen midden in de nacht weer thuis voor de deur en kon iedereen eindelijk opgelucht adem halen.
Ik vind het elke keer weer moeilijk wanneer een vriend over de Regenboogbrug vertrekt, maar wanneer iemand spoorloos verdwijnt is dat ook zeker niet makkelijk. Ik begrijp nu ook beter hoe m’n eigen personeel zich voelde toen ik met Pasen zelf de poten nam, en ik ga m’n best doen om dat nooit meer te doen. Maar ik kan natuurlijk niks beloven…
Stevige poot en zachte kopjes,
Joep
Wat een week was het weer… Eindelijk lente, er zwemmen alweer kleine eendjes in de sloot naast m’n achterpad, en in een weiland verderop heb ik een heleboel kleine beebieschaapjes zien stuiteren, maar daar blijf ik toch liever uit de buurt.
geworden, maar die heb ik nog nooit ontmoet. En heel eerlijk gemauwd, ik zat daar ook helemaal niet op te wachten.
Nadat m’n temperatuur was gecontroleerd vond ik het tijd om even een wandelingetje door de onderzoekskamer te maken terwijl m’n gegevens in de leptop gezet werden. Nou, er was genoeg te zien en te snuffelen, al kon ik niet overal bij. Maar dat komt de volgende keer wel, want volgende maand heb ik alweer een tweede date staan omdat het dan tijd is voor de spuit die ik als huis- tuin- en weilandkater elk jaar krijg.
Eindelijk, het lijkt erop dat de lente er nu toch echt aankomt. Tenminste, zodra de zon schijnt, want dan kan ik heerlijk in m’n tuin genieten van de warmte op m’n vacht.
altijd onder heet water wil afspoelen.
Wanneer de eerste potten pindakaas leeg zijn en de Weilandsatémuizen daarna gevangen kunnen worden ga ik zelf ook nog wat katsperimenteren. Want ik begin al te watertanden bij de gedachte alleen al om die overheerlijke muizen op ‘t feest onder een dekje van gesmolten kaas op een bedje van kattengras te kunnen serveren…
Want ik heb een hekel aan kouwe poten, dus dan kies ik er liever voor om lekker in huis, in de vensterbank boven dat grote warme ribbelding of in het grote bed tussen m’n personeel in te slapen.
Waar ik in die vier-en-dertig uur geweest ben en wat ik heb gedaan hou ik vanwegens praaivesieredenen voor mezelf, en m’n personeel begrijpt dat gelukkig en vraagt er ook niet naar. Ze hebben me alleen op ‘t hart gedrukt om nooit meer zo lang weg te blijven zonder me tussendoor even thuis te melden, zodat ze zich niet ongerust hoeven te maken over me. Ik heb ze gemauwd dat ik m’n best ging doen maar dat ik niks kon beloven want de combinatie lente en ik, als jonge katermans die morgen alweer z’n derde verjaardag viert, dat kan altijd wel weer een avontuur zijn dat ik niet wil missen.
Volgens mijn personeel is nul brokjes niks. Dus dan moeten twee nullen wel een hele lege etensbak zijn als ik er zo over nadenk.
over hoe ik mijn blogs maak. En dat is bijna letterlijk in de keuken, want de eettafel waar ik wekelijks m’n verhaal aan mauw staat dan wel in de woonkamer, maar daar zit geen muur tussen. M’n personeel noemt dat een open keuken, maar je kunt het eigenlijk net zo goed een open woonkamer noemen. M’n huis is niet zo heel erg groot, maar ik ben heel erg blij met die grote woonkeuken. Of is het eigenlijk toch de keukenkamer?
en zij hun ene. Da’s een kwestie van elkaar furtrouwen dat we voorzichtig zijn, niet met verkeerde vrienden omgaan en altijd weer heelhuids thuiskomen.