Categorie archieven: Doerak en Bliksem

🐾 Bliksems Valentijns avontuur

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
14 februari betekent voor de mensen bloemen, chocolade en kaartjes krijgen.
Maar voor mij betekent het vooral… verwarring.

Rode verf

Roover

Op een ochtend werd ik wakker op mijn favoriete kleedje, ik rekte mij uit, geeuwde luid en liep naar de woonkamer. Daar zag ik iets raars liggen op tafel, namelijk een hele berg rode hartjes.
Wie heeft hier in vredesnaam de speelgoedmuizen rood geverfd? Dacht ik verontwaardigd. Daar moet ik wat mee. Ik sprong op tafel, tikte één voor één de hartjes op de grond en ging er bovenop zitten. Probleem opgelost. Dacht ik. Tot mijn man mens binnen kwam en riep: Bliksem! Dat was voor Valentijn!
Ik keek mijn man mens aan en dacht: Nou, had je maar geen muis vormige dingen moeten kopen. Later op de dag vond ik een kaartje op de grond met mijn naam erop. In grote gekrulde letters. Ik duwde het kaartje om met mijn poot en zag dit staan:
Voor Bliksem, de stoerste kater van de jungle. Van je geheime aanbidder.
Ik keek om mij heen. Mijn staart zwiepte achterdochtig heen en weer. Was dit van Roover? Nee, die zou eerder een brief sturen waarin stond dat ik moest stoppen met zijn brokjes opeten. Was het van Luna? Mogelijk, Luna houdt wel van drama. Of was het die duif die altijd uitdagend naar mij keek vanaf het dak?
Ik besloot: Ik zal mijn geheime aanbidder vinden. Desnoods ga ik iedereen zeer dringend vragen stellen. Terwijl ik net mijn ronde wilde gaan maken stond er ineens een grote bos roze rozen. Meteen dacht ik dat dit het cadeau was van mijn geheime aanbidder. Dus ik sprong er gelijk bovenop. Beet een roos af, sprong midden in het boeket, rolde om en rook er intens aan..
Het was pure liefde. Of pure chaos. Bij mij is dat nooit helemaal duidelijk.
Wie had mij nou echt dit allemaal gestuurd? Wie durfde bij mij, zomaar romantische gevoelens toe te sturen? Vandaag ga ik het oplossen.

Deur

Ik begon bij de voordeur. Rook aan de mat, en aan de schoenen. Onderzoek afgerond. Niets gevonden. Verdachte nummer 1: de duif. Ik sprong op de vensterbank. De duif zat er weer. De duif keek terug, ik keek terug naar de duif. Er was stilte. Toen sprong de duif op en vloog weg. Verdachte nummer 2: Roover. Ik liep op hoge poten richting Roover. Roover lag heerlijk op zijn stoel zoals alleen hij dat kan. Ik ging voor hem staan en staarde hem aan. Roover staarde terug. Ik miauwde: heb jij mij een kaart gestuurd? Roover likte rustig zijn poot, draaide zich om en ging vervolgens verder met relaxen. Het antwoord was duidelijk. Roover was niet zijn geheime Valentijn.

Bakje

Die avond, toen ik moe van alle detectivewerk op de bank lag, kwam mijn man mens binnen met een klein bakje. Een speciaal Valentijn traktatie bakje. Gevuld met hartvormige kattensnoepjes. Hij zei tegen mij: Bliksem ik was jouw Valentijn, maar er is nog iemand. Ik was verbaasd en keek op.
Aan de andere kant van de kamer stond Luna. Zij deed net alsof ze niet geïnteresseerd was. Maar haar staart zwiepte net iets te nieuwsgierig.
Ze liep langzaam naar mij toe, tikte het bakje naar mij toe en gaf een zacht kopje. Vandaag mag ik zeggen dat ik je wel leuk vindt. Ik keek verbaasd, aangedaan, en gaf een kopje terug.
En zo eindigde Valentijnsdag niet met één, maar met twéé geheime Valentijnen: Mijn man mens en stiekem ook Luna.
Want ja, ik ben misschien een gekke kater, een beetje dramatisch, en totaal niet onder de indruk van Valentijnsdag….maar ik hou van mijn man mens op mijn eigen unieke Bliksem-achtige manier.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem en het mysterie van de seizoensknoppen

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Het was vroeg in de ochtend toen ik op mijn favoriete plek bovenop de schutting zat, met mijn snorharen omhoog alsof ik de wereld stond te dirigeren.
Lente! Riep ik plechtig in kattentaal. Ik roep u op!

Maar toen… viel er een sneeuwvlok op mijn neus. Ik stond stil. De wereld stond stil. Zelfs de mug die toevallig voorbij vloog maakte een u-bocht van pure verbazing.
Dit stond niet op het programma riep ik. Waarom moet alles alleen op mij neerdalen, klaagde ik. Hier moet wat aan gedaan worden.

Knoppen

Ik was helemaal klaar met de winter. Te koude pootjes, te natte grond en te weinig insecten om naar te miauwen. Roover zei nog: Blik je kunt niet zomaar de lente oproepen. Daar zijn de seizoensknoppen voor nodig. Ik keek met een vastberaden blik naar Roover en zei: dan moeten we de sneeuwknop uitzetten en op zoek gaan naar de lenteknop! Kom Roover we gaan uitzoeken wie de seizoensknoppen bedient.
Laten we beginnen bij onze vriend de merel. Die weet altijd meer dan goed voor hem is. De merel zei dat de knoppen worden bediend door de vier weerwachters. Die zitten op de hoge plank in de schuur der eeuwen. Ik wist meteen wat de merel bedoelde. Dat is gewoon de oude schuur van de buren. Het begin was er.
Roover en ik slopen de schuur van de buren in. Binnen was het donker, maar ik liep dapper naar binnen, mijn staart fier omhoog. Roover kwam er achter aan. Minder dapper. Als er maar geen spinnenweb in mijn gezicht komt zei die.
En ineens zag ik de oude houten plank, hoog bovenin de schuur. Met vier grote ronde knoppen erop. Eén met een bloem, één met een zon, één met een sneeuwvlok en één met een verdort herfst blad erop. De seizoensknoppen!

Muizen

Maar wie bedienen nu die knoppen vroeg Roover? Ik zie hier nooit niemand riep ik. De weerwachters zijn er ook niet. Dus wij kunnen zelf wel de knoppen gaan bedienen. Het kan maar zo zijn dat de muizen die hier rondlopen op de sneeuwknop hebben gedrukt. Dat willen we dus niet meer. Ik klom op de plank en bekeek de knoppen. Roover was onder de indruk van zoveel gezag van mijn kant.
Voordat ik van de oude plank afsprong, kon ik het toch niet laten om nog even aan de lente knop te zitten. Gewoon zachtjes. Een tikje. Eigenlijk een heel elegant tikje vond ik zelf.
Maar de zon buiten kwam wel een stukje tevoorschijn. En de grassprietjes buiten bewogen iets. Roover zei: Bliksem jij mag denk ik niet aan de knoppen komen. Maar ik deed het wel en nog wel heel stijlvol.
Eind goed, al goed?

Snacks

Update

Vanaf die dag krijg ik elke dag een update van de merel. Geen sneeuw vandaag Bliksem, riep hij. Misschien wel een regenbui. Maar het gaat de goede kant op.
Sinds het ontdekken van de seizoensknoppen voel ik mij eigenlijk een soort weerkoning. En eerlijk gezegd ben ik dat nu ook wel een beetje.
Roover geloofde er niks van, maar hij vond het wel gezellig dat wij nu elke dag een missie hebben: Het ophalen van de lente, de zon en daarna de zomer!
Want één ding is wel zeker: Als ik mij ergens mee bemoei, wordt het weer nooit meer saai!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem vraagt waar de lente blijft?

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Ik staarde naar buiten. Alles was nat, grijs en vooral…saai!

Zon

Hoe durft de zon zo lang weg te blijven? Roover bromt al wekenlang dat zijn vacht gemaakt is voor warme stoepen en tuinen en niet voor koude vensterbanken. En Luna…. Ja Luna komt terug van een vakantie die ze niet eens wilde, en dan komt ze terug in… grauwheid. Dat helpt natuurlijk ook niet.
Dit duurt allemaal te lang, mopperde ik. De zon vindt ons zeker niet meer leuk. Roover knikte traag. Als de zon nog lang wegblijft ga ik hem zelf ophalen. En dan mag ze niet meer weg.
Op dat moment sprong Luna de jungle in. Ze schudde haar poten en liet duidelijk merken dat ze het niet eens was met het weer. Bliksem heeft gelijk, waar blijft die lente nou!
We verzamelden ons met zijn drietjes in een cirkel om een kattenoverleg te beginnen. Ik zei dat we misschien de lente gewoon moeten roepen. Roover dacht: zou dat werken? Bij eten roepen werkt het altijd zei ik. Dus we begonnen met zijn drieën te miauwen.
Een zachte wind ging door de jungle. De wolken schoven even uit elkaar.
Het werkt dus, zei ik. Het gaat alleen te langzaam. Roover zei dat het nu eenmaal zo gaat. Het is net als met grassprietjes. Luna dacht: als Bliksem ongeduldig wordt gaat er iets gebeuren. Let maar op.
En ja hoor Bliksem sprong plots overeind. Als de lente niet opschiet dan ga ik haar zelf helpen. En hoe ga je dat dan doen zei Luna nieuwsgierig? Door te doen wat de lente ook doet zei ik.

Warm

En ik begon dus aan mijn missie. Warmte maken. Ik klom op de schutting en riep: warme zon kom maar. Roover dacht dat lukt niet. En toen gebeurde er iets wonderlijks. Een straaltje zon brak door de wolken. Zie je wel! Riep ik. Het werkt! En nu ga ik de groeisprint doen. Ik rende naar de groen sprietjes en ging er naast zitten. Jij moet groter worden, zei ik streng maar liefdevol. Want de lente rekent op je. En ik blies zachtjes tegen de sprietjes. Een snippertje aarde naast het sprietje liet los waardoor het net ietsjes groter leek. Ik riep: Het groeit, het helpt echt. Luna kneep met haar ogen en zei: dat was de wind Bliksem, maar misschien helpt het wel.
Het laatste wat ik nog ging doen was de lente oproepen. Dus ik sprong op de stoel en miauwde zo hard als ik kon. Er verscheen ineens een merel op de schutting en die begon prachtig mooi te fluiten. Echt een lente melodie. Zie je wel zei ik, dit is het eerste lenteconcert van het jaar. Luna en Roover konden niet ontkennen dat de tuin ineens een beetje levendiger voelde.
En toen alsof de natuur zelf naar mij had gekeken, brak er een breder stuk zonlicht door. Het sprietje leek iets groener. De lucht rook frisser.

Lente

De lente was dus begonnen te bewegen. Misschien heel klein. Misschien heel stil. Maar dankzij onze inspanningen voelde het alsof ze écht dichterbij was gekomen.
Goed gedaan zei Luna zacht. Roover knikte langzaam. Misschien hebben jouw rare plannen wel geholpen Bliksem.
Ik glom, nog helderder dan de zon.
En dit, zei ik trots, was pas dag één.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem en de verdwenen maathouder

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
In het huis in Doetinchem, waar de zon ’s ochtends altijd net iets te vroeg naar binnen keek, lag ik met mijn zacht zwarte vacht heerlijk op de vensterbank. Mijn maag gedroeg zich als een bodemloze put.
Overdag ben ik voornamelijk vooral bezig met één ding: eten. Brokjes, snacks, kruimels die misschien op de grond waren gevallen. Ik heb het talent om alles te vinden. Zelfs dingen die er niet lagen, daar kon ik dan wel naar zoeken voor de zekerheid.

Meester-slapert

Maar in de avond gebeurt er altijd iets merkwaardigs. Zodra de schemering invalt verander ik ineens in een meester-slapert. Ik vind dan mijn favoriete deken, draai een keer rond, alsof ik een perfecte spiraal wil worden, en floep….in slaap. En niet zomaar slapen, diepe dromerige, bijna mystieke slaap die uren kan duren. Vroeger duurde het soms zo lang dat Doerak even kwam checken of ik nog wel ademde.
Mijn mensen vinden mij heel lief, maar soms ook een beetje…tsja onhandig. Vooral als het ging om eten. Want ik kan soms gewoon geen maat houden. Helemaal geen. Mijn interne maathouder, het stemmetje dat tegen je zegt dat je genoeg hebt gehad…..leek bij mij soms volledig verdwenen.
En toen kwamen mijn mensen met een plan.

Snack

Toen ik na een intensieve dag van zes dutjes en drie extra snackrondes eindelijk in de avond in slaap was gevallen, sloop mijn man mens naar mij toe.
“Bliksem” fluisterde hij zachtjes in mijn oor, ik denk dat jouw maathouder is zoekgeraakt. Ik opende slaperig mijn ogen. Maathouder? Wat is dat…een snack? Nee zuchtte mijn man mens. Het is een ding in je hoofd dat zegt: Ho, stop! Genoeg gegeten. Jij hebt die. Alleen hij is waarschijnlijk met pensioen gegaan. Ik knipperde twee keer met mijn ogen, geeuwde zo wijd dat mijn man mens bang was erin gezogen te worden, en mompelde: Kan ik een nieuwe bestellen? Mijn man mens glimlachte. Misschien hoeven we geen nieuwe te bestellen. Misschien vinden we de oude gewoon terug.

Zoektocht

En zo begon het avontuur. De zoektocht. ’s Nachts, wanneer ik normaal gesproken snurkte alsof ik een klein motortje had ingeslikt, trok ik door het huis. Ik keek onder de bank, daar vond ik alleen oude spelletjes en verdwenen sokken. Ik zocht in de keukenkastjes, daar vond ik vooral afleiding. Ik keek zelfs in de jungle, waar alles nog heel stil was.
Ook aan Roover vroeg ik of hij misschien mijn maathouder had gezien. Roover krabde zich achter het oor. Hmmm… ik heb wel iets horen piepen naast de grote struik. Ik riep: een snack???
Nee zei Roover. We gaan kijken. In de struik zagen we iets kleins, glinsterends… een piepklein lichtgevend bolletje. Daar is die! riep Roover. Bliksem dat is jouw maathouder!
Ik keek er aandachtig naar. Hij is klein zei ik. Dat klopt zei Roover en je moet er goed naar luisteren. Het bolletje tikte zachtjes tegen mijn neus en rolde toen terug op zijn plek. Ergens onder de struik.
Ik voelde meteen iets nieuws. Een soort rustig gevoel. Een stemmetje dat zacht fluisterde: Misschien later nog wat… nu even genoeg.

Eten

Vanaf die dag… at ik nog steeds graag. At ik nog steeds zo veel? Zeker. Maar nu wist ik net op tijd te stoppen. En elke keer als dat lukte keek mijn man mens trots toe. Goed zo! Zei hij dan.
Ik glimlachte tevreden, dook die avond extra diep in mijn deken, en sliep als een held die die een groot avontuur had volbracht.
En ome Doerak? Die zag vanuit zijn ster dat het goed was gekomen.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksems plannen voor 2026

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,

Ik zat op mijn plek op de vensterbank, mijn staartje netjes om mijn pootjes gevouwen. Buiten was het nog winter, maar in mijn hoofd waaide al een zachte lentewind. 2026 voelde als een bijzonder jaar. Een jaar vol plannen, dromen en nieuwe avonturen.

Voorbeeld

Ik ga dit jaar door met bloggen. Dat is in ieder geval zeker. Niet zomaar bloggen. Ik wil wilde verhalen maken. Over nachten waarin de maan laag stond over alle paadjes in de jungle. En over alles wat je alleen maar ziet als je goed kijkt. Mijn blogs zijn er voor iedereen die wil meelezen met een nieuwsgierige kater.
Natuurlijk komen er ook echte avonturen. Ik ken de jungle –anderen noemen het de tuin – inmiddels goed, maar controleren moest toch echt elke dag. Of het nu regent, vroor of bruine blaadjes over de grond rolden. Ik neem die taak heel serieus. De paden, de heg, de schaduwrijke hoekjes: alles moet veilig blijven.
Ik wist dat ik niet meer het kleine kitten was dat alles nog moest leren. Dit jaar wilde ik het grote voorbeeld zijn, net zoals Doerak dat voor mij geweest is. Rustig blijven als het spannend werd. Slim handelen. En soms gewoon even laten zien hoe je waardig op een muurtje zit, alsof niks je kan raken.
Tussen al die plannen door kijk ik vooral uit naar de lente en de zomer. De eerste warme zon op je vacht. De geur van gras. Lange middagdutjes doen en korte, snelle avonturen in de schemering. Dat zijn de momenten waarop ik het gelukkigst ben.
En heel zacht, bijna alsof ik het geheim niet hardop durf te zeggen, dacht ik aan iets nieuws.
Misschien……
Misschien zou er dit jaar wel een baby kitten bijkomen. Iemand om verhalen aan te vertellen. Om te laten zien waar de veiligste slaapplek is. Om mee te delen hoe spannend en mooi de wereld kan zijn.

Egeltje

Terwijl ik dit vertel vond ik de jungle te stil. Veel te stil. Bladeren ritselden zonder wind. Een tak kraakte, terwijl er niets te zien was. Ik bleef staan, mijn snorharen trilden. Dit moest onderzocht worden. Het is tenslotte mijn jungle.
Ik bewoog me soepel, ik dacht aan Doerak die me geleerd had: Kijken zonder gezien te worden.
Ik hoorde weer iets. Wie is daar miauwde ik. Geen antwoord.
Heel langzaam liep ik verder, achter de struiken onder de oude blaadjes zag ik iets bewegen. Iets kleins, iets ronds. Iets wat duidelijk geen gevaar was…. Maar wel bang.
Een egeltje keek mij aan. Hij trilde een beetje maar rolde zich niet op Ik ging rustig voor hem zitten. Groot maar rustig. Dit is veilig gebied zei ik. De jungle staat onder mijn toezicht. Gelukkig begreep het egeltje het.
Ik bleef nog even zitten, wachtend tot het egeltje tussen de struiken verdwenen was. Toen stond ik rustig op en keek om mij heen. Alles klopte weer
Toen ik terug liep over het pad voelde ik mij groter dan ooit. Niet omdat ik iets had bevochten, maar omdat ik het had begrepen. De jungle is geen plek om te overheersen, maar om te bewaken..
Ik kneep mij ogen tevreden dicht.
Wat er ook zou gebeuren in 2026: Ik ben er klaar voor!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem