Om te zien ben ik een grote jongen met breede schauders, bolle wangen, een ronde buik en steefige beenen, maar van binnen kan ik een heel klein jongetje zijn dat de weg een beetje kwijt is, niet altijd hoor!, meestal ben ik een blije en groote Kever die lekker in zijn felletje zit.
En soms fergeet ik bijna dat ik froeger bang was, dat ik me steeds ferstopte onder het bed, en dat ik moest bijten en krabben als ik werd geaaid, niet omdat ik gemeen ben maar omdat ik mijn mensen nog niet durfde te fertrauwen, ik WILDE zo graag knuffels maar als ik ze dan kreeg fond ik het toch te moeilijk, mijn mensen denken ook niet vaak meer aan die tijd, tot er iets in mijn roetiene ferandert en ik ineens weer helemaal nerfeusig word.
Middag weg
Forige week was mijn vrouw een middag weg, ikzelf was thuis, Saame met mijn man, hij heeft me geborsteld en ik kreeg brokjes, we hebben geknuffeld en buiten in mijn tuin gekeeken, alles was helemaal prima, maar toch was het niet zoals het hoorde, omdat mijn vrouw er niet was.
Misschien denk je dat alles weer goed was toen mijn vrouw weer terug kwam, maar ik was een beetje in de war geraakt, mijn weereld was feranderd en hoe kon dat nau?, ik kwam op mijn vrouw af loopen en wilde kopjes geefen, maar toen mijn vrouw naar me toe kwam rende ik weg, ik was helemaal bangig geworden, mijn vrouw moest haar jas uit doen en een tas neerzetten en dat fond ik allemaal zooo griezelig!, ik bleef maar heen en weer rennen, op korte beentjes, dus dat ik door mijn kneiejen zak, en mijn vrouw moest op de grond gaan liggen foordat ik naar haar toe durfde te koomen om heeeeeeeel veel kopjes en knuffels te geefen en te krijgen.
De heele afond bleef ik heen en weer rennen als mijn mensen bewoogen, als ik stond te eeten en mijn mensen zetten één stap rende ik meteen weg, ik was helemaal stilletjes en zei niets want mijn toeter was kapoo, mijn mensen moesten steeds op de floer gaan zitten of liggen om mij te kunnen aaien, en dat deeden ze gelukkig.
Zon
Pas de folgende dag was ik weer gewoon Kever, Kever die tettert en toetert en oferal bij is, Kever die in zijn tuin rent en die de heele dag door aandagt wil hebben, de Kever die ik ben geworden toen ik wist dat ik feilig was.
Gek is dat, ik snap het zelf ook niet helemaal waarom ik zomaar weer bang word, dat komt
denk ik door kleine Kever die binnenin mij zit en die denkt dat hij gefangen gaat worden en weer naar het asiel moet, een kleine Kever die niet meer na kan denken maar alleen kan rennen.
Geeft niets, zegt mijn vrouw, op een dag weet kleine Kever ook dat hij feilig is, vertel hem dat maar, en dat heb ik gedaan, als grote Kever zijnde, kleine Kever geloofde het nog niet helemaal maar grote Kever wel, en we hebben Saame elke middag in de zon geleegen, tot alles weer in orde was.
****
Ik tetter steeds harder voor vreede, want wat gebeurt er toch allemaal?!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.
Zooo heee wat had ik een lente deze week, ik heb er echt van genooten, mijn tuin was heerlijk warm met veel zon, elke dag zag ik nieuwe blaadjes en andere groene dingetjes, er was ook al zo een dikke brommer, die heet homm-el, Juultje zat bijna de hele dag op het dak van het schuurtje, en mijn vrouw dronk elke morgen haar tee in mijn tuin, Saame met mij.
Nog altijd ga ik meteen kijken als ik iets hoor bij de buuren aan de rechterkant, maar het is nooit mijn Mikkie, dat komt omdat Mikkie niet meer naar buiten mag, het is te gefaarlijk op drie pootjes, het gaat heel goed met hem en hij speelt veel, maar mijn mensen en ik missen hem, ook al zijn we blij dat hij frolijk is en zich goed foelt.
ze keek naar beneeden en zag een hele rij poepsen liggen, allemaal presies voor het gaaas, ze moest lachen en froeg waarom ik dat zo had gedaan.
Zomaar ineens heeft de lente zich een beetje ferstopt, ze zit ferstopt achter de wolken, of duuwen de wolken de lente naar achteren?, dat zau niet netjes zijn find ik, ik duuw zelf nooit want dat hoort niet, Pokon duuwt mij weleens en dan ga ik gewoon opzij, ook al zeggen mijn mensen dat ik best wel een keertje terug mag duuwen, maar zo ben ik nau eenmaal niet.
Soms was de lente efentjes in mijn tuin: er was zon en de lucht foelde warm aan, maar net als ik dan op mijn stoel wilde gaan zitten kwam er reegen, en van reegen hau ik niet, daarom ben ik veel binnen in mijn huis geweest, dat was een paar daagen heel fijn, want ik had een beetje een tekort aan knuffels doordat ik steeds in mijn tuin was, en dat heb ik nau weer ingehaald.
trap naar boofen op, maar dat mocht niet van mijn man, mijn mensen gafen me heel veel kompliementen, ze zeiden dat ik een tijger was die alles durft, en zo foelde ik me ook, ik was best trots op mezelf.
Zooo heee wat is de lente fantasties, elke dag heb ik zon en is de lugt heerlijk zacht, ik lig languit op mijn terras om zoveel mogelijk warmte en licht te apsorbeeren en ik rieleks voor wel duizend proosent, ferder lig ik veel op mijn stoelen en ik krab er elke dag wel tien keeren aan, ik heb al stukken van dat spul los gemaakt, het heet riet zegt mijn vrouw, en dat kan best, het ligt zo fijn en het krabt bijna nog beeter.
niet snel op, ik krab aan de maatras, ik tetter of ik klim op het bed en ga flakbij mijn mensen zachtjes piepen, heel lief, alsof ik een klein beebiekitten ben dat helemaal alleen op de weereld is, mijn mensen doen dan een tijdje of ze niets merken, maar ik weet dat ze wakker zijn dus ik ga door, net zolang tot ik mijn mensen dingen hoor zeggen als Het is zinloos, hij geeft toch niet op, en ik weet dat ze efentjes met mij op gaan staan.

Nok aut