Als TUINkater weet ik nooit presies wat me buiten te wachten staat, het kan weekenlang warm en zonnig zijn, en dan is er zomaar reegen en kau!, in het begin fond ik dat moeilijk, ik snapte het niet en ging naar mijn mensen om te tetteren dat ze er iets aan moesten doen, mijn vrouw zei altijd dat ze er echt niets aan kon doen, en dat het het hele jaar door zomer zau zijn als zij het voor het zeggen zau hebben, maar toch kon ik niet geloofen dat mijn mensen de zon niet terug konden roepen.
Nu weet ik allang hoe het zit: het weer kan je niet foorspellen en niemand kan er iets aan doen, dat is wel eens moeilijk en ferfeelend, maar zo is het nau eenmaal.
Forige week was er ineens veel reegen en wind, ik fond het ook helemaal niet warm, ik ging een paar keer in mijn gras liggen maar er was niks aan, nadat ik het een paar keer had geprobeerd ging ik maar binnen in mijn kersmusmand slaapen, dat is een foordeel als je een HUIS – EN TUINkat bent, zoals ik dat ben: er is altijd wel ergens een fijne plek om te slaapen of te dutselen.
Buiten
Als je een HUISkat bent heb je met het weer en de natuur niet veel te maken natuurlijk, je ligt altijd lekker droog, net als ik als HUIS – EN TUINkat, maar er zijn ook katten die wel een huis hebben en toch het liefste buiten leefen, zo iemand was poes Pom die bij mevrouw Kim in de tuin woonde, en ook mijn tuinvrienden Mikkie en Juultje zijn BUITENkatten, ze hebben een huis waar ze altijd naar binnen kunnen maar ze foelen zich het fijnste als ze buiten zijn, ze finden het moeilijk en eng om in een huis te zijn, bij mensen.
Met een BUITENkat bedoel ik niet dat je een ZWERFkat bent, dat is alleen maar ferdrietig, je hebt dan niemand die voor je zorgt en geen eigen huis, ik heb er wel erfaaring mee en ik fond er niets aan, ik ben buiten gefonden en naar het asiel gebracht, ik was helemaal
maager en bang, en ik wil dat nooooooit meer!
Ik heb toch wel eens ferteld dat Mikkie en Juultje kindertjes zijn van Bolle, die hier voor mij woonde?, hij had wel elluf kindertjes met een damespoes, het waren drie nestjes, ze woonden met zijn allen buiten, pas bij het laatste nestje met kindertjes werden ze allemaal gefangen en kregen ze een sjippie en werd er iets gedaan dat ze geen kindertjes meer konden maken en krijgen, maar als je als kat pas laater in je leefen mensen hebt leeren kennen blijf je ze altijd een beetje eng finden, en foel je je het meeste op je gemak met andere katten, zo is het ook met Mikkie en Juultje.
Fillum
Mikkie een Juultje wonen bij mensen die voor ze zorgen, maar ze komen ook elke dag bij mij langs, mijn mensen knuffelen altijd efentjes met ze en ze krijgen een snekkie, kijk maar op de fillum!, daarna gaan ze lekker op het dak liggen slaapen, OOK als het reegent en ik binnen in mijn mand kruip, dat komt omdat ze dat nau eenmaal het fijnste finden, ze slaapen alleen in de winter binnen in hun huis.
(tekst gaat verder onder de fillum)
Gezellig
Ik find het gezellig dat ze langskomen, en ik mis ze als ze een keertje niet komen want ze hooren er bij, net als Pokon, we zijn allefier kat en toch leefen we allefier ferschillend: ik mag mijn tuin niet uit en zau dat ook niet willen, het lijkt me veeeels te moeilijk en te griezelig!, Pokon woont bij zijn vrouw maar loopt door alle tuinen en klimt in bomen en gaat op bezoek bij andere mensen, hij is een afonturier, en Mikkie en Juultje zijn bijna altijd buiten, zo willen ze dat graag, ze zijn meestal met zijn tweetjes en komen alleen thuis om wat te eeten, allemaal zijn we heppie met hoe we leefen omdat we mogen leefen zoals wij dat zelf het liefste willen, we foelen ons allemaal op onze eigen manier feilig, en je kan pas gelukkig zijn als je je feilig foelt.
***
En ik tetter weer KEIHARD voor vreede, het lijkt wel alsof het steeds MEER noodig is!, en ik stuur iedereen die iemand mist een zacht kopje.
Gelukkig is mijn tuin weer helemaal van mij en mijn mensen, er zijn geen mannen met masjienes meer en alles ziet er weer netjes uit, dat was best een heleboel werk want oferal in de tuin stonden stoelen en andere dingen die terug naar hun goede plek moesten, nu hebben mijn mensen en ik dat allemaal weer opgeruimd.

Iedereen en alles heeft gefoelens, misschien alleen steenen niet, daarvan weet ik het niet zeeker, maar ferder foelen we allemaal van alles, en die gefoelens bestaan in twee soorten: gefoelens van je lijf, en gefoelens van je hart.
Omdat het zo warm was was ik nog heel laat buiten in mijn tuin, ik lag op een van mijn stoelen, mijn vrouw sliep al, mijn man kwam me twee keer ophaalen maar ik wilde buiten blijfen, omdat het al zo laat was is mijn man ook naar bed gegaan, en mijn luikje bleef oopen om mij weer naar binnen te laaten.
In mijn leefen als bijna dertienjaarige katerjongen is er al best veel gebeurd, ik find eigenlijk dat ik genoeg spannende dingen heb meegemaakt voor mijn heele leefen, en ik wil nau het liefste dat alles altijd gewoon is, met soms kleine nieuwe dingen zoals ekstra knuffels, een ander krabkarton of brokjes die ik nog niet ken, dat find ik prima en zelfs leuk, maar grote feranderingen hoefen voor mij niet, daar word ik bang van.
Er waren mannen in mijn tuin, en ze liepen ook steeds door mijn huis, ze bleefen de heele ochtend en ook een stuk van de middag, daarna was het stil en ben ik foorzichtig gaan kijken, eerst in huis en daarna in mijn tuin, ik mocht maar een klein stukje de tuin in, er stond gaaas, net als toen ik hier nog maar kort woonde, ik zag meteen dat mijn hek weg was en dat er allemaal haut en masjienes in de tuin stonden.
