Nou, ik kan je mauwen, ik had wel een heel ongewoon begin van de afgelopen week hoor…
Dat begon eigenlijk al op zaterdagmiddag.
Na de gebruikelijke wekelijkse jachtpartij, waarvan m’n personeel weer met 2 tassen vangst terugkwam, ben ik op de leuning van de bank gaan zitten om alles goed in de gaten te houden. Vanaf daar kan ik heel goed in de keuken en op ‘t aanrecht kijken, want tassen controleren die binnenkomen doe ik eigenlijk zelden meer, behalve als ik iets heel erg lekkers ruik zoals verse gebakken vis. Maar dat zat er deze keer jammer genoeg niet bij.
Ik keek hoe m’n personeel alles uitpakte en opborg in de voorraadkast, de koeling en de vriezer. Af en toe kreeg ik, als ze langsliepen, een kriebel of een knuffel maar daar liet ik me natuurlijk niet door afleiden in m’n controlewerkzaamheden.
Bubbles
Pas toen allebei de tassen leeg en weer opgeborgen waren ben ik lekker op ‘t grote bed gaan dutten. Want controlewerkzaamheden van tassen, da’s best slaapverwekkend.
Ik werd pas weer wakker toen ik stemmen hoorde en rook dat Bubbles, mijn nieuwe buurblaffer van de hoek, samen met z’n baasjes binnen was gekomen. Altijd gezellig, al spelen we eigenlijk nooit samen want hij is al heel oud en hij zit bijna altijd op de arm van één van z’n baasjes. Hij is ook wat kleinerderder dan dat ik ben, heeft hele dunne pootjes en een spitse snuit met heel veel kleine scherpe tandjes. Maar hij is opgegroeid met katten en snapt dus heel goed dat wanneer ik lekker rustig op ‘t grote bed lig, dat ik dan eigenlijk niet gestoord wil worden.
En daarmee is hij ook een heel stuk minder opdringerigerder dan de twee buurtblafvriendinnetjes die ik heb, want die springen gewoon bovenop ‘t grote bed als ik daar lig, of eten m’n bakjes leeg als ik even niet in de buurt ben. Het enige wat bij die dames dan helpt om wat rust te krijgen is om lekker hoog in ‘t mandje van m’n kaktus bij de tuindeur te gaan liggen kijken hoe ze me overal zoeken. Want ze denken er nooit aan om even omhoog te kijken, dus ze vinden me nooit…
Eigenlijk ben ik best op m’n rust in huis gesteld, en mijn nieuwe oude vriend Bubbles, die snapt dat gelukkig helemaal.
Ongewoon
Toen ik zondagmorgen vroeg weer na m’n buurtcontrole de achtertuin binnenkwam zag ik dat m’n personeel al op was, want er brandde al licht in de keuken. Ik vond dat een beetje vreemd, want als Junior niet vroeg weg hoeft om brokjes te verdienen op zondag dan slaapt m’n personeel lekker uit. Tenzij ik natuurlijk mauw dat ik naar binnen wil, want dan komt er altijd eentje uit bed om de deur open te maken en ontbijt te serveren voor me. Daar heb ik tenslotte personeel voor in dienst.
Maar nu stonden zowel Junior als Senior al helemaal gewassen en aangekleed in de woonkamer. Er was iets gaande, dat voelde ik aan m’n snorharen, maar ik kon m’n poot er niet opleggen. Gelukkig was Senior al druk bezig met m’n ontbijt, kip in kaassaus, dus ik liet ‘t maar even zo. Want na een paar nachtelijke uurtjes hard werken en bijmauwen met de buurtkatten had ik best wel trek gekregen.
Alleen
Na m’n ontbijt vertrok ik naar het grote bed voor de ochtendwasbeurt en een dutje, maar daar kwam even weinig van terecht want ik kreeg een heleboel knuffels en Junior vertelde dat ik de rest van de dag en de hele maandag op ‘t huis moest passen omdat Senior ging klussen bij vrienden en zij twee dagen brokjes moest gaan verdienen. En dat de baasjes van mijn blafvriend langs zouden komen om me eten, drinken en knuffels te geven, dus ik zou niks tekort komen.
Vol ongeloof onderbrak ik m’n wasbeurt. Een uurtje of wat alleen thuis was ik wel gewend wanneer m’n personeel op jacht ging, of op bezoek bij anderen. Daar had ik helemaal geen moeite mee, want dan ging ik gewoon lekker slapen tot ze weer thuiskwamen om m’n volgende maaltijd of snekkies voor ‘t slapen gaan te serveren.
Maar anderhalve dag alleen? Waren ze nou helemaal van hun tweebenersbak getrokken?
Baasje
Je snapt wel dat ik m’n personeel vanaf dat moment geen blik waardig meer gunde, hoeveel lieve woordjes en kriebels ik ook kreeg. Ik heb ze ook niet uitgezwaaid toen ze weggingen, want ze hadden een uitgebreide lunch voor me klaargezet, met een heerlijk soepie en een knabbelstaafje. En m’n brokjesbak zat vol, dus ik had eigenlijk helemaal niks te klagen. Maar toch.
Om half zes hoorde ik de sleutel in ‘t slot en stapte het baasje van m’n blafvriend binnen. Ik kreeg aaien en knuffels, en een heerlijk diner. En ‘s avonds laat werd m’n snoeptoren met snekkies gevuld, en kreeg ik nog meer aaien en knuffels. En dat herhaalde zich de volgende dag weer, met ontbijt, lunch en diner. Zelfs de snekkies werden niet vergeten, m’n drinkwater werd ververst en m’n brokjes werden tussendoor bijgevuld. En m’n kattenbak werd ook nog schoon geschept, dus over verzorging en aandacht had ik helemaal niks te mauwen, maar toch…
‘t Was anders dan dat ik gewend was.
Sleutel
Om 11 uur ‘s avonds hoorde ik Senior de sleutel in de voordeur steken. En ik weet van jullie verhalen dat ik op dat moment moest laten merken dat ik het er niet mee eens was dat ik anderhalve dag aan m’n lot was overgelaten, maar ik was zo opgelucht om ‘m weer te zien dat ik luid mauwend kopjes gaf tegen z’n benen. Net zolang totdat Senior z’n jas aan de kapstok hing en ik werd opgepakt, in z’n armen lag en heel veel knuffels en kriebels kreeg terwijl ik lag te spinnen van blijdschap dat ‘ie eindelijk weer terug was.
Want om op dit moment goed nieuw personeel te vinden, da’s echt nog niet zo gemakkelijk voor een volwassen katermans denk ik.
Stevige poot en zachte kopjes,
Joep
De hele afgelopen week zag ik al overal hartjes als m’n personeel ‘s avonds voor de kijkkast op de bank zat. Die vorm herken ik namelijk uit duizenden, want af en toe komt m’n natte ontbijt of diner ook uit een hartje en zeker nu er hartjes met kalkoen of rund met kaas in m’n voorraadkast staan hou ik die natuurlijk scherp in de gaten zodra het etenstijd is.
vensterbank, en iedereen die m’n voortuinpad op komt hou ik in de gaten totdat ik het bromblik van m’n personeel weer aan hoor komen. Want dan is mijn werktijd weer voorbij en is ‘t tijd om te spelen en te rennen door ‘t huis. Want omdat ik deze wintermaanden niet zoveel buiten kan trainen als in de zomer, moet ik toch m’n catditie op peil houden en tussen het dutten door zorgen dat m’n jas niet te klein is geworden wanneer ik over een tijdje weer meer buiten ben dan binnen.
Maar voor nu ga ik eerst nog even dutten, want dat moet ik als sportkater natuurlijk ook goed bijhouden.
Nou, ik heb me vorige week heel wat op de hals gehaald door mijn spontane idee voor het zelf kweken van met kaas gevulde Weilandmuizen te delen in m’n vorige blog… O, er was best wel wat belangstelling van mijn vrienden voor hoor, maar praktisch gezien leek m’n plan toch wel wat meer poten in de aarde te hebben dan ik bij stilgestaan had.
mauwde terug dat het nu misschien nog wel een beetje vroeg was om m’n plan uit te voeren, maar dat ik over een paar weken toch wel wilde gaan starten zodra m’n vrienden van Muisbezorgd tijd hadden om te komen helpen. En toen bleef het even stil. Muisstil. Dus ik besloot me tussen hen in op de grote bank te netstelen, iets wat ik nog nooit eerder gedaan had maar eigenlijk best wel katfortabel en warm lag, en wachtte geduldig op wat er nog meer zou gaan komen.
weilandmuizen van kop tot staart zou kunnen vullen met pindakaas, dat ik dan zakgeld zou kunnen besparen op liters pindasaus wanneer de muizen krakend vers van de barbeknoei af zouden komen tijdens ‘t Weilandfeest.
Zo, eigenlijk is de eerste maand van het nieuwe jaar best wel heel erg snel voorbij gegaan, want morgen begint de tweede maand alweer.
benen van m’n personeel aan te wrijven. Dat zien zij als dat ik ze gedag kom zeggen, dus dan krijg ik aaien en lieve woordjes. Allemaal heel leuk en lief bedoeld natuurlijk, maar ik probeer ze dan een beetje richting m’n voorraadkast te duwen zodat ze iets pakken voor m’n ontbijt. Maar eerst moet ik elke ochtend weer aanhoren dat m’n jas koud is, en voor mijn gefoel duurt het dan uren voordat ze eindelijk de deur van die kast open doen.
tevoorschijn komt dan loopt ‘t water me al door ‘t bekkie. Want ik ben nou eenmaal een oerhollandse katermans die dol is op kaas, en m’n personeel weet dat.
Zoals veel van mijn vrienden hier begin ik echt alweer uit te kijken naar ‘t voorjaar. Niet dat ik een winterdipje ofzo heb, maar ik heb ‘t gewoon niet zo op dat kouwe weer buiten. En hoe ouderder ik word, des te meer begin ik van warmte te houden.
Toch vraag ik me nog steeds wel ‘s af of beebiekittens die in de winter geboren zijn dan wel van koud weer houden. Misschien moet ik ‘s proberen om daar achter te komen, want nu ik veel binnen ben en in m’n vensterbank of op ‘t grote bed tussen het dutten door lig te mijmeren, komen er allerlei vragen in m’n kop op waar ik het antwoord niet zo snel op weet. Zoals hoe m’n eten zo netjes in een blikje, een zakje of een kuipje terecht komt. Of waarom tweebeners ‘s nachts niet gewoon lekker mee naar buiten gaan in plaats van met hun ogen dicht bomen te zagen in een groot bed onder een dekentje. Of waarom ik maar één jas heb die ik niet eens kan uittrekken, terwijl m’n personeel er elke dag weer anders uitziet.
buiten gewoon te koud vond en het heerlijk ligt zo boven dat warme ribbelding, heb ik lekker vanuit huis gewerkt. En daar had ik ‘t best druk mee hoor, want ik heb heel veel tweebeners met blaffers voorbij zien wandelen, en tweebeners in hun brommende blikken zien komen en gaan. Inmiddels weet ik precies welk blik bij welke tweebener hoort, al blijft het altijd wel een verrassing wat ze bij zich hebben. Soms een tas, soms een doos, soms allebei. Maar zolang ze mijn deur voorbij lopen ben ik eigenlijk helemaal niet meer nieuwsgierig naar wat daar allemaal in zit, want als ‘t belangrijk genoeg is dan hoor ik dat ‘s nachts altijd wel van van m’n buurkatten, als we elkaar weer tegenkomen.