Hallo katermannen en kattenpoezen,
Ik ga jullie vertellen hoe Roover ineens weer terug kwam.
Het was een fijne rustige ochtend in mijn jungle. Ik lag languit tussen de struiken, genietend van mijn alledaagse leven toen ik ineens iets hoorde. Het geritsel van pootjes door de gevallen bladeren. Ik spitste mijn oren. En daar, tussen de struiken, verscheen een bekende gestalte: Roover! Na zo een lange tijd was hij eindelijk terug.
Ik sprong overeind, mijn ogen glinsterden van blijdschap.
Op pad
Roover! Waar ben jij al die tijd geweest? Roover grijnsde geheimzinnig. Avonturen, vriend. Maar vandaag… vandaag gaan we weer samen op pad.
Zonder aarzelen renden we naar het achterste deel van de jungle, waar de struiken hoog stonden en een groene muur vormden. Onze jungle. We slopen tussen de takken door sprongen over de bloempotten en volgden een smal pad dat naar een schaduwrijk hoekje leidde.
Plotseling hoorde we een zacht miauwtje. Uit een boom kwam Luna naar beneden geklauterd, haar vacht glanzend in het daglicht.
Wat doen jullie hier? Vroeg ze nieuwsgierig. De jungle verkennen! Zei ik vol trots. Kom mee, Luna. Hoe meer avonturiers, hoe beter!
Samen trokken we verder, alsof wij samen een geheime expeditie vormden. We ontdekten een plek vol mos waar het rook naar regen, we vonden een oude bloempot die dienst deed als grot, en zelfs een mysterieuze veer die volgens Roover van een exotische vogel kon zijn. Wij voelden ons alle drie alsof wij in een andere wereld waren.
Luna
De eerste tuin die we tegen kwamen was van een oude dame die rozen kweekte. De geur was bedwelmend, maar tussen de rozenstruiken lag een slapende hond. Ik sloop als een schaduw langs hem heen, Roover volgde met soepele sprongen, en Luna… Luna tikte speels tegen een rozenblad zodat het hondje even zijn neus bewoog, maar niet wakker werd. 1 tuin gehaald, fluisterde ze met trots.
De 2e tuin was een paradijs van vijvers en fonteinen. Daar zagen we iets bijzonders, een kikker met een gouden stip op zijn rug. Toen hij ons zag, sprong hij naar een steen en kwaakte alsof hij ons wilde waarschuwen. Er is waarschijnlijk gevaar in de buurt dacht ik. Maar er was geen tijd om het te vragen – achter ons klonk er gegrom, en dat kwam steeds dichterbij.
We sprongen over schuttingen, renden langs moestuinen vol pompoenen en bonen, en kwamen uiteindelijk in een tuin die ons de adem benam. Een plek vol lichtgevende bloemen, alsof de maan zelf hier wortel heeft geschoten.
Waar zijn we nu riep ik. En Roover keek ook met verbazing om zich heen.
Dit is het, zei Luna zacht. Dit is mijn tuin. Ik vond dat jullie katermannen de weg moesten weten naar mijn eigen jungle. Zodat we hier ook samen kunnen zijn.
Langzaam aan werd het avond en begon het donker te worden. We keerden terug naar mijn jungle.
Saame
Ik keek naar Roover en Luna en dacht: Dit was de beste dag in lange tijd. Dat zou ome Doerak mooi hebben gevonden. Want soms is het mooiste avontuur gewoon samen zijn. Dat vind ik.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem
Hallo katermannen en kattenpoezen,
zonnestralen op de vensterbank, zachte dekens op koude dagen, en de stille taal van liefde die geen woorden nodig heeft.
Doerak
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Je hoeft het niet alleen te doen vriend, riep Roover. Wij zijn er om je te helpen.
Pluim
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Uit de struiken kwam een klein stekelig bolletje tevoorschijn. Een jonge egel, nog wat onhandig op zijn pootjes. Hij snuffelde wat onhandig aan een slakkenhuisje. Achter hem volgde een grote egel, zijn moeder denk ik. Daar achter liepen nog 2 kleine egeltjes en een grote vader egel. Een nest riep ik tegen Bliksem. Volgens mij wonen ze onder de heg.
Nu is het herfst, en op een avond toen de bladeren al begonnen te vallen kwam de moeder egel naar mij toe. Dank je Doerak zei ze zacht, jullie hebben geholpen om de kleine egels groot te laten worden. Nu gaan we ons klaar maken voor de winter. We komen voorlopig elke avond nog wel tevoorschijn. Maar we gaan bouwen aan ons nest om slapend de winter door te komen. En dan zijn we in het voorjaar er weer.
Hallo katermannen en kattenpoezen,
Ondertussen, diep in de jungle achter het huis, zaten Bliksem en Roover ongeduldig te wachten. Bliksem met zijn glinsterende zwarte vacht en bliksemsnelle poten, trippelde heen en weer over een boomtak. Roover, de stoere kater met een hartje van goud, lag languit op een stoel, maar zijn staart zwiepte nerveus heen en weer. Waarom duurt het zo lang voordat Doerak er is? Bromde Roover.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik weer knuffels, lekker eten, snacks en veel zon.