Joep kijkt uit naar het voorjaar

Zoals veel van mijn vrienden hier begin ik echt alweer uit te kijken naar ‘t voorjaar. Niet dat ik een winterdipje ofzo heb, maar ik heb ‘t gewoon niet zo op dat kouwe weer buiten. En hoe ouderder ik word, des te meer begin ik van warmte te houden.

Wachten

Ik ben tenslotte ook als een voorjaarsbeebiekitten geboren, en tegen de tijd dat ik op mezelf ging wonen was ‘t alweer zomer en lekker warm zo achter glas in de vensterbank. Want ik moest toen nog tot het eind van de winter daarop wachten voordat ik echt kon voelen hoe het buiten was, omdat ik van m’n personeel nog niet helemaal alleen over straat mocht. Ze vonden één rood-witte jonge katermans meer dan genoeg in de wijk en m’n zakgeld was toen ook nog veuls te weinig om een eigen gezin van te kunnen onderhouden.
Daar kwam dan ook nog ‘s bij dat ik eigenlijk niet zat te wachten op nakomelingen die ‘pappa’ tegen me zouden mauwen. Want ik had al heel jong besloten dat ik, als ik later groot zou zijn, een vrije katermans wilde worden. En profpootballer in het Nationaal Pootbalelftal, maar trouwe lezers en toehoorders van m’n blog weten inmiddels al wel dat zo’n elftal helemaal niet lijkt te bestaan.

Verschillen

Toch vraag ik me nog steeds wel ‘s af of beebiekittens die in de winter geboren zijn dan wel van koud weer houden. Misschien moet ik ‘s proberen om daar achter te komen, want nu ik veel binnen ben en in m’n vensterbank of op ‘t grote bed tussen het dutten door lig te mijmeren, komen er allerlei vragen in m’n kop op waar ik het antwoord niet zo snel op weet. Zoals hoe m’n eten zo netjes in een blikje, een zakje of een kuipje terecht komt. Of waarom tweebeners ‘s nachts niet gewoon lekker mee naar buiten gaan in plaats van met hun ogen dicht bomen te zagen in een groot bed onder een dekentje. Of waarom ik maar één jas heb die ik niet eens kan uittrekken, terwijl m’n personeel er elke dag weer anders uitziet.
Niet dat ik ontevreden ben over m’n jas, integendeel zelfs. Maar het valt me gewoon steeds vaker op dat m’n personeel en andere tweebeners best veel verschillen van mij en de buurtkatten.

Personeel

Terwijl ik m’n gedachten zo hardop voor me uit mauw, zie ik dat m’n personeel zit te denken. Er is nog zoveel dat ik als katermans niet begrijp, maar zij weten de antwoorden dus ook niet. Nou ja, behalve dan over m’n eten, want daar weet de leptop wel een oplossing voor als de juiste letters worden ingetikt. Maar de rest lijkt gewoon een gefoel te zijn. Want hoewel m’n personeel en ik niet in alles hetzelfde zijn, weet ik zeker dat ik van hullie hou en zij van mij. En dat het ons eigenlijk helemaal niks uitmaakt dat de buitenkant en de gewoontes die we hebben zoveel van elkaar verschilt, zolang we aan de binnenkant hetzelfde foelen.
Want mauw nou eerlijk, stel je voor dat je eigen personeel met je mee op jacht zou gaan naar muizen en mollen. Daar zou dan toch helemaal niks van terecht komen, want dat kunnen ze gewoon niet zelf. Net zo min als dat ik de blikjes, zakjes of kuipjes uit m’n voorraadkast kan pakken en zelf netjes in m’n etensbak krijg. Zo hebben we allebei onze eigen dingen en dat is eigenlijk maar goed ook. Want als iedereen hetzelfde zou kunnen zou het best een hele saaie boel worden.

Vensterbank

Daarom ben ik heel blij dat m’n personeel ook niet elke dag bij me in de vensterbank ligt. Daar zijn ze namelijk veuls te groot voor, en ze zouden niet alleen zichzelf maar ook mij al snel gaan vervelen. En dan kan ik m’n werk niet goed doen, want ik heb de hele afgelopen week elke dag wel een paar uur heel serieus parkeerplaatscontrole gedaan. Omdat ik ‘t buiten gewoon te koud vond en het heerlijk ligt zo boven dat warme ribbelding, heb ik lekker vanuit huis gewerkt. En daar had ik ‘t best druk mee hoor, want ik heb heel veel tweebeners met blaffers voorbij zien wandelen, en tweebeners in hun brommende blikken zien komen en gaan. Inmiddels weet ik precies welk blik bij welke tweebener hoort, al blijft het altijd wel een verrassing wat ze bij zich hebben. Soms een tas, soms een doos, soms allebei. Maar zolang ze mijn deur voorbij lopen ben ik eigenlijk helemaal niet meer nieuwsgierig naar wat daar allemaal in zit, want als ‘t belangrijk genoeg is dan hoor ik dat ‘s nachts altijd wel van van m’n buurkatten, als we elkaar weer tegenkomen.

Uit huis

Dit weekend blijf ik weer lekker vanuit huis werken overdag, want parkeerplaatscontrole bevalt me best wel. Met een beetje geluk schijnt de zon ook weer in de vensterbank en dan droom ik gewoon verder over het voorjaar dat er aan komt.
En ik ben blij dat ik de afgelopen dagen geleerd heb dat verschil juist heel goed is, omdat we diep van binnen altijd wel iets vinden dat saame toch purrrcies hetzelfde is. En dat maakt de wereld altijd weer een heel stuk mooier, zelfs als de zon even niet schijnt…

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Lees ook

6 gedachten over “Joep kijkt uit naar het voorjaar

  1. Oh mooie rooie.. wat ben je toch heerlijk foli… Philo.. filosofie.. diep aan het denken..

    Ik wist wel dat je een mooie rooie zou worden die precies bij mij zou passen. Maar je woont zo ver weg, dus het zal er wel niet van komen dat wij samen in mijn hangmatje kunnen mauwen tegen de maan 😻😿

  2. Hoi Joep,

    Misschien is het ook maar beter dat wij de tweebeners soms niet begrijpen, en de tweebeners ons soms niet begrijpen.
    Uiteindelijk gaat het maar om 1 ding……………….en dat zei jij zelf ook al………………….dat we van elkaar houden en dat de liefde tussen de tweebeners en ons gewoon goed zit.

    En dat zit bij jou goed net zoals bij mij, en wat maakt het dan uit of we verschillend zijn of niet.
    Liefde is universeel toch.

    Heel goed dat je met dit weer vanuit huis werkt, dat doe je heel goed.
    Dat noemen ze multietasken geloof ik.

    Pootje van Tommy!

  3. Heee lieve vriend Joep, wat ben je al heel wijs voor een jonge katermans, mijn kompliementen!, ik weet zelf niet meer presies wanneer ik ben gebooren als beebiekitten, maar mijn vrouw zegt dat er hier froeger twee katten woonden die allebei in de lente waren gebooren maar de een fond de zomer het fijnste en de ander de herfst… dus hoe dat presies zit met wanneer je gebooren bent en wat je het fijnste findt weet ik nau nog steeds niet!, en van dat eeten in een zakje, dat is een moeilijke fraag… ik ga er over nadenken, maar je hebt helemaal gelijk dat je zegt dat je altijd weer iets findt waarin je elkaar begrijpt, en waarin je Saame kan zijn, en dat is toch het fijnste!, ik heb mijn rugzak fol gepakt met snekkies en ik ben onderweg naar jau toe Joep!, ik stuur alfast heel veel kopjes naar jau en je mensen, en ik tetter als ik in je tuin sta, okee?, tot zo!!

  4. Lieve Joep,
    Vrouwtje en ik verlangen zo naar de lente en naar lekker weer. Nu is er geen sneeuw meer maar is het buiten al de hele dag spekglad en gisteren ook al een deel van de dag. Wat dat spekglad precies betekent weet ik niet maar vrouwtje zegt ik durf niet buiten te lopen. Ze is bang dat ze zal vallen. Ik mag ook niet even op mijn terras gaan kijken van haar. Je bent wel een vierbener maar die terrastegels zien er zo glad uit dat je er zelfs met vierbenen nog kan uitglijden zegt ze. Nou ja zeg dat zal dan wel als ze het zegt.
    Ik kan niet wachten tot het lente en vrouwtje ook niet zegt ze.

    Lieve groet ook voor je personeel van mijn vrouwtje en 🐈‍⬛

  5. Hoi Joep, wat ben je toch een filodinges katermans, vrouwtje filosofie. Ik ben ook als beebiekitten in de lente geboren, maar hou van al het weer, behalve sneeuw en vreselijke regen. Herfst is mooi, kun je achte de blaadjes aanhollen die de woeiwaaiwind voortblaast. Voordeel van de winter is dat het thuis met het personeel gezellig is. En de warme plaats is dan aan. Ik doe ook veel straatcontrole van uit huis, lekker thuiswerken is modern. Groetjes en zachte poot van een Drentse katermans, Zorro

  6. Hi Joep,

    Daar miauw je wat over wanneer je beebiekitten was en van welke seizoenen je houdt. Ik heb er eerst maar eens een nachtje over geslapen. Nou ja, eigenlijk een dagje. Want in het donker ben ik altijd op stap. Weer of geen weer, zodra de lampjes uit gaat, glip ik door mijn kattenluik de geheimen van de nacht in.
    Zon, sneeuw, hagel, storm, regen, ijzel, hittegolf, ik trotseer het allemaal.

    Ik ben als verwilderd en verweesd kitten gevonden in oktober. Dan zou ik ongeveer in de zomer zijn geboren.

    Misschien komt het wel door mijn superdikke jas dat de winter me niet deert?

    Koppie van Japie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *