Categorie archieven: Uit het leven van Bert

Waarom je grenzen moet stellen

Kijk, je kunt dan wel een huisdier zijn, maar daarmee hoef je nog niet alles goed te vinden. Je bent als huisdier ook iemand. Een persoon. En iedere persoon heeft het af en toe nodig om grenzen te stellen. Ik ook.

Als je geen grenzen stelt, dan durf je dat nog niet. Omdat je bang bent voor ruzie of boosheid of ellende van wat voor soort ook. Maar dat hoeft niet, hoor. Ik zal uitleggen hoe je grenzen stelt.

Als mijn vrouw te lang aait op een manier die ik niet zo fijn vind, dan kijk ik haar even diep aan. Dat ik echt staar, zeg maar, en dan kijk ik heel verwijtend. Dus dan geef ik een eerste signaal dat ze moet stoppen. Het eerste signaal moet klein en eenvoudig zijn. Dat die ander denkt: o ja, nou oke, dan niet. Niks aan de hand. Maar soms aait mijn vrouw door, dan is ze een beetje in gedachten. Wat doe ik dan?

Tweede signaal. Dat is wat duidelijker. Ik ga dan op mijn andere zij liggen. Dus ik trek me terug. Dan kan het nog gebeuren dat ze het niet snapt. Ze aait dan gewoon mijn andere kant. Dus dan ga ik even ergens anders liggen. Het derde signaal moet duidelijk zijn en dat is het ook.  Ik heb een grens gesteld. Niks aan de hand.

Nog een voorbeeld?

Soms vind ik het avondeten vies. Dat ik denk: getsie, wie heeft dat uitgebraakt, dat ga ik niet eten. Dus dan zet ik een paar stappen weg van mijn bord en kijk mijn vrouw aan. Zij: “Wat is er Bertje, lust je het niet?” Ik hef een voorpootje omhoog, hou het in de lucht en miauw kort. Zij weet dan zeker dat er iets aan de hand is. En het duurt soms een halve minuut maar de juiste oplossing komt elke keer: een nieuw bord eten. Iets lekkers.

Zo gaat dat met grenzen stellen. Je trekt je terug en je houdt contact. En je moet ook geduld hebben zodat die ander snapt wat je bedoelt.

De avondsnack (blog)

Eerlijk is eerlijk, ik ben nog steeds onzeker. En daarom wil ik graag dat vandaag gaat zoals het gisteren ging. Dus de dag begint hetzelfde, er gebeurt niks anders en ’s avonds is er mijn avondsnack. Dat is meer dan even snel snacken, hoor.

Die snack kreeg ik al op de allereerste dag dat ik hier was. Dus dan weet je als nieuweling meteen: dit is een fijn moment en je weet ook hoe het gaat. Dat je vrouw naar de keuken gaat en daar iets op een schoteltje doet en dat het zo lekker ruikt, dat je vanzelf gaat miauwen. Het schoteltje komt naar de huiskamer. Op het tapijt. Eten. Daarna uitgebreid wassen, natuurlijk.

Zo was het toen en zo is het nog steeds. Nou komt het gekke. Ik heb het zelf een beetje veranderd. En dat terwijl ik vind dat altijd alles hetzelfde moet zijn!!

Vroeger wachtte ik gewoon af. Nou ga ik ’s avonds als ik trek krijg, bij mijn vrouw staan te miauwen. Ik kijk haar dan strak aan, zonder dat ik een poot beweeg. Soms blijft ze gewoon aan haar tafel zitten. Ze zegt: “Jaja” Dat vind ik geen antwoord. Dus miauw ik nog een keer en dan heel erg langgerekt en indringend. Zij: “Bertje toch.” Dat klinkt beter. Dus ik gooi er een paar miauwen extra tegenaan en zeker weten dat ze vlug op het tapijt naast me zit. Ze gaat aaien. Of ze schudt de lekkere brokjes uit de bal. Dat is allemaal fijn maar het gaat me om de snack. En ’t is ook een spelletje, al weet ze dat geloof ik niet.

Bij de snack moet ze naast me op het tapijt blijven zitten. Alleen eten vind ik ongezellig. Dus als ze wil opstaan, kijk ik even dringend opzij van niet-doen. Bij het wassen, wil ik dat ze kijkt en daarna moet ze zeggen hoe goed ik het deed. Ja, je hebt toch je waardering nodig als huiskater.

Was dat zo in het begin? Nee hoor. Toen duurde de avondsnack korter. Ik wachtte af wat er gebeurde. Mijn vrouw zegt, dat we naar elkaar toegroeien, dat vind ik ook geloof ik. Het is nou zo gezelllig hier geworden, dat had ik vroeger niet kunnen denken.

(Dit blog is evenals andere te lezen bij de Vereniging Kattenzorg)

Opeens lust je je eten niet en dan?

Het kan iedereen gebeuren en vanavond gebeurde het mij. Het bord eten dat werd neergezet, beviel me niet. Het was mijn lievelingsmerk. Maar opeens lustte ik het niet meer. Wat gebeurt er dan?

Nou komen we op een belangrijk verschil tussen katten en mensen. Vooral vrouwen die vinden dat de kat (ook) hun kind is, moeten even goed opletten.

Een mens moet soms flink doen, vooral als hij of zij jong is. Zo van, doorzetten, nog even, je kunt het, toemaar, vooruit. Dat is een mens.

Maar bij een kat is het anders. Ik hoef niet door te zetten van nog een hapje. Dat hoort niet bij mij en bij geen enkele andere kat. Als ik iets niet lust, dan eet ik het niet. Zo ben ik. Zo zijn we allemaal. Dat is de natuur in ons, die zegt: niet doen.

Wat er dan moet gebeuren, is heel simpel. U haalt het bord weg en gooit meteen het eten ergens in zodat de geur ook weg is. Schoon bordje, ander eten, neerzetten en een beetje bemoedigend aaien. Zo ging het met mij vanavond. En toen ik heb ik gegeten, en lekker ook.

Samen of alleen spelen? (blog)

Elke keer als ik van de bak kom, wil ik iets. Rennen, miauwen, met de krant vechten. Ja, hoe dat komt, weet ik niet zo precies. Het liefste wil ik meteen spelen, alleen of samen, maakt mij niet uit. Maar liever samen.

Zult u zeggen, die Bertje is ook een softie met dat alles samen willen doen. Dat is ook zo. Thuis hoor ik dat ik zachtmoedig ben, dat is dat je lief kunt zijn en stoer. Dus het is iets goeds.

Als ik alleen speel, wil ik iets van papier. De krant of een propje. Dan ga ik erover rollen en ermee scheuren en ook spring ik er graag op. Even lekker wild doen. Oerkater zijn. Dat is dus omdat ik van de bak kom. Maar eerlijk is eerlijk, ik doe het ook omdat ik weet dat mijn vrouw dan naar me kijkt en van mij onder de indruk is. Want als ik ’s nachts naar de bak ben geweest, ga ik gewoon terug naar bed om verder te slapen. Dan hoef ik niet te spelen.

Nou over het samen spelen. Dat is het allerfijnste omdat het spannend is en omdat het echt iets van ons tweetjes is. Zij zit aan de ene kant van het lintje en ik aan de andere kant. We doen alsof het lintje uit zichzelf beweegt. Soms zit het tussen de krant, soms ligt het op de krant, en het kan kruipen of in de lucht dansen of over het tapijt sluipen, van alles. Ik spring er dan plotseling op zo van bam! Dan pak ik het met mijn voorpoten en ga ermee rollen. Mijn vrouw schrikt altijd wanneer ik keihard spring. Dus dan ga ik na het rollen even bij haar staan, dat ze weet dat ik nog steeds zacht kan zijn. Ze aait even. En daarna beweegt het lintje weer dus ik erop af, dat snapt u.

Ik heb best veel speelgoed maar het lintje vind ik het leukste. Om het lintje maar vooral vanwege het samen. En als u nou toch denkt dat ik een softie ben, dan ben ik dat!! Maar wel een gelukkige softie!!

(dit blog staat evenals andere blogs online bij de Vereniging Kattenzorg)

 

Een warme dag (blog)

Vandaag was het zo’n warme dag, dat ik dacht had ik maar kort haar. Dan had ik het minder warm.   Maar mijn vacht is dik en ook best lang. Wat doe ik als het zo warm is?

Dat zal ik zeggen dat kunt u het ook doen.

 

  • slapen. Ik heb de hele middag in mijn doos liggen slapen. Daar voelde ik de ventilator een beetje koude wind over mijn vacht blazen. Ik lag daar maar te liggen en te slapen. In spelen had ik helemaal geen zin.  Getsie, bewegen.
  • liggen en voelen dat mijn vrouw me aait. Ze maakte dan haar hand nat en zo werd mijn vacht vochtig. Ik vond het gek. Echt raar. En toch liet ik het toe omdat ik ergens van binnen wist dat het zo hoorde wegens de warmte
  • ’s morgens lustte ik nog brokjes en ’s middags heb ik twee keer een beetje poezenlimonade gedronken maar het avondeten hoefde ik niet zo. Toen kreeg ik een andere smaak. Daar heb ik wat van gegeten. Anders hou ik veel van eten en nou lukte het gewoon niet.

Het belangrijkste is denk ik dat ik gewoon lag te liggen en alles maar liet gebeuren. Ja,  het is  gewoon zo. Maar ik miste het spelen en lekker kunnen eten wel.