Categorie archieven: Japie

Japie: You’ll never walk alone

Het luik kleppert een vrolijk melodietje achter me. Dat klinkt net zo enthousiast als ik me voel. Mijn hoofd tuimelt van de energie iedere keer als ik de purrrfecte ingevingen van m’n katlega’s lees. Al mijn furriends helpen mee om Muisbezorgd op de kaart te zetten.

Het markatingteam oppert bijvoorbeeld een happig muismenu, de muiskrokat, een muizige katsalon en een furrukkullukke cock o mouse. Loopt het water je al in de bek? Wat te denken van gemarineerde gyrosmuis (voorstel van onze teamleden met Griekse roots) of de spectaculaire spacemouse (naar aanleiding van de recente reis om de maan). Ik wil het allemaal op de muismenukaart laten zetten door mijn rechterpoot. Zoals jullie weten gaat die minder snel dan de ideeën borrelen.

Furbinding

Toen ik aan dit project begon, dat al jaren door mijn kop ging, had ik niet kunnen bedenken dat we het Saame zouden doen. Het zorgt voor een furbinding die het mensenbrein te boven gaat. Van tante Cato heb ik wel eens gehoord dat zoiets ook gebeurde in de tijd dat oudoom Bob furhalen in de lokale krant miauwde.
Toen hij over de regenboogbrug ging, gebeurde er iets wonderlijks. Na het opdrogen van zijn laatste letters kwamen er brieven uit het hele land. Van Groningen tot Maastricht, van Vlissingen tot Den Helder. Hoe kon het dat de blog van Bob door heel Nederland bekend was, terwijl de krant alleen op deurmatten viel in Hellevoetsluis en social media nog in de kinderschoenen stond. In de meelevende berichtjes die ze ontving, stond bijvoorbeeld dat een oma de purrichtjes altijd uitknipte en opstuurde in een envelop naar haar kleindochter. Een mevrouw las ze door de telefoon voor aan een zieke vriendin. Weer een ander scande de krant en stuurde ze per mail op naar iedereen die het ook lezen wilde. In het bejaardentehuis was het vaste prik bij het koffierondje.
De variaties waren eindeloos. Zo bleek een in haar beleving ogenschijnlijk simpel verhaaltje in de lokale krant een wonderlijk web te spinnen tussen mensen. Het ontroerde haar tot in het diepst van het hart. Daarna zette ze voorzichtige schreden op Beestboek. Onlangs was dat twaalf jaar geleden. Beestboek weet zulke dingen en herinnert je daar iedere dag aan.

Beestboek

Hoogste tijd voor de bissniss. Ik sjees de trap op om Mo aan te sporen verder te gaan met de website. Zoals al een paar dagen tref ik haar met een bleek gezicht en waterige ogen achter het scherm. De herinneringen van Beestboek zijn leuk, maar soms ook pijnlijk. Ze laten de ontwikkeling haarfijn zien. Die wisselt al weken tussen het ziekteproces van mijn broer Foppe en oudoom Sjaak. Een stoere kater in een roodwitte jas die transformeerde van een verstoten straatschoffie zonder toekomst in een geliefde pursonality met een eigen thuis. Hij miauwde al over Muisbezorgd. Weten jullie dat nog?
De dag dat hij over de Regenboogbrug ging komt er bijna aan.
Mo vindt dat nog altijd moeilijk om terug te lezen. Al is het (al of is het pas?) zes jaar geleden het voelt als de dag van gisteren. Daarnaast voelt ze het verdriet van de mensen die de afgelopen tijd onverwacht afscheid moesten nemen van hun lieve trouwe vierpoters. Ook dat staat allemaal op Beestboek. Bij het lezen van iedere letter en alle spaties daartussen is het pijnlijke verdriet van die ander zo intens voelbaar. Wetende dat er geen eindtijd zit aan rouw.
Want dieren nemen allemaal een stukje van je hart mee en die wond krijgt wel een korstje maar schiet heel makkelijk weer open.

Feest

Vandaag, de dag dat mijn furhaal op de blog komt van Ollie is het Dodenherdenking. Morgen is het Bevrijdingsdag. Verdriet en vreugde tegelijkertijd, naast elkaar, poot in poot, dwars door alles heen. Zo gaat het morgen ook hier.
Feest omdat Foppe zijn elfde furjaardag mag vieren. Hij blijft ons verbazen. Het ene moment slobbert zijn mottige jas. Dan weer zit hij strak in het pak en is het alsof zijn smoking net van de stomerij komt. Verdriet om oom Sjakie die daags na het feest van Foppe een enkele reis naar Regenboogland maakte. Zeker weten dat hij het daar groots viert met alle furriendjes die onlangs over dezelfde brug wandelden. We lachen door onze tranen heen en voelen dat we niet alleen zijn. Zouden we de kleuren van de regenboog kunnen zien als de zon door onze tranen heen schijnt?
Ik stuur kopjes vol troost naar iedereen die iemand mist, ook namens mijn furmilie.

Koppie van Japie

Japie: saame verrichten we wonderen

Toffe furrienden, de afgelopen tijd heb ik zoveeeel meowe dingen geleerd. Een paar van de belangrijkste is dat je fouten mag maken en dat er altijd iemand is die wil en kan helpen. En ook dat je iets opnieuw mag proberen, om te kijken of het dan wel lukt. Zo heeft mijn mens drie keer examen gedaan voor haar cursus zeehond imiteren. Het wachten op de uitslag duurt lang. Ze heeft goeie hoop dat ze deze keer wel geslaagd is en dat ze de cursus nooit meer hoeft te doen. Terwijl zij blaffend onder de dekentjes lag, stroomde de mailbox vol met kattastische purrichtjes waar we stil van werden.

Modern en inspirerend

Muisbezorgd is een moderne onderneming. Mensen noemen zoiets zelfsturend. Of is het zelforganiserend? Wat doet het ertoe hoe zoiets heet. Het komt hier op neer. Iedereen die mee wil doen, doet gezellig mee. Je bepaalt je eigen werktijden. Het mag gaan om een seconde, een minuut, een uur, een dag of een nacht, net wat jij wilt. Het maakt niet uit of je binnen woont of graag naar buiten gaat. Tussendoor een catnap doen? Geen probleem! Juist in de sluimertijd poppen de meest purrrrfecte ideeën op. Dat merk ik aan de kattenbelletjes. Naast foto’s van goeie koppen miauwen katlega’s zulke goeie plannen waar ik zelf nog geen seconde bij stil heb gestaan. Zo is er een ultiem smaakpanel Saame gesteld door lieftallige doch kritische dames met slecht zicht. Ze hebben een uitmuntend voorstel: blind proeven. Dat is denken in oplossingen met een hoofdletter. Welkom Abby en Ginger. Venice sluit zich ook bij jullie aan.
Een aantal Grieken delen hun roots met liefde. Idem en Dito hebben special kattieken ontwikkeld in het land waar ze geboren zijn. Na furhuizing naar “ons” kikkerlandje zijn ze helemaal ingeburgerd. Nu ze zich thuis voelen, delen ze graag hun inzichten. Ook gaan ze Saame gaan werken met poezels die dezelfde herkomst hebben: Filos en Bibi. Zo tof hoe dit spontaan ontstaat.
Hebben jullie gelezen dat Muisbezorgd zelfs door de lucht komt? Tjello heeft geen proefvluchten meer nodig. Als volwaardig bezorger dropt hij de muis purcies daar waar jij em hebben wilt. Figo is een meester in het open maken van deuren. Daarom hoef je niet thuis te zijn als je bestelling er aan komt. Potig toch?! Naast tuin- en straatkatrolle slaan Yep en Demi hun poten ineen om Muisbezorgd te promoten. Kijk maar eens op hun Beestboek. Ze denken zelfs aan leveringen op de maan. Muissie, heb jij gezien dat jouw meowe ontdekking – de Rodentia Haribo – al is geleverd bij Nemo? Je kent hem vast, die van de Vismarkt in Groningen. Hij heeft deze lekkernij getrakteerd, omdat hij gaat furhuizen. Het gaat allemaal zo snel dat ik het amper kan bijhouden.

Nog meer inspiratie

Spotje heeft veel ideeen

Bescheiden Mila, de zus van Bowie Koning van de Meerweg, stelt voor om m’n tante te ontlasten. Bij de administratie komt zoveel meer kijken, waar ik bij de oprichting van Muisbezorgd helemaal niet aan gedacht heb: folders, visitekaartjes en nog meer markating. Hoe ze het voor elkaar krijgt, geen idee, maar het lukt Mila om enveloppen dicht te plakken met purrachtige tape en stickers zonder dat het aan haar poten blijft kleven. Ze stuurde me een aantal proefvelletjes op, om het zelf te leren. Laat ik het maar bij muizen vangen houden, daar ben ik veel beter in. Daarom is het zo fijn dat we het Saame doen. Met elkaar maken we Muisbezorgd. Want we hebben allemaal ons eigen talent. En ieder talent is welkom. Wil je meedoen? Het maakt niet uit waar je zin in hebt of wat je kan, als het maar gerelateerd kan worden aan Muisbezorgd. Stuur een purrichtje met je foto en naam en idee naar japie apenstaartje muisbezorgd punt en el.
Wie dat bijvoorbeeld nog meer heeft gedaan, is Spotje, een kat met een attitude waar je u tegen miauwt. Ze is niet alleen niet voor de poes, haar brein loopt over van ideeën. Zo stelt ze een purrrsoonlijke kledinglijn voor en denkt ze na over wendbare karretjes. Terwijl mijn rechterpoot dit typt, worden de eerste prototypes getest. Zodra de testresultaten bekend zijn, gaat Spotje verder met het purfectioneren. Daarover volgende keer meer.
Jullie zijn allemaal kattastisch! Het is ondoenlijk om iedereen in dit ene furhaal te noemen. Maar de strekking is hopelijk duidelijk. Het is niet erg als je zelf ergens (nog) niet aan gedacht hebt. Of als zelf iets (nog) niet kunt of (nog) niet weet. Want er zijn altijd andere dieren en mensen die je kunnen en willen helpen. En je inspireren! Saame zijn we tot wonderen in staat. Kijk maar naar Muisbezorgd.

Koppie van Japie

Japie: hoe het nu gaat en hoe ging het toen


Wauw miauw, ik ben overdonderd door zoveel reacties op de ontwikkeling van m’n website. M’n bissniss gaat als een tierelier sinds de muismenukaart online staat. De mailbox stroomt over met bestellingen en sollicitaties. Muisbezorgd kan de vraag amper aan. Om de voorraden op peil te houden zijn extra muizenvangers meer dan welkom. Bij de Binnendienst hebben zich al veel snorhaarders gemeld, maar de ploeg die de klauwen uitsteekt kan zeker uitbreiding gebruiken. Meedoen is heel simpel. Je hoeft enkel je goeie kop te mailen naar japie apenstaartje muisbezorgd punt en el. Het is niet nodig om eerst via Beestboek of purrrsoonlijk aan mijn mens te vragen of je mee mag doen. Stuur gewoon een foto van jezelf naar dit mailadres. Furtel erbij hoe je heet en waar je ambities liggen. Alles is goed, zolang het maar gerelateerd kan worden aan Muisbezorgd. Mijn rechterpoot zorgt er daarna voor dat jouw mooie kop bij het Team komt. (psssst, furriendelijk furzoek van de administratie, om het overzicht te bewaren graag enkel mailtjes naar dit mailadres).

Dwiezeliesje

Omdat we onze poten vol hebben aan het wegwerken van de achterstand in de administratie deze keer een furhaal uit Den Ouden Doosch. Het is nog van de poot van mijn oudtante Dwiezeliesje. Degenen die mijn furmilie al lang volgen, kennen haar uit de furhalen van BBB – Blije Beestenboel als Zusje. In 2014 moest Zusje rond Valentijnsdag afscheid nemen van haar furriendjes met lange oren – Dirk en Juf Nijn – en van haar grote broer Bob. Het huis was opeens akelig leeg. En haar hartje wist het niet meer. De Paashaas stuurde haar een lief kaartje en dat gaf haar hoop. Daar schreef ze destijds dit furhaal over:

Paashaas

Geen glimp van de paashaas. Niet in de achtertuin, waar ik het konijnenhok nauwlettend in de gaten hou. Ook niet aan de voorkant. Regelmatig ren ik daar naartoe om een kijkje te nemen, maar geen enkele pootafdruk van Haas. Kon ik het nog maar eens aan Dirk vragen, of aan Juf Nijn, zij wisten vast hoe ik de paashaas zou kunnen herkennen. Verlangend kijk ik naar de zachtgrijze wolkenpartij. Ergens daar achter, daar zal de Regenboogbrug zijn. Zittend op het dak van het nog altijd lege hok breek ik mijn bolletje over hoe daar te komen, zonder mijn aardse jasje te moeten verlaten. Het gekissebis van een stel mussen haalt me uit mijn overpeinzingen. Opeens heb ik een idee. Als zij nu eens…..

Ik spreek de eerste de beste mus aan en vraag hem op de vogel af op hij voor mij naar de Regenboogbrug wil vliegen om het m’n konijnenvriendjes te vragen. Hij kijkt bedenkelijk, krabt eens achter zijn bruine kopje, overlegt met zijn familie en knikt dan volsnavelig ja. Vol vertrouwen kijk ik de enthousiast tsjilpende troep na tot het laatste stipje niet meer zichtbaar is. Terwijl ik zit te wachten op een teken van leven strijkt meneer Tortel neer op de schutting. Ik nodig hem uit om de restjes van het in allerijl achtergelaten paasontbijt op te peuzelen en vertel hem over het plan. Als hij eindelijk het laatste graantje heeft weggepikt, laat hij weten dat je als levend wezen nooit bij de Regenboogbrug kan komen. Ook niet als je kunt vliegen! Ontgoocheld laat hij me achter.

Regenboogbrug

‘Wat zit je te treuren, kleintje. Is er iets aan de poot?’, hoor ik opeens in mijn oor schreeuwen. Het is Kauw, die dagelijks uit een potje pindakaas komt snoepen. Hoopvol vertel ik hem over de kaart die op de deurmat is gevallen met de groetjes van de paashaas erop; over hoe menslief straalde toen ze de lieve woorden van Haas las en over mijn zoektocht naar de paashaas. Maar ook dat ik niet zo goed weet hoe ik hem kan herkennen, anders dan aan zijn grote oren en mand met eieren. Dan begint Kauw te bulderen van het lachen. Met zijn krassende stem laat hij weten dat de paashaas helemaal niet bestaat. Dat mensen hem hebben bedacht om de lente te vieren. ‘Kijk maar om je heen,’ zegt hij, ‘overal is nieuw leven!’

Ik hef mijn treurende koppie op en inderdaad, nu zie ik het ook. Frisgroen blad wuift mee met de wind, bloesem barst uit de knop, hemelsblauwe vergeet-me-nietjes laten trots hun fragiele bloempjes zien en paps en mams merel vliegen af en aan met wormen om hun kroost groter te laten groeien. Dan breekt de zon door het wolkendek en vuurt vol passie haar stralen richting de aarde. Al van verre hoor ik de mussenfamilie terugkomen. Vanuit de keukendeur strooit mijn mens een handvol voer om de luid kwetterende groep terug welkom te heten. In geuren en kleuren doen ze hun avontuur uit de doeken. De Regenboogbrug hebben ze niet gezien, laten ze weten. ‘Maar,’ voegen ze er in dezelfde ademtocht aan toe, ‘je hoeft helemaal niet zo ver om Dirk en Juf Nijn te ontmoeten. Ze zijn gewoon daar, waar jij met je hart bent. En daar zul je ook de paashaas vinden.’
Was gemiauwd door Dwiezeliesje

Koppie van Japie met een staartzwaai naar alle sterren

Japie: taart maken is een vak apart

De lancering van muisbezorgd punt en el was een groot succes. Zelfs al staat de website van mijn bissniss nog in de kittenschoenen de reacties zijn veelbelovend. Het meows op Beestboek verspreidde zich sneller dan muizen kunnen rennen (met dank aan tante Luna voor de markatingcampagne). Muisbezorgd lijkt een gat in de markt. Sindsdien stroomt de mailbox vol met enthousiaste reacties. Want miauw nou zelf, met z’n allen is het nog leuker! Mijn ouwe buurkater – CW voor intimi – miauwt ‘iedereen heeft het in zich om mee te doen’. En met zijn levenswijsheid kan hij het weten.
Wees niet ongerust als jouw goeie kop nog niet op de pagina staat. Mijn administratieve rechterpoot is bezig om alle purrichtjes te verwerken. Dus even geduld alsjulliemiauw. Stiekem heeft tante Cato het hartstikke druk met feest vieren. Dat zit zo:

Dubbel feest

Samen slingers

Onze grijs met witte huisgenoot furjaart tweemaal op de dag dat de lente begint. Hoe dat kan? Elf jaar geleden zette zij haar poot onder de adoptiepapieren van ons mens. 21 Maart is haar voor-altijd-thuisdag. In haar poespoort staat dat zij vier jaar dáárvoor geboren is. Het is dus ook haar furjaardag. Dat betekent dat ze dit jaar 11 plus 15 is 26 kaarsjes mag uitblazen. Het is wel zo leuk als die op heuse taart staan. Ik weet van furriendjes dat zij kattentaart krijgen voor hun speciale dag. Zoiets moet te doen zijn, dacht ik. Bij Heel Holland Bakt ziet het er zo simpel uit. Vol goede moed ging ik aan de slag met beslag. Inmiddels ben ik erachter dat ik het beter bij muizen kan houden.

Tip nummer 1: laat de zak meel niet vallen. Dat spul stuift alle kanten op. Door de witte wolk zie je geen poot meer voor ogen. Om maar te zwijgen over je jas. Die ziet er niet uit daarna.
Vraag nummer 2: iemand enig idee hoe je eieren kapot tikt zonder dat alles op de vloer ligt in plaats van in de kom?
Vraag nummer 3: wel of geen suiker? Bij de suikersjellenge lees ik dat al die klontjes funest zijn als je deze zomer in je zwembroek wilt passen.
Tip nummer 4: boter maak je beter niet zacht met je poten. Die vettige massa is een drama voor je stiletto’s. De muizen glijden er af en dan heb je het nakijken.
Tip nummer 5: zorg voor voldoende muizen. Sappige muizen om purcies te zijn. Het liefst volvette. Laten die piepbeesten in deze tijd van het jaar wat aan de magere kant zijn. Ze zijn hun wintervet duidelijk kwijt. Dat maakt de taart minder smeuïg.
Tip nummer 6: Bij gebrek aan volvette piepbeesten is romige kattenmelk onontbeerlijk. Hiermee valt en staat alles. Of is het staat en valt. Hoe dan ook, giet er voldoende bij en doe je uiterste best om er toch nog iets van een beslag van te maken.
Tip nummer 7: pas op met de oven. Het bakblik wordt gloeiend heet. Als je je poten verbrand, moet je op de blaren lopen. Muizenjacht zit er voorlopig niet in
Tot slot tip nummer 8: het aansteken van de kaarsjes is levensgevaarlijk. Voor je het weet steek je je snorharen in de fik.
Moet ik nog miauwen dat de taart geen succes was?

Tante Cato

Va-kat-ure

Heb jij meer kaas gegeten van taarten maken dan ik? Ken jij de finesses van Alle Katten Bakken? Weet jij purcies hoe je een feestelijke furjaardagstraktatie maakt? Dan ben jij de Meesterlijke Muizenbanketbakker die we zoeken! Daar worden vast heel veel feestvierders blij van. Natuurlijk is álle enthousiasme welkom bij Muisbezorgd. Als het maar affiniteit heeft met piepbeesten. Stuur een foto van je goeie kop naar japie apenstaartje muisbezorgd punt en el en vertel erbij hoe je heet en waar jouw passie ligt als het aankomt op deze boeming bissniss. Dan zorgt tante Cato ervoor dat je op de website komt. Saame maken we het furschil.

Koppie van Japie

Japie: tante Cato helpt mee

Tante Cato

‘Japie, kom eens naar beneden. Het is tijd voor meowe letters.’ ‘Nee, hè,’ mopper ik, ‘moet dat nu? Ik heb em bijna!’ Ik zie de frêle snorhaartjes boven de plooien van het gordijn uitpiepen. Als ik net iets hoger klim, hoef ik alleen nog maar mijn klauw uit te steken en dan rijg ik em zo aan mijn vlijmscherpe stiletto.
‘Jaaapie!’
De miauw van tante Cato gaat een octaaf hoger. Ik moet óf nu toeslaan óf me omlaag laten zakken. Om tijd te winnen vraag ik poeslief: ‘Waarom roept ù me, en niet ons mens? Mo helpt me toch altijd met typen?’ Ik hoor m’n tante zuchten. ‘Je weet zelf ook wel dat ze al dagen lang een schorre zeehond imiteert. Daarom ben ik deze keer jouw rechterpoot. Zo groei ik gelijk in mijn nieuwe rol bij Muisbezorgd.’

Bissniss

Het is net in dat ene onbewaakte moment dat muis z’n kans schoon ziet om razendsnel aan de achterzijde van het gordijn richting vloer te roetsjen. Daar gaat mijn kans. Maar hij is nog niet verkeken. Ik kijk achterom, een paar obstakels maar, dat moet lukken. Ik trek mij nagels uit de stof – sorry Mo, voor de gaten, dit is een noodsituatie, dat zul je vast begrijpen – en stort me omlaag. Met luid gekletter donderen een paar krukjes op de grond, waardoor de brokken alle kanten opvliegen. Tante Cato springt verschrikt opzij, maar herpakt zich snel. Streng miauwt ze me toe dat we nu toch echt aan mijn furhaal moeten beginnen.
‘Bissniss is bissniss’, voegt ze er aan toe.
‘Eerst die muis,’ piep ik, ‘dat is ook bissniss! Als ik em te pakken krijg, mag u die kleine rakker opeten.’ Ondertussen zie ik de snoodaard vanuit mijn ooghoeken over de tafel rennen. Met alles wat ik in me heb, neem ik een snoekduik en glij over het plastic tafelkleed. Net voor ik zijn staart kan grijpen, is hij al op de grond en schiet onder de deur van de kast door. Katjandosie. Hoe krijg ik em daar uit?

Idee? Of niet?

Terwijl ik wiskundige berekeningen maak hoe ik dat onderkruipsel het beste te grazen kan nemen, begint m’n tante opnieuw aan mijn kop te zeuren. ‘Misschien kunt u zelf iets miauwen,’ opper ik, ‘dat vinden de lezers vast leuk.’ De muis zit in de kast waar onze brokken staan. Ik weet dat die deur altijd op een kiertje staat. Niet dat ik daar veel aan heb,

Bende na muizenjacht

want ons eten zit hermetisch afgesloten in een blik. Dus zelfbediening is er niet bij. Maar met een beetje mazzel kan ik de deur wel eigenpotig open krijgen.
‘Zal ik miauwen over al die teken die door je jas kruipen, Japie? Nee, dat is niet aardig. Die gluiperds zijn echt gemeen voor je.’ Ik luister met een half oor als ze verder gaat met opsommen.
‘Wacht, misschien is het leuk om te miauwen dat ik tegenwoordig alleen in een kamer durf te eten met de deur dicht. Daar ben ik best wel trots op.’
‘Dat is absoluut een mijlpaal om te miauwen’, roep ik, met mijn poot klem onder de deur. Het is een kwestie van wrikken, dat voel ik aan alles. ‘Alleen wel jammer dat u nooit meer afwas voor mij laat staan’, denk ik hardop. Ze lijkt het te niet horen. Of ze wil het niet horen, dat kan ook. ‘Ik kan iets vertellen over mijn spiksplintermeowe plasdoos, gevuld met aarde en plantjes en dorre blaadjes. Dat zou wel eens een trend kunnen worden.’ Voor ik kan reageren, zwaait de kastdeur open. Ik wist dat ik het kon.
Nu alleen dat piepbeest zien te lokaliseren. Beetje jammer dat die kast vol staat met spullen. Dat is zo onhandig. Nu moet ik ook nog alles opzij schuiven.
‘Of zal ik…’

Oeps

Muis in gordijn

‘Japie, luister je wel?!’ Ik ga zo op in het leeghalen van de kast dat ik allang niet meer hoor wat m’n tante aan ideeën heeft. Ik sjor aan wat opbergboxen. Daar in het hoekje, juist achter de zwaarste doos, daar zit ie. Ik zie em heus wel. Zijn bruine kraaloogjes schieten nerveus heen en weer. Ook muis doet aan wiskunde.
‘Jongens!’ klinkt het opeens vanuit de deuropening, ‘wat gebeurt hier allemaal?!’
Haar stem kraakt als een oude radio, maar is onmiskenbaar streng. Wat ik toen deed, hoort niet in het pootboek ‘Zo vang ik een muis’. Mijn aandacht verslapte. Even maar. Muis schiet zijn kans schoon en rent rakelings langs Mo’s blote benen, linea recta richting keuken. Daar verdwijnt ie onder de koelkast, die ik never nooit niet van zijn plek kan krijgen. Tante Cato ziet de teleurstelling in mijn ogen. Zacht schraapt ze haar keel.
‘Ik denk dat we het simpel moeten houden, Japie,’ fluistert ze, ‘zal ik alleen maar even zeggen dat je site online*) staat?’

Koppie van Japie

*) een eerste proefversie om alvast te snuiven.