Hoi allemaal, ik hoop dat jullie een fijn wiekent hebben. Ik ben zelf heel blij dat de weer-meneer overal onweer heeft gegeven zodat het overal wat koeler werdt.
Lucht in huis
Er was ook kei-veel regen en die druppels kletterde hard tegen het raam aan. Ik was wel een klein beetje bang want het water kletterde zo hard tegen het raam dat het geluid klonk alsof er een waterval met water vanaf het dak naar beneden viel langs het raam af. Toen de regen en onweer voorbij waren, kwam er frisse lucht in het huis en mocht ik gewoon weer mijn tuin in omdat de tegels niet meer heet zijn.
Tuin
Alles lijkt weer normaal. Alsof het nooit zo heet was. Dat is raar. Het voelt raar. Want de ene dag dan lig je echt helemaal nokaut en van pampus en de andere dag ben je kei-druk in je tuin op jacht naar beestjes. En dat alleen maar omdat het soms kei-heet was en nu niet meer. Zou de herfst er al zijn? Herfst is toch wanneer er altijd kei-veel regen komt? Misschien is dat het wel. Ik ben niet zo goed met dagen en seizoenen. Mijn vrouw weet dat wel goed. En als ik het dan wil weten, dan vraag ik het aan haar.
Raam
Afgelopen week heb ik iets kei-moois ontdekt. Doordat de lucht nu frisser is, heeft mijn vrouw alle ramen en deuren open gezet. Dan waait de frisse lucht lekker door het huis heen. Zelf kan ik daar ook van genieten want ik ruik aan de lucht. En dan ruik ik de lucht van gras en van de bomen en van de grond. En daar word ik heel rustig van. Ik vind dat lekker ruiken.
En toen ik op mijn krabpaal lag te snoffen, zag ik ineens dat het raam aan de voorkant open stond. Eerlijk waar, ik wist geeneens dat daar een raam zat dat open kan. Je snapt wel dat ik dan meteen op inspeksie moest. Dus ik hup, van de krabpaal af en naar de raam toe. Oja, hoe kan ik op de vensterbank komen want er staan allemaal kleine plantjes op. Dat maakt het een beetje lastig voor mij.
Voorkant
Nu zie ik het! Ik kan op het tafeltje springen waar de akwaariejum opstaat en dan kan ik vanaf daar op de vensterbank springen.
Want op dat stukje staan geen planten. Als ik dan doe zigzaggen om de planten heen, dan kan ik naar de raam toe. Er hangt ook een grote luuksefleks voor de raam maar daar heb ik geen last van. Dus ik zigzagde mooi naar de openstaande raam. Alleen, hoe kan ik nou naar buiten kijken? Kan ik misschien mijn kop er doorsteken? Hmm… Even proberen hoor. En ja, dat ging kei-goed! Ik had mijn kop buiten en mijn lijf binnen. En nu zag ik dus ook dat ik een voorkant heb bij mijn huis.
Klem
Er staan allemaal bomen en ik zie ook een weg. Er staan ook een paar auto’s maar die doen niks, die staan stil. En ik heb ook een voortuintje. Dat zie ik ook. Daar wil ik in. Maar het lukt me niet. Ik kan niet vooruit maar ik kan ook niet terug. Nu zit ik klem in de luuksefleks. Ik kan mijn poten niet optillen en ik kan niet draaien met mijn lijf.
Daar sta ik dan, vast. Dus wat doe ik, ik ga mauwen. Een hulp-mauw. Die zijn best hoog en zielig. Dat je weet, oh er is iets aan de hand. Mijn vrouw had me al gezien en moest wel lachen. Ze zei dat dit een tiepies Brammie-aksie is. Mijn vrouw kwam mij helpen. Ze boog de luuksefleks zodat ik er doorheen kon. Ze tilde me op en zette me weer in de woonkamer neer.
Nu wil ik een snek, want ik zat klem! En de volgende keer vraag ik gewoon of de voordeur open kan. Dan zit ik niet klem.
Hoi allemaal, ik hoop dat jullie toch een fijn wiekent hebben na deze hitte. Het is buiten kei-heet geweest. En de zon heeft volgens mij in de plenning dat hij nog veel langer wil blijven, ook na de regen.
De tuinkontroole gaat zo. Eerst ga ik kijken of ik nog water kan drinken uit het zwembad maar meestal ligt het zeil er dan al op. Dat is zodat er geen beestjes en blaadjes inkomen, zegt mijn vrouw. Op het zeil kan ik ook staan. Dat is nieuw en dat heb ik pas ontdekt.
In de zomer mag ik langer opblijven en buiten zijn dan anders. In de herst en winter heb ik een speesjaale tijd. Dan moet ik voor het donker al naar binnen. En dat is best vroeg. Volgens mijn klokje zou het dan al 6 uur zijn in de avond en niet 8 uur.
Wanneer ik naar binnen moet, zeur ik eerst om een snek. Want ik vind dat gewoon lekker als ik van buiten af kom. Meestal krijg ik een snek voor de tanden met kipsmaak van Dentalife. Lekker spul hoor. Daar voel ik me gewoon fijner bij. Dat is een roetiene-gefoel denk ik.
In mijn tuintje is het nu heel fijn. Het zwembad is er met lekker water. Het water is niet heel erg koud meer maar een beetje lauw en dat vind ik lekker smaken. Ik klim graag op de rand om wat te drinken. Mijn vrouw is er bij want ze denkt dat ik soms in het water kan vallen. Dat kan, dat kan ook van niet. Ik weet het niet. Ik heb geen zwemdiploma dus ik vind het fijn als mijn vrouw erbij is. Dan weet ik zeker dat er niks gebeurt.
Mijn kop was ineens niet meer bij de foguls maar bij dat verschrikkelijke herrie ding. Mijn hart klopte ineens sneller dan normaal en mijn oren waren gespitst en alert. Met mijn grote oog keek ik naar waar het vandaan kwam. Wil ik hier iets mee? vroeg ik mezelf. Nee. Dit is eng en ik moet weg. Mijn lijf en ik zijn best geschrokken van dat rijdend monster. Mijn poote zijn heel snel en rennen meteen weg van waar ik zat. Ik spot een paar stoelen en rees daar meteen heen. Daar ben ik veilig! Mijn poote trillen een beetje en mijn rug haren staan overeind. Wat een kabaal maakt dat monster zeg! Ik voel me alles behalve veilig.
Gelukkig zie ik mijn vrouw die naar me toegelopen komt. Dan wordt het iets veiliger maar ik blijf zitten waar ik zit. Als het monster langs onze schutting staat pakt hij zo’n grote bak op en schud hij het drie keer zodat de bak helemaal leeg is. Nou ik kan je zeggen, ik maak niet zo’n rommel en ik eet mijn eten netjes op zodat er geen restjes over zijn. Misschien moet mijn vrouw dat ook maar doen. Dan hoeft dat monster ook niet langs te komen.
Hoi allemaal, ik hoop dat jullie een fijne vakanzie hebben. Het is nog steeds de grote zomervakanzie. Iedereen is of gaat weg. Wij niet.
Als ik eerlijk ben van mezelf dan kan ik gerust zeggen dat ik een snoepkont ben. Ik lust heel veel en vooral als het met kipsmaak is. Of het nou voor speesjaal voor katten is of niet dat maar niet uit. Met sneks ben ik niet moeilijk en ik wil best altijd snektester zijn. Dat lijkt me echt heel koel. Dat je gewoon alle sneks gratis mag uitproberen en dat je dan je mening mag geven of je het lekker vindt of niet. Nou, zo’n droombaan wil ik wel. Volgens mij is daar een naam voor, namelijk boergondies. Als je boergondies bent wil dat zeggen dat je gewoon alles lekker vindt en dat je ook echt geniet van je eten. Eerlijk is eerlijk, ik ben boergondies! Zoals ik al zei vooral kipsmaak maar ik vind zoete joggurt ook erg lekker. Zeker als er een sausje bij zit van aardbeien, die zijn het lekkerst.
Maar ik was nog niet alles kwijt. Ik dacht van wel maar dat was niet zo. Ik had gewoon even iets langer op de bak moeten wachten. Nu lag er een spoor door de huiskamer heen en mijn billen waren vies. Ik voelde me alles behalve een katermans. Dit had ik nog nooit eerder meegemaakt en ik vond het niet leuk. Wat moest ik nu doen? Ik had geen zin om mijn achterwerk te poetsen. Dat stonk nog steeds naar Brammiegeur. Misschien moet ik maar gewoon wachten dan gaat het vanzelf wel weg. Natuurlijk kreeg ik daar de kans niet voor want mijn vrouw was er ook. Die was in de keuken bezig toen het allemaal gebeurde. Ik hoorde haar iets zeggen over dat het niet erg is en dat we mijn billen wel even gaan doen. De spoor in de kamer ging heel makkelijk weg. Dat was een doekje en schoonmaakmiddel. Daarmee veegde ze de spoor weg. En daarna maakte ze de vloer nog een keertje schoon met een sterkere schoonmaak zodat er geen restjes achterbleven.
Toen dat dus klaar was, was ik aan de beurt. Ik moest naar boven naar de badkamer. Nou ik kan je zeggen, ik ben heel erg boos geweest op haar. Ze zette me in de douche neer en deed de deur dicht. Ze pakte me vervolgens op en zette me op de wastafel. Daar ging de warmwater kraan open. Dat is niet de kant van waar ik normaal water drink. Ik drink altijd van de koudewater kant. Ze pakte een wasdoekje en maakte die onder de kraan nat. Daarna, eerlijk waar, ging ze met dat doekje naar mijn achterwerk! Nou ja zeg. Ik schaamde me al genoeg en nu zat ze aan mijn billen. Ik weet dat ik alles kan bespreken in de blog maar dit wordt toch lastig. Ze zat gewoon aan mijn katermans billen. En toen kwam het. Ik ging blazen en grommen want ik was gewoon boos. Dit is alles behalve leuk. Ik wilde van de wastafel af maar ze pakte me nog beet ook. Ze had me met haar hand vast in mijn nek. En ik kon gewoon nergens heen terwijl ze dat doekje heen en weer wreef.
Ik was nog niet buiten of ik zag allemaal fladders. Van die kleine donsjes met van die mooie zachte veren. Mijn vrouw doet deze fladders voeren met speesjaal voer. Dat zijn van die korreltjes en zaadjes die je bij een dierenwinkel kunt kopen. De donsjes vinden het erg lekker want ze komen steeds terug. Soms hangt mijn vrouw ook pinda’s in een netje aan de schutting, die eten de donsjes ook. Ik ging me furstoppen in de struiken voor de donsjes, want dan kunnen ze me niet zien. Daar ga ik dan zitten en wachten tot er een donsje dichtbij komt. Meestal plen ik dit. Dan bedenk ik van te voren eerst waar ik wil gaan zitten.
Ik tikte nog met mijn rechter poot tegen het donsje aan en daarna nog een keertje met links maar het donsje deed niks meer. Het fladderde niet eens meer. Dat was best saai. Toen kwam mijn vrouw naar buiten en pakte zij het donsje op. Mijn vrouw keek me ook aan en zei ‘oh Brammie toch, is het je toch gelukt kereltje’. Jaaa zeker! mauwde ik. En ik voelde me best trots dat ik dat donsje had gevangen. Nu moest het donsje gewoon weer normaal gaan doen en weer gaan fladderen.