
Hoi allemaal, ik hoop dat alles goed gaat met jullie. Fandaag wil ik het graag hebben over emoozies en gefoeligheid.
Want zoals jullie misschien weten ben ik van mezelf een gefoelige katermans. De gefoeligheid maakt me ook onzeker en soms emoozieneel. Wat er dan allemaal gebeurt zal ik uitleggen.
Liggen
Gefoelig is dat je vatbaar bent voor indrukken. Het maakt niet uit waar ze vandaan komen. Je kop zal het weten en verwerken en je lijf zal reejageren. Ik ga proberen een voorbeeld te geven. Als iemand een lief woordje tegen je fluistert. Ik ben heel gefoelig voor dit soort dingen dus mijn kop reejageert meteen. Die wil meer. Mijn oren blijven omhoog staan maar mijn oog wordt iets kleiner. Dit vindt ik fijn. Mijn lichaam wordt dan ontspannen. Mijn poten staan niet meer zo sterk en zo strak. Meestal ga ik er dan bij liggen zodat ik niet ineens omval. Want dat kan ook gebeuren.
Als er meer van die woordjes komen, gaat mijn motortje draaien. Of te wel, ik ga spinnen. Dat is een bibber van binnen. En het geeft me een veilig gefoel. Wanneer er dan geen woordjes meer komen, vind ik het wel jammer want ze zijn leuk om te horen. Maar er gebeurt verder niks met mijn lichaam. Sommige poesen of katers zijn niet zo gefoelig en die merken helemaal niks in hun kop of in hun lichaam.
Emoozies
Soms is gefoeligheid ook moeilijk. Als er verschillende emoozies bij komen. Hoe ik dit bedoel ga ik nu vertellen. Als mijn vrouw nu furdriet heeft en ze wil samen zijn met mij. Furdriet is haar emoozie maar ik foel het ook. Ik foel het door hoe ze met me praat. Haar stem is dan zachter en ze onderbreekt haar zin de hele tijd. Ze snikt tussen de woordjes door. Ook veegt ze met haar handen de tranen van haar wangen.
Mijn lijf wil tegen haar aan liggen. Dat ze me foelt en dat ze weet dat ze er niet alleen voor staat. Ik geef haar kopjes en duw met mijn lichaam tot dat ik een fijn plekje heb gevonden bij haar. Maakt niet uit of het op schoot is of dat het tegen haar lichaam aan is. Het gaat erom dat we elkaar foelen.
Nu is het zo dat mijn vrouw me gaat aaien en gaat kriebelen waar zij vind dat het nodig is. Ik laat het toe omdat ik weet dat ze het nodig heeft. Als er furdriet is ben ik makkelijk en mijn vrouw mag alles bij mij. Vanmezelf vind ik furdriet best moeilijk.
Bolle
Soms heb ik ook furdriet. Ik foel me anders dan gewoon. Met furdriet heb ik geen zin in mijn elke dag dingen. En soms heb ik dan ook geen trek in mijn brokjes. Wanneer wordt ik furdrietig? Eigenlijk best vaak.
Vandaag ben ik furdrietig omdat Bolle over de Regenboogbrug is gegaan. Mijn vrouw zag me me vanmorgen lang op de zelfde plek liggen. Ze vroeg me of hoe ik me foelde en wat ik iets nodig heb. Ik kreegk heel veel kusjes op mijn kop. En ze kriebelde ook aan mijn wangen. Dat was gewoon fijn en nodig. Dat ik haar foelde en dat het okee is om furdriet te hebben. Ik kreeg ook een snek en ekstra lekker te eten.
Furdriet
Ik heb thuis geleerd dat als je furdriet hebt, dat je heel veel om iemand geeft en dat die in je hart zit. Niet in het echt want dat past niet. Maar eerlijk waar, ik vind iedereen lief en iedereen mag in mij hart. En furdriet is okee. Emoozie maakt ons mooi.
Nu foel ik me heel trots dat ik dit zo heb geschreven. Want soms is gefoel lastig.

In de avond, met donker weer, hebben mijn vrouw en ik een speesjaale plenning. Deze plenning is ook elke keer anders. In de zomer, wanneer de dagen lang licht zijn, mag ik veel langer buiten blijven. Maar nu gaat dat niet. Dus doen mijn vrouw en ik elke avond iets leuks voor ons zelf. Hier heb ik dan meestal gelijk omdat ik gewoon weet wat leuk is om te doen. De meeste van jullie weten wel dat ik een gefoelige katermans ben die van zachte dingen houdt. Zoals het voorlezen van mijn vrouw. Dan zitten we in bed onder de dekens en dan heeft mijn vrouw een boek voor haar. Ik kruip dan tussen haar en haar boek in en dan doet ze zachtjes hardop lezen. Het is dan een beetje een gefluister maar dan een klein beetje harder. En ze doet dan ook friemelen aan mijn lijfje en dat vind ik ook heel erg fijn.
Eerst ga ik een lekker dut-plekje zoeken op bed. Dat je met je poten voelt van ja daar kan ik wat mee. Dan volgt natuurlijk mijn getrappel want ik vind wel dat ik dan lekker moet liggen. Dat is wanneer je met je poten genoeg getrappelt hebt zodat je meteen om kunt vallen en kunt slapen.
Dit spelletje doen we een keer of drie. Dat is genoeg voor mij.
Als beebie-kitten speel je heel veel en dan moet je ook gewoon veel eten. Gelukkig kreeg ik dat daar ook meteen. En met daar bedoel ik het dierenopvangcentrum. Zo heet dat waar de ambulance mij naar toe bracht. Daar werd ik overgezet in een veel grotere hok waarin ik kon rondlopen.
Soms blijven poesen en katers daar wonen omdat ze het daar fijner vinden. Want eigenlijk is het ook een soort huiskamer. Er zijn genoeg bedden voor iedereen. Dus slapen doe je in je eigen bed. Je hebt daar verschillende krabpalen en speeltjes maar die moet je wel samen delen. Ook staan er overal schaaltjes met brokjes en water. Dus iedereen krijgt het zelfde te eten. En de bak voor je behoefte moet je ook delen. Maar dit wordt elke dag schoongemaakt en je krijgt er bijna elke dag snoep, sneks en knuffels. Ik woonde daar 7 dagen in kamer 32 met andere kittens toen mijn vrouw mij kwam halen. En vanaf die dag woon ik al bij haar. Dat is best lang want dat is nu 11 jaar geleden.
Hoi allemaal, ik hoop dat jullie een fijn wiekent hebben. Ik ben zelf heel blij dat de weer-meneer overal onweer heeft gegeven zodat het overal wat koeler werdt.
En toen ik op mijn krabpaal lag te snoffen, zag ik ineens dat het raam aan de voorkant open stond. Eerlijk waar, ik wist geeneens dat daar een raam zat dat open kan. Je snapt wel dat ik dan meteen op inspeksie moest. Dus ik hup, van de krabpaal af en naar de raam toe. Oja, hoe kan ik op de vensterbank komen want er staan allemaal kleine plantjes op. Dat maakt het een beetje lastig voor mij.
Er staan allemaal bomen en ik zie ook een weg. Er staan ook een paar auto’s maar die doen niks, die staan stil. En ik heb ook een voortuintje. Dat zie ik ook. Daar wil ik in. Maar het lukt me niet. Ik kan niet vooruit maar ik kan ook niet terug. Nu zit ik klem in de luuksefleks. Ik kan mijn poten niet optillen en ik kan niet draaien met mijn lijf.
Hoi allemaal, ik hoop dat jullie toch een fijn wiekent hebben na deze hitte. Het is buiten kei-heet geweest. En de zon heeft volgens mij in de plenning dat hij nog veel langer wil blijven, ook na de regen.
De tuinkontroole gaat zo. Eerst ga ik kijken of ik nog water kan drinken uit het zwembad maar meestal ligt het zeil er dan al op. Dat is zodat er geen beestjes en blaadjes inkomen, zegt mijn vrouw. Op het zeil kan ik ook staan. Dat is nieuw en dat heb ik pas ontdekt.
In de zomer mag ik langer opblijven en buiten zijn dan anders. In de herst en winter heb ik een speesjaale tijd. Dan moet ik voor het donker al naar binnen. En dat is best vroeg. Volgens mijn klokje zou het dan al 6 uur zijn in de avond en niet 8 uur.
Wanneer ik naar binnen moet, zeur ik eerst om een snek. Want ik vind dat gewoon lekker als ik van buiten af kom. Meestal krijg ik een snek voor de tanden met kipsmaak van Dentalife. Lekker spul hoor. Daar voel ik me gewoon fijner bij. Dat is een roetiene-gefoel denk ik.