Categorie archieven: Uit het leven van Bert

Wanneer ben je nou te dik?

dik

Ik ben geen vel over mijn been kater, dus dat ik heel slank ben. Ben ik nooit geweest en eerlijk waar voor mij hoeft het niet. Maar ik ben wel groot. Dus ik weeg wel wat.

Mijn vrouw is krieties op mijn gewicht. Dat foel ik vooral als ze opeens zo intens naar me kijkt of dat ze tijdens het aaien en dan ben ik net echt superontspannen, dat ze dan opeens in mijn buik knijpt met haar hand. Serieus waar. Ik foel het gewoon.
En ik eet hetzelfde als altijd dus brokjes en avondeten en een welterustensnek en dan heb ik ook een wiekentsnek en soms poezenlimonade. Dus dan blijf ik wie ik ben, als er niks verandert dan verandert er niks, zo zie ik dat.

Mager

Nou zit ik op Twitter en laatst zei een van mijn vrienden dat hij was aangekomen. Voor hem was het goed als zijnde magere ex-asielkater. Voor mij zou het verkeerd zijn. Wanneer ben je nou te dik?

Folgens mij is het goed om een beetje reserve te hebben. Dus als je een dag niet kunt eten omdat je misschien misselijk bent, dat je dan nog je reserve hebt. Maar je moet geen reserve hebben die heel zwaar is dat je dat last van je rug of je poten krijgt. Of dat je diejebeet wordt dat was ik bijna geweest. Soms moet je meer wegen, dat heeft Loesje nou ze haar nierdiejeet eet. Het is goed voor haar nieren maar ze is wel ronder en ook mooier, al gaat het daar niet om.

Sportbokken

Persoonlijk find ik ook dat een kat altijd brokjes moet hebben staan. Dus dat je kunt eten als je trek hebt omdat je trek hebt. Ik heb sportbrokken en daarmee zit ik heel gauw vol, ik krijg geeneens alles op wat de dokter zei dat ik per dag mag eten. De laatste tijd vond ik ze saai en nou doet mijn vrouw er sneks doorheen, helemaal niet veel maar nou eet ik ze weer. En ik heb ze nooit op. Dat is dus een tip voor iedereen die denkt ik wil ook brokken.

Wat ik weet van nabeiheid

nabei

Het is nog steeds zo dat ik niet op schoot durf dus als mijn vrouw het moeilijk heeft dan moet ik iets anders bedenken. Ik kan iets dat heet nabeiheid.

Samen

Als huiskater ben ik altijd thuis tenminste ik wel dus dat betekent dat ik dingen voor mezelf doe en voor het samenzijn in huis. Ik controleer de straat, ik ruik aan de boodschappentas dat er geen gekke dingen in zitten, ik help mee als er nieuwe lakens op bed moeten en nog veel meer en ik moet ook op mijn vrouw letten. Zij zegt: “We doen het samen, Bert.”

Dit is wat ik doe als alles gewoon is en gewoon moet blijven:

  •  als ze te laat naar bed gaat miauw ik keihard dat helpt
  •  blijft ze te lang liggen ’s morgens dan ga ik voor het bed zitten en heel intens kijken
  •  wil ze ’s morgens vroeg weg dan doe ik of ik slaap dus dan zie ik het eigenlijk niet
  •  als het tijd is voor avondeten dan kijk ik naar de keuken en naar haar, tot ze het snapt

Beter

Nou gebeurt het soms dat ze moe is en dus heel erg moe. Eerlijk waar ik vind het een beetje eng wegens wie moet er dan de grote vogels wegjagen als ze komen? Het is anders dan gewoon dus het is niet goed. En van mijn vrienden op Feesboek weet ik dat een vrouw dan beter wordt als je op schoot gaat of op haar gaat liggen, mijn verkering Loesje kan dat zelfs een hele nacht.
Maar ik niet.
Ik heb het nooit gedaan hier en misschien ga ik het nooit doen ook. Maar iets moet ik wel doen als huiskaterman en dat heb ik uitgevonden, het heet nabeiheid.

Je gefoel

Nabeiheid dat is als je met je lichaam heel dicht bij elkaar bent zo dicht als je durft en dan ben je met je gefoel nog dichter bij elkaar.
Dat kan ik.
Ik ga twee foorbeelden geven.

Als mijn vrouw moe is gaat ze op het tapijt liggen. Dan ga ik bij haar liggen ook op het tapijt, dat is om te helpen. Wanneer ik haar aankijk dan foelt ze mijn gefoel en dan is er nabeiheid. We slapen dan en daarna is ze beter.

Of ik lig op mijn kussen op de bank en zij komt erbij en zegt dat ze zo moe is. Dan geef ik haar hoofd een kopje en dan zegt ze “Dankjewel Bert” en dat is ook nabeiheid.

Dus misschien kan ik niet op schoot maar ik kan wel iets anders en dat helpt ook.

Over een balletje waar ik niks mee kan

balletje

Wegens mijn gezond moet ik spelen en soms is het leuk. Maar dan moet je wel goed speelgoed hebben en toen ik dit balletje kreeg, wist ik: nee.

Balletjes zijn moeilijk, vind ik. Want ze gaan alle kanten op ook al tik je er met je poot maar even tegenaan. Dus je voelt je oer, je haalt uit met je poot, je voelt meer oer in je komen en dan moet je kijken van waar is dat balletje heen en wat doe ik nu.

Scheuren

Scheuren is leuker. Vooral met een krant. Je ligt, je rolt, je hebt je tanden en je poten en je hoort ook nog wat je doet dus dan klopt alles meteen. En als je klaar bent dan heb je wat gedaan want dat kun je zien het ligt gewoon alle kanten op waar jij net lag.
Misschien is het wel mijn hobby, dat scheuren.
Maar aan boeken scheur ik nooit, alleen kranten en ook weleens tijdschriften, als het op de grond ligt is het ook van mij.

Lintje

Met het lintje is ook leuk. Daar begon ik mee te spelen toen ik hier kwam. Toen kwam mijn vrouw op het idee om iets aan het lintje vast te binden. Vind ik soms leuk. Dat draait er iets rond en ik tik ertegen met mijn poot.
Daarna dacht mijn vrouw het kan ook zonder lintje en zo kwamen de balletjes in mijn leefe. Goede en ook andere.

Balletje

Wat is een goed balletje?
Dat je kunt vasthouden met je bek, dus dat je controle hebt en jij de baas bent. En je moet ook zien en snappen wat het balletje doet. Dus het rolt helemaal niet ver weg als je ertegen tikt. Oja en het mag niet hard zijn.

Dit is dus geen goed balletje. Het is keihard, het rolt overal heen, ik kan het geeneens met mijn tanden vastpakken en het hele erge komt nou dat is er zit een rammel in. Dus dit is een balletje waar ik helemaal niks mee kan.

Waarom ik met mijn poot vooruit lig

poot

Laatst vroeg Streepje op Feesboek mij waarom ik met mijn poot waaruit lag. Of ik dan ontspannen was. Daar ga ik nou meer over zeggen.

Katerman

Eigenlijk lig ik vooral zo als ik me een katerman voel, dus dat ik zelfvertrouwen heb. Dat ik weet ik mag er zijn en ik ben er ook. Op deze foto had ik net gespeeld en ik had ook nog gewonnen dus toen wist ik dat ik wat kon. Dan lig ik het lekkerst met mijn poot vooruit.

Goed genoeg

Ik weet geeneens wanneer ik ermee ben begonnen. Misschien dit jaar. Of toen ik tien werd, dat is lang geleden maar het deed iets met me, wegens dat ik steeds vaker thuis gesprekken had over seeniejor zijn en dat ik een seriejeuze kater was, en dat ik ook meetelde.
Of misschien kwam het doordat ik ontdekte dat het echt veilig was hier en dat ik goed genoeg was om hier voor altijd te mogen blijven. Dat de glazenwasser wel herrie kwam maken, maar dat hij elke keer weer weg ging en tot dan kon ik gewoon onder de tafel zitten. En als de dokter kwam, vond ik dat moeilijk maar ik kreeg altijd sneks erna en ook knuffels en dan was ik weer mezelf. En ook, als er mannen in mijn straat zijn of er is herrie, dan hoef ik niet in de vensterbank dan mag ik gewoon bang zijn en dan krijg ik evengoed knuffels.

Veranderen

Dus ik heb geleerd dat ik goed ben zoals ik ben.
En dat ik niet hoef te veranderen.
Behalve als ik het wil.

Vooruit

Ja, en dan krijg je van binnen een ander gefoel, dan wordt je rustiger en sterker. Ik woon nou vijf jaar samen met mijn vrouw en als ik met mijn poot vooruit lig, dan weet zij zeker dat alles helemaal in orde is. En ik weet dat ook.

Als je een roetine hebt om te gaan slapen

slapen

Thuis mag ik overal slapen waar ik wil. Dus dat doe ik ook en de laatste tijd slaap ik boven op bed, maar dat gaat niet vanzelf. Ik heb een roetine anders lukt het niet.

Op bed

Die roetine is vanzelf gekomen in de tijd dat ik hier woonde. Mijn vrouw wil graag dat ik met haar naar bed ga als ze wil gaan slapen dus dat doe ik. “Kom je nog even op bed, Bertje?” Doe ik ook. Want: knuffels. Dan gaat het licht uit en even later foel ik gewoon: voor mij is het te vroeg.

Eigen plek

Beneden heb ik het huis voor mezelf. Dat is ook weleens fijn, hoor. Ik kijk in de vensterbank naar de autolichtjes die voorbij gaan. Aan de voordeur ruik ik of het die nacht koud gaat worden. Een brokje gaat er altijd wel in. En dan nou ja dan wil ik gezellig slapen en dan kan alleen boven, dus ik de trap weer op.
Eerst aan de paal hangen die bij het bed staat.
Vaak moet ik even in en uit de kast, dat geeft rust.
“Kom nou liggen Bertje,” zegt mijn vrouw dan. En ze klopt op mijn eigen plek op het bed.
En nou komt het gekke. Ik kan presies daar niet altijd opspringen. Soms moet het middenin of aan de andere kant dus waar mijn vrouw met haar hoofd ligt en dan moet ze opzij. Gelukkig snapt ze dat en dat komt misschien omdat ik een keer bijna op haar hoofd sprong.
Dus ik kom op mijn eigen plek. Aaien. Liggen. Slapen.

Ochtend

Alleen tegen de ochtend moet ik even wat voor mezelf doen. Kan zijn de bak, of in de vensterbank van de overloop liggen, of aan de voordeur ruiken hoe de dag gaat zijn. En dan kom ik weer naar de slaapkamer.

  • Hangen aan de paal
  • In en uit de kast
  • Opspringen, aaien

Dat is mijn roetine anders kan ik gewoon niet slapen. Ben ik de enige met een roetine?