Als u mij ziet, dan begrijpt u meteen dat ik een knuffelkater ben. Een dikke wollige vacht, wolkenzacht ook nog en thuis hoor ik niks anders dan dat ik er aaibaar uitzie. Maar dat is mijn buitenkant. Hoe het van binnen zit, dat is een ander verhaal.
Toen ik hier pas woonde, wilde ik vaak geaaid worden. Dat was voor de geruststelling, zodat ik me veilig voelde bij al dat nieuwe. Lang aaien doen we nog, hoor. Nu alleen voor het fijn. Heerlijk vooral ’s avonds en lekker zacht, van even achter mijn oortjes friemelen tot strelingen vanaf mijn kop tot aan mijn staart, en soms een klein beetje over mijn voorpootjes. En dan even met een vinger langzaam onder mijn kin tot op mijn borsthaar en weer terug. Zo kom ik goed in slaap. Tegenwoordig doen we ook iets anders.
Het gaat zo. Ik lig op mijn kussen op de bank. Mijn vrouw zit voor de bank op het tapijt, dicht bij me. En dan knijpen we steeds onze ogen dicht als we naar elkaar kijken. Het is zo fijn dat ik dan eigenlijk geen hand op mijn vacht meer erbij hoef.
Kijken en een beetje praten en fluisteren is genoeg, ik kan gewoon wel aan de gang blijven met spinnen, zelfs met dat diepe ronken. Mijn vrouw zei, dat dit nu praat-aaien was. Ik wist niet eens dat het bestond. Eerst dacht ik, dat ik niet goed in mijn kop was. Waarom zou je immers spinnen als er helemaal niks gebeurt? Soms zegt mijn vrouw niks en dan spin ik toch. Of juist.
We doen nou bijna elke dag aan praat-aaien. Als mijn vrouw eindelijk terug is van het boodschappen doen, komt ze met haar jas aan meteen naar de huiskamer, want daar sta ik dan te miauwen van “schiet op, schiet op.” En dat doet ze. We gaan dan op het tapijt liggen, tegenover elkaar, om te praat-aaien.
Eerlijk is eerlijk, ik vind het nog steeds een beetje gek, maar het is te fijn om het te laten. Je hebt dus gewoon aaien en praat-aaien. Misschien bestaat er wel meer, daar heb ik nog geen idee van!! Sinds ik hier ben, ontdek ik allerlei dingen die ik helemaal niet kende. En ik hoop dat u ook praat-aaien heeft of iets anders dat even fijn is. Anders moet u maar denken: Bertje wist ook niet hoe fijn het leven kon zijn, en die is gelukkig dus ik kan het ook worden.
Dit blog verscheen eerder bij de <a href=”http://www.kattenzorg-denhaag.nl/index.php/bertje”>Vereniging Kattenzorg.</a>
Op de foto: Scooter, geboren op 26 maart 1986. Hang de vlag voor die jongen uit, want hij is met zijn 30 jaar de wereldrecordhouder oud-worden-voor-katten. Dat meldt
In een kattenleven is een goed slaapkussen heel belangrijk. Het is je basis. Want je kunt wel overal slapen, en persoonlijk kan ik dat ook, maar je hebt een kussen nodig waar je altijd van op aan kunt. Gelukkig heb ik dat.
De winter is voorbij en ik ben nog steeds aan het verharen. Dat valt tegen. Ik had echt gedacht, een paar weekjes en dan is het klaar. Het kriebelt soms. En jeuken ook al. Wat te doen?
Ik kan hier niet naar buiten. We hebben geen tuin en ook al geen balkon. Dus ik zit de hele tijd binnen. En dan krijg ik weleens de vraag of ik me als binnenkater verveel. Typisch een mensenvraag vind ik dat.