Categorie archieven: Uit het leven van Bert

Opeens voelde ik het van binnen

   Opeens voelde ik het van binnen. Dat ik ander eten wilde. Laatst had ik tonijn-eten van een ander merk, het zat in een doos. Dat was echt superduperlekker. Ik at alles op en toen heb ik nog een hele tijd op de bank liggen spinnen.

Mijn vrouw ging meteen naar de winkel en ze kocht twee grote dozen. “Nou hebben we voorraad, Bert,” zei ze en ze had een blij gezicht.

Eerste bord

Die avond kreeg ik weer tonijn. Ik rook er even aan voor de zekerheid. Ja, dat was het. Het rook hetzelfde en toch anders dat ik opeens van binnen voelde: nee.

Ik hoefde het toch niet. Zelfs geen hapje. Ik liep van mijn bord weg en ging op een afstand op het tapijt zitten zodat ik goed naar mijn vrouw kon kijken.

“Lust je het niet?” vroeg ze.  Ik bleef zitten waar ik zat.  En toen zei ze: “Maar ik heb net twee dozen gekocht.”

Tweede bord

Ze ging met mijn bord naar de keuken. En met een ander bord kwam ze terug, daar lag avondeten op uit de doos maar het was een andere smaak. Gewoon vis, geloof ik.

Toen ze het had neegezet, keek ze me aan. “Probeer het tenminste,” zei zei. Dus ik erheen en even ruiken en toen wist ik meteen al dit gaat niks worden. Zij wist het ook toen ik wegkeek.

Derde bord

Nou, en toen kwam dus mijn derde bord uit de keuken. Daar lag mijn gewone avondeten op wat ik elke avond krijg behalve die ene keer dus. Ik rook weer aan dit bord, je kunt nooit weten, en gelukkig was het in orde. Ik kon eten.

“Maar je vond dat andere net zo lekker,” zei mijn vrouw tijdens de avondknuffel. Ja, nee, dat wel, maar ik heb toch liever dat mijn avondeten gewoon hetzelfde is en blijft, behalve als ik trek heb in iets anders.

Toen ik raar werd en moest overgeven

overgevenToen ik raar werd en moest overgeven. Ik voel me nou alweer beter hoor maar ik wil er wat over schrijven. Want je leest er best weinig over.

Mijn verkering Loesje heeft pas een aksie gedaan alsdat poezen meer recht hebben op praifussie. Maar als ik het zelf vertel dan kan het hopelijk wel.

Raar

Ik heb altijd brokjes staan, gewone goede brokjes. Ze komen van de dierenarts en toch zijn ze best lekker. Het merk is Specific.

Het was ochtend en alles was gegaan zoals het altijd gaat. Samen naar beneden. Met ons tweetjes de brokjesbal doen. Dan aaien over mijn buik. En toen ging mijn vrouw naar de badkamer, ik at een brokje erbij en ik voelde me opeens raar.

  • Wilde ik doorgaan met aaien? Ja tuurlijk want ik ben een knuffelkater
  • Was er iets mis met de brokjes in de bal? Nee want dat had ik wel meteen gemerkt

Nou ja, wat er toen gebeurde…. Mijn vrouw kwam uit de badkamer en zag het liggen. Ik zat erbij.

Overgeven

Ik zag dat ze naar het overgeefsel keek en naar mij, en toen weer een paar keer heen en weer, heel snel dat wel. Ze aaide me heel voorzichtig. “Arm Bertje,” zei ze, “moest je overgeven?” Nou daar kon ze zelf wel het antwoord op bedenken vond ik. Dat zachte
aaien was superfijn. Ik voelde me nog een beetje bleh.

Bank

“Kom we gaan op de bank,” zei ze. Meteen hopte ik op mijn kussen en ik ging op mijn zij liggen, zodat ze goed bij mijn buik kon.
Want buikkroelen vind ik nog fijner dan zacht aaien.

Ze begon. En ze ging door, heel heel erg lang. “Heb je nou weer een fijn gevoel in je lichaam Bert?” vroeg ze. Eerlijk waar, ik was veel te ontspannen om nog een poot op te tillen. Van het overgeven had ik helemaal geen last meer.

Waarom kater Leo opeens stiefvader werd

stiefvader

Kater Leo uit het Amerikaanse Oregon weet dat het raar kan lopen in het leven. De ene dag ben je een gewone kater, die met mensen woont en de gewone dingen belangrijk vindt. Slapen, eten. Spelen. Knuffels. De andere dag ben je opeens stiefvader van vier kleine kittens. Wat is er gebeurd?

Caravan

De vier kleine kittens werden in zijn huis gebracht door zijn mensen. Ze hadden de kittens met hun moeder gevonden op een caravan, waar ze een tijdje moeten hebben gewoond. Dat is natuurlijk geen goede plaats voor een jong gezin. Ze hadden behoefte aan veiligheid, medische zorg en heel veel liefde. Met veel moeite werden ze van de caravan gehaald en naar de dierenarts gebracht.

Moeder

De moederpoes kreeg meteen extra zorg. Er was een vloeistof in haar lichaam die er niet hoorde. Daarom kreeg ze een behandeling waardoor ze stopte met melk geven, dus als er een operatie nodig werd, zou die gemakkelijker kunnen verlopen. Ze kreeg ook een naam: Noodle. En de vier kittens?
Die waren schuw.

Gezin

De vier kleintjes kregen een tijdelijk thuis bij het gezin waar Leo de kater woonde. Meteen toen hij ze zag, voelde hij vadergevoelens. Hij gaf ze voorzichtige kussen met zijn neus. Hij begon te spinnen zodat ze wisten dat het leven nu in orde was, en de kittens werden kalm en rustig.
Ze besloten dat Leo hun moeder moest zijn.
Leo deed meer dan neuskussen geven en spinnen. Elke keer wanneer de kittens op schoot kwamen, besloot Leo dat ze gewassen moesten worden. Zaten ze in hun bench, dan stak Leo zijn poot uit zodat ze een beetje konden spelen.
En wanneer een kitten zich extra onzeker voelde, dan nam Leo het kleine katje bij zich en begon te spinnen zodat het zich wel beter moest voelen.

Verandering

De vier kittens hebben nu een eigen thuis gevonden.Dankzij Leo hebben ze zelfvertrouwen gekregen en plezier in de omgang met katten en mensen. En mama Noodles? Zij is helemaal genezen en heeft ook een eigen thuis.

(Bron: Lovemeow.com)

Niet spelen met de rode punt

    Dit is een rode punt van dat spelletje. Ik speel het nooit.  En ik vind eigenlijk dat niemand anders dat zou moeten spelen.

 

Eerst waarom ik het nooit speel.  Thuis is er geen lege muur. Daarom niet. Maar nog meer daarom niet dat is omdat ik een gevoelige kater ben en ik heb in mijn leven al genoeg stress gehad. Ontspanning is veel fijner.

 

Vangen

Als je speelt dan wil je winnen, voor alle katers en poezen is dat zo. Dus je moet kunnen winnen. Hoe gaat dat:

  • er vliegt een lintje in de lucht en bam! je zet je poot op dat lintje en het ligt stil dus dan heb je gewonnen
  • je vrouw gooit een propje papier naar je en je vangt het, dan ben je sneller dan het propje dus je bent de winnaar
  • de muis zit helemaal vast tussen je voorpoten en die gaat pas ergens heen als jij loslaat nou dan weet iedereen wie er wint

Nou snapt u wat winnen is. Je doet iets en dan heb je iets dat je kunt voelen, als je wint doe je dat met je lichaam.

Stip

Als ik aan een rode stip op de muur denkt dan voel ik me al zenuwachtig worden. Die stip kan ik niet met mijn voorpoten pakken. Het is lucht en licht en ik weet niet wat het is, maar ervan winnen doe ik nooit. En omdat het beweegt zal ik er dan toch iets mee willen, dat is het stukje oer in mij. Dan ben ik de hele tijd bezig en waarvoor? Voor niks.

Volgens mij kan geen enkele kat ertegen als je speelt en je kunt geeneens winnen. Dus ik zeg doe dat niet met die rode stip.

Er is genoeg ander speelgoed voor katten, en zeker weten dat u het in huis heeft. Een propje papier kan keileuk zijn, dat vind ik tenminste.

Als je opeens moet rennen

rennen Rennen moet af en toe.  Zeker als je een wat oudere kater bent zoals ik. Dat snap ik met mijn kop maar mijn lichaam ligt altijd het liefste op de bank. Snacks in zicht. Knuffels.

Ik hou van het betere leven en van thuis krijg ik daarvoor ook steun. Ze zegt dat ik na mijn moeilijke tijd als zwerfkater nou voor altijd mag ontspannen.

Oer

Soms gebeurt het dat ik me oer voel. Wanneer het komt, weet ik nooit. Ook niet wanneer het stopt. En eigenlijk weet ik ook helemaal niet wat het is waardoor ik opeens van de bank kom en ga rennen, want dat is wat ik dan doe. Waarom ben ik oer als ik een superleven als huiskater heb met superduper veel ontspanning?

Rennen

Gisteren had ik het weer. Dat gevoel.  Ik werd oer en moest rennen, door het hele huis, heen en weer de trappen op en dan omkeren en terug en dan opeens stilstaan en dan opeens verder rennen. Het moest, van binnen. Dus ik rennen en rennen en toen opeens was het klaar. Het gevoel van oer was verdwenen.

Moe

Toen voelde ik pas dat ik moe was. Ja als je de hele tijd op de bank ligt dan heb je ook nul conditie dat snap ik. Maar ik ga nooit uit mezelf rennen, alleen doe ik een beetje gym en Pilatus. Dat is rekken en strekken. Elke keer als ik geslapen heb doe ik dat, en mijn vrouw heeft het van mij geleerd. Gymmen is met een lintje of een muis of een propje papier of een veter of iets dat ik dan net leuk vind. Weet ik ook niet altijd van mezelf.

Nacht

Ja, dat was ik bijna vergeten te zeggen. Soms ben ik ’s nachts ook oer. Dan ren ik maar korter want het klinkt dan keihard en eerlijk waar, dat vind ik een beetje moeilijk. Dus zogauw het kan ga ik op bed liggen om te slapen. Dan is het stil en gewoon. Ideaal.