Categorie archieven: Ollie

Wat ik doe dat is erbij zijn

Nou ik meer rust in mijn kop heb, nou kan ik ook meer ontdekken van wie ben ik fan binnen en wat wil ik eigenlijk foor mezelf en wat wil ik niet. Ik heb al ontdekt van ik ben langzaam met dingen dat is weeges ik ben een gefoelige jongen dus ik heb tijd nodig foor de dingen van het leefe en helemaal als het om mijn eigen leefe gaat.

Nou heb ik wat nieuws ontdekt.
Boofe slaape.

Kussen

Boofe heb ik een eigen kussen in de kast, daar sliep ik soms op toen ik hier pas was. Dat was om bij te koome van alle indrukken het was een grote ferandering van het asiel naar hier dus daarom sliep ik ekstra.
Nou heb ik naast de kast een ander kussen. Groot en zacht en er ligt een dekentje op dat is van Bert geweest en ook van Tim dus ik wist daar kan ik goed op liggen. Alleen wanneer. Oferdag wil ik ook beneden zijn want saame zijn is gezellig.

Rust

Daarom ging ik naar boofe toen het nacht was en ik dacht nou slaapt mijn vrouw dus dan gaat ze niet tegen me praate dan heb ik mijn rust.
Maar dat wist ik niet zeker.
Dus ik stil op de trap, wachten, niks geen gepraat, dus ik naar de kamer, naar het kussen, liggen. Ze sliep ferder.
En net toen ik dacht dit is gezellig toen werd ze wakker en ze begon tegen me te praate.
Dus toen ging ik weer naar beneden. En toen er weer een nacht kwam toen zei ze niks ze keek alleen en toen bleef ik liggen.

Erbij

Ik find erbij zijn belangrijk.
Wat is erbij dat zal ik uitleggen.
Erbij is dat je saame bent alleen je praat niet en er wordt aan niemand gefriemeld en je hoeft niks te doen je bent gewoon bij elkaar, je bent erbij dat is het dus.
Het kan op de slaapkamer het kan op het tapeitje het kan ook in de keuken het kan gewoon oferal.
Erbij zijn dat is fijn, dat heb ik ontdekt. En aaien kan ook dat is ook fijn, maar mijn baasis dat is erbij zijn.

Mijn ferslag van 5 maanden hier wonen

Het is nou zo dat ik 5 maanden hier woon dat is heel lang weeges er is feel gebeurd en het is ook kort weeges ik ben nog steeds aan het wennen.

Ik weet dat er katten zijn die komen net als ik uit het asiel en dan meteen op de dag dat ze in hun huis komen zijn ze gewend.
Maar ik ben dus langzaam met wennen.

“Je bent pas begonnen, Ollie,” zegt mijn vrouw en dat is zo. Want ik heb maanden last van de allergie gehad en nou pas weken en weken niet. Ik ben en blijf allergies dat is gewoon zo dus ik eet diejeet en ik lust het gewoon graag.

Mijn ferslag

Maar nou komt mijn ferslag.
Wat is er gebeurd?

Nou ik heb goed nieuws. Toen forige maand ben ik de baas van de knuffels geworden. Dus ik mocht weten wanneer komen de knuffels en hoe zijn ze. En als ik denk van nee liefer niet, dan kan ik gewoon eefe met mijn poot slaan, dat mag gewoon.
Als baas van de knuffels heb ik meer zekerheid in mijn gefoel. Dat ik weet ik hoef niet. En ik mag het zelf weete.
Presies daarom kan ik langere knuffels en ik begin zelf ook ermee. En ik heb er ook rust in mijn kop bij.

Wat ik nou wil is saame liggen. Dus niks doen en niet aaien en ook niet praten, gewoon eefe niks en saame zijn. Voor mijn vrouw is dat moeilijk ze gaat dan praten en dan sta ik op en loop weg, maar ik blijf wel oefenen met haar want ik find saame liggen gezellig en gezellig is belangrijk foor me. Daarom eet ik soms een brokje van haar hand, dat is intiem op mijn manier. En mijn manier telt netzogoed mee dat heb ik geleerd.

Ik ben een keer gestopt met de pillies, Zylkene heten die. Maar toen werd ik raar en bang van het huis en ik had geen zekerheid meer van hoe is het hier. Dus toen nam ik weer pillies en het duurde best lang maar het bange ging wel weg. Toen was ik weer gewoon.
Misschien horen die pillies bij me net als het allergies, dat weet ik nog niet.

Wat ook fijn is dat de deur van de huiskamer open blijft als het nacht is. Dan kan ik door het hele huis als ik zin heb en het is ook lente, ik ga lekker in de zon hangen, daar foel ik mijn rust in.
Dus ik ben weer een beetje meer gewend aan mijn leefe hier. Dit was mijn ferslag.

Soms heb ik dus een gloephoest

De lente is er nou weer, net als eefe terug, en dit is mijn eerste lente in mijn nieuwe huis dus waar ik nou woon.

Wat positief is

Positief is dat de deuren elke nacht openstaan dus ik kan zomaar naar de badkamer en naar de keuken en ik kan ook op het aanrecht springen om te zien wat ligt daar en kan ik er wat mee, en dan is er niemand die fraagt van ‘Ollie wat ben je aan het doen’.
Dat is ook fijn. Rustig de tijd aan mezelf hebben.

Positief is ook dat ik in de zon kan liggen, eefe weeges ik heb een dikke vagt en dan er eefe uit en er weer in.
De dikke vagt is nou een zomervagt aan het worden.
Ferhaare, het gaat vanzelf, het is oer en het hoort erbij maar eerlijk, het is helemaal niet leuk.

Dat zeg ik eerlijk.
Ik heb meer losse haren. Daardoor heb ik kriebels. Mijn vrouw doet helpen, ik heb nou drie borstels en elke keer was alleen de eerste keer fijn daarna dacht ik liefer niet. En dan bedoel ik helemaal niet en ik doe BAM met mijn poot als het toch gebeurt. Ik ben een kater van nee is nee en niet nog een keer probeere.
Aaien dat is anders en het helpt ook.

Gloep

Maar ja ik moet het toch fooral zelf doen. Met wassen. En dan heb je als katerman zijnde soms een haarbal alleen die komt er niet uit. Dan doe ik gloephoesten. Hoesten hoesten hoesten en dan gloep, ik slik en het is weg.

De dokter zegt van borstelen. Wil ik niet. En sneks ertegen kan ik niet eete weeges ik ben allergies. Het is dus wassen en aaien en mijn vrouw zegt we gaan toch een keer die borstel doen, en dan denk ik nou ik weet het niet.

Ferders is de lente super dat is gewoon zo. Hangen in de zon. Rieleksen. Knuffels doen. Ik hou van lente eerlijk echt waar.

Toen ik ontdekte dit is dus geluk

Hier ben ik weer in de kamer

Het is nou zo dat ik mijn speelgoed ken en soms komt er iets nieuws (“Kijk eens, Ollie”) en weeges ik heb nou speel-erfaring dus dan kan ik het nieuwe snel. En ik kan niet alteit slaape echt niet. Of knuffels doen.

Dus nou ben ik ferder aan het uitzoeken wat doe ik met mijn leefe. En wat ik doe nou is saame dingen doen. Zoals ik nou ben nou ben ik geen knuffel-kater maar een doe-kater. Wat doe ik dan:

  •  uit het raam kijken en dan moet ze meekijken en niks zeggen gewoon kijken dat is spannend genoeg als je stil bent dan zie je meer, ik wel tenminste, ook de fogels, zo nou dat is helemaal spannend
  •  naast elkaar liggen en dan eefe helemaal niks gewoon dat je weet we liggen hier en dat doen we nou
  • een beetje rondlopen in de badkamer en dan naar de kranen kijken
  •  en ook op de trap zitten daar moet ik iets meer over zeggen

Op de trap

Ik woon dus in een boofehuis. Beneden is de deur dan de trap dan de huiskamer en zo ferder. Deze week mocht ik ook ’s nachts door het hele huis, dat ik alleen in de keuken mag en oferal heen. Maar eerlijk waar saame is leuker.
Dus ik wil als het donker is saame naar de trap. Zij zit er en ik ga dan heen en weer lopen. Aan de deur ruiken. In de dozen kijken die ik zie. Weer eefe naar de deur misschien is er nou een andere lugt van buiten.
En dan neem ik eefe pauze. Het is er donker had ik dat al gezegd? Het licht mag niet aan. Donker is beter.
In de pauze ga ik naast haar zitten.
Dan doen we saame zitte.
Niks zeggen, niet aaien.
Ik kijk naar de muur. Zij ook.
Ik kijk naar de trap beneden. Zij ook.
Zo gaat het de hele tijd.
En toen kwam mijn gefoel van rust en tefreden en dat ik feilig was en ik hoefde niks alleen misschien een hapje. Folgens mij was dat geluk. Ik wist niet dat het op de trap in het donker opeens kon komen. Het is raar zoiets maar eerlijk waar het was een fijn gefoel.