Categorie archieven: Doerak en Bliksem

🐾 Bliksem en altijd maar snel willen zijn

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes hebben een naam. En ik natuurlijk ook. Maar waarom heet ik Bliksem? Volgens mij heb ik die naam niet voor niks gekregen. Ik ga het uitleggen.
Mijn vacht is zo zwart als de nacht zonder maan, met 2 ogen die goud oplichten alsof ze kleine zonnetjes zijn. Overdag lag ik best wel vaak in de vensterbank, alsof de wereld totaal aan mij voorbij ging. Maar dat was natuurlijk maar schijn. Want zodra er ergens een vlieg zoemde…. ZWIEP.

Supersnel

Daar schoot ik door de kamer. Stoelen werden hindernissen. De bank werd een berg. Het tapijt veranderde in een racebaan. Binnen 3 seconden zat ik bovenop mijn prooi. Trots, geconcentreerd, en een tikje verbaasd dat ik weer zo supersnel was geweest.
’s Nachts had ik een andere baan. Terwijl iedereen sliep, patrouilleerde ik door het huis. Ik controleerde de gang. Ik inspecteerde de keuken. Ik luisterde bij de voordeur. Want stel je voor dat er een onzichtbaar monstertje binnen probeerde te sluipen. Mijn mensen hoefden zich geen zorgen te maken. Ik was paraat!
Ook in de jungle was ik snel. Zwoesj en weg was ik. De wind floot om mijn oren. Ik rende over de schutting, vloog de andere tuin in, checkte daar de vijver, en was in een paar seconden weer terug. Ik hoorde iets, het geluid van een vogel. Ik keek omhoog en daar zat de ekster die ik Sjors noemde. In één flitsende beweging klom ik de boomstam op. Tikte naar Sjors, die net op tijd wegvloog, en ik was alweer beneden op de grond voordat Sjors kra kra kon zeggen.

Mijn man mens riep: Bliksem je bent echt een wonderkat. Ik spon, gaf mijn man mens een kopje en dacht: Ik ben gewoon de snelste, gewoon de snelste.
Maar hoe snel en stoer ik ook was, ik had een zwakke plek.

Spinnen

Mijn zachte dekentje.
Zodra ik het warme, pluizige dekentje zag, veranderde ik van een razendsnelle jager in een spinnende katerman. Dan rolde ik mij op tot een perfect rond bolletje, met mijn staart netjes om mij heen geslagen. Mijn ogen vielen half dicht, en je hoorde alleen nog een tevreden prrrr prrrr prrrr.
En als iemand dan zachtjes mijn naam fluisterde? Dan opende ik één oog. Alleen om te checken of er misschien…. Snacks in de buurt waren.
Want hoe snel ik ook was. Het snelst van alles was ik bij het geluid van het openen van een zakje kattenbrokjes.
Met een beetje snelheid, en slimheid, is geen enkel probleem te groot!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem en het verloren carnavalshoedje

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Het was volgens mij een gewone februari dag in Doetinchem. De jungle lag er nog nat en koud bij. Een kleine zonnestraal probeerde de jungle wat op te warmen. Wat nog niet echt lukte.
Ik zat op de vensterbank en keek naar buiten. Het was rustig. Stil. Fijn. Maar dat bleef niet lang zo.
Opeens klonk er muziek….harde muziek.
Vanuit de straat aan de voorkant klonk plots een doffe dreun. Nog één. Toen een schelle trompet, daarna gejoel, gezang en…was dat een bel?
Ik kromde mijn rug, Roover sprong letterlijk een halve meter in de lucht. Luna rolde haar ogen. Oh kijk, het is weer zover. Carnaval!
Carnaval, herhaalde ik. Ik kende het woord, maar had het nog nooit echt meegemaakt.

Polonaise

Toen ik nog klein was hield ome Doerak mij altijd binnen rond deze tijd van het jaar. Te veel lawaai, te veel mensen, en vooral teveel gekkigheid zei ome Doerak dan altijd.
Maar dit jaar… Dit jaar was anders.
Een polonaise door de straat.
De muziek werd steeds luider. Voor het raam trok een groep mensen voorbij, allemaal in felle kleuren, met maskers, boa’s, glitters en soms zelfs hoedjes met verlichting. Één man droeg een kippenpak zo geel dat Roover dacht dat de zon was terug gekomen.
Wat doen ze? Vroeg Luna ademloos. Volgens mij vieren ze iets zei ik. Maar wat precies dat weet niemand zei Roover heel slim. Ze eten, drinken en doen alsof de wereld een grote clown is.
Ik keek weer naar buiten. Één van de lopers, een meisje verkleed als piraat, liet iets uit haar handen vallen. Een klein rood hoedje met gouden franjes.
Het waaide de tuin in. Roover wilde er meteen naar toe rennen. Ik riep naar Roover: wacht, niet zomaar doen, maar Roover zette het hoedje al op zijn kop. Hij keek plots twee keer zo stoer. En drie keer zo chaotisch.

Tuin

De carnavalsgroep bleef staan voor het huis terwijl ze opnieuw hun lied lieten klinken. Ik voelde een kriebel in mijn buik. Niet van angst, maar van …spanning. Een drang om iets te doen.
Ik sprong naar het kattenluik. Waar ga je heen vroeg Luna verbaasd? Ik zei: ik ga carnaval eens van dichterbij bekijken. Roover met zijn hoedje nog op zijn kop, rende mij achterna. Wacht op mij!
Ik dacht dat carnaval altijd eng was, maar voelde mij ontspannen. Ik liep langs de mensen op en kreeg af en toe een aai over mijn kop. Zelfs Roover kwam de tuin uit en paradeerde er achteraan alsof hij dit al jaren deed.
Een onverwachte ontmoeting.

Meisje

Toen de muziek stopte, bukte het piratenmeisje dat haar hoedje was kwijtgeraakt. Daar ben je zei ze, en ze tilde heel voorzichtig het hoedje van Roover zijn kop. Toen aaide ze hem. Roover vond het super stoer. En langzaam liep de groep door.
In de tuin plofte Roover en ik neer. Wat was dit een geweldig avontuur. Ik ging naast hem zittenen was nog steeds een beetje verbaasd. Je vond het niet eng? Vroeg ik aan Roover. Misschien een beetje, gaf Roover toe. Maar soms mag je best iets doen wat je eng vindt. Hij keek nogmaals naar mij en glom nog steeds van trots.
Doerak had dit prachtig gevonden, zei ik zacht. En die avond, toen de laatste confetti door de wind langs het raam waaide, voelde ik mij niet alleen ouder, maar ook trotser. Alsof de wereld van mij iets groter was geworden. En ikzelf ook.

Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksems Valentijns avontuur

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
14 februari betekent voor de mensen bloemen, chocolade en kaartjes krijgen.
Maar voor mij betekent het vooral… verwarring.

Rode verf

Roover

Op een ochtend werd ik wakker op mijn favoriete kleedje, ik rekte mij uit, geeuwde luid en liep naar de woonkamer. Daar zag ik iets raars liggen op tafel, namelijk een hele berg rode hartjes.
Wie heeft hier in vredesnaam de speelgoedmuizen rood geverfd? Dacht ik verontwaardigd. Daar moet ik wat mee. Ik sprong op tafel, tikte één voor één de hartjes op de grond en ging er bovenop zitten. Probleem opgelost. Dacht ik. Tot mijn man mens binnen kwam en riep: Bliksem! Dat was voor Valentijn!
Ik keek mijn man mens aan en dacht: Nou, had je maar geen muis vormige dingen moeten kopen. Later op de dag vond ik een kaartje op de grond met mijn naam erop. In grote gekrulde letters. Ik duwde het kaartje om met mijn poot en zag dit staan:
Voor Bliksem, de stoerste kater van de jungle. Van je geheime aanbidder.
Ik keek om mij heen. Mijn staart zwiepte achterdochtig heen en weer. Was dit van Roover? Nee, die zou eerder een brief sturen waarin stond dat ik moest stoppen met zijn brokjes opeten. Was het van Luna? Mogelijk, Luna houdt wel van drama. Of was het die duif die altijd uitdagend naar mij keek vanaf het dak?
Ik besloot: Ik zal mijn geheime aanbidder vinden. Desnoods ga ik iedereen zeer dringend vragen stellen. Terwijl ik net mijn ronde wilde gaan maken stond er ineens een grote bos roze rozen. Meteen dacht ik dat dit het cadeau was van mijn geheime aanbidder. Dus ik sprong er gelijk bovenop. Beet een roos af, sprong midden in het boeket, rolde om en rook er intens aan..
Het was pure liefde. Of pure chaos. Bij mij is dat nooit helemaal duidelijk.
Wie had mij nou echt dit allemaal gestuurd? Wie durfde bij mij, zomaar romantische gevoelens toe te sturen? Vandaag ga ik het oplossen.

Deur

Ik begon bij de voordeur. Rook aan de mat, en aan de schoenen. Onderzoek afgerond. Niets gevonden. Verdachte nummer 1: de duif. Ik sprong op de vensterbank. De duif zat er weer. De duif keek terug, ik keek terug naar de duif. Er was stilte. Toen sprong de duif op en vloog weg. Verdachte nummer 2: Roover. Ik liep op hoge poten richting Roover. Roover lag heerlijk op zijn stoel zoals alleen hij dat kan. Ik ging voor hem staan en staarde hem aan. Roover staarde terug. Ik miauwde: heb jij mij een kaart gestuurd? Roover likte rustig zijn poot, draaide zich om en ging vervolgens verder met relaxen. Het antwoord was duidelijk. Roover was niet zijn geheime Valentijn.

Bakje

Die avond, toen ik moe van alle detectivewerk op de bank lag, kwam mijn man mens binnen met een klein bakje. Een speciaal Valentijn traktatie bakje. Gevuld met hartvormige kattensnoepjes. Hij zei tegen mij: Bliksem ik was jouw Valentijn, maar er is nog iemand. Ik was verbaasd en keek op.
Aan de andere kant van de kamer stond Luna. Zij deed net alsof ze niet geïnteresseerd was. Maar haar staart zwiepte net iets te nieuwsgierig.
Ze liep langzaam naar mij toe, tikte het bakje naar mij toe en gaf een zacht kopje. Vandaag mag ik zeggen dat ik je wel leuk vindt. Ik keek verbaasd, aangedaan, en gaf een kopje terug.
En zo eindigde Valentijnsdag niet met één, maar met twéé geheime Valentijnen: Mijn man mens en stiekem ook Luna.
Want ja, ik ben misschien een gekke kater, een beetje dramatisch, en totaal niet onder de indruk van Valentijnsdag….maar ik hou van mijn man mens op mijn eigen unieke Bliksem-achtige manier.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem en het mysterie van de seizoensknoppen

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Het was vroeg in de ochtend toen ik op mijn favoriete plek bovenop de schutting zat, met mijn snorharen omhoog alsof ik de wereld stond te dirigeren.
Lente! Riep ik plechtig in kattentaal. Ik roep u op!

Maar toen… viel er een sneeuwvlok op mijn neus. Ik stond stil. De wereld stond stil. Zelfs de mug die toevallig voorbij vloog maakte een u-bocht van pure verbazing.
Dit stond niet op het programma riep ik. Waarom moet alles alleen op mij neerdalen, klaagde ik. Hier moet wat aan gedaan worden.

Knoppen

Ik was helemaal klaar met de winter. Te koude pootjes, te natte grond en te weinig insecten om naar te miauwen. Roover zei nog: Blik je kunt niet zomaar de lente oproepen. Daar zijn de seizoensknoppen voor nodig. Ik keek met een vastberaden blik naar Roover en zei: dan moeten we de sneeuwknop uitzetten en op zoek gaan naar de lenteknop! Kom Roover we gaan uitzoeken wie de seizoensknoppen bedient.
Laten we beginnen bij onze vriend de merel. Die weet altijd meer dan goed voor hem is. De merel zei dat de knoppen worden bediend door de vier weerwachters. Die zitten op de hoge plank in de schuur der eeuwen. Ik wist meteen wat de merel bedoelde. Dat is gewoon de oude schuur van de buren. Het begin was er.
Roover en ik slopen de schuur van de buren in. Binnen was het donker, maar ik liep dapper naar binnen, mijn staart fier omhoog. Roover kwam er achter aan. Minder dapper. Als er maar geen spinnenweb in mijn gezicht komt zei die.
En ineens zag ik de oude houten plank, hoog bovenin de schuur. Met vier grote ronde knoppen erop. Eén met een bloem, één met een zon, één met een sneeuwvlok en één met een verdort herfst blad erop. De seizoensknoppen!

Muizen

Maar wie bedienen nu die knoppen vroeg Roover? Ik zie hier nooit niemand riep ik. De weerwachters zijn er ook niet. Dus wij kunnen zelf wel de knoppen gaan bedienen. Het kan maar zo zijn dat de muizen die hier rondlopen op de sneeuwknop hebben gedrukt. Dat willen we dus niet meer. Ik klom op de plank en bekeek de knoppen. Roover was onder de indruk van zoveel gezag van mijn kant.
Voordat ik van de oude plank afsprong, kon ik het toch niet laten om nog even aan de lente knop te zitten. Gewoon zachtjes. Een tikje. Eigenlijk een heel elegant tikje vond ik zelf.
Maar de zon buiten kwam wel een stukje tevoorschijn. En de grassprietjes buiten bewogen iets. Roover zei: Bliksem jij mag denk ik niet aan de knoppen komen. Maar ik deed het wel en nog wel heel stijlvol.
Eind goed, al goed?

Snacks

Update

Vanaf die dag krijg ik elke dag een update van de merel. Geen sneeuw vandaag Bliksem, riep hij. Misschien wel een regenbui. Maar het gaat de goede kant op.
Sinds het ontdekken van de seizoensknoppen voel ik mij eigenlijk een soort weerkoning. En eerlijk gezegd ben ik dat nu ook wel een beetje.
Roover geloofde er niks van, maar hij vond het wel gezellig dat wij nu elke dag een missie hebben: Het ophalen van de lente, de zon en daarna de zomer!
Want één ding is wel zeker: Als ik mij ergens mee bemoei, wordt het weer nooit meer saai!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

🐾 Bliksem vraagt waar de lente blijft?

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Ik staarde naar buiten. Alles was nat, grijs en vooral…saai!

Zon

Hoe durft de zon zo lang weg te blijven? Roover bromt al wekenlang dat zijn vacht gemaakt is voor warme stoepen en tuinen en niet voor koude vensterbanken. En Luna…. Ja Luna komt terug van een vakantie die ze niet eens wilde, en dan komt ze terug in… grauwheid. Dat helpt natuurlijk ook niet.
Dit duurt allemaal te lang, mopperde ik. De zon vindt ons zeker niet meer leuk. Roover knikte traag. Als de zon nog lang wegblijft ga ik hem zelf ophalen. En dan mag ze niet meer weg.
Op dat moment sprong Luna de jungle in. Ze schudde haar poten en liet duidelijk merken dat ze het niet eens was met het weer. Bliksem heeft gelijk, waar blijft die lente nou!
We verzamelden ons met zijn drietjes in een cirkel om een kattenoverleg te beginnen. Ik zei dat we misschien de lente gewoon moeten roepen. Roover dacht: zou dat werken? Bij eten roepen werkt het altijd zei ik. Dus we begonnen met zijn drieën te miauwen.
Een zachte wind ging door de jungle. De wolken schoven even uit elkaar.
Het werkt dus, zei ik. Het gaat alleen te langzaam. Roover zei dat het nu eenmaal zo gaat. Het is net als met grassprietjes. Luna dacht: als Bliksem ongeduldig wordt gaat er iets gebeuren. Let maar op.
En ja hoor Bliksem sprong plots overeind. Als de lente niet opschiet dan ga ik haar zelf helpen. En hoe ga je dat dan doen zei Luna nieuwsgierig? Door te doen wat de lente ook doet zei ik.

Warm

En ik begon dus aan mijn missie. Warmte maken. Ik klom op de schutting en riep: warme zon kom maar. Roover dacht dat lukt niet. En toen gebeurde er iets wonderlijks. Een straaltje zon brak door de wolken. Zie je wel! Riep ik. Het werkt! En nu ga ik de groeisprint doen. Ik rende naar de groen sprietjes en ging er naast zitten. Jij moet groter worden, zei ik streng maar liefdevol. Want de lente rekent op je. En ik blies zachtjes tegen de sprietjes. Een snippertje aarde naast het sprietje liet los waardoor het net ietsjes groter leek. Ik riep: Het groeit, het helpt echt. Luna kneep met haar ogen en zei: dat was de wind Bliksem, maar misschien helpt het wel.
Het laatste wat ik nog ging doen was de lente oproepen. Dus ik sprong op de stoel en miauwde zo hard als ik kon. Er verscheen ineens een merel op de schutting en die begon prachtig mooi te fluiten. Echt een lente melodie. Zie je wel zei ik, dit is het eerste lenteconcert van het jaar. Luna en Roover konden niet ontkennen dat de tuin ineens een beetje levendiger voelde.
En toen alsof de natuur zelf naar mij had gekeken, brak er een breder stuk zonlicht door. Het sprietje leek iets groener. De lucht rook frisser.

Lente

De lente was dus begonnen te bewegen. Misschien heel klein. Misschien heel stil. Maar dankzij onze inspanningen voelde het alsof ze écht dichterbij was gekomen.
Goed gedaan zei Luna zacht. Roover knikte langzaam. Misschien hebben jouw rare plannen wel geholpen Bliksem.
Ik glom, nog helderder dan de zon.
En dit, zei ik trots, was pas dag één.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem