Categorie archieven: Bram en Mila

Mila en een ander gewoon

gewoonLieve allemaal, vandaag is de blog een beetje anders dan anders. Dit gaat namelijk een van mijn laatste bloggen worden. Hoe dit zo is en waarom, daar ga ik een woordje over mauwen. Het is niet zo dat ik ferdwijn. Ik blijf gewoon waar ik nu ben.

Mantelpoes

Bij mij thuis zijn er wat feranneringen gekome. Mijn vrouw heeft tijd nodig en ik heb ook tijd nodig en saame dachten we, we gaan Bertje meelen. Het is zo dat ik nu een soort van mantelpoes ben wegens dat Bram dat niet meer zo goed kan. Hij is een seniejoor katermans en hij heb genoeg aan ze eigen leefe op dit moment. Een soort van mantelpoes is soms best een zware taak. Als mantelpoes zorg je ook voor een ander en niet alleen jezelf.

Druk

Me eigen staat altijd voor iedereen klaar want mij hartje heeft veel liefde. Dat maakt alles mooier maar het gebeurt ook wel eens dat het wat minder gaat zoals nu. Als poesedame heb ik een best druk en vol leefe. Mijn taken bestaan voornamelijk uit het opletten en gewoonferzorgen van alles en iedereen thuis. Thuis zorg ik dat Toby ze eigen gedraag en dat Bram niet te vlug doet schrokke met eete. Dat de vacht van deze jonges netjes zijn en dat ze blij zijn.
Soms er is wel eens ferdriet of dan is Bram nukkig en dan moet je als poesedame weete wat je moet doen. Je moet weete welke woordjes je moet mauwen of dat je een kopje moet geefe of juist een pootje. Er zijn zoveel dinge om op te lette en dat is soms best een moeilijke taak. En als poesedame wil je het voor iedereen goed doen en dat kan niet altijd.

 

Stapje terug

Nu is het tijd om eefe een stapje terug te doen, eefe wat rustig werk. Mijn vrouw en ik hebben eefe gemauwd over wie nou wat gaat doen want nu is het teveel. Mijn hoofd is ook best vol op dit moment omdat die alleen maar denk aan alles wat er nog gedaan moet worden. Maar dat is het hem juist. Mijn hoofd moet eefe ‘Stop!’ doen. Eefe niks, eefe rust en eefe een duidelijk oferzicht. We beginnen bij het begin. Hoe ben je fandaag wakker geworden Mila? Dat is een belangrijke fraag aan mezelf. Dat ik weet, ik foel me goed of misschien iets minder. Nu is het zo dat ik me goed foel maar soms best moe. Heb je wel goed geslaape? Nou zeker weten! En de droom ofer een muis was erg fijn. En toch dacht ik vanmorgen, ik goed geslaape en ik foel me goed, ik ben nog moe. En toen wist ik ook van, er is nog een hele lijst aan taken die af moet.

Vakansie

gewoonAls je dit foelt dan ben je echt toe aan een vakanzie. Dat klinkt eigenlijk meteen al goed, een vakanzie. Eentje waarbij ik helemaal niks hoeft te doen en dat ik de hele dag kan dutten, snekken en kan luieren. Gewoon eefe geen taake!
Mijn vrouw denkt dat ook zo. Zij zeg ook: ‘we gaan saame vakanzie doen Mila want wij heb het zo druk gehad dat we eefe een tijdje gaan niksen’. Haar hoof had zelfs een miegrenne. Die krijg ik niet maar bij haar is het dan dat haar hoof zeg: ‘eefe pauze nu, je doet teveel’. Er kwam dus een kei lange hoofpijn aan met misselijk zijn enzo. Als mantelpoes maak ik me feel zorgen om mij vrouw. Ik wil dat iedereen fijn is en ok is. Dat is wat we nu gaan doen, zorgen dat we allebei weer fijn en ok zijn door eefe helemaal niks te doen.

Tot mauws

Voor nu zeg ik eefe tot mauws en bied ik mijn blog plekje aan voor een ander die mooie afonture of ferhale heeft. Bram doet gewoon zijn ding, daarin feranner er niks. Hij is gewoon zoas die is. Misschien kom ik ofer een tijdje weer terug om te hier te mauwen maar voor nu is het eefe een lange vakanzie. Ik vinnut heel fijn dat ik jullie allemaal op de blog heb leren kennen en jullie hebben allemaal een plekje in mij hart.

Mij adfies, zorg goed voor jezelf en je medepoes/kater/mens. Behannel elkaar lief en met respek en met liefe woordjes. Eet goed want water is ook duur en je moet gezond blijfe. Tot een volgenne keer, met liefs en kopjes van mij,

Milamuis

Bram zit heerlijk binnen

binnenHoi lieve allemaal, het is nu echt herfst want het is buiten steeds langer koud. Voor mij is het anders. Als het droog is mag ik gewoon naar buiten, maar als het regent dan blijf ik binnen. De vorige keer had ik een lijstje met wat je kan doen als je niet naar buiten kan. Ik heb wat nieuwe dingen geleerd die ik ga delen met jullie.

Dutten

Allereerst blijft dutten wel gewoon altijd. Maar waar je gaat dutten is natuurlijk belangrijk. Zo heb ik een aantal nieuwe plekken gevonden. Sinds kort heb ik twee favooriete oranje mandjes. Eentje die altijd op de krabpaal ligt voor mij, en eentje die boven op de geem-kamer ligt. Die op de geem-kamer is nieuw. Mijn manspersoon heeft dees voor mij ekstra gekocht. Het mandje ligt in een stoel en ik kruip daar in als mijn manspersoon aan het geemen is. Het mandje ken ik al dus ik weet dat ik daar veilig in ben.

Buik

binnenMijn manspersoons buik is super zacht en lekker warm. Als ik moe ben of ik wil gezellig doen, dan loop ik naar de geem-kamer, die is een verdiepig hoger dan waar de krabpaal staat. De krabpaal staat in de woonkamer. Als ik in de geem-kamer ben dan loop ik naar mijn manspersoon toe en ga ik met mijn voorpoote tegen zijn been aanstaan. Dan weet hij dat ik opgepakt wil worden en dat ik bij hem wil dutten. Eerst doen we knuffelen. Ik geef kopjes en hij aait mij. Daarna ga ik op mijn buik liggen en dan duwt mijn manspersoon mij om. Dat vind ik fijn. Want ik pas presies op zijn arm en buik. En meestal heeft mijn manspersoon ook een super warme trui aan die lekker zacht. Dat slaap super fijn. Mijn manspersoon zegt dat ik dan kei erg snurk maar ik weet het niet.

Helpen

Met slecht weer kan je ook altijd meehelpen in het huishouden. Zo doe ik wel eens toezichter zijn van het ontbijt van mijn manspersoon. Mijn manspersoon heeft altijd verschillend eete als ontbijt. Toen mijn vrouw hier nog woonde, had zij altijd soojamelk met havervlokken. En de soojamelk vond ik altijd kei lekker. Want ik mocht altijd van mijn binnenvrouw proeven hoe dat smaakte. En mijn billen doen daar niet zo raar van. Met vla en joggurt wel. Nu heeft mijn manspersoon gewone melk met vlokken en fruit. Het zijn granenvlokken en rood fruit. Volgens mij alleen maar rood fruit want ik zie geen andere kleuren. Rood fruit is wanneer de kleur van het fruit ook rood is zoals een aarbei en een framboos of een kers. Appels en peren zitten er niet in. En een banaan ook niet. Die heb ik ook niet gezien. Meestal kijk ik wat mijn manspersoon in zijn schaaltje heeft en dan wil ook meteen even proeven. Nou ja, als het lekker ruikt. Als het vies stinkt, dan kijk ik alleen maar dan wil ik niks proeven. Nu was het melk met vlokken en fruit. Ik heb maar een heel klein beetje geproeft anders moet ik weer kei snel naar de bak en dat wil ik niet. Wat zijn jullie fijne dingen voor binnen? Hebben jullie ook iets nieuws geleerd? Ik lees het graag!

Fijn wiekent allemaal

 

 

 

 

 

Bram ontmoet een nieuwe buurkater

buurkaterLieve allemaal, hier ben ik weer op Brammie-Zaterdag. Het is al herfst op mijn kaalender maar ik kon nog steeds naar buiten. Dat was vorige week ook zo. De zoomer wil gewoon niet naar huis gaan.

Ik vind het niet erg want ik vind buiten zijn fijn. En al helemaal wanneer de zon nog warm is. Dan foel ik me warm van binnen en van buiten. De flinders willen ook nog niet winterslaape want ze fladderen gewoon rond en de hommels ook. Er komt al wel stees een beetje meer reegen maar dat is goed voor de planten. Als het kei droog is dan is dat ook niet goed. Ik was afgelopen week in mijn tuintje. Daar ben ik altijd wel te finde. Meestal doe ik gluure zoals de vorige keer. Toen was mijn manspersoon erbij en dat was saame echt heel leuk. Soms doet mijn vrouw ook mee. Nu was er ook iets en mijn vrouw was er dees keer ook bij. Ook al heeft mijn vrouw een eigen huis, ze komt altijd bij mij. Zo gaat dat als je saame bent maar op afstand. En nu ben ik het gewend en is het mijn nieuwe gewoon.

Gluure

Dees keer vroeg ik mijn vrouw om mee te gaan gluure want de vorige keer met mijn manspersoon was echt super kei gezellig! En mijn vrouw doet dan ook nog een kriebelen tussendoor. Dan maakt het helemaal perfekt in saame gluure. Ik mauwde buiten al dat ik haar zag toen de naar buiten gelopen kwam. Ik mauwde en liep op haar af.
‘Heee kereltje van me’ hoorde ik van haar. Mijn lijf ging meteen in de ‘zachte-moodus’. Dat wil zeggen: een zachte mauw zo van ‘miew’ in plaats van ‘oerrrr maaauuww’, mijn lijf ging stil staan en mijn voor poote gingen trappelen. Mijn staart ging meteen recht omhoog bibberen omdat ik dan zo blij ben dat ik haar zie. Ik weet dat heel veel poese en katers dit doen maar ik weet niet hoe het heet. Ik noem het altijd van blijheid bibberstaartje. Ik kreeg meteen kriebels en kusjes want zo doen wij elkaar begroetten.

Oer

buurkater‘Kom’ mauwde ik en ik liep richtig de poort. Mijn vrouw liep met me mee naar de poort toe. En toen gebeurde er iets. Ik rook een andere geur en ik fertroude het niet. Eerst deed ik kijke of ik een verdwaald beestje zag want dat kan ook gebeuren in mij tuintje. Dat was niet zo het geval. Mijn lijf werd een beetje oer en ik ging ineens heel laag zitten met mijn lijf. Zo zakte ik zachtjes door mijn voor en achter poote heen om foorzichtig rond te kijken. Mijn ademhaling was heel zachtjes en langzaam. Mijn vrouw zag dit van mij en zij stond ook ineens stil. Zij weet presies hoe ze oer moet zijn met mij. Als ik ineens stil ben, doet zij dat ook. Soms denk ik dat zij in een forige leefe ook een katermans was. Toen ging zij ook door haar poote heen en bukken. Nou zaten we allebei laag en kei stil vlak bij de poort.

Staart

‘Daar!!’ gromde ik ineens naar mijn vrouw. Ik spurtte naar de poort en stak mijn kop er half onderdoor wat eigenlijk niet eens kon. Daar zag ik hem, een vreemde katermans die naar me keek vanaf de parkeerplaats. Zijn ooge ware heel groot en hijzelf was een katermans met een grijs/blauwe facht. Hij siste heel erg naar me en hij maakte een ‘maaaauuuuuwwwww’ geluid wat heel diep was. Zijn lijf stond op zijn teene met zijn rug krom en zijn staart in pluumoo-moodus. Iets fertelde me dat dees jonge niet blij was maar ik ook niet. In de sekonde dat hij een oermauw maakte, werd ik een Brammiesaurus! Mijn facht ging ineens fluffy worden. Ik kreeg stekels op mijn rug zoals een echte dinosaurus en mijn staart kreeg ook de pluumoo-moodus.
Daar zat ik, opgeblazen en wel te kijken naar een vreemde katermans. Mijn vrouw bleef op afstand want als katermans is het mijn taak dat ik haar bescherm tegen vreemde katermansen. Mijn staart zwiepte heen en weer en ik mauwde: ‘scheer je weg! Dit is mijn tuin en mijn vrouw.’
buurkaterDe katermans keek me aan en mauwde terug: ‘Ik woon in de tuin naast jou!’.
Ik gromde van ongeloof, heb ik een buurman? Ik mauwde: ‘Ben jij mij nieuwe buurman geworre? En sins wanneer?’.
De katermans werd al minder boos en liep naar zijn tuin. ‘Hier woon ik nu een tijdje maar ik blijf hier niet, ik ga naar een ander huisje binnenkort’ mauwde hij terug.
Dat is mooi dacht ik want dan wordt het weer rustig in de straat. Ik wilde nog wat na mauwen toen mijn vrouw mij onderbrak. ‘Brammie kereltje, kom maak je niet zo druk. Deze jongen zie je toch niet meer. Kom gaan we een snek halen.’ Daar ben ik altijd voor in. Ik zuchtte nog een keertje na en liep daarna mijn vrouw achterna naar de keuken. Daar liggen de sneks! Van me eigen moet ik nu eefe bijkoome van dees afontuur. Ik schrok ineens keihard dat ik een pluumoo werd. Mijn vrouw en ik hebben eefe gepraat ofer dees afontuur. We deden kriebelen en knuffelen en toen was alles weer normaal. Ik was geen pluumoo meer en ik had heerlijke kipssmaak sneks op!

Kopje

Eigenlijk had ik lief moete doen maar ik schrok. Ik wil nog stees voor freede tetteren en sorry mauwe voor de katermans. Fanavond doe ik ekstra swaaie voor alle sterren en ik geef iedereen een zacht kopje.

Mila en de lekkere vis

visLieve allemaal, ik ben het, Milamuis op woensdag die ik deel. Pas geleden was het dierendag en dan worden we allemaal in het zonnetje gezet, prrrrr. Mijn poesehartje gaat er van spinnen. Ik vind altijd dat we alles saame moeten delen, ook met dierendag. Wij, alle poese en katers, woefen, kleine twee en viervoeters, maar ook die fliege en die kruipe. Alle dieren. Ook die in regenboogland zijn. Prrr… allemaal saame! Op deze dag vind ik het als poesedame heel belangrijk dat we aan alle dieren denken. Echt aan alle dieren. Want iedereen telt mee. Het is zo dat ik ook een ferhaal van me eigen heb waarom ik dit allemaal zo belangrijk vind. Naast de taaie mossel die ik kreeg maar dat lees je zo.

Begin

Mijn verhaal begint in de zomer van 2012. Het is halverwege augustus en het is lekker weer. De zon schijnt zachtjes. Ik ben helemaal alleen. Het enige wat ik zie, zijn de bladeren onder mijn pootjes en boven mijn kopje. Als de wind waait en er een zonnestraal op mijn neusje komt, snuif ik even. Misschien ruik ik waar mijn mama is. Want ik mis haar en ik wil bij haar zijn. Ik wil tegen haar buik aan liggen en melk drinken.

Miew

Ze is weg. Ik roep haar: “Miew, miew!” Misschien hoort ze mij en komt ze, want ik weet niet waar ik ben. De zonnestraal op mijn neusje wordt kouder. Hoe lang ben ik hier? Mist mama mij? Mijn buikje gromt van de honger. Zo hard als ik durf, roep ik nog een keer: “Miew, miew.” Weer geen mama. Wat is dat? Er komen grote benen naar me toe. Misschien hebben zij mijn mama. “Miew, miew” roep ik naar de benen. Een vrouw pakt me op en aait me met warme handen. Ze ruikt niet als mijn mama. Ik vind haar toch lief. Misschien heeft ze iets te eten. Ik ben zo moe dat ik in slaap val. Als ik wakker word, ben ik in een huis en ik ruik heerlijk eten. Ik val meteen aan, want ik heb honger. Dan ga ik mezelf wassen en weer slapen.

In huis

Zo ben ik hier in huis gekomen. Langzaam maakte ik kennis met mijn broers Toby en Bram. Toby deed mij altijd kusjes geven en Bram deed mij wassen. Nu ben ik een echt poesemeisje en wil ik niet meer gewassen worden, bah! Dat kan ik best zelf. Toen mijn vrouw mij in het bos vond, zei ze dat ik ongeveer acht weken oud was. We hebben samen visterug geteld en bedacht dat ik geboren ben op dertien juni 2012. Ik ben bij de witte jassen geweest en in mijn paspoort staat dat ik gezond ben. Ik heb niet alleen broers gekregen. Op Feesboek vond ik veel vriendjes en een mama. Lieve LoesjeHuispoes is mijn trappelmama. Zij heeft moedervoelens voor mij en ik mamavoelens voor haar. Samen doen we trappelen. Ik help mijn vrouw mee als ze wiewzakjes maakt. Dan lig ik erbij want ik vind dat lekker ruiken. Oh, en wat ik ook lekker vind is eten. Ik hou van eten en veel eten en van vis en tonijn. En ik vind iedereen heel erg lief. Prrrrr. Dit ferhaal staat ook in Bertje’s vriendenboek onder het kopje ‘onze eboeken voor iedereen’.

Mijn broer

Voor mij is dierendag belangrijk. Als mijn vrouw er niet was, waar was ik dan? Nu heb ik heel veel geluk van me eigen. En zo wil ik aan iedereen denken en zeggen dat ik om iedereen geef waar je ook bent. Voor mij ben je belangrijk. Maar nu even terug naar de vis uit het ferhaal. Ik vind vis nog steeds kei erg lekker. Iedereen weet misschien al dat ik net visals MamaLoes een leefeswerk wil. Een prachtige volle ronde buik. Met dierendag kreeg ik vis. Nou ja om presies te zijn, een taaie mossel. Het rook kei lekker en dan wil mijn bek dat meteen hebben. Bram wilde deze keer ook de mossel proberen maar hij is niet zo van deluukse vis assorties. Hij vind het te moeilijk. Nou mijn bek en buik niet hoor. We kregen witte vis en mossels. Ik lust ze allebei! Eerst kregen we de vis in kleine stukjes. Dat hapt makkelijker weg. Een poesedame moet tenslotte toch oplette met netjes eete. Mijn broer maakt dat niet uit, die schrokt het gewoon op. De vis was lekker vers en ik had best veel gekregen. Toen kwam de mossel.
Mijn broer deed weer eens moeilijk met dat ding. Eerst kauwen en kwijlen en daarna uitspugen om het vervolgens weer op te eten. Ik heb eerst gekeke hoe hij dat deed. Hij snapte er niks van. Bij de tweede keer kon ik het niet meer aanzien. Ik ritste vlug de mossel onder zijn neus weg en pakte het met mijn bek op. Na eefe kauwen, uitspugen en opeten lukte het mij om dat taaie ding weg te krijgen. Ik slikte het gewoon door. Dat deed ik de vorige keer ook zo en toen lukte het ook. Ik had een heerlijke dierendag buufet. En de mossel was goed van smaak ook al was het een beetje taai. Misschien krijg ik de volgende keer ‘kallemaaris’ van mijn vrouw. Ze zeg: ‘Mila ik denk dat jij inkfis super lekker gaat vinden’. Nou we gaan het meemaake.

Kopje

Vandaag wil ik iedereen een lief kopje geefe wegens dierendag ook al is die geweest. We heb elkaar altijd nodig. Wees lief en eerlijk en doe altijd saame deele. Ik geef mijn Kevertje ekstra kopjes wegens de misschien artroosie en iedereen die het nodig heeft. Tot de volgende keer.

Bram en zijn nieuwe muis

muisLieve allemaal, hier ben ik weer op Brammie-Zaterdag. En afgelope week op woensdag was het dierendag. Zo zie ik het helemaal niet. Ik zie het als een dag waarin Brammie gewoon weer wat lekkers of iets nieuws krijgt. Ik ben dan gewoon nog een keer jarig. Mijn echte verjaardag is in de zomer in Juli. Als ik jarig ben krijg ik meer cadeautjes van mijn vrouw en natuurlijk ook van ooma en mijn manspersoon. Met dierendag krijg ik ook wat alleen niet zoveel.

Boofe

Ik was woensdag op de zolder thuis toen mijn vrouw langs kwam. Ze kwam op bezoek. Dat doet ze altijd en dat vind ik fijn. Ik was boven aan het dutten in de stoel. Mijn ooma heeft daar een heel fijne stoel staan waar ik dan in ga liggen als zij er niet inzit. De stoel is een geemstoel van mijn manspersoon. Omdat hij een nieuwe gekocht heeft kreeg ooma dees stoel. Eerst dacht ik dat de stoel van plestiek was maar ik leerde later van mijn manspersoon dat het ‘leer’ is. Ik vind het een fijne stoel want mijn billen en poten blijven muiswarm. En soms doet ooma er een dekentje op voor mij zodat ik ook nog eens zacht lig.
Als ik denk aan ooma’s deken dan moet ik gewoon ineens gaape van me eigen. Ik slaap daar heel graag zo warm en knus. Dat is het, knus. En toen kwam er een geluid van beneden. ‘Brammie… Waar ben je kereltje?’ Het was de stem van mijn vrouw. Ik lag nog lekker en ik deed nog gaape voordat ik de stoel uit wilde gaan. Toen kwam de stem dichterbij ‘Brammie?’
Mijn vrouw was onderweg naar de zolder. Als zij naar boven komt, dan ben in nieuwsgierig. Ik ging mijn lijf eens wakker maken door te zitten. Er kwam nog een gaap en toen zag ik mijn vrouw. Daarna ging het vanzelf. Mijn poote rekte zich uit zodat ik stond en mijn staart ging omhoog omdat ik zo blij was om haar te zien. Ik zag dat ze iets in haar handen had, maar eerst deden we kusjes want zo hoort dat bij ons.

Muis

Ze had iets geels bij en niet zomaar geel. Nee, dit was echt knal-kei-super-geel. Mijn vrouw zei: ‘Het heet neon’. Je zegt het als neejon en dat betekent dat het zo fel is van kleur dat je bijna een zonnebril nodig hebt. Mijn vrouw bewoog haar hand waar het in zat en toen muisrammelde het. Ik wist meteen wat het was. Een muis! Een super knal gele neejon muis! Die had ik nog niet.
Mijn vrouw rammelde nog een beetje meer en toen vloog de muis de zolder over. Ik had geen gaap meer, mijn lijf was meteen van de aksie. Ik ging vollop in oer-modus. Als een leeuw sprong ik van de stoel af en stormde ik zo op de muis af. ‘Daar ben je gele muis!, ik zie je heus wel!’. Met mijn rechterpoot, die al klaar was voor de aanval, tikte ik de muis zo tegen zijn billen en staart aan. TIK TIK TIK ging het met mijn poot tegen de muis. En toen kwam mijn andere poot ook nog eens, TIK! En daar ging de muis.

Tijger

De muis vloog de zolder over en rolde alle kanten uit. En ik ging er in mijn oer bui achteraan. De muis was net geland en ik hield hem in de gaate. Eerst ging ik heel stil staan, daarna zakte ik een beetje door mijn voorpoote heen en wiebelde ik met mijn achterste. Klaar voor de aanval. Even meten, denken en een mauw en daar ging ik! Met al mijn poote de lucht in maakte ik een heuse tijger sprong zo BAM!, op de muis! JA, gefange!!! Ik had de muismuis gefange en ik pakte hem in mijn bek op. Ook al was hij een neejon muis, ik beet er gewoon in! HAP! Ik spuugde hem uit en gaf hem nog een tik. Ik tikte zo hard dat hij van de trap naar beneden rolde.
Ik wou er achteraan rennen toen mijn vrouw mij oppakte en kusjes plante op mijn kop. ‘Stoere tijger ben je Brammie’ zei ze tegen mij. Nou dan word ik heel zacht van binnen hoor. Ik vind het fijn als ze kompliementen doet. Toen mijn vrouw weer naar haar eigen huis ging, heb ik nog eefe met de muis gespeeld. Daarna ben ik weer gaan dutten in de stoel.

Ik hoop dat jullie fijne dierendag hebben gevierd en dat er overal liefde is. Ook waar het nu oorlog is en waar er dieren het moeilijk hebben. Saame deele is belangrijk. Als ik teveel muise heb, dan doen we dees altijd naar een asiel brengen. Dan hebben zij ook speeltjes. Fanavond doe ik swaaien naar onze sterren en tetter ik mee voor freede en dat er overal liefde is. Ik geef iedereen een zacht kopje alvast.