
Hoi Winnie!
Een klein wit poesje, nog maar een kitten van zo’n acht weken oud, had er genoeg van om in het asiel te zitten. Door moeilijke omstandigheden was ze er geboren en ook getogen. En nu wilde ze een huis.
Ja, wat doe je dan als je nog maar zo klein bent? Antwoord: je doet wat je kunt, en dat doe je zo goed mogelijk. Winnie is een voor ons allemaal een voorbeeld.
Asiel
De achtergrond van Winnie is best moeilijk. Haar moeder werd hoogzwanger in het asiel opgenomen. Daar werden haar broertjes en zusjes geboren. Elk van hen vond een thuis. Haar moeder ging over de Regenboogbrug. Maar Winnie gaf niet op.
Miauwen
Op een dag kwam er een jonge vrouw het asiel binnen, met het plan om wat geld te doneren. Ze liep langs de rij met lege kooien, en dat was een goed teken. Leegte betekent dat er een thuis is voor de inwoner ervan. Maar er was nog iemand over. Iemand die keihard begon te miauwen, toen ze de jonge vrouw zag.
Meeeewwwww!!
Mewww!!
Ogen
Winnie miauwde zo hard en zo lang mogelijk en ze keek de vrouw zo intens mogelijk aan. “Ik ben het,” leek ze te willen zeggen, “en ik heb een thuis nodig, mag ik met je mee?”
Het werkte. De jonge vrouw werd meteen verliefd op Winnie en besloot haar mee te nemen naar huis. Ze moest wel in het kantoor de adoptieformulieren invullen. Toen Winnie de jonge vrouw zag weggaan, miauwde ze dubbel zo hard: “Laat me niet alleen!”
Thuis
Maar ze werd niet alleen gelaten. Binnen de kortste keren kwam de vrouw terug. Winnie mocht uit het kooitje en mee naar huis. Naar haar huis voor altijd.
Dat was best wennen. In het begin verstopte ze zich op een plank met boeken. Daar heeft ze drie uur lang alles bekeken en bestudeerd Toen besloot ze dat het in orde was en ze rende het huis door, alsof ze er al jaren woonde.
Knuffelen ontdekte ze ook. Al bij de eerste lange thuisknuffel durfde ze zich er helemaal aan over te geven. Winnie had haar ideale thuis gevonden, en dat dankzij keihard miauwen.
(bron: Lovemeow.com)
Deze kattenvader viert zeker weten een gelukkige kerst. Want het is al op de foto te zien: hij heeft goed gezelschap.
Naam
Slapen kan ik bijna altijd, dat is misschien ook een talent. Het allerfijnste slaap ik als ik opgerold ben. Dan pas ik op een heel klein dekentje terwijl ik best een grote kater ben.
Een kerstboom met katten in huis kan, maar alleen als je het veilig houdt. Want: er is een risico vanwege de naalden van de boom en het water waarin de boom staat.