Deze zomer is mijn leefen net als de zon – rond, warm en frolijk, ik leef ook MET de zon; elke dag ga ik heel froeg in de ochtend naar mijn tuin en geniet ervan dat het nog lekker frips is, iedere middag kruip ik onder de struiken omdat het warm wordt, en in de afond als het weer koeler is ga ik in mijn gras liggen of op één van mijn stoelen.
Soeselig
Ik ga ook wel eens ergens anders liggen, op de grote stoelen bijfoorbeeld, of op de teegels bij het terras, en natuurlijk ren ik ook rondjes op mijn gras om in form te blijfen, of ik plaag de dikke duif een beetje, hij zit altijd in mijn tuin en is niet bang voor mij, dat hoeft ook niet
want ik doe hem niets, maar soms ren ik ineens naar hem toe, het is een grapje en dat weeten we allebei, ferder is elke dag hetzelfde en dat find ik heerlijk.
In mijn tuin ferfeel ik me nooit, ik weet altijd wel iets te doen, Ja, liggen bedoel je! roept mijn vrouw naar me, maar dat find ik flouw, ik doe van alles in mijn tuin, en dan mag ik daarna best efentjes liggen en uitrusten, ook al moet ik toegeefen dat ik van de zon vaak wel een beetje soeselig word, en misschien zelfs efentjes in slaap fal.
Dat ik in mijn tuin slaap is iets nieuws, dat had ik tot nu toe nog nooit gedaan, ik durfde het niet zo goed, ik fond dat er teveel gebeurt: er komen mensen langs lopen in de tuinen naast mijn tuin, de hond blaft ineens, Pokon klimt over het gaaas heen, mijn mensen komen naar buiten en ga zo maar door, dus ik was altijd aalert, ik dacht altijd Je weet maar nooit.
Durfal
Een paar weeken geleeden fiel ik laat op de afond een keer in slaap op mijn rieten stoel, en ik merkte dat er dan niets grieseligs gebeurde, ik sliep en ik werd wakker en alles was gewoon in orde, ja Pokon had in de tussentijd wel mijn eeten opgegeeten binnen, maar dat find ik geen probleem, en ik denk dat als er iets biesonders is Pokon mij dat wel fertelt, maar hij had niets gezegd en alles was feilig.
Zo ging ik in de afond en nacht steeds iets langer slaapen op mijn stoel, en soms, als het HEEL warm is in de nacht, bleef ik de hele nacht buiten slaapen, tot een uur of vijf want
dan foel ik altijd dat ik heel hard knuffels noodig heb, en zeker als ik buiten heb geslaapen heb ik natuurlijk URGENT (dat is een moeilijk woord voor dringend) knuffels en aandagt noodig, dus naar binnen en hop de toeter aan!
Mijn mensen worden meteen wakker en zeggen dat ik een nachtvlinder ben, een durfal, ik krijg ekstra veel knuffels en kusjes want ze hebben me gemist, ik klim op bed en slaap efentjes gezellig tussen mijn mensen in, totdat ik weer naar buiten moet, want mijn tuin roep me.
Folgens mijn vrouw ben ik een grote jongen geworden, en dat is zeker waar, ik heb iets nieuws geleerd, ik durf best in mijn upje de hele nacht buiten te zijn, en ik durf ook best buiten te slaapen, ik heb fertrauwen in mijn tuin en mijn leefen gekreegen, en misschien ook wel in mezelf.
Natuurlijk tetter ik nog altijd voor vreede, zo hard mogelijk!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.
Zo lang als ik leef ben ik altijd Kever geweest: een katerjongen die een mooie smooking draagt, met een groot hoofd met ronde wangen en een kleine snor maar wel met een toeter met een groot bereik.

Soms denk ik dat het warm is in mijn tuin maar dan wordt het warmer en NOG warmer en dan NOG warmer, zo was het forige week, het was echt keiheet en ik kon niet eens meer beweegen, ik lag de hele dag helemaal stil en plat achter de fijgjesboom, af en toe kreeg ik een klein beetje goermet moes met ekstraa waater er doorheen van mijn mensen, dat slobberde ik naar binnen en daarna ging ik weer liggen.
Meestal lig ik onder de hortensiejaas, maar dat was met die hitte niet koel genoeg, de fijgjesboom heeft groote blaaderen en ook nog eens een heleboel, ik lig daar helemaal top, alleen waren mijn mensen me kwijt, ze liepen door de tuin en zeiden steeds Keef, Keef, waar ben je?, ik was al rechtop gaan zitten maar dat konden ze niet zien door al die blaadjes, en ik fond het te warm om naar ze toe te loopen, dus mijn mensen bleefen zoeken en pas na een tijdje fond mijn man me.
woonden!, maar ze waren steeds niet gekomen toen iemand ze riep, omdat ze hun kluts kwijt waren en langer de tijd noodig hadden om zich te laaten zien.
Een tijdje geleeden was er keiharde wind, niet de hele tijd, maar af en toe was er een geluid van WOESJ en woeide het zó door mijn hele tuin, er lagen al allemaal blaadjes op mijn gras en ik ging onder de struiken liggen om niet steeds blaadjes op mijn hoofd te krijgen.
Haut
ik eenzaam te zijn, totdat mijn vrouw naar me toe kwam en zei Keef, kom je mee?, ze liep naar binnen terwijl ze achterom keek en ik liep met haar mee, zooo heee en toen hebben we geknuffeld…!!!, ik kreeg wel een miljoen kusjes, ik ben helemaal gekamd en geborsteld, ik hoorde allemaal lieve woordjes, en efen later kwam mijn man er ook bij en lagen we met zijn drietjes op de grond, met mij in het midden, ik deed echt KEIHARD brombrombrombrom en kon bijna niet meer stoppen.
Zooo heee wat had iedereen me forige week lieve woorden gestuurd!, ik heb ze allemaal in mijn hart gestopt en daar bewaar ik ze voor als ik onzeeker ben, dan kan ik naar jullie woorden kijken en me weer fijn foelen, mijn vrouw zei Keef, je boft maar met zulke lieve vrienden, en dat is helemaal waar, ik ben zooo blij met jullie!
poeps op mijn twalet.
mijn mensen slaapen en ik ben de eenige die nog wakker is, ik hau de wacht en zorg dat iedereen feilig is, dat is een grote ferantwoordelijkheid, maar ik kan dat.