Precies een week nadat ik op mezelf ben gaan wonen kreeg ik een eigen Feestboekpagina, omdat er anders binnen een jaar een hele boekenplank vol met fotoalbums zou staan te verstoffen.
Als al m’n foto’s al in een album terecht zouden komen, want de kans was ook groot dat er na een poosje hele stapels foto’s los door het huis zouden liggen omdat er gewoon te weinig tijd was om ze allemaal in te plakken. Want er moest natuurlijk ook nog veel ontdekt, gespeeld, geknuffeld, opgevoed en geaaid worden. O, en er moesten natuurlijk ook nog brokjes verdiend worden door m’n personeel, en ze gingen ook nog regelmatig de deur even uit op jacht naar m’n eten. Dus ook zij hadden het al drukdrukdruk genoeg. En ik zag het zelf niet zitten om elke week met een grote tube fotolijm de resultaten in de albums te moeten plakken.
M’n moeder had, toen ik nog met m’n broertjes en zusjes bij haar woonde, wel ‘s gemauwd dat haar personeel alles digitaal deed. Ik zag haar wel ‘s met hun achter een schermpje zitten om plaatjes te kijken, en dat leek me eigenlijk ook veel handiger. Want papier is om te scheuren, of om er propjes van te maken en mee te spelen. Toch?
Schrijver
Heel eerlijk gemauwd, toen ik eindelijk uit huis ging om op mezelf te gaan wonen, dacht ik helemaal niet aan foto’s of leptops. Ik had m’n personeel uitgekozen omdat ze lief waren, heel goed konden knuffelen en lekker rustig waren. Er werden wel genoeg foto’s en filmpjes van me gemaakt hoor, met dat ding waar ze ook hele gesprekken mee hadden. Maar om nou op zo’n klein schermpje samen alles te bekijken was toch net effe wat anders.
Ik was dus wel een beetje bang dat ik het verkeerde personeel had gekozen als ik een carrière als schrijver wilde beginnen, totdat ze na een paar dagen met een leptop binnen kwamen. Speciaal voor mij.
Nou, je snapt dat ik gelijk op de stoel ging zitten om de eerste resultaten samen te bekijken. Urenlang zaten we achter m’n leptop, en ‘t was moeilijk kiezen uit zoveel foto’s en filmpjes. Maar ja, ik wilde toch ergens beginnen…
Feestboek
Ik ben maar gewoon een eenvoudige Lissense boerderijkater, die zelf nog geen letter op de leptop kon intikken omdat de toetsen toen al te klein waren voor m’n kittenpootjes. En dat is nu ik groterder ben gegroeid nog veel moeilijker geworden. Laat staan dat ik verstand heb van leptops en daarbij, ik mauwde eigenlijk alleen maar tegen m’n eigen personeel omdat m’n moeder altijd gemauwd had dat ze je dan beter konden begrijpen als je iets wilde vertellen. Nou, die van mij dus écht niet hè!
Gelukkig zagen ze aan m’n kop, m’n staart en m’n hele lijf daar tussenin ook al snel wat ik ergens van vond, en zo hebben we de eerste dagen samen m’n Feestboekpagina gevuld. Maar na een tijdje werden ze er steeds beterder in om m’n mauwen te snappen en begonnen ze zelfs terug te mauwen. In het begin deed ik nog wel moeite om hun spellings- en gramaticafouten te verbeteren, maar daar ben ik inmiddels mee opgehouden. Onbegonnen werk, al doen ze echt wel hun best, hoor.
Blog
Intussen kreeg ik steeds meer vrienden op Feestboek, en merkte ik dat schrijven echt heel erg leuk is. Veel leukerderder dan een album met alleen maar foto’s op de boekenplank. En een stuk gemakkelijker om terug te kijken.
Het zal een week of drie voor m’n eerste verjaardag zijn geweest toen ik van de wereldberoemde en wijze schrijver Bert een uitnodiging kreeg om op zijn site de zaterdagblog van mijn vriend Bram over te nemen. Bert had mijn Feestboekpagina gezien en dacht wel dat ik dat zou kunnen. Echt, ik heb een paar dagen als een kat met zeven staarten door ‘t huis gelopen, zo trots was ik. Al vond ik het ook best wel spannend hoor, want lieve wijze Bram was natuurlijk al jarenlang een ervaren schrijver van blogs. En daar kwam ik dan, als kittenkatertje met alleen maar een Feestboekpagina, tussen zes andere doorgewinterde schrijvers op een echte site. Maar het voelde als een warm bad, en ook dankzij Bert en Bram heb ik heel veel lieverds leren kennen. Allemaal vrienden voor het leven en voorbij de Regenboogbrug en weer terug…
Vrienden
Dit jaar ga ik m’n tweede jaar in als blogger en als Feestboeker. En ik heb het nog steeds enorm naar m’n zin, al vergeet ik soms te kijken of er nog reacties op m’n blog staan om te beantwoorden. M’n personeel heeft een dag of twee de melding voor post aangezet, maar toen stroomde hun mailbox helemaal over met alle reacties die ook op andere blogs binnenkwamen. Dus die hebben ze toen maar weer uitgezet, want ze zagen door de bomen ‘t weiland niet meer.
En ik ben er inmiddels achter gekomen dat ik niet elke dag iets op Feestboek hoef te schrijven, want de vrienden die ik daarop heb zijn hele lieve vrienden die zelf soms ook andere belangrijke dingen te doen hebben.
Omdat het leven gewoon verder gaat als de leptop dichtgeklapt is, maar we weten elkaar altijd weer te vinden. En dat is heel belangrijk, weet ik nu. Want samen delen is samen vermenigvuldigen, en zo maken we onze wereld samen elke keer weer een beetje mooier.
Stevige poot en zachte kopjes,
Joep
Nou is het nieuwe jaar alweer vier dagen oud, en alles begint weer een beetje normaal te worden in huis. De kerssemusseboom is weer ingepakt, net als alle kleine lichtjes. Er staan alleen nog wat kaarsen met van die knopjes aan de onderkant, het soort waar ik rustig aan kan snuffelen zonder m’n snorharen kwijt te raken. En dat is wel zo prettig. O, en m’n eigen rode kralen kerssemusseboom heb ik ook nog steeds staan hoor, want die vind ik altijd leuk. Is gewoon een klein dingetje waar m’n personeel lichtjes doorheen gevlochten heeft, maar ik denk dat ‘ie vooral mag blijven omdat ze die draadjes met piepkleinere dan piepkleine lichtjes niet meer tussen die kraaltjes uit krijgen.
tussen het werken door veel geslapen, maar dat komt misschien ook wel door ‘t sombere weer van de laatste tijd. Want ‘t is nou niet al te best geweest, al hebben we vorige maand toch heus wel een echte witte kerssemus gehad, die bijna een hele week bleef hangen. Tenminste, dat vond ik.
Terwijl ik langzaam in slaap begon te sukkelen hoorde ik m’n personeel praten over mist, en dat de wereld wel heel erg klein was die dag. Mist? Ik tilde m’n kop op, want hier wilde ik toch wel even meer van weten…
Nog drie nachtjes slapen, en dan is volgens m’n personeel dit jaar alweer voorbij. Gelukkig komt daar achteraan dan wel weer een heel nieuw jaar, alleen het laatste cijfer van de vier is dan anders. En dat is toch een hele geruststelling.
Stel je voor, vorig jaar om deze tijd bestond mijn hele wereld uit de slaapkamer, de gang, de badkamer, de zijkamer, de woonkamer en de keuken. En heel veel vensterbanken, waar ik toen al heerlijk kon liggen dutten.
heeft gedaan. Tsjonge, wat kan die poezendame mooi schrijven, zeg. Ik heb nu nog niet alle verhalen voorgelezen gekregen, maar ik weet zeker dat Bram vanachter de Regenboogbrug katertrots is op z’n zus.
Deze week heb ik precies één keer in ‘t zonnetje kunnen liggen. Dat was dinsdagmiddag, precies een haf uur lang.
buiten helemaal wit is, en dat het een leuk geluid maakt als je er overheen loopt. ‘t Schijnt alleen wel koud te zijn aan de poten als je te lang buiten bent en je laat sporen na, dus iedereen kan zien waar je bent geweest. Wat m’n vrienden daarmee bedoelen weet ik niet, maar ze mauwden dat ik dat wel zou snappen als ‘t ooit nog ‘s wit gaat worden buiten.
achterdeur om naar terug te gaan. We boffen. Dus m’n personeel en ik vinden dat ook de dakloze diertjes geholpen moeten worden en rond de kerst juist nog meer dan in andere maanden. Want uit eigen ervaring weet ik dat er in dit seizoen weinig muizen te vinden zijn. En slapen met een knorrend buikje is niet goed.
Vorige week zaterdag heb ik toch wat meegemaakt… Ik ben naar het Lichtjesfeest van Kianjo en Djoeke geweest. M’n blog was nèt af, en toen stond de bus die Belle gehuurd had al voor de deur om me op te halen. Altijd gezellig, want sinds de zomer zijn er eigenlijk geen grote feesten meer geweest, dus ‘t was kattastisch om zoveel vrienden al in de bus tegen te komen en de hele rit naar Brabant lekker met elkaar bij te kunnen mauwen. Ik had nog nooit een Lichtjesfeest meegemaakt, dus was wel heel nieuwsgierig naar hoe dat zou zijn…
Maar ja, m’n moeder heeft me geleerd dat ‘t niet netjes is om als ik ergens binnen kom gelijk m’n bekkie vol te proppen, dus ik heb eerst de boom ‘s goed bekeken, en het hele kerstdorp met huisjes en lichtjes. Want zóveel heb ik bij mij in huis niet staan, dus ik keek m’n ogen uit en genoot. En er was natuurlijk een hoop bij te mauwen met alle vrienden die al op ’t feest waren, en dat kan ook niet met een bek vol.
Er was nog heel wat gebeurd terwijl ik onder de kerssemusseboom lag te slapen, en ik heb daar echt waar werkelijk helemaal niks van meegekregen.