Toen ik op mezelf ging wonen kreeg ik een mandje van m’n personeel. Maar die heeft een hele tijd staan verstoffen, omdat ik van huis uit helemaal geen mandjes gewend was en er, in m’n eigen huis, dus helemaal niet naar om keek. Ik lag de eerste dagen veel liever naast die mand, op een kussentje onder de eettafel. Dat kwam omdat ik nog een ienieminibeebiekatertje was en niet doorhad hoe ik zelf op de grote bank kon komen. Want dat leek me een heerlijk plekje, maar ik durfde toen nog niet te springen…
Als m’n personeel op die bank zat tilden ze me er ook op, om in hun armen geknuffeld te worden. En soms viel ik dan bij ze in slaap als ik moe was van het spelen en ‘t ontdekken in m’n huis. Maar het gebeurde ook wel ‘s dat ik helemaal geen zin had om te knuffelen, en dan ging ik op een ander plekje op de grote bank liggen. Het duurde dan ook niet lang voordat ik een blauw-wit dekentje kreeg, dat wel 4x werd dubbelgevouwen en ingestopt tussen de kussens van de bank. En dat werd míjn plekje in de woonkamer.
Een zak
Na een tijdje ontdekte ik dat ik in m’n eigen huis ook kon klimmen, en vanaf toen sloeg ik gewoon m’n nageltjes in de bank of ‘t beddengoed en klom dan pootje voor pootje naar boven. Zo kon ik zelf uitmaken waar ik wilde gaan liggen, en dat beviel me prima. Klimmen deed ik ook veel liever dan springen. Dat vond ik gewoon een beetje eng, omdat ik niet wist wat ik aan ‘t eind van m’n sprong zou tegenkomen. Maar als ik gewoon op m’n gemakkie naar boven klom, kon ik altijd eerst even kijken of het daar wel interessant genoeg was om te gaan zitten of liggen. En of dat er misschien iets nieuws te ontdekken was.
‘t Duurde dan ook niet lang voordat m’n personeel met een enorme grote zak thuiskwam, die ze aan het plafond naast de bank ophingen. Daar kon ik naar hartelust in klimmen vertelden ze vol trots, maar ik vond het een doodeng ding want hij zwieberde van links naar rechts en van voor naar achter toen ik er de eerste keer in wilde klimmen…
Cactus
Gelukkig had m’n personeel dat al snel opgelost, en kon ik vanaf de vloer helemaal tot aan het plafond naar boven. En zo ontdekte ik dat je op grote hoogte veel meer uitzicht hebt om van alles goed in de gaten te kunnen houden.
Om een lang verhaal wat korterderder te maken, vorig jaar werd er ineens een hele grote doos bezorgd en is m’n personeel een tijdje bezig geweest om de inhoud daarvan in elkaar te zetten. Maar uiteindelijk stond ‘ie er, m’n eigen cactuskrabpaal. Van de vloer tot aan het plafond, met plankjes om op te zitten, en bijna bovenin een soort mandje. Dit leek een klimpaal 2.0, en een hele mooie aanvulling op m’n eerdere lange klimpaal.
Maar om heel eerlijk te zijn, ik moest er echt wel even aan wennen. De cactus staat naast de tuindeur, en geeft een prima overzicht van de woonkamer, de keuken en een stukje tuin. Alleen ‘t weiland kon ik, sinds de schutting met de buren er staat, niet meer zien. En dat was dan wel weer jammer. Eigenlijk had ik ‘m zelf liever aan de andere kant van m’n woonkamer gehad, pal naast het grote raam, maar dan zou de deur van de kast van m’n personeel niet meer open kunnen…
Toen de zomer zo’n beetje voorbij was en het wat kouder werd ben ik dat mandje ‘s gaan uitproberen, omdat ik al gemerkt had dat het boven in die cactus warmer was dan helemaal beneden op de vloer. En eerlijk? Vanaf dat moment was ik niet meer uit dat mandje te krijgen…
Mandje
Nou heeft mijn personeel weinig mauwtjes nodig om me te snappen, dus het kleedje in de vensterbank in de slaapkamer werd ook vervangen door een mandje. En dat ligt me toch heerlijk! Ik kan vanaf de ochtend tot ergens in de middag heerlijk in de zon liggen, als die tenminste weer ‘s wil schijnen. En ‘t is een kattastische werkplek als ik straatcontrole vanuit huis heb, want ik zie alles en iedereen voorbij komen. En ‘t grote voordeel is dat hoe ik me ook in dat mandje draai en uitrek, ik kan er niet uitvallen omdat m’n oude krabpaal met twee verdiepingen er tegen aan staat. M’n personeel gebruikt de bovenste plank van die krabpaal om op te hangen als we samen naar buiten kijken, of als ik even tijd en zin heb om met ze te knuffelen of te spelen. En als ze op jacht zijn geweest zie ik precies wanneer ze weer thuiskomen en kan ik op m’n gemak naar de voordeur wandelen om de tassen te inspecteren. Want ook dat moet nog steeds gebeuren.
Werkplek
Sinds een weekje heb ik in de vensterbank in de woonkamer nu ook mandje staan. Eentje van takken, dus die rekt niet mee als ik m’n poten strek. Maar er ligt een lekker zacht zwart dekje in, dus ook die heb ik goedgekeurd. Tot verbazing van m’n personeel, want ze lieten het kleedje waar ik altijd op lag onder de mand liggen zodat ik nog kon kiezen . Ze hadden nooit gedacht dat ik ooit nog ‘s een mandjeskater zou gaan worden, en nu heb ik er zelfs drie in huis, waar ik graag gebruik van maak.
De mand in de slaapkamer is nu m’n werkplek geworden, die in de woonkamer is om te relaxen met uitzicht op m’n tuintje, het achterpad en ‘t weiland, en m’n cactusmand is de plek waar ik ga liggen als ik eigenlijk niet gestoord wil worden. Hij hangt zó hoog, dat Mamarazzi Junior een krukje moet uitklappen om op te gaan staan, en dan kan ze nét over de rand kijken om te aaien en natuurlijk weer foto’s te maken. Senior kan er wel gewoon bij want die is een stuk langer, maar ik maak ze altijd wel duidelijk als de aaitijd om is, want dan tik ik met m’n poot tegen hun hand en dan weten ze al genoeg. Maar dat was gewoon een kwestie van m’n personeel goed opvoeden…
Stevige poot en zachte kopjes,
Joep
Donderdag was er ineens zon. En blauwe lucht met witte wolken. Tenminste, dat laatste vertelde m’n personeel me, want zelf zie ik niet alle kleuren die zij zien. Maar ik kan wel heel goed in ‘t donker kijken, en dat kunnen zij dan weer niet. Ik merk dat zij, net als ik, heel blij worden van zon en mooie blauwe luchten en witte wolkjes. Dat voel ik gewoon, en dan genieten we saame. Lekker buiten in de tuin, alsof het alweer voorjaar is. Verschil is alleen nog dat m’n personeel met een dikke jas aan in de tuinstoelen zit, dus ik denk dat het nog niet zo ver is.
Buiten
Binnen
Ken je dat? Zo halverwege de eerste maand van het nieuwe jaar wordt ‘t zó rustig, dat ik eigenlijk even niks bijzonders te mauwen hebt. Alles in huis is weer zoals het altijd was, personeel is gewoon weer brokjes aan ‘t verdienen, de kerstcadeautjes liggen in m’n mand onder tafel bij ‘t andere speelgoed en buiten is ‘t koud. Alles gaat gewoon weer z’n gangetje, alsof er nooit kerssemus en nieuwjaar is geweest…
En weer los te laten natuurlijk, want anders blijft er geen muis over als ik in de zomer weer een Weilandfeest zou willen geven.
Knuffeltijd is altijd wel de hele dag door, zeker als er even geen brokjes verdiend hoeven te worden. Meestal ben ik daar wel voor te vinden en dan lig ik op ‘t grote bed of in de vensterbank als ik aaien of knuffels wil hebben, of gewoon lekker op de bank of in een luie stoel. Plekjes waar m’n personeel makkelijk bij me kan komen.
Precies een week nadat ik op mezelf ben gaan wonen kreeg ik een eigen Feestboekpagina, omdat er anders binnen een jaar een hele boekenplank vol met fotoalbums zou staan te verstoffen.
Heel eerlijk gemauwd, toen ik eindelijk uit huis ging om op mezelf te gaan wonen, dacht ik helemaal niet aan foto’s of leptops. Ik had m’n personeel uitgekozen omdat ze lief waren, heel goed konden knuffelen en lekker rustig waren. Er werden wel genoeg foto’s en filmpjes van me gemaakt hoor, met dat ding waar ze ook hele gesprekken mee hadden. Maar om nou op zo’n klein schermpje samen alles te bekijken was toch net effe wat anders.
En ik ben er inmiddels achter gekomen dat ik niet elke dag iets op Feestboek hoef te schrijven, want de vrienden die ik daarop heb zijn hele lieve vrienden die zelf soms ook andere belangrijke dingen te doen hebben.
Nou is het nieuwe jaar alweer vier dagen oud, en alles begint weer een beetje normaal te worden in huis. De kerssemusseboom is weer ingepakt, net als alle kleine lichtjes. Er staan alleen nog wat kaarsen met van die knopjes aan de onderkant, het soort waar ik rustig aan kan snuffelen zonder m’n snorharen kwijt te raken. En dat is wel zo prettig. O, en m’n eigen rode kralen kerssemusseboom heb ik ook nog steeds staan hoor, want die vind ik altijd leuk. Is gewoon een klein dingetje waar m’n personeel lichtjes doorheen gevlochten heeft, maar ik denk dat ‘ie vooral mag blijven omdat ze die draadjes met piepkleinere dan piepkleine lichtjes niet meer tussen die kraaltjes uit krijgen.
tussen het werken door veel geslapen, maar dat komt misschien ook wel door ‘t sombere weer van de laatste tijd. Want ‘t is nou niet al te best geweest, al hebben we vorige maand toch heus wel een echte witte kerssemus gehad, die bijna een hele week bleef hangen. Tenminste, dat vond ik.
Terwijl ik langzaam in slaap begon te sukkelen hoorde ik m’n personeel praten over mist, en dat de wereld wel heel erg klein was die dag. Mist? Ik tilde m’n kop op, want hier wilde ik toch wel even meer van weten…