
Miauw, hallo lieve lezers, wij, Willem, Jajim en Frou Frou zijn fureerd want we mogen een furhaaltje schrijven. We weten nog niet goed hoe het moet maar we beginnen bij het begin. Het gaat over saame wonen met andere poezen en katers.
Wie wij zijn
We zijn twee poezen en een kater en wonen nu al een hele tijd saame in een multikat huishouden. Dat betekent dat je met meerdere katten leeft. Jajim miauwt het furhaal omdat het huishouden met haar begonnen is.
In de winter in 2012 kwam ik bij onze mensenbroer terecht. We waren met zijn tweetjes en in het begin vond ik het heel spannend thuis maar na een paar dagen was ik aan knuffelen, spelen en de onfurdeelde aandacht gewend. Dat was leuk, de hele tijd spelen en rondrennen. Wel werd ik een beetje druk zei mijn tweevoeter soms.
Toen ik na een half jaar ging puberen, was het idee van een furriendje of furriendinnetje erbij ontstaan. Met mij was niets overlegd maar het was goed bedoeld.
Nou was het toevallig zo dat mijn mensenbroer vrijwilliger was als socialiseerder bij een stichting voor zwerfkatten. De plek waar katers en poezen van de straat terecht komen voordat ze naar het asiel kunnen. En daar was Willem.
Mijn broer Willem is furlegen en heeft veiligheid en duidelijkheid nodig. Hij is zo schrikachtig doordat het straatleven moeilijk was geweest, dat elke keer dat mensen kwamen aaien, hij schrok en het furtrouwen winnen weer opnieuw moest. Hoe lief ook, hij ging niet door bij de audities voor het asiel en zou naar een kattendorp gaan. ‘Niet plaatsbaar’ noemen mensen dat.
Beslissing
Toen onze mensenbroer daarover hoorde schrok hij. Ze waren maatjes geworden en er was furtrouwen gekomen, en nu zou Willem weg gaan? Na een poos nadenken kwam de beslissing er; Willem furdient een kans, hij zou zomaar een leuke furriend voor Jajim kunnen zijn. Zo gezegd was niet zomaar gedaan, het was aanpoten.
Mijn nieuwe broer vond het thuis zo spannend dat hij zich de eerste week nauwelijks liet zien. Het was alleen veilig ver weg onder een slaapbankje in een slaapkamer die voor hem was ingericht. Van de kartonnen doos en de nieuwe mand wilde hij niets weten. Zelfs voor gekookte kip kwam hij er niet onder vandaan. Alleen ‘s nachts. Dan kwam hij stiekem aan mensenbroer’s hoofd snuffelen, tot de mensenogen open gingen; dan rende hij purr direct weg, terug onder het slaapbankje. “Duidelijk, Willem, we doen rustig aan”.
Mensenbroer probeerde van alles. Zo besloot hij om het boek wat hij aan het lezen was hardop voor te lezen. Willem gaf geen miauw. Er gingen kilo’s gekookte kip doorheen, veel snacks, allerlei smaken brokjes, furhalen, woordjes. En heel veel geduld. Willem deed het op zijn eigen tempo.
Broer en zus

Het was voor mij, Jajim, apart want de slaapkamerdeur was dicht en ik kon wel ruiken en horen dat er iets nieuws was maar ik kon het niet zien. Op een dag wisselden Willem en ik van ruimtes om elkaars geurtjes te leren kennen. Dat was spannend. We waren allebei nieuwsgierig, zo van, wat is die geur?
De volgende stap was dat de deur van de slaapkamer op een kier ging en we elkaar gedag konden miauwen. Dat viel me rauw op de oren! Ik blies naar Willem om goed duidelijk te maken wie de baas is. De deur ging weer dicht. “Genoeg voor vandaag” zei mensenbroer een beetje geschrokken. We bouwden de kennismaking langzaam op. De oefening met de deur deden we elke dag, met snoepjes en lekker eten. En toen het goed voelde, ging de deur helemaal open.
Soms vinden we elkaar eng of stom, maar met saame spelen hebben we geleerd dat het ook leuk is met een huisgenootje. Zo hebben we 3 jaar geleefd en waren we gewend aan elkaar. Als broer en zus wel, met soms wat kattenkwaad. Dus af en toe krijgt Willem weleens een corrigerende poot van mij, of andersom. En later is het weer normaal. Zo gaan onze dagen.

Hoe het verder ging
Dit zelfde purroces herhaalde zich 3 jaar later toen ons zusje Frou Frou erbij kwam. Weer de slaapkamerdeur dicht, geheimzinnig gedoe van onze mensenbroer en weer een nieuw geurtje.
Toen we na twee weken kennis hadden gemaakt met ons nieuwe zusje moesten we weer uitmiauwen wie nou de baas is. “Frou Frou in ieder geval niet”, miauwde ik tegen Willem. “Zij is nieuw en bovendien de jongste”. Frou Frou is al zo blij om een thuis te hebben dat ze er niet over wil mauwen “ik vind alles best, wie wil er knuffelen?” purrt Frou Frou.
Laat het Willem niet horen maar ik ben de baas gebleven.
Kopjes van Jajim, en ook van Willem en Frou Frou
PS Klik voor onze Facebook: Willem & Jajim & Frou Frou