
Hoi lieve allemaal, fandaag is de blog anders dan mijn gewone roetiene. Meestal schrijf ik in de blog over wat ik meemaak in mijn elke dag roetiene. Nu ook maar een beetje anders.
Meel-frienden
Ik heb namelijk meel kontakt met Trudy. Misschien kennen jullie Trudy nog of misschien ook niet. Trudy is een poesedame en woont bij het asiel waar ik ook heb gewoond. We zijn dus meel-frienden. En ik vroeg haar om een intervjoew van hoe het leven nu is. Ze wilde dolgraag meedoen ook al zit haar bek onder de likwit snek. Prima hoor! Hier is de intervjoew.
Hoi Trudy, wat koel dat je mee doet aan het intervjoew. Wil je iets over jezelf vertellen aan de poesen en katers die nieuw op de blog zijn en jouw nog niet kennen?
Hee Bram mmm… smak smak de likwit snek is fandaag in zallum smaak. Mij bek vin het lekker. Eerst doe ik eefe mij bek schoonmaake voor de frage. Goed. Daar ben ik. Ik ben Trudy en mij leeftijd is oud zeggen de mensen die mij hier eete geefe. Op de paspoort staat dat ik 13 plus ben. Van mij buikmaat klopt dat wel denk ik. Maar van mij jaare weet ik het niet. Froeger was ik een straatpoes met mij friend Freek en nu woon ik al meer dan 10 jaare in het asiel. Ik vin het prima. Mij buik ook. Ik hou van eete en ik ben een maat meer poes.
Hoe ben je in het asiel gekomen?
Dat was froeger toen ik nog een straatmeisje was en net furkeer had met Freek. Ik had altijd honger en bij het asiel schooide ik om eete. Dat kreeg ik daar ook meteen. Dus ben ik daar gebleefe. Ik heb Freek meegenomen zodat hij ook kon eete en same woonde we toen op het buiten terrein van het asiel. Dat is jaare goed gegaan tot dat we allebei ouder werden en meer aandacht wilde. Ik vond de kriebels aan mijn kop heel fijn en ik wilde steeds meer. Omdat we niet meer bang waren, besloten de mensen dat we niet meer op straat hoefde te leefe en mochten we binnen wonen. Mij liefe jonge Freek heeft een aantal jaar geleden zijn koffer gepak en is gefloge naar de regeboogland.
Hoe gaat het leven nu zonder Freek?
Ik mis mij friend nog elke dag. Als hij likwit snek op zijn bek had, deed ik het oplikken. Ik hou van eete. Mij dagelijkse roetiene gaat gewoon door zonder Freek ook al is het soms moeilijk. ‘s Morgens als ik wakker ben ga ik naar buiten op de bak. Daarna ga ik eete en rieleksen. Ik woon in een kamer met een grote buitentuin met een hek er omheen. Voor de feilig zeggen ze. Ik vind het best. Als het mooi weer is ben ik graag in de zon en dan loop ik naar mijn zonpaal om te zonnen. Als het slecht weer is dan blijf ik binne slaape en denke over jonges en eete. Na het vertek van Freek wilde ik geen friend meer. Mij hart was gebrooke van hem. Ik was 10 jaare getrouw met hem. Zij aan zij, kont aan kont. Of mag ik dat niet zeggen in de intervjoew? (dat mag!) Eerst vond ik het helemaal niks om alleen te zijn maar naar zofeel jaare maak je dat niet meer uit. In mij kamer wonen ook andere poese en katers maar geen van hen vond ik lief. Ik miste mij Freek heel erg. Nu vind ik het prima als er andere poese of katers zijn.
Als ik klaar ben met denke en slaape dan wil ik eete. Lekkere saus en fleesjes. Mij bek heb geen tanne meer dus ik schep het eete met mij onderkaak op en met mij tong. Dat gaat prima. Ik schrok alles op. Dan doe ik uitbuike op een paal binne. Een paal is zo breed dat ik er twee keer op kan, die is het fijnst. Daar kan ik mijn poote strekke als ik lig. Meestal wacht ik op de kriebels van de schoonmaker van die dag. Dat is elke dag anders. Soms krijg ik wel een likwit snek, soms niet. Ligt aan de schoonmaker. Maar meestal zijn mijn daage hetzelfde. In de nacht kijk ik naar de sterren in de lucht. Als ik moe wordt ga ik naar binnen om te slaape. En dan komt de ochtend weer. Ik vind mij leefe goed nu. Ik heb altijd eete en een warm bed. De andere laate mij met rust en dat is fijn. Ik hoef nie meer te schooie en ik krijg ook kriebels.
Wil je in de toekomst een eigen mens met woning?
Nee. Ik woon hier prima. Ik heb moeite met ferrannering dus mij roetiene is het fijnst! Op mij paspoort zeg dat ik hier vast woon en dat ik geen mens hoef. Dat is geluk.
Wil je nog iets kwijt aan de lezers?
Mij likwit snek is op.
Dank je wel Trudy voor het antwoorden van de fraage!

ik vaak een spurt door de kamer. Dat voelt fijn. Alsof je gewoon klaar bent met alles. Soms kan het namelijk ook moeilijk zijn op de bak. Zeker als je wat fla of joggurt hebt gehad. Maar ik zat te denken en ineens kreeg ik een fis! Mijn vrouw rolde die naar mij toe. Eerst wist niet wat ik er mee moest. Ik keek de fis aan toen ik iets bekends rook. Met mijn kop ging ik naar de fis toe en snofte een paar keer. Oooo, dit is wiew. Dit is een wiew-fis. Wiew is ketnip waar je haai wordt en los gaat in je kop.
De beste fis
Jas
Ik stond er op en toen ging ik kijken of er een holletje is. Een warm holletje waar ik dan ik kan kruipen. Mijn kop steek ik dan in je jas om te kijken of het zo is. Er is geen holletje. Kan ik nog iets anders vraag ik mezelf dan af. Ik draai wat met mijn lijf in het rond en trappel met mijn pooten om te voelen hoe stevig het is. Ik kan er niet in en ik kan er niet onder want dat heb ik met mijn kop bekeken. Het is wel een perfecte dut plek. Ik geef me over en bedenk dat ik er ook op kan liggen. Na wat trappelen en draaien plof zachtjes neer. Ik begin eerst met mijn was-roetiene. Dat hoort zo. Dit keer begin ik bij mijn borst. Daarna ga ik mijn buik en mijn billen wassen en vervolgens ook mijn rug en mijn kop. En als ik klaar ben dan doe ik altijd een keertje diep zuchten voordat ik mijn oog dicht doe en ga snurken.
Het was heel moeilijk afgelopen periode. Ik lag op de akwaariejum om warm te worden. Deze is altijd aan omdat de visjes warm moeten blijven. Het zijn warmwater-visjes. De hele bak wordt dan warm en dat vind ik heel fijn. Vooral als ik het een beetje koud heb. Daar lag ik te denken over van alles en nog wat. Soms doe je dat als katermans zijnde. Dat je even tjekt hoe alles is gegaan en hoe je er voor staat. Een aantal dingen veranderen wat ik heel fijn vind. Ik zal je vertellen wat.
Zodra het warmer wordt gaan de plantjes ook weer groener worden en dan komen er ook weer bloemetjes. Dat is mooi. Dan zijn er weer kleurtjes en je ziet de bijtjes weer rondzoemen. Ik doe ze niks omdat ik weet dat ze kunnen steken maar ik vindt ze heel mooi om te zien. In onze tuin staat een hele grote struik met roze bloemen. Nu zie je het niet maar als het lente is wel. Daar komen heel veel bijtjes op af. Ze vinden de bloemen lekker ruiken. Dat maakt alles zachter vind ik. Iedereen is dan blij dat er weer zon is en dat er bloemen zijn. Het maakt je vrolijk. Mij ook. Ik mag dan zoveel meer. Ik mag dan langer buiten blijven, in de tuinstoel slapen en gewoon in mijn struik zijn als kontrooleur van de tuin.
Mijn vrouw vertelde me dat zoveel snekken eigelijk niet gezond is. Zij weet die dingen, ik niet. Ik ben een tuinkater geen diejeet-goeroe. Zij zei ‘Brammie, als je zoveel eet en je beweegt niet, dan wordt je heel dik en kan je erg ziek worden.’ Weet je, dit klinkt best eng. Toen ze dat zei wilde ik alles weete. Zo is het ook dat je er rotte tandjes en kiesjes van kan krijge en dan moet je naar de dokter. Dat wil ik niet.
En wat heel belangrijk is, saame deele. Heb je echt heel veel sneks over in een zakje en kan iemand anders het gebruiken? Soms durven katers en poese het niet te vragen maar willen ze eigenlijk wel wat sneks van jouw hebben. Geef ze dan een paar sneks of het zakje, net wat je wilt. Wij doen nu sneks opsparen voor een asiel en voor mensen in de buurt die niet heel veel sentjes hebben. We weten niet waarom iemand het zo heeft dus laten we lief zijn.