Alle berichten van TegnieseDienst

Japie en die ene vraag: mislukking?

Een beetje regenbui kan ik prima hebben. Wel lekker zelfs. Maar een complete wolkbreuk is andere brok. Na een sprintje duik ik onder de dichtstbijzijnde struiken. Al trek ik mijn vacht strak om me heen ik kan niet voorkomen dat er een waterstraal tussen de bladeren door mijn nek in sijpelt. H
et is nog altijd beter dan in mum van tijd tot op bot doorweekt raken. De regen roffelt gestaag door. Dat geeft me tijd om dit nieuwe bosje waar ik niet eerder onder lag te onderzoeken. Het ruikt anders. En het voelt anders met twijgjes en blaadjes. Zouden teken hier van houden? Ik hoop van niet. Ik heb mijn buik – of beter gemiauwd mijn jas – vol van die naarlingen. Ieder licht moet ik er aan geloven, aan een inspectiebeurt door mijn mens.
We zijn de tel kwijt hoeveel van die bloeddorstige beestjes ze er dit jaar al uit heeft gehaald. Terwijl ik luister naar het ritme van de dikke druppels voelen m’n oogleden steeds zwaarder. Een dutje moet kunnen, ook onder werktijd. Ik maak het mezelf comfortabel. Het kan amper een hazenslaapje zijn geweest als ik wakker schrik van een piep. Het klinkt iel, maar is overduidelijk een piepje. Raar, ik weet zeker dat ik geen muizen heb geroken voor ik aan mijn dutje begon. En ik weet ook zeker dat ik gepiep hoor.
Dit vraagt om actie.

Piep

Ver hoef ik niet te zoeken. Het beest schuilt net als ik voor de stortbui en zit gewoon onder pootbereik. Hoe kan het dat ik die eerder over de kop heb gezien? Veel groter dan een muis. Met een beetje fantasie zelfs groter dan een GBK. Twee glanzende ogen nemen me belangstellend op.
‘Piep’, doet het weer.
Het ruikt naar iets dat ik niet thuis kan brengen. Ik steek mijn neus in zijn jas en snuffel diep. Pok voel ik op mijn kop. Echt zeer doet het niet maar om nu te miauwen dat het prettig is. Dan weer pok. Auw! Deze voelde ik wel. Wat nu?
Het bladerdek biedt niet genoeg beschutting. Langzaam raken Piep en ik doorweekt. Met een volle buik van een eerder maal ben ik in een goeie bui. Zal ik met m’n poot over mijn hart strijken? Ondanks de pijnlijke pok op mijn kop stel ik vriendelijk voor dat we Saame naar binnen gaan, waar het warm en droog is.
‘Piep’, piept Piep, wat ik opvat als een ja. Ik neem Piep in mijn bek en ren zo snel als ik kan door de slagregens. Vlak voor m’n kattenluik ga ik in de ankers. Met deze volle vaart zouden we allebei een hersenschudding oplopen en ik heb geen zin in nog meer koppijn. Rustig open ik het luik, zet Piep op de mat erachter en stap dan zelf naar binnen.
Terwijl ik uitdruip, rent Piep op hoge poten weg. Voor hij onder de keukenkast duikt, laat hij een flatsj vallen op de pas geboende vloer. Dat gaat Mo niet leuk vinden! Voor mij is de lol eraf. Ik ga slapen. En droom van het geheime project van Spotje. Want er is iets dat jullie nog niet weten.

Geheime missie

Na een zenuwslopend avontuur is Spotje katzijdank back on track. Met hartkloppingen en bevende poten volgde ik haar furmissing op Beestboek en in het postvak. Want ik had een innige mailwisseling met onze enthousiaste en bevlogen markatingmedewerkster.
Ik wist dat ik me geen zorgen moest maken, want vlak voor haar geheimzinnige verdwijning stuurde Spotje me nog een kattenbelletje. ‘Maak je niet ongerust, Japie, ik moet iets doen dat niet thuis kan!’ Toch stelde haar purrichtje me niet gerust. Het is niet zomaar iets als een medewerker van Muisbezorgd spoorloos verdwijnt. Mijn bissniss heeft het welzijn van alle teamleden hoog in het vaandel staan.
Een zucht van verlichting ging door het hele land toen Spotje na vijf lange dagen midden in de nacht blèrend op de stoep stond. Waar ze was geweest, wilde ze niemand miauwen. Behalve aan mij! Nu mogen we het eindelijk van de daken miauwen.
Spotje heeft in het geheim gewerkt aan een belangrijk project. Naast het ontwerpen van bedrijfskleding en kekke karretjes heeft ze een heus kantoorpand ingericht. Want, zo miauwde de creatieve duizendpoot, de CEO van Muisbezorgd kan niet zonder een eigen kamer. Met tromgeroffel mag ik em eindelijk aan jullie laten zien. Zitten jullie er klaar voor?!
Daar is tie dan: mijn eigen directeurskamer. Nu vraag ik me alleen af of ik zo’n purrachtige kamer wel waard ben na mijn blamage met Piep.

Koppie van Japie

Kever heeft een mening over fijn krabben

Buiten speel ik het liefste in mijn upje, dat is omdat ik zelf presies weet hoe alles hoort te gaan, het luistert allemaal heel nouw en als mijn mensen zich er mee bemoeien raak ik in de war, mijn spel gaat zo: ik krab eerst aan mijn eene stoel en klim dan naar de andere, daar krab ik ook aan, daarna spring ik op de grond en ren naar mijn gras dat flakbij is, daar ren ik rondjes en als laatste laat ik me fallen en schop tegen het gras en krab er aan zodat de aarde in het rond fliegt, het is een keigaaf spel en ik speel het al zolang ik in mijn tuin kom, het ferfeelt nooit.

Muisjes

Binnen speelde ik soms daagenlang niet, maar nu speel ik elke dag, wel drie of fier of fijf keeren op een dag!, één spel is dat ik aan de bank ga hangen met mijn naagels, ik slaa mijn naagels zo hoog als ik kan in de stof, ik weet dat mijn mensen gaan zeggen Kee-ee-eef…, dus ik sta al klaar om weg te rennen, ik ben echt raazend snel, mijn mensen gooien muisjes door de lucht en die fang ik, ik ren door het hele huis.

Ik kan ook aan de zijkant van de bank krabben, dan pakken mijn mensen de feer, die ferstopt zich onder een tasje dat spesjaal voor mij is, het is net zo een tasje als waar Bolle graag mee speelde, en ik snap helemaal waarom, je kan het tasje bijten of er tegen schoppen, het is echt heel spannend!

Banaan

En dan heb ik NOG een nieuw spel, het is met mijn ketnip-banaan, die heb ik al een hele tijd maar ik fond er niks aan, ik had al een ketnip-fis en een ketnip-aarbei, daar speelde ik wel mee, maar die banaan… nee.

De banaan lag hoog in de boekenkast omdat Pokon hem anders pakt en helemaal nat gaat zitten sabbelen, jakkie wie doet nau zoiets?!, ik niet in ieder gefal, en ik wil ook liefer ook niet dat Pokon dat doet, dus fandaar dat de banaan altijd maar lag te slaapen, daar hoog in de boekenkast, maar nau speel ik elke dag met die banaan!, ik bijt hem, ik trap er tegenaan en ik gooi hem door de kamer, net zolang tot ik moe ben, en dan ga ik liggen, met mijn hoofd op de banaan.

Inspieraatsie

Het komt allemaal door die nieuwe bank en de nieuwe floerbedekking, die krabben zooo fijn dat ik heel veel inspieraatsie krijg om te speelen, ik heb al flokken uit de floerbedekking getrokken, dat was bij de forige veel moeilijker, je zag het bijna niet maar bij deze wel, dat is natuurlijk veel leuker, de nieuwe bank krabt als de beste, en weeten jullie wat zo grappig is?, als ik aan de bank krab of aan de floerbedekking staan mijn mensen meteen klaar om met mij te speelen, en als dat niet zo is krab ik gewoon nog een keer, RITS RATS en ja hoor – het werkt altijd.

Mijn vrouw zegt wel eens Ik zei het toch?! tegen mijn man, zij wilde geen nieuwe bank omdat ik die kapoo zau maken, maar dat zau ik dus echt nooit doen, zo ben ik niet.

***

Ik tetter voor vreede, wanneer luisteren mensen nau eens???
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.

Joep mist het voorjaar

Ik weet het even niet meer. Dagenlang heb ik genoten van de zon op m’n vacht, waardoor ik dacht dat ik m’n winterjas al wel kon verspreiden over m’n diverse kleedjes en kussentjes in huis, het grote bed, de bank en de stoelen en niet te vergeten m’n favoriete plekje, de schone en bij voorkeur donkere was van m’n personeel. Want het waren een paar heerlijke warme dagen, dus het werd tijd voor m’n zomerjas. Dacht ik.

Maar de afgelopen week had ik daar best wel een beetje spijt van. Buiten woeide een koude wind, het regende en de zon was lang niet meer zo lekker warm als de dagen ervoor, en zelfs de nachten waren frisserig nu ik het grootste deel van m’n wintervacht al losgelaten heb.

Warm

Dus de hele afgelopen week heb ik vaker binnen in de vensterbank gelegen boven dat lekkere warme ribbelding. Want ook m’n personeel vond het zó koud dat ze de kachel weer hadden aangezet. Zij hadden zelfs de versgewassen sjaals weer uit de kast gehaald om te dragen maar ik heb helemaal geen sjaal. En ik vertik het om een wollen jasje met een hoge kraag te vragen, wat als stoere katermans draag ik natuurlijk alleen maar haren. Maar ja, die had ik in mijn blijdschap dat het voorjaar er aan leek te komen al verspreid door m’n huis.
Dus ik vond het eerlijk gemauwd toch wel lekker toen ik op een ochtend deze week best wel wat verkleumd op het nog warme grote bed ging liggen na m’n ontbijt, en Senior het dek over me heen legde. Daar heb ik heerlijk een paar uur onder liggen slapen, en ik snap nou ook waarom m’n personeel dat ‘s nachts altijd over zich heen trekt want ‘t ligt lekker warm.

Ontbijt

Toch ben ik deze week ook wel buiten geweest, want de nachtelijke straatcontroles moesten toch gedaan worden. Ik had vroege diensten, dus ik hoefde pas om drie uur ‘s nachts te beginnen. Dat kwam mooi uit omdat rond die tijd een van m’n personeelsleden meestal wel opstaat om naar hun eigen bak te gaan, hoewel ik ze toch ook een paar keer wakker heb moeten maken om op tijd aan ‘t werk te kunnen.
Ik liep dan zachtjes mauwend over Senior heen en liet Junior slapen, want die moest er twee uur later alweer uit om brokjes te gaan verdienen terwijl Senior pas later hoefde op te staan. Ik kien dat altijd purrrcies uit, want na m’n straatcontrole wacht ik dan in m’n tuin tot Junior het licht in de woonkamer aan doet om haar spullen te pakken en dan spring ik op de tuintafel zodat ze weet dat ik naar binnen wil.
Terwijl ik dan wacht tot de tuindeur open gaat scherp ik m’n stiletto’s alvast voor op de kokosmat bij de tuindeur, voordat ik binnen aan m’n vaste ochtendritueel begin. En als ik daarmee dan klaar ben staat m’n ontbijt al klaar.

Gelei

En over ontbijt gemauwd, m’n personeel heeft m’n voorraadkast weer helemaal bijgevuld met eten dat ze over de grens gejaagd hebben en daar ben ik niet altijd even enthousiast over. Ze dachten me een plezier te doen met wat andere merken en smaken natvoer omdat ik intussen wel een beetje uitgekeken ben geraakt op wat altijd m’n favorieten waren, dus ik ben nu weer even proefkater.
Maar mauw nou zelf, wat moet een stoere katermans met vlees waar worteltjes doorheen zitten? Of asperge, of pompoen? Of nog erger, zeewier? O, ik heb het geprobeerd hoor, maar na een paar hapjes ging ik dan toch liever verder met de knapperige brokjes waar ik al drie jaar dol op ben. En m’n personeel snapt de hint en noteert netjes wat ze kunnen laten lopen wanneer ze weer ‘s voor me op jacht willen. Zo weten ze al dat ik niks met garnalen, mosselen of kabeljauw eet, terwijl zalm en tonijn er altijd wel ingaan. En lever of hart ben ik ook geen liefhebber van, maar kip en rund en konijn en eend en wild zwijn lust ik ook best. Zelfs als ze kangoeroe of eland voor m’n neus zetten eet ik dat op, als ik daar dan toevallig trek in heb.
Zolang m’n eten maar niet in van die glibberige gelei zit. Want dan neem ik gewoon lekker m’n brokjes voor ontbijt of diner, omdat ik toch echt geen moeilijke eter ben.

Zomer

Maar goed, even terug naar het voorjaar. Of eigenlijk, het ontbreken daarvan. Want buiten is nu alles weer lekker groen na alle regen van de afgelopen week, en ik zie alweer allerlei kleine beestjes door de tuin wandelen en vliegen. Maar het is er deze week niet van gekomen om lekker languit in m’n tuin te zonnen. Zelfs de muizen in het weiland komen niet eens hun holletjes uit, dus daar was ook niks te beleven. De potten pindakaas blijven onaangeroerd staan, omdat het wel weer herfst leek. Dus ik hoef dit weekend nog geen enkele pot te vervangen.
Daarom denk ik dat ik maar lekker binnen boven dat ribbelding blijf dutten de komende dagen. Afwachten wat ik ‘s morgens en ‘s avonds in m’n etensbak vind. En korte straatcontroles doen, want ik vind er buiten even niks aan. Ik wil voorjaar, zon, warmte op m’n zomerjas. Lekker buiten in de tuinstoel kunnen liggen, achter de muizen aanjagen of lui op m’n catwalk kunnen hangen. Samen met Senior in de tuin werken en zonder kouwe poten weer binnenkomen na een nachtje stappen met de buurtkatten.
Misschien wordt dit jaar de lente wel gewoon overgeslagen en staat ineens de zomer voor de deur. En dan zit er nu even niks anders op dan geduldig te wachten tot het eindelijk zo ver is.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Jajim en Frou Frou over slapen en wakker zijn

Frou Frou: “Midden in de nacht toen het donker er nog was, werd ik wakker van een geluid dat zo door de stilte heen sloop. Nog half in dromenland met mijn oogjes op een kier keek ik naast me, naar de grote mensenmand, en jawel, het was onze mensenbroer die mijn catnap furstoorde. Hij lag te frummelen met de dekens en draaide en draaide maar het hielp niks.

Weer draaide ‘ie mijn kant op met zijn ogen half open en zag dat mijn oogjes ook al half open waren. ‘Ha lieve Frou Frou’, klonk het bijna fluisterend ‘het is nog lang geen tijd, maar ik denk dat mijn grote dut voorbij is.’
Hij tilde de dekens op en meteen wist ik wat me te doen stond. Gewoonlijk hoeft hij niet eens te gebaren. Ik rekte me eens goed uit en strekte mijn pootjes tot over de houten rand van mijn mandje. Nog een beetje wankel van het abrupt wakker worden liep ik naar de grote mensenmand en stak mijn neus onder de dekens. ‘Kom maar bij me knuffelen, misschien slapen we Saame nog even verder’. Hij zei het zachtjes in de hoop dat Jajim niet wakker zou worden, want dan is het meestal gedaan met de nacht. Slaperig en tevreden kroop ik onder de warme dekens en draaide drie rondjes voordat ik wist hoe ik moest liggen.
Uiteindelijk was dat purrcies tussen zijn hoofd en schouder in, ook al had ik nog geen zin om zijn haren te wassen, of die van wie dan ook. Mijn meest favoriete deel van de dag is nog steeds dat moment vlak na het wakker worden, wanneer we Saame nog even blijven liggen om te knuffelen. Maar vandaag was het zelfs voor mij een beetje vroeg.”

Stille nacht

Jajim: “Ze deden dus kei stil, zo stil dat het vanaf mijn mandje bij het raam nauwelijks te horen was. Kunnen ze doen, toch had ik het wel door hoor. Ik zat gewoon nog middenin mijn droom en die moest eerst af. Mijn maag rammelde immers nog niet, dus even verder slapen kon best. Pas toen de eerste zonnestralen voorzichtig tussen de gordijnen door glipten, deed ik mijn ogen open.
Meteen volgde een gaap en een MAUW en ik strekte mijn pootjes goed uit om me klaar te maken voor de dag. Met één blik op de grote mensenmand zag ik dat onze mensenbroer wakker was, dus zoals altijd sprong ik van mijn plekje af en trippelde miauwend naar hem toe. Zon door de gordijnen en een wakkere mensenbroer betekent knuffel-en-ontbijt tijd.”

Erwt

Frou Frou: “Mijn meest favoriete slaapplekjes zijn altijd heel zacht. Het beste ligt mijn mandje bovenop de grote mensenmand of een dik kussen. Daarom noemt onze mensenbroer mij ook wel de prinses op de erwt. Purrsoonlijk weet ik niet waar hij het over heeft want er ligt toch helemaal geen erwt in mijn mand? Dan zou ik er echt niet gaan liggen hoor.
Het schijnt iets te zijn wat mensen zeggen als je een luxepoes- of kater bent. Met luxepoes-zijn is niks mis, vind ikzelf. Onze mensenbroer zegt dat zijn mensenmand niet zacht genoeg meer ligt sinds het gedoe met het Paasei op zijn poot. Zou hij nu dan de prins op het ei zijn?”
Jajim: “Wat er allemaal gebeurt en waarom hij eerder wakker is, snappen we niet zo goed. Iets met een erwt of een ei dus, maar dat klinkt toch helemaal niet logisch? Hoe dan ook, we hadden het vroeger heel gezellig gevonden hoor, om ‘s nachts Saame te knuffelen en te spelen.
Maar Frou Frou en ik zijn geen kittens meer, nu we allebei senior zijn hebben we onze extra catnap nodig. En dat is wel eens knap lastig met zo’n wakker mens om je heen.”

Wilde haren

Jajim: “Nadat ik Frou Frou’s restjes heb opgeruimd en mijn snorharen heb afgelikt, kom ik furhaal halen bij onze mensenbroer. Want waarom is hij tegenwoordig tijdens het donker alweer wakker? Die tijd was toch voorbij sinds dat gedoe met de klok? Hij ging op de bank zitten, klopte op zijn been en zei ‘kom maar hier, Poes’. Dus ik sprong omhoog en nestelde me bij hem op schoot terwijl hij furtelde.
Frou Frou lag op haar troon naast ons en spitste haar oortjes. ‘Het heeft niets te maken met een erwt, meisjes’ zei hij tegen ons allebei. ‘Soms hebben mensen iets waardoor ze veel meer wakker zijn en het heet in-som-nia’. Furvolgens ging hij verder met zijn uitleg. Toen ik nog een jonge poes was bezorgde ik hem iets soortgelijks zei die, maar toen kwam het niet vanuit hem zelf. Het had te maken met mijn wilde haren. Hij furtelde dat ik heel veel wilde spelen en ontdekken.
Nu hij het zegt, herinner ik het me weer. In het donker is alles ook gewoon veel spannender toch? Het liefst sloop ik onder de grote mensenmand door om te ontdekken wat daar allemaal lag en of er niet ergens een furpakking lag die open kon. Of om te spelen met krakend plastic, op de grote mensenmand te springen alsof het een springkasteel is en spulletjes van het nachtkastje te meppen. Het maakte mij niet uit hoe laat het was, er was altijd tijd voor ontdekking.”

Frou Frou: “Mijn grote zus was echt heel lang speels en dan vooral in de nacht. Zelf was ik als kitten al rustig. Spelen doe ik alleen met een hengeltje met touwtjes eraan, of ik roetsj keihard omhoog naar de hoge kast via de krabpaal als mijn energie eruit moet.
Maar waar ik echt een neusje voor heb, is doorhebben wanneer onze mensenbroer wakker is. Want als de wijzers in de klok zitten, zal er geknuffeld worden.”

Wat doe jij als je mens (wel of niet) slaapt?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem over de logeerpartij van Roover

.

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
Afgelopen week was een rare week. Er was verdriet op 4 mei en feest op 5 mei, maar ik had ook de hele week Roover te logeren. Hoe ging ik daar mee om? Hoe doe je dat samen? Gaat Roover niet zijn eigen huis missen? En gaat hij op mijn plek liggen of niet? Ik ga vertellen hoe het ging en hoe het afliep.
Het was best een drukke week, al zeg ik het zelf. Het was een week vol kattenkwaad, gezelligheid en ontdekkingsreizen door een ander huis.
De eerste dagen stonden bij Roover in het teken van het hele huis inspecteren. Alles was natuurlijk nieuw voor hem. Ik rende samen door de gangen, de slaapkamers en de keuken. Ik liet hem zien waar de brokkenbakjes stonden. En ik leerde hem de kunst van het “Bliksemsnel” verstoppen.

Samen

En Roover deed zich zo goed verstoppen dat hij zelfs bij mijn mensen in het grote bed ging slapen onder het dekbed. Dat was een goeie verstopplek want mijn mensen hadden hem niet gezien. Die Roover is een slimme jongen en ik had het hem goed geleerd. Ik zeg: pootjes high five voor mij en Roover.
Soms zaten we urenlang op de vensterbank om vogels te observeren en alles wat in de jungle gebeurde. We deden dan samen miauwen en er werd gekeken naar elkaars schaduw onder de struiken.
Na het vele spelen en avonturen beleven lagen we samen te slapen op de warme plekjes in het huis. Wel ieder op zijn eigen plek. Dat was belangrijk, want het is wel mijn huis. En dat samen zijn kan best wel intensief zijn merkte ik. Maar Roover merkte dat ook.
Het hoogtepunt van de week was een avontuur bij Luna in de tuin. Het was een ontdekkingsreis door het onbekende. Maar het eindigde in samen ravotten met Luna.

Naar huis

Maar na een week van gezelligheid en samen zijn ging Roover wel zijn eigen huis en vrouw missen. Er kwam dus een ontknoping, we gingen ieder weer naar onze eigen plek.
Voor Roover was het hoogtepunt van de week de terugkeer van zijn vrouw. Hij had een leuke tijd gehad bij mij, maar was blij om weer bij haar te zijn en in zijn eigen vertrouwde omgeving, en zijn leventje weer op te pakken.
Ik genoot op mijn beurt van de herwonnen rust. Na een week alles gedeeld te hebben, van speelgoed tot brokjes tot slaapplekjes, vond ik het heerlijk om mijn territorium weer helemaal voor mijzelf te hebben.
Ondanks dat we beiden blij waren dat de logeerpartij voorbij was, had ik wel het gevoel dat onze vriendschap versterkt is. We hebben veel gespeeld en samengewerkt maar er gaat uiteindelijk niets boven je eigen huis en routine. Dat vind ik.

Tevreden

Mijn conclusie is dan ook: Een geslaagde logeerpartij, met 2 tevreden katermannen die precies hebben gedaan waar ze zin in hadden. En ook weer blij waren dat het voorbij was.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem