Zoals elke jonge katermans heb ik inmiddels nagedacht over wat ik later wil worden als ik groot ben. Want er moet toch meer in een kattenleven zijn dan alleen maar slapen, eten, inspectierondes maken door de buurt, drinken, dutjes tussendoor doen, knuffelen, uit het raam kijken en spelen. Dat is een hele prachtige dagbesteding hoor, helemaal niks mis mee. Als je tenminste nog een babykitten bent, of het wat rustiger aan wilt doen omdat je een wat oudere kat bent die alles al gezien en meegemaakt heeft.
Maar ik ben nieuwsgierig. En sinds ik alleen naar buiten mag, barst ik van de energie om iets te ondernemen.
Ochtend
Dat begint tegenwoordig al rond 6 uur ‘s morgens. Dat lijkt vroeg, maar als ik ‘s avonds om 10 uur ga slapen dan ben ik om die tijd klaarwakker. Ik heb al lang in de gaten dat m’n personeel rond die tijd even uit bed komt om op hun eigen bak te gaan, en dan grijp ik m’n kans. Zodra de eerste klaar is begin ik met mauwen of de tuindeur van ‘t slot mag zodat ik naar buiten kan. En als ‘t droog is lukt dat altijd, zeker nu het al lekker vroeg licht is.
Eenmaal buiten begin ik dan eerst met de inspectie van m’n eigen achtertuin. Meestal ben ik daar zo mee klaar, want zolang de schutting en de tuinstoelen nog overeind staan en er geen bloempotten zijn omgewaaid is alles veilig.
Ik kijk sinds woensdag ook elke ochtend even of de zaadjes voor de bijen- en vlinderplantjes al boven de grond uitkomen. Nou weet ik inmiddels dat zoiets even duurt, maar ik ben gewoon wat ongeduldig. Ik verwacht hele mooie bloemetjes met lekkere luchtjes. Dus wachten duurt dan best wel lang…
Uitzicht
Als die eerste inspectie van de dag klaar is klim ik op de schutting en ga op m’n plank liggen. Zo heb ik een mooi uitzicht over ‘t weiland, en dan herhaal ik in gedachten stap voor stap alle lessen die ik de afgelopen weken van Luna poes heb geleerd in haar cursus ‘Hoe vang ik een Weilandmuis’. (Voor iedereen die de lessen gemist heeft of ‘t nog ‘s wil nakijken, mauw even aan je personeel door dat alle lessen te vinden zijn op haar FB pagina.)
Als beginnend jager lig ik dan te herhalen hoe ik veilig een Weilandmuis kan vinden, besluipen en vangen. Ik heb zelfs al plek gereserveerd in de vriezer thuis, voor alle muizen die ik te pakken krijg. Gewoon in een diepvriesdoos tussen de ijsjes en de krentenbollen van m’n personeel.
Zoeken
Maar de realiteit is nog even anders. Sinds ik helemaal alleen het grote weiland in durf, heb ik alle lessen van Luna elke dag geoefend. Uren heb ik door het weiland geslopen, in weer en wind. Gekeken, geluisterd en geroken, in opperste concentradinges. Maar ik ben een beetje bang dat ik het enige weiland in Nederland voor m’n deur heb waar geen enkele Weilandmuis te vinden is.
Toch geef ik niet op en blijf ik zoeken. Want ik wil heel graag Weilandmuisjager zijn voor het bedrijf van mijn vriend Japie, die huisleverancier wordt van het restaurant van vriend Nemo in ‘t hoge noorden. Er is zelfs al een hele echte Chef gevonden in de katsoon van mijn held Tiga, die nu al de lekkerste recepten uit z’n poot schudt waarvan ‘t water me door ‘t bekkie loopt.
Mijmeren
En terwijl ik zo op m’n plank lig te mijmeren over m’n toekomstige loopbaan als Weilandmuisjager, vraag ik me af of ik toch niet wat te ambitinogwat ben. Want dat mijn vader en moeder allebei boerderijkatten zijn is eigenlijk helemaal geen garantie dat ik ook een succesvolle muizenvanger ga worden. De enige muizen die ik tot nu toe ken zijn m’n speelgoedmuizen thuis, en die vang ik zelfs met m’n ogen dicht. Maar wat als ik nou ineens een échte Weilandmuis tegenkom? Komt dan, naast de belangrijke theorielessen van Loesje, ook m’n instinct naar boven en weet ik vanzelf wat ik moet doen? Of kan ik beter nog wat praktijklessen nemen, nu ik de theoriecursus heb afgerond?
Misschien wil ik wel te snel, te veel in te korte tijd, en moet ik gewoon eerst wat meer levenservaring opdoen. Mauwen met andere katten, over hoe zij hun muizen vangen. En een paar extra praktijklessen Hypnose nemen kan denk ik ook geen kwaad, en…
Weilandmuisjager
O wacht even. De tuindeur gaat open en ik wordt geroepen voor m’n ontbijt. Snel naar binnen, want al dat nadenken maakt best wel hongerig. En daarna even uitbuiken op de bank, of als de zon echt doorkomt lekker weer naar buiten, een dutje doen op de tuinstoel. En dan zie ik dan wel weer verder.
Ik ga in elk geval een échte Weilandmuizenjager worden. Is ‘t niet vandaag, dan wel morgen. Of overmorgen. Of volgende week. ‘t Gaat me gewoon lukken! Maar nu eerst even eten.
Stevige poot en heel veel kopjes!
Joep,
Aankomend Weilandmuizenjager
Al zolang als ik op mezelf woon heb ik het achterpad naast m’n tuintje heel interessant gevonden. Zelfs toen ik nog niet naar buiten mocht zat ik lekker op de vensterbank naar buiten te kijken en te fantaseren over hoe de wereld er daar uit zou kunnen zien.
kleine tweebeners voorbij komen. Maar van hoe het er verder uitzag had ik eigenlijk nog geen idee.
durf ik nog niet zo goed, omdat aan die kant van m’n huis heel veel auto’s geparkeerd staan waar soms buurtkatten onder kunnen zitten. En aangezien ik nog steeds ‘die nieuwe’ in de wijk ben wil ik daar toch een beetje voorzichtig mee zijn, want ze zijn niet alleen heel erg groot maar ze lijken me ook niet echt vriendelijk. Dus eigenlijk ontloop ik ze voorlopig nog even liever.
Zodra de kust veilig bleek huppelde ik de brug over richting het hek, waar m’n personeel al stond te wachten. Met gemak liep ik weer tussen de spijlen door en keek achterom of ze me zouden volgen, maar ze pasten er dus gewoon niet tussendoor. Jammer, maar aan de andere kant had dat ook wel weer een voordeel. Want dan zou ik eindelijk ‘s ongestoord m’n gang kunnen gaan in dat grote weiland zonder dat Juniorrazzi constant foto’s van me zou lopen te maken.
Leootje had het er al over in z’n blog van donderdag, en eigenlijk wil ik het daar vandaag toch ook nog even over hebben: speelgoed.
Net als bij Leootje thuis is er altijd wel iets te vinden waar ik even niet meer mee speel, omdat ik elke dag wel iets anders uit m’n speelgoedbak kan pakken om mezelf en m’n personeel urenlang te vermaken.
telescoophengel, waar veertjes aanhingen. Iets heel anders dan balletjes, maar ik kon m’n jachtinstinct ook daar prima op oefenen. En leren om te balanceren, want als ik met m’n voorpoten op de hengel ging staan dan boog ‘ie zo leuk door…
Wat gaat zo’n week toch eigenlijk snel hè? Voor je ‘t weet is het alweer zaterdag…
Gisteren begon zoals gewoonlijk. Want sinds kort wil ik graag voor ‘t ontbijt al m’n eerste ronde door de achtertuin en over ‘t achterpad maken.
Pakjes
reismand te kijken naar alles wat voorbij komt.
Nooit geweten dat bloggen zó ontzettend leuk is. Niet alleen het schrijven, maar ook alles daarna. Want wat heb ik een boel lieve reacties gehad vorige week, en ik heb ze allemaal met heel veel plezier voorgelezen gekregen en beantmauwt. Tenminste, ik hoop dat we écht niemand vergeten zijn…
M’n moeder was een strenge poes met veel ervaring, die ook heel erg lief voor ons was. Al bleek dat ze na ruim tien weken duidelijk wel helemaal klaar was met onze opvoeding. Ze liet ons ook steeds vaker en langer alleen. En ik kon dat, zo jong als ik was, toen al best wel begrijpen.
en mag maken. Want dat vind ik heel erg belangrijk.