Alle berichten van TegnieseDienst

Lucky over het goede leven rond het huis

Hoi lieve vriendjes, het is wel echt zomer hier hoor met dagen erbij dat het zeer warm en soms regent het een beetje maar het is hier erg mooi weer in Krullieland. Ik mag als het super warm is niet naar buiten toe van mijn mensen omdat ze bang zijn dat ik het dan te warm krijg maar ik doe rustig aan en ik heb een prima oplossing als het buiten te heet is om in de zon te gaan liggen. Er zijn veel plekjes met schaduw in de tuin en als je dan op de koude grond ligt, voelt het al meteen een stuk aangenamer aan.

Struiken

Onder een paar struiken heb ik een prima plek gevonden om te liggen en te slapen. Mijn mensen kunnen me er amper zien en ik lig er lekker rustig en vooral ook koel. Ik kan wel precies zien wat er allemaal in mijn tuin gebeurt en als er een andere poezel op bezoek komt of er vogeltjes zijn, kan ik die prima in de gaten houden dus dat is nog eens reuze handig ook natuurlijk.
Eerder deze week kwam de buurman een keertje met zijn kruiwagen. Er was nog een andere meneer bij en ze kwamen steeds met een volle kruiwagen met zand onze kant op, de tuin in. Daarna kieperden ze het zand in het gat waar eerst de vijver was en gingen ze weer met een lege kruiwagen naar hun huis toe. Daar lag heel veel grond en die zit nu bij ons in het gat. Dus het gat is geen gat meer zeg maar. Om ervoor te zorgen dat ze niet steeds zover hoefden te lopen met dat zware ding, heeft mijn man een stuk van het tuinhek losgemaakt. Nu kan ik daar ook zelf makkelijk lopen als ik eens wat verder weg wil. Dat is niet helemaal de bedoeling maar het gaat pas weer dicht als er voldoende grond in onze vijver zit. Of liever, in het gat dat ooit een vijver was. De visjes die er woonden zijn al een tijdje geleden verhuisd naar een andere vijver, dus geen zorgen.

Moos en Dropje

Maar goed, ik zat het hele tafereel met die kruiwagen een tijdje te bekijken vanuit de ren want mijn man was ook aan het meehelpen. Omdat ik natuurlijk best wel nieuwsgierig ben van aard, vond ik het na een poosje toch nodig om mezelf te laten horen en mocht ik uit de ren. Ze dachten hier dat ik het te spannend zou vinden omdat er ook twee andere mensen waren maar ja, die heb ik al zo vaak gezien dat me dat niet zo boeide om eerlijk te zijn. Ik wandelde gezellig door de tuin en de buurman gaf me ook een aai over mijn bol dus dat zit wel goed. Hij wil me huren geloof ik om muizen bij hem te komen vangen maar ik heb Moos en Dropje daarvoor aanbevolen. Ik kan wel muizen vangen maar niet goed als die twee. Misschien kan Japie van de blog anders ook komen helpen en muizen vangen voor Muisbezorgd? O ja, omdat het hek nu een stukje weg is, kan de woefer van de buren ook bij ons komen maar die is niet zo groot dus dat maakt me niet zoveel uit.

Vensterbank

Aan de voorkant van het huis zit een grote vensterbank. Pas stond het raam op de slaapkamer lekker ver open en mocht ik daar op het bed liggen. Dat heb ik wel eventjes geprobeerd natuurlijk maar omdat het raam ver open stond, ben ik toch maar eens verder gaan kijken. Ik ben gewoon op de vensterbank binnen gesprongen en heb mijn pootjes over het kozijn gezet zodat ik buiten was. Ik heb daar een heel poosje gelegen, naar mensen, auto’s en fietsen gekeken die voorbij kwamen en genoten van een lekker windje dat voorbij waaide. Niet te hard natuurlijk want anders zou ik misschien eraf gewaaid zijn maar dat gebeurde niet.
Ik kan aan die kant veel meer zien dan aan de achterkant van het huis dus dat is reuze spannend! Ik spring daar niet van de vensterbank af aan die kant want er groeien veel struiken en dan kan ik niet direct zien waar ik terecht kom als ik spring dus daar begin ik niet aan. Ik kom wel eens aan die kant gewoon op de stoep hoor maar dan doe ik dat via de achtertuin. Of via de voordeur want dat is ook handig zat. Ik ga wel altijd naar binnen via de deur van de ren want dat ben ik zo gewend. Als ie dicht is, miauw ik gewoon hard en dat horen mijn mensen wel. Als ze me niet horen, miauwt Moos gewoon mee zodat ik zeker weet dat ik snel weer naar binnen kan!

Knuffels van Lucky en de rest

Kever heeft een tip

Soms denk ik dat het warm is in mijn tuin maar dan wordt het warmer en NOG warmer en dan NOG warmer, zo was het forige week, het was echt keiheet en ik kon niet eens meer beweegen, ik lag de hele dag helemaal stil en plat achter de fijgjesboom, af en toe kreeg ik een klein beetje goermet moes met ekstraa waater er doorheen van mijn mensen, dat slobberde ik naar binnen en daarna ging ik weer liggen.

Troopies

Ook in de nacht was ik buiten in mijn tuin, juist omdat het dan niet meer zo heet was, ik lag de halfe nacht op mijn stoel te dutten, kwam in de ochtend naar binnen voor knuffels en ging daarna meteen weer naar buiten naar mijn tuin, want ik fond het HEERLIJK!!, ik was echt waar aan het genieten, mijn vrouw denkt dat ik misschien wel een troopiese katerjongen ben, en dat zau best kunnen.

Nerfeus

Meestal lig ik onder de hortensiejaas, maar dat was met die hitte niet koel genoeg, de fijgjesboom heeft groote blaaderen en ook nog eens een heleboel, ik lig daar helemaal top, alleen waren mijn mensen me kwijt, ze liepen door de tuin en zeiden steeds Keef, Keef, waar ben je?, ik was al rechtop gaan zitten maar dat konden ze niet zien door al die blaadjes, en ik fond het te warm om naar ze toe te loopen, dus mijn mensen bleefen zoeken en pas na een tijdje fond mijn man me.

Mijn mensen waren best nerfeus geworden, ze waren bang dat ik de tuin uit was gegaan en weg was, ook door wat ze net hadden meegemaakt, daar ga ik nau over fertellen, het is moeilijk maar misschien ooit handig, ook al hoop ik dat het nooit noodig is!

Zoeken en finden

Het gaat om hoe je het beste een kat kan gaan zoeken die weg is, want dat hebben mijn mensen forige week gedaan (ik zei al dat het moeilijk is toch?!), met een heppie end hoor, want ze hebben de kat terug gefonden!, de kat was heeeel blij en zijn vrouw ook, ze zijn weer Saame, alles is gelukkig weer helemaal goed.

Vaak gaat iemand die een kat zoekt rondloopen en roepen, maar dat werkt niet zo goed want een kat die ferdwaald is bang en in de war, hij of zij zit ferstopt en heeft tijd noodig om te foorschijn te komen, als je als mens gewoon rondloopt ben je alweer foorbij foordat de kat besloten heeft dattie je kent en naar je toe wil en durft.

Toen mijn mensen dat roepen en loopen een keer deeden spraken ze een mevrouw die uitlegde dat het veel beeter is om een hele tijd te blijfen staan, echt wel een uur ofzo, op een plek waarvan je denkt dat de kat er zau kunnen zitten, en dan zachtjes te praaten en vaak de naam van de kat te zeggen, zodat de kat je kan herkennen en weet dat alles feilig is.

Foorbereid

Zo hebben mijn mensen een keer een katerman terug gefonden die al meer dan drie weeken weg was, een katerjongen die al een week weg was, en forige week een katerman die tien daagen weg was, en weeten jullie waar ze zaten?, allemaal flak bij waar ze woonden!, maar ze waren steeds niet gekomen toen iemand ze riep, omdat ze hun kluts kwijt waren en langer de tijd noodig hadden om zich te laaten zien.

Ik hoop natuurlijk dat jullie deze tip nooit hoefen te gebruiken, maar je weet maar nooit, het is moeilijk om er aan te denken, maar je kan beeter foorbereid zijn toch?, zo en nau kruip ik weer onder de fijgjesboom om te soeselen in de warmte, gewoon in mijn eigen tuin, en het foelt toch alsof ik op fakansie ben in de troopen.

***

Natuurlijk blijf ik tetteren voor vreede, ik ga door zolang het noodig is, het maakt me niet uit hoe lang het duurt!
En iedereen die iemand mist stuur ik zachte kopjes.

Joep en de heerlijk hete dagen

Om heel eerlijk te zijn, die warme dagen van de week waren best wel lekker…
Je moet weten, ik kwam ‘s ochtends binnen voor ontbijt, zoals ik elke morgen doe. En toen ‘t zo warm was, was m’n personeel ook al vroeg op dus dat kwam me purrrfect uit.

Krabpaal

Wekenlang krabde ik altijd eerst nog even een rondje op de kokosmat bij de achterdeur terwijl m’n personeel geduldig bleef wachten totdat ik m’n nagels voorgescherpt had voordat ik de drempel over stapte. Maar sinds een paar dagen heb ik binnen een hele nieuwe krabpaal staan. Niks bijzonders hoor, gewoon een paal met een zacht grijs stofje aan de voet. Maar ik loop nu gelijk door naar binnen, over de kokosmat naar m’n nieuwe krabpaal en ben daar heel tevreden mee, omdat ik me nu weer languit kan uitrekken terwijl ik m’n voorste stiletto’s scherp. Want die oude paal, die was na twee keer repareren (waardoor ‘ie elke keer weer een stukje korter werd) eigenlijk al een tijdje helemaal op.
Ik kon als ik op m’n buik ervoor lag gewoon de bovenkant aantikken, dus dan kun je je vast wel voorstellen wat een iennie-mienie paaltje dat was geworden… En ‘t touw had ik ook al voor een deel losgetrokken, maar omdat ik nog twee luxe krabpalen met ligplekken én de krabzak tot aan ‘t plafond plus nog steeds m’n allereerste kittenkrabpaaltje in huis heb leek het voor m’n personeel nog geen échte noodzaak om haast te maken met vervangen van die ene. Maar toch is dat er deze week dan eindelijk van gekomen, en m’n nieuwe krabpaal is nu al m’n favorietste krabpaal in huis.

Warm

Maar goed, ik dwaal af… Waar was ik ook alweer gebleven? Oja, binnenkomen voor ontbijt toen ‘t begin deze week zo warm was.
Zoals hierboven al gemauwd loop ik dan altijd direct door om eerst m’n stiletto’s te scherpen. Dan heeft m’n personeel mooi de tijd om een blikje, kuipje of zakje open te trekken en te serveren. Bij Junior mag ik dan altijd nog de kleine lepel aflikken waarmee m’n eten in m’n etensbak wordt gedaan, maar Senior begint daar niet aan. Die vind dat ik gewoon uit m’n etensbak kan eten. Maar daarmee mis ik dus eigenlijk wel zeker een kwart theelepel voer…
Maar goed, eten ging prima hoor, met die hitte. En drinken ook, al moest ik er wel even aan wennen dat in de slaapkamer nu ook een drinkbak met water stond. En wát voor eentje, miauw. ‘t Leek wel een zwembad! Dat kwam zo, toen m’n personeel vorig weekend bij de lokale dierenwinkel langs ging, zagen ze in de etalage een drinkbak staan waarvan ‘t binnenste deel in de vriezer kon. Eigenlijk was ‘t een drinkbak voor honden, maar ach, m’n personeel kijkt niet zo nauw. Een drinkbak is tenslotte een drinkbak. En omdat ze al wisten dat het begin vorige week heel erg warm zou worden, hebben ze zo’n bak voor me meegenomen. Nou, dat heb ik geweten… Met een bak water op kamertemperatuur en een bak gekoeld water was de keuze om te drinken natuurlijk niet moeilijk. Al vond m’n personeel het toch minder leuk toen ik in dat koele binnenbad ook wilde gaan pootjebaaien…

Gasten

Na m’n ontbijt was ‘t dan tijd voor de eerste dagelijkse knuffels, aaien en lieve woordjes. Ik doe dan altijd net alsof ik niet doorheb dat m’n personeel tegelijkertijd even checkt of ik geen ongenode gasten mee naar binnen heb genomen in m’n vacht. Maar ik ben natuurlijk de beroerdste katerman niet, dus ik heb ze deze week weer iets te doen gegeven tijdens ons vaste ochtendritueel.
Want ik heb ontdekt dat er aan de zijkant van ‘t achterpad, op weg naar de brug richting m’n weiland, planten groeien waar lichtbruine kleine kleefbolletjes aan zitten. En da’s leuk want met m’n rug, linker-, rechterzij en staart loop ik dan expres tegen die planten aan en hop, ik heb een hele vacht vol…
Ik weet nog wel, de allereerste keer vorig jaar dat ik met die bolletjes thuiskwam. M’n personeel was even in paniek, omdat ze dachten dat het beestjes waren. Er werd zelfs een vergrootglas bijgehaald, de bolletjes werden fijngeknepen tussen een papiertje en nóg beter bekeken. En terwijl ik al lang wist dat het geen beestjes waren, is m’n personeel er toch even een tijdje mee bezig geweest. Maar ja, ze vonden toch dat al die bolletjes uit m’n vacht moesten, dus ik werd overal gestreeld en gekriebeld tot alles er weer uit was. Ik kan het dan ook van harte aan iedereen aanbevelen, om met een vacht vol kleefbolletjes thuis te komen. Want zo’n kriebel- en pluksessie is écht heel errug ontspannend.

Koeler

Maar, even terug naar het onderwerp van deze blog, de drie zomerdagen begin deze week.
Nadat ik weer een zachte vacht zonder bolletjes had, ben ik lekker op ‘t grote bed gaan liggen, onder dat grote zwiepding aan ‘t plafond. Waterbak bij de poot, en af en toe werd er zelfs een snekkie of een soepje op het grote bed geserveerd. ‘t Zal je dan ook niet verbazen dat het wat mij betreft best de hele maand wel 38 graden zou mogen blijven, want vanaf donderdag moest ik m’n snekkies en soep gewoon weer zelluf in de keuken ophalen.
Zodra de zon onder ging en ‘t wat koeler werd stond ik pas op van ‘t grote bed, wandelde op m’n gemak naar de keuken voor m’n diner, gaf m’n personeel wat kopjes en knuffels en vertrok naar de achtertuin. Eerst even wat wennen aan de warmte in de grote stoel of in m’n kersenboompot, daarna even m’n catwalk op om een beetje vanuit de hoogte om me heen te kunnen kijken om daarna lekker aan de wandel te gaan of aan ‘t werk voor de straatcontrole met de buurtkatten. En dan ‘s morgens vroeg herhaalde zich dat hele ritueel weer.
Maar nu? Nu vind ik ‘t gewoon weer koud. Ik wil die zomer terug…

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Belle en haar week met werkmannen

Holadijee liefe frientjes, ik hep mijn poote gesmeerd om weer een mooie blog te schrijfe. Harteluk bedank foor weer zofeel leuke reejakzies, het stiemuleerd mij om ermee door te gaan. Wat ik nu beleef hep….da was nie leuk hoor, ik zal het jullie furrtellen.

Voetenbank

Afgeloope zondagsfond kreeg ik een knuffel en frouwtje zei, Belle kom jij eefe gezellig bij mij op de voetenbank ligge ? Ik ga je iets furrtelle, het is belangerijk… ik dacht gelijk, ik moet toch niet weg hier, of misschien wel naar de dierendokter ? Ik denk er nooit aan eggie waar nie hoor, maar het zit ver weg toch ergens in mijn achterkop. Dat krijg je nie zomaar weg na alles wat ik hep meegemaak.

Ze zei, morgen komen er werkmannen, de heele week. Ze komen de riiejoleeringsbuizen in de badkaamer fernieuwen. Oh, dacht ik dat kan kloppen, ik hoor al een poos in de flat boem boem, en boorgeluiden en werkmannen, maar niet bij mij. Ja zei frouwtje, Belle we woone in een hooge flatgebouw, en de werkmannen koome in ieder huisje en folgende week zijn wij aan de beurt. We mooge dan een week lang geen water gebruike Belle, die sluiten ze af, anders kunnen ze niks doen.
Maar de werkmannen komen alleen in de badkamer hoor, en jij weet waar jou eige vlugtplaats is, achter het bed in de slaapkamer in het opbergvak.
Ja die plek ken ik goed, daar hep ik 2 dage geleege toen ik hier kwam woone, en lig er soms als er viesiete kom die hard praate. We moeten jou kattenbak foorloopig in de huiskamer zette onder de schommelstoel. Dan kan je daar je gang gaan Belle als je moet. Nou, dat fon ik raar, want normaal staat mijn kattenbak altijd in de badkamer, dat ben ik gewend zo. Maar ik begreep ook wel als die werkmannen in de badkamer zijn dan ga ik daar eggie nie poepen en plassen, en de heele tijd inhouwe dat ga nie.
Dus ik vond het eigenlijk wel een goed plan, de kattenbak in de huiskamer. Je eetensbakken en drinkwater moeten we ook op een andere plek zetten Belle zei frouwtje, want die werkmannen komen ook in de gang. Alleen niet in de huiskamer en de slaapkamer, dat is prievee en van ons saame. Dus mijn eetensbakken en drinkwater werden ook in de huiskamer gezet. En kreeg ik ook een eksta sagt kussen in het opbergvak achter het bed. Je zal hier wel een poosje blijfe ligge Belle, en dan moet het wel konfortaabel zijn ! Frouwtje kan ook de heele week nie douchen zei ze, als ze het water afsluiten. Maar ik mag douchen bij de aardige buurjongen en daar mag ik ook water tappen en zo. Frouwtje had zich goed foorbereid hoor, ze had 2 groote jerrycans gekocht om water mee te vullen. En ze had een groot paapier op de foordeur geplakt en er stond op, hier woon ik poes Belle, laat mij niet ontsnappen s.v.p. De werkmannen zouden ook een geemies toilet komen brengen want de oude toilet werd van zijn plaats gehaald. Een groote ooperaazie dus de heele week.

Rennen

Forige week maandag was frouwtje al froeg op en kreeg ik ook froeg ontbijt. Maar ik foelde dat ze zeenuwagtig was. Dat hebbie gelijk door als poes. Ze liep maar aar heen en weer, en opeens ging de bel. We schrikke allebei altijd als de bel gaat, want die is keihard.

Ja hoor, daar kwamen de werkmannen binnen en hadden ze van alles bij zich. Ik floog in de hoek van de huiskamer in mijn kartonnen doos. Zeg één van die werkmannen tegen mij pssss, pssss, wat ben jij een mooie poes ! Hij kwam op me af en ik nam een sprint rechtdoor naar de slaapkamer en ik schoot gelijk feilig in het opbergvak achter het bed. Ik hep wel een dikke tummie, maar als er gefaar dreigt kan ik hard renne hoor, dat gaat dan autoomaaties. Zo dacht ik, hier kom je nie meneer de werkman, de slaapkamer is prievee en van frouwtje en mij saame. Hij kwam ook niet verder hoor, want anders had ik flink geblaase. Zo bleef ik stilletjes ligge met gespitste oore, want aalert moet je in zon sietuwaazie zijn.

Huppekee

Nou, het was een onrustige dag, fon er niks an. Frouwtje kwam wel regelmaatig naar mij kijke in de slaapkamer en kreeg ik knuffels en snekkies. Dat was wel lief van haar hoor. Maar die werkmannen hadden harde stemmen, en deden ook nog eens keihard boren en boem boem doen, ik de badkamer, en liepen ze in en uit. Toen frouwtje eefe boodschappen ging doen zeiden ze, we denken om de poes hoor en laten haar heus niet ontsnappen. Ik verroerde mij niet en deed net alsof ik onsigtbaar was. Toen de werkmannen s’middags weggingen toen was het reedelijk normaal en rustug in huis. Ik kwam weer door de dag en had honger gekreege. Ik kreeg mijn eete foor het gemak in de huiskamer, dat hadden we saame zo afgesprooke. En poepe en plassen deed ik ook gewoon in de huiskamer, dat was allemaal in orde. De poepies gingen in de geemies toilet, huppekee, zei frouwtje. De afond was ook rustig en gingen we lekker saame slaape.

Herrie

De folgende dag waren we weer froeg wakker. We hoorde keihard een geronk in de lugt. Frouwtje zei Belle, dat zijn mielietaire gefegtsheliekopters. Fandaag is het navo-top, zo heet dat Belle. Er koome allemaal hooge heeren en daames met elkaar praate oofer freede in de wereld en dat er een einde aan alle ruusie komp, net wat je groote frient Kever ook altijd tettert. Die heeren en daames zijn zo hoog dat ze befeiliging noodig hebbe. Daarom zijn die mielietaire gefegtsheliekopters in de lugt. Kan mij niks scheele van die hooge heere en daames dacht ik, als die herrie maar stopt. En anders ga ik op het balkon heel hard blaase. Maar het was de heele dag, en ook nog eens keihard boem boem in de badkamer. Gelukkig ben ik nog jong en fleksiebel tot op zekere hoogte.

Dag 3 was presies het zellufde, herrie in de lugt van die heliekopters en herrie van de werkmannen in de badkamer. Hoe akelig het ook was, toch foelde ik mij feilig want frouwtje was de heele week thuis. Ik kan nie werken zei, ze alle hooge heeren en daames moeten feilig verfioerd worden Belle, daarom zijn alle wegen afgesloote en kan ik met de oowto geen kant op. Ik was blij, want zo we waren de heele week saame.
En toen was het frijdag en bijna wiekent. Aan het einde van de dag zeiden de werkmannen dat ze klaar waren met het gebonk en geboor. Ze deden het water weer aansluiten, en namen de geemies toilet en de gereedschapskisten onder de arm en vertrokken ze, eindeluk !!!
Frouwtje deed mijn kattenbak weer netjes in de badkamer zetten en mijn eetensbakken en drinkwater op de vaste plek in de gang. Ze heeft daarna wel een uur onder de douche gestaan, zo blij was ze dat ze de badkamer weer kon gebruiken, zei ze. En ik was blij dat alles weer rustug en normaal was. Het was lang hoor een heele week oferdag in het opbergvak ligge acher het bed, want in de huiskamer met frouwtje is feel gezelliger, maar dat kon nie.

Buurman

Ik was alles weer snel furrgeete totdat frouwtje zondagafond zei, Belle kom jij eefe bij mij op de voetenbank, ik moet je wat furrtelle. Wat zullen we nu weer krijge dacht ik. Ze zei Belle, de werkmannen zijn bij ons klaar en koome hier nier meer terug. Maar folgende week zijn ze bij de buurman. Kan mij wat scheele dacht ik. Maar Belle, dan heeft de buurman de heele week geen water, en dan komt hij bij ons douchen en water tappen in de jerrycans. Jeemienee dacht ik, de buurman die hier kom douchen en water kom tappen, het is hier prievee-terrein en is het huis van frouwtje en mij saame.
Het is maar eefe dat de buurman kom douchen Belle sei ze, en de kattenbak kan gewoon blijfe staan in de badkamer hoor als hij er is. Ik keek frouwtje aan en maauwde, de buurman kom eefe douchen, maar wel een heele week. Dan is er weer onrust in
huis en als hij keihard op die bel drukt, moet ik weer sprinten naar de slaapkamer in het
opbergvak achter het bed. Want ik laat mij eggie nie aan freemden zien. Als huispoes kan je niets andens doen dan gewoon op het ritme van frouwtje meegaan, dat is nou eenmaal zo. En klaage ga ik niet doen hoor, want frouwtje is lief en oofer het algemeen is het gewoon iedere dag rustug en fijn in huis.

Liefe frientjes, dit was alweer mijn 3e blog. Ik hoopdat jullie geniete van mijn letters. Tot oofer 2 weekies!
Warme kopstoot van Belle

Japie over een muis die slimmer is

Allemiauws, er is zo veel om over te schrijven dat ik gewoon niet weet waar te beginnen. Zal ik het hebben over de aanvallen op ons Beestboek? Of over de op poten zijnde zangcarrière van tante Cato? Of willen jullie weten hoe het is afgelopen met het kattefietje met die muis van een paar weken terug? Eerlijk gemiauwd wil ik geen woord vuil maken aan die lafaards die ons Beestboek willen pikken. Maar als we weer stil zijn, weten jullie waarom.
De nachtelijke aria’s van tante Cato gaan door merg en poot. Echt, misschien kan ik er beter over zwijgen om haar niet verder aan te moedigen. Al helemaal omdat ze wil optreden op het Tweede Grote Weilandfeest. Kan iemand dit alsjemiauw uit haar op hol geslagen koppie praten? Muizen, daar heb ik furstand van. Hoogste tijd om het te hebben over Einstein, die misschien wel familie is van Houdini.

Opfriscursus

Tante Cato oefent met zingen

Laat ik eerst jullie geheugen verkwikken. Voor de tiende furjaardag van mijn broer in mei eerder dit jaar gaf ik hem een opfriscursus muizen vangen katdo. Foppe bleek dit talent nog altijd purrrfect in de poten te hebben. Het ene na het andere piepbeest bracht hij mee naar huis. Om zeker te weten dat zijn vangst voldeed aan de strenge eisen die Muisbezorgd stelt, deden we een smaaktest. Muis één was als een engeltje op onze tongen. Smeuïg , sappig vlees op de botten, een kraak waar je u tegen miauwt als je hem tussen je kaken neemt en een soepel staartje. Kortom een purrrfect exemplaar. Ook nummer twee was niet te versmaden, net als drie en vier. Ik lag uit te buiken van de vijfde toen Foppe met de zesde binnen kwam. Boerend zei ik dat hij hem moest laten rennen op de overloop tot ik weer plaats had in mijn buik. Zo gemiauwd, zo gedaan.
Foppe nam de springlevende muis in het holst van de nacht mee de trap op. In plaats van dat hij dat muisstil deed, liet hij met luid gegrom weten dat hij in aantocht was. Zijn gejubel over dat hij een keigoede jager is, wekte ons mens. En daar ging het mis. Ze schoot overeind en sprong uit bed. Net toen ze schreeuwde ‘Hou em vast, Foppe, HOU EM VAST!’, liet hij los. Muis schoot haar werkkamer in tussen de dozen. Mijn broer dook er achter aan. Er volgde een kat- en muisspel waar de katlega’s van Muisbezorgd nog wat van kunnen leren. Uren later lag Foppe uitgeput op de vliering.
De muis was ergens, maar waar.

Muizenval

Bij het krieken van de dag kreeg Mo in de gaten dat de muis niet was afgeleverd bij Muisbezorgd en begon zelf een klopjacht. Alle dozen gingen van hun plek maar geen spoor. Nergens een keutel die vaak leidt naar de verstopplek. Ze zette een val. Ja mensen, echt waar. Mo zette een muizenval. Een hokje van tralietjes met daarin in iets lekkers. Als muis zou snoepen van de pindakaas zou de deur achter hem dicht vallen en kon hij geen kant meer op. Zo zou Mo hem weer veilig buiten kunnen zetten.

Wat er ook gebeurde, er gebeurde niets. De pindakaas bleef pindakaas. Licht en donkers gingen voorbij zonder een spoor van muislief. Tot op een warme zomerdag. Alle ramen gingen wagenwijd open. Ook het bovenlicht in het zijkamertje waar wij nooit mogen komen. En uitgerekend daar bleek hij zich al die tijd verschanst te hebben. Hoe we dat weten? Dat zit zo.

Klapraampje

Toen het allang donker was, dreigde er onweer. Het begon hevig te waaien en de openstaande ramen begonnen te klapperen. Slaapdronken ging Mo het kleine donkere zijkamertje binnen om op de tast het raampje te sluiten. Opeens een ijselijke gil. Ik stormde af op mijn mens in nood. ‘Daar zit hij, Japie’, schreeuwde ze en ze wees naar een donkere vlek op de muur. Warempel. De slimmerik waar we al dagen naar op zoek waren, had zich langs het behang twee meter een weg omhoog gebaand richting het openstaande klapraampje. Het stuk gaas dat zoembeesten tegen houdt, bleek te sterk voor hem. Door alle tumult liet hij zich naar beneden vallen waar hij zich opnieuw verstopte tussen dozen en tassen. Met geen mogelijkheid dat ik hem daar tussen zou kunnen vinden.
Mijn mens was inmiddels klaarwakker. De gereedschapskist kwam tevoorschijn om de hor eruit te slopen. Ondanks de wind bleef het klapperende raampje tijdens het onweer open om hem alsnog een kans te geven zelf te ontsnappen. Voor de zekerheid werd de muizenval met pindakaas opgeschoven naar het zijkamertje waar we niet eerder hadden gezocht. De pindakaas bleef ook daar onaangeroerd.
Van de muis is nooit meer iets vernomen.

Koppie van Japie