Toen ik thuis bijna ruusie had

‘Ollie, kom je bij me?’ vroeg mijn vrouw. Ik lag weer op mijn grote wollen witte deken, heerlijk warm, en helemaal foor mij. Daar lig ik nou steeds op en dat is elke afond en oferdag en soms ’s nachts slaap ik in de vensterbank.
Dus ik kwam niet. Weeges ik lag al goed.

Knuffels

Het is nou zo dat ik thuis elke dag faste momenten heb dat ik weet nou gaan we knuffels doen. Dus elke ochtend in de badkamer, dan trappel ik eerst op de badjas en dan komen de knuffels. Maar toen ik de deken pas had bleef ik liggen en ze riep fan de deur gaat dicht hoor en ik bleef waar ik was dus op de deken.
Nou en oferdag als ze terugkomt fan eefe weg dan liggen we op mijn kussen ik bedoel ik lig op het kussen en zij ernaast. Of op mijn tapijtje.
Op de bank lig ik niet meer dat deed ik alleen toen ik hier de eerste maanden woonde en nou ben ik gewend dus ik durf meer dat ik gewoon in de huiskamer lig bedoel ik.

BAM

Maar nou ik die deken heb lig ik de hele tijd daar. En toen ik niet kwam, toen ging mijn vrouw naar mij. Ze ging geeneens ernaast liggen zoals bij het kussen. Ze wilde onder de deken en heel dichtbij en eerlijk waar ik schrok erfan en toen deed ik BAM met mijn poot. Dat heb ik eerlijk gezegd op Faceboek deze week.
Ze zei fan Ollie-toch en dan zachtjes dat ik wel foelde dit is moeilijk. En toen likte ik haar hand dat kan ik. Toen waren we weer goed. En later zei ze fan sorrie Ollie en toen waren we helemaal goed.
En ze zei ook dat het misschien mijn gefoel als ex-asieljongen is dat ik iets fijns foor mezelf wil hebben en dat kan best.

Oefenen

In het asiel had ik ruusie met andere katers en dan verloor ik steeds dat was moeilijk daar heb ik ook trauma fan. Dat wil ik nooit meer in mijn leefe.
Nou zijn mijn vrouw en ik saame aan het oefenen. Soms komt ze bij me liggen en dan gewoon naast mijn deken en dat find ik wel goed. Aaien kan ook. En ik ga weer mee naar de badkamer ook al moet ik dan van mijn deken af. Ik heb nou geleerd ik mag best mezelf zijn en ik kan ook saame wonen.

Jajim en Frou Frou en de inwendige klok

Miauw lieve furriendjes, we zijn er weer met onze wekelijkse letters. Vandaag miauwen Frou Frou en ik Saame over de inwendige klok. Een belangrijk iets om het over te hebben nu het kouder wordt en het licht van de grote vuurbal furandert.

Routine

Frou Frou: “Routine is belangrijk zodat je weet waar je aan toe bent. Zo wil ik elke ochtend om 5.45 knuffels. Hoe krijg je dat voor elkaar, vragen jullie je zeker af. Nou, je ziet je mens bewegen en dan spring je met een kleine ‘MIEW’ op de grote mand. Mocht je mens daar niet wakker van worden dan helpt het meestal wel om heel hard ‘PRRR PRR PRRRR’ in het oor te doen. Als je tweevoeter nou nog te lang blijft liggen, kan je beginnen met haren wassen om te laten weten dat het ochtend-knuffel-tijd is. Tijdens het wassen kriebel je een beetje met je snorharen en kan je er snuffel- en ‘PRRR’-geluidjes bij gebruiken. Succes gegarandeerd! Alleen is mijn schema nu in de war en dat van Jajim ook want de tijden zijn omgehusseld. Hoe zit dat?”

Furandering

Alle kattenfurriendjes zullen het wel kennen; je bent gewend aan eten krijgen als de zon op een bepaalde plek staat. Nou gaat dat de laatste tijd dus helemaal anders! We gaan er allebei onze mening over miauwen.
Jajim: “Ik ben de oudste en dan ga je voor. Met je mening miauwen en met eten opgediend krijgen. Sinds een paar weken is het weer hetzelfde als elk jaar wanneer het kouder wordt. De klok is furanderd. Vinden jullie dat niet raar? Waarom mensen dat doen met die klok snap ik echt niet. Nu komt ons eten dus veel te laat! Je voelt; het is etenstijd. En toch duurt het een eeuwigheid. Miauwen of zelf de kast openen heeft geen zin. ‘Het is even wennen meisjes, we hebben nu wintertijd’ is de standaard reactie op ons concert”.

Frou Frou: “Met eten en furandering vind ik onze gewone brokjes en natvoer het fijnst! Dus dat het niet furandert. Doe maar gewoon dan doe je al spannend genoeg. De tijd maakt niet echt uit als het er maar is, en anders maken we zelf wel een zak voer open, daar doen we niet moeilijk over”.

Inwendige klok

Jajim: “Wij hebben allebei dus een inwendige klok en weten áltijd wanneer het etenstijd, oftewel brok-’o-clock is. Daarom is die zomer- en wintertijd zo furwarrend. Dan weet je niet meer wanneer bijvoorbeeld je mensenbroer thuis komt en hoe laat je schaaltje natvoer klaar staat. En Frou Frou’s mandjes-opschud-schema en knuffelrooster zijn door de war. Je bent zomaar een uur te vroeg of te laat. Mijn motto is chique op tijd, zeker als het om snacks en natvoer gaat”.

Frou Frou: “Het maakt niet zoveel uit wat je doel is; knuffels of eten, je moet het met liefde en vol schattigheid vragen. Liefde uiten helpt altijd, met alles”.

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem en het boek van Bert

Hallo katermannen en kattenpoezen,
Ik ga jullie vertellen over een mooi emo boek van Bert en mevrouw Bert.
Het was een rustige avond als alle andere avonden in de woonkamer. Ik lag op mijn favoriete plekje bij het raam, toen mijn man mens een boek op tafel legde. Nieuwsgierig sprong ik erop af. Het was een boek, met een foto van een trotse kater op de kaft: Huiskater Bert – een leven vol liefde.

Geluk

Ik snuffelde aan het boek, alsof ik wist dat dit geen gewoon boek was. Mijn man mens begon te lezen, en al snel vulde de kamer zich met verhalen over Bert. Bert was geen gewone kater, hij was een vriend, een partner, een ziel die warmte bracht in elk hoekje van zijn huis. Samen met zijn vrouw leefde hij een leven vol kleine geluksmomenten: zonnestralen op de vensterbank, zachte dekens op koude dagen, en de stille taal van liefde die geen woorden nodig heeft.
Het boek vertelde ook over Bert ’s vrienden – de Facebook poezen en de stoere katermannen. Een bonte groep die elkaar vond in verhalen, foto’s en gedeelde avonturen. En daar zat ome Doerak ook altijd bij. Het was alsof Bert niet alleen in zijn eigen huis leefde, maar in een wereld vol verbondenheid. Een wereld waar elke pootafdruk een herinnering was, en elke miauw een groet van vriendschap.
Toen mijn man mens bij het laatste hoofdstuk kwam, werd zijn stem zachter. Het ging over het jaar waarin Bert over de regenboogbrug ging. Niet als afscheid, maar als een nieuw begin – een plek waar zonnestralen eeuwig schijnen en waar alle geliefde dieren wachten, tot ze weer samen zijn met degenen die hen liefhebben.
Ik keek op, mijn ogen waren groot en glanzend. Alsof ik begreep dat dit boek meer was dan papier en inkt. Het was een verhaal over onvoorwaardelijke liefde, over samen zijn, en over hoe herinneringen ons hart blijven opwarmen, zelfs als de pootjes niet meer naast ons lopen.

Doerak

Mijn man mens sloot het boek en legde zijn hand op mijn vacht. Dit, fluisterde hij, is wat liefde en samen zijn echt betekent.
Ik moest aan Doerak denken en aan Bert en aan alle poezen en katermannen. Ik bleef bij mijn man mens liggen maar slapen lukte niet.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Belle en het heerlijke warme liggen

Dag liefe frientjes, fandaag is het de hoogste tijd om weer een nieuwe blog te schrijfe. Ik lag net nog lekker wat te dutten zeg frouwtje Belle, je weet wat je te doen hebt vandaag he ? Ik deed nog eefe ekstra rekkie strekkie en sprong op de taafel waar de aaipet al klaar stond. Nou, fooruit ik zal mijn blog tiepe mauwde ik naar frouwtje. Niet dat ik geen zin had hoor, maar het was zondag. En dat is een spesjaale rieleksdag, dan moet ik eefe langzaam aan in aksie koome. Dat doet frouwtje zelluf ook en loop ik haar ook nie iedere keer achterna met frouwtje, je weet wat je te doen hep fandaag he?! Dus dan moet ze dat ook nie bij mij doen, want zo werk het nie.

Rieleks

Op zondag is frouwtje zelluf ook in de rieleksmoodes, en loopt ze de heele ochtend in een huispak. Ze doet dan uitgebreid ontbijten languit op de bank met thee, leest dan een boekie en daarna gaat ze dan ook nog koffie zetten. De bank is dan foor het grootste deel bezet en moet ik mij oprollen om erbij te kunnen. En dan iedere keer die grote sloffen tegen mijn neus wat ik eigeluk nie wil, ik draai mij dan gauw om. Maar soms is het geefe en neeme, we maake nooit ruusie hoor, nee dat doen we niet.
Want uiteindelijk fin ik het heel knus op zondag saame met frouwtje in de rieleksmoodes op de bank, vaak val ik gewoon lekker eefe in slaap.

Donker

Hebbe jullie dat ook liefe frientjes dat jullie andere dingen doen in de herruf dan bijfoorbeeld in de zoomer of in de winter, of in het foorjaar ? Ik wel naameluk ! In de herruf is het langer donker, dus blijf ik s’morgens ook langer bij frouwtje op bed ligge. We staan pas op als het licht is, tenzij frouwtje er eerder uit moet foor werruk, maar dat is nie iedere dag. Ik weet nie beeter zolang het donker is slaap je en kom je pas in beweeging als het licht is. Ik volg ook het ritme fan frouwtje, dan weet ik dat ik alles op tijd krijg en het feilig is.

Ik heb gemerrukt dat ik andere slaapplekken hep sinds de herruf er is. Ik woon hier nu iets langer dan een jaar, dus heb ik alle jaargetijden meegemaak, en waar ik dan het beste kan slaape. Forig jaar had ik nog niet zofeel benul van de furrwarmingsradiator en wist ik niet zo goed dat de fensterbank dan ook lekker warrum werd. Maar zeg frouwtje, zolang ik hier woon heeft de furrwarmingsraadiator het nooit goed gedaan. Daarom zijn er van de zoomer mannen gekome in de flat en hebbe ze in alle huisjes iets aan de radiatoren gedaan en sindsdien is die bij ons keiheet.

Raadiator

Ik merkte dat dus een paar weeke gelee. Eerst ging ik foor de raadiator ligge op het hippiekleed. Dat lig lekker zacht en foelde ik ineens de warrumte. Maar toen lreeg ik plots een iedee. Op de fensterbank staat een lekkere groote mand waar ik goed in pas. Ik hep daar van de zoomer niet in gelegen want daar staat de zon op en is het daar dan keiheet, eg waar dat houw je nie lang uit, je smelt gewoon. In de herruf komt er geen zon op de fensterbank, maar die is dan warrum door de raadiator. Dus ik nam een groote sprong zo huppekee in mijn mand. Ik zag al dat frouwtje een paar weeke gelee daar een mand had neergezet. Ik dacht nog waarom zou dat zijn, maar nu weet ik het. In de herruf gaat de blokfurrwarming aan in de hele flat en is de mand op de fensterbank de purrfekte slaapplek. Daar lig ik dus s’avinds lekker te slaape en te snurruke. Het is ook een gezellige plek, want ik zie dan ook alle lichies buiten, de sterre en de maan en nog feel meer spannende dingen.

Warrum

Ik heb nog een spesjaale slaapplek in de herruf. De fijne bank hebbe we al een poosje, maar nu het herruf is lig er een eksta teddiepleet op. Die is zo lekker sagt en warrum, ik draai dan van genoegen op mij rug. Of doe mijn poot oofer mijn kop en begin dan te snorre en later luid te snurruke.
Op bed is het ook anders nu. Frouwtje zeg Belle, we hebbe nu een herrufdekbed, die is lekker warrum en daar omheen zit ook nog een flaanellen hoes die sagt is. En op het bed ligt een fijne wolle deeke fan egte schaape, met ijsberen erop. Die deeke komp nog uit Noorwegen zeg ze, want daar was het heel koud en lag frouwtje met 2 katten te slaape op zolder waar geen furrwarming was. En nu ligt de deeke dus hier op bed, ik ben er blij mee want ik hou van ekstra warrumte en sagt.

Nou liefe frientjes dat was dan meer mijn furrhaal foor deze keer oofer de furranderingen van slaapplekken in de herruf. Ik hoop dat jullie het allemaal warrum hebbe en dat jullie het goed maake en ook jullie frouwtjes en baasjes, en denke we aan alle fonkelende sterren aan de heemel!

Warme kopstoot fan Belle

Japie: een schreeuw in het donker

Geen spoor van muizen
Same in de boomhut

Het is een gewone avond zoals altijd. Nou ja, bijna. Na weken van kraakheldere nachten zijn er donkere wolken voor de maan, die zelf ook nog eens meer dan de helft kleiner is dan een paar dagen geleden. Het maakt het lastiger om de sterren te zien. Maar ik weet dat ze er zijn.

Ze sprankelen altijd. Het is een kwestie van wachten. Tot het echt goed donker is en de wolken voorbij drijven. Ik zit klaar in mijn boom om naar iedereen te zwaaien. Naar alle furrienden die op aarde gemist worden. Vanuit mijn boomhut heb ik zicht op het slaapkamerraam. Daarachter zit tante Cato. Zij heeft liever alle pootjes op de vloer. Daarom zwaait ze vanachter het venster naar haar grote liefde, Oom Willem. Als die wolken nou maar eens opzij willen gaan.

Poesitieve recensie

Ik moet even ingedut zijn, want opeens schrik ik wakker van een ijselijke kreet. Een keiharde miauw die de nacht doorklieft en door merg en poot gaat. Het is tante Cato die zo hard schreeuwt dat het drie straten verderop te horen moet zijn: ‘Japie! JAAPIE!!!!’ Ik ben acuut klaarwakker. Zo snel als mijn poten kunnen, klauter ik omlaag langs de gladde stam, spring ik tussen de verdorde planten, maak een sliding over natte bladeren en dender door het luik op kattenooghoogte. Na een sprintje de trap op ben ik bij de dame in nood. Ik hoop maar dat Oom Willem ziet dat ik heel goed voor zijn furkering zorg. Buiten adem kom ik tot stilstand bij de vensterbank waar tante Cato met grote ogen naar het plafond staart. Ze verrekt bijna haar smalle nekje dat opeens centimeters langer lijkt dan anders.

Ik kijk dezelfde richting op, maar zie niks. Voor ik mijn bek open kan trekken, maant ze me tot stilte. ‘Ssstttt, luister eens.’ Ik spits mijn oren en draai met mijn harige schelpen alle richtingen op om af te stemmen op de juiste golflengte. Warempel, nu hoor ik het ook. Nauwelijks waarneembaar maar onmiskenbaar. Het getrippel van piepkleine pootjes. ‘Ik denk dat je kantoor is gekraakt’, fluistert ze. Verschrikt staar ik naar boven. Zou ik de deur van de koeling niet goed hebben dichtgedaan na de laatste bestellingen?
Sinds Lucky een kattastische recensie heeft gedaan over de supersnelle levering in Krullieland is de belangstelling voor de verse producten van Muisbezorgd enorm toegenomen. Ik moet ons mens wakker maken, om me te helpen met de zware vlieringtrap. Daar hoef ik weinig moeite voor te doen. Mo zit al kaarsrecht overeind in bed en tuurt met van diezelfde grote ogen als m’n tante naar het witte vlak boven haar.

Oproerkraaiers

Samen inspectie van de vliering

De veren van het luik piepen en kraken als Mo het houten ding naar beneden trekt. Voor de uitschuif trap de grond raakt, schuif ik haar opzij. Met vier rappe poten ben ik veel sneller. Zodra ik met een ferme klap mijn eerste nagels in de houten vloer klauw, hoor ik ze alle kanten op schieten. Wat een lafaards. Eerst uitdagend zingen en dansen, totdat de baas er aan komt. Dan is het opeens muisstil. Met een kop die op onweer staat, speur ik om me heen. Geen staartje te zien. Grommend ga ik alle hoeken en gaten van de opslag van Muisbezorgd af. Waar ik ook kijk op de vliering nergens een spoor van die oproerkraaiers. Ik ruik ze wel, maar zie ze echt nergens.

Met het licht aan helpt Mo mee zoeken. Dat ik een uit de poot gelopen hobby heb, vindt ze prima, zolang ze er maar geen last van heeft. Muizenhardloopwedstrijdjes boven haar hoofd houden haar uit haar slaap. Daarom is ze vastberaden om dit tot op de bodem uit te zoeken. Na een intensieve zoektocht zonder resultaat komen we tot de slotsom dat die piepbeesten op een onbereikbare plek zitten: tussen het plafond en de vloer. De vlieringsnuiter heeft zijn werk zo goed gedaan dat zelfs tante Cato daar met haar ranke lijf niet meer komen.
Zou ik nog garantie hebben op die klus?

Koppie van Japie