Vorige blog had ik gemauwd over dat ik op reis moest. Naar witjas. Want die kwam helaas niet meer naar mij. Fandaag lezen jullie hoe die dag mij verging.
Het begon allemaal op de dag met de dins er in. Jawel liefe lezer dezelfde dag als waarop jullie mijn mooie blog lazen. Toen ik wakker werd en naar beneden dribbelde was er nog niets aan de hand. Kon gewoon een brokje en een slokje nemen en mijn fensterbank kontrole doen. Tot dat Frau wakker werd en ook naar beneden kwam.
Ze liep naar de MinKeef en ik dribbelde achter haar aan om te zien wat ze daar zou gaan doen. Nou daar kwam ik al snel achter! Ze pakte mijn reismand op en liep ermee naar de woonkamer. Daarna liep ze naar de keuken om daar uit een kastje een handdoek te pakken. Van een afstandje hield ik haar goed in de gaten.
Mensenopa
Ze legde de handdoek in mijn reismand. Foorzichtig kwam ik dichterbij en snuffelde eraan. Ik kreeg een aai over mijn koppie. Miauw, waarom staat die mand hier? Dat froeg ik. Oh lieve Minnie zei Frau ben je furrgeten wat foor dag het fandaag is? Mew ehh nou misschien weet ik het nog maar zeg jij toch maar foor de seekerheid wat het is. Ze keek me aan en aaide me weer over mijn koppie.
Je moet vanmiddag naar de witjas toe, je weet wel die met de rode loper en aparte ingang foor katjes. Ik zuchte en mauwde terug nou dan moet je me eerst nog in de mand zien te krijgen. Daarna draaide ik me resoluut om en ging ferder met de fensterbank kontrole. Frau
liet mij maar even en ging haar eigen ding doen en ik deed het mijne.
Een paar uurtjes later hoorde ik de poort gaan. Ohh had Frau zich vergist en kwam witjas toch naar mij toe? Maar nee toen de poort open ging zag ik wie er aan kwam. Mensenopa! Hij furrtelde mij dat hij was gekomen om Frau te ondersteunen tijdens de reis naar en bij de witjas. Ook had hij een zak vol met lekker meegenomen. Blikjes weekentsneks, noepies en likwit sneks.
Kom maar hier Minnie zei hij. Dan krijg je nu alvast een paar noepies. En als we terug zijn van de witjas dan krijg je er ook nog een paar. Nou dat wilde ik natuurlijk wel. Ik sprong bij hem op schoot en ging daar lekker liggen spinnen. Ondertussen merkte ik dat Frau steeds stiller werd. Ze wreef ook steeds oofer haar buik en ze zuchte een beetje. En toen ineens stond ze op en ging ze naar de mensenbak waar ze een tijdje op bleef zitten.
Reismand
Mensenopa furrtelde dat ze waarschijnlijk een beetje zenuwachtig was voor wat we moesten gaan doen. En toen dacht ik bij mezelf Minnie nou is het tijd om jezelf groot te houden en er voor haar te zijn. Dus ik sprong van mensenopa zijn schoot zo op de grond en liep naar de reismand toe. Ik rook er aan en zette foorzichtig een pootje erin. Daarna ging ik er helemaal in en ging liggen op de handdoek die erin lag. Oh dat ligt best wel zachtjes.
Ik hoorde mensenopa ook opstaan. Hij was trots op mij. Goed zo Minnie zei hij terwijl hij het deurtje van de reismand dicht deed. Oh doe je het op slot. Hmm dat vind ik wat minder. Ja zei hij ik wil niet dat je er uit valt als we met de mand gaan lopen of dat je je bedenkt en er toch weer uitspringt. Tsja dat moest ik toegeven daar had hij wel een punt.
Inmiddels was Frau van de mensenbak afgekomen en zag wat er allemaal gebeurd was. Ze stak haar finger door het deurtje heen en aaide me. Ook zij zei dat ze trots op me was. En dat ze nou hierdoor iets minder zenuwen had. Toen was het tijd om te gaan. Ik werd opgetild en we gingen op weg naar iets wat zei bushalte noemde. Dat is de plek waar je in een hele groote auto met meer mensen of dieren in kan. Een bus dus.
Toen we de bus instapte dacht ik nog oh ok dit is best ok. Tot dat de bus ging rijden. Hellepie wat is dit foor gevoel! Oh nee dit find ik helemaal niet leuk! Dus ik zette het op een mauwen. Achterin de bus zat een mensenkind. Poesie mauw doen. Dat hoorde ik haar zeggen. Ja ja deze poes doet inderdaad mauw. En hard ook! Gelukkig hoefde we niet heel lang in de bus te zitten. Toen we uitstapte rook ik de buitenlucht en snofde ik die eens goed op. Frau deed weer haar finger door het deurtje en aaide me weer even.
We zijn er nu bijna Min zei ze. Na eefe te hebben gelopen waren we er inderdaad. Echt helemaal een eigen ingang was het. Met allemaal plaatjes van katten op de ramen. En binnen rook ik allemaal noepies en brokjes en natfoer. En andere katten. Dat ook. Die waren er nu niet maar ik kon wel ruiken dat ze er waren geweest. Toen ging de deur open van witjas zijn kamer. Hij ging me aan alle kanten bekijken en bevoelen. Daarna wilde hij mijn cijfer weten. Dus ik wilde nog mauwen dat dat preifussie is maar ik werd hop zonder pardon op het weegding gezet. En wat er daarna gebeurde! Ik bloos er nog steeds een beetje fan!
Mooi
Witjas zei dat een heel mooi poesje was. Mooi gezond en dat ie niet geloofde dat ik al 12 was. Hij fond me er als 8 of 9 uitzien. Dus ik wees met mijn pootje naar mijn poespoort. Frau moest glimlachen. Je bent echt mijn kattekind he, ik word ook altijd jonger geschat. Daarna was onderzoek klaar en gingen we weer naar huis. Ik krijg mijn beloofde noepie en ging een heel lang tukkie doen.
Nou dit was het weer foor deze keer. Ik tetter nog steeds mee foor freede en ook foor feiligheid. Dat iedereen feilig over straat kan lopen hoe, waar, wanneer en hoe laat die maar wil!
Pootje van Minnie
Hoi allemaal, hier ben ik weer samen met mijn broer Moos. Hij wil ook graag wat schrijven deze keer en dat is natuurlijk prima. Moos is een slimme jongen die goed weet hoe hij met een beperking kan omgaan maar we noemen dat hier niet zo. We zeggen juist dat hij heel speciaal en uniek is want dat klinkt natuurlijk veel beter en hij kan heel veel dingen gewoon goed. Soms zelfs beter dan ik. Ik zal Moos nu aan het woord laten zodat jullie weten wat er zoal speelt in zijn katerleven.
Toen mijn mensen mij gezien hadden op Snuitjesboek, zat ik nog in het asiel. En no offence hoor, want ze waren daar heel lief en zorgden goed voor me maar het was niet mijn ding daar en ik had het er niet echt naar mijn zin. Ze kwamen me voldoende lekkers brengen hoor maar ik ben niet zo graag alleen en dol op knuffels dus dat leek me een stuk prettiger als dat gewoon de hele dag kon maar ja, er zijn in een opvang natuurlijk veel meer beestjes waarvoor ze moeten zorgen. Hoe dan ook, mijn vrouw had me dus gezien en toen hebben ze gebeld of ze naar me mochten komen kijken. Dus zo gezegd, zo gedaan. Ik had meteen een klik met mijn man en liep direct naar hem toe voor knuffels. Ze hebben nog een poosje bij me gezeten en toen werden de papieren in orde gemaakt en mocht ik mee. Het vangen bleek niet zo makkelijk want die gekke mand zag ik niet helemaal zitten. Ik heb inmiddels wel geleerd hoe ik daarin moet zonder te krabben of bijten dus dat is wel knap toch?
en dat ook helemaal erbij past. Dus als jullie dat wel eens doen, niks mis mee hoor want dat hoort erbij. Ik ben alleen echt slechthorend wat wil zeggen dat ik niet alles hoor. Dat betekent dat ik bijvoorbeeld wel de auto hoor als mijn mensen thuis komen, ook wanneer de deurbel gaat als de postmevrouw komt en soms ook bepaalde andere geluiden maar dat kan verschillend zijn. Soms hoor ik het ook helemaal niet en slaap ik heerlijk door terwijl er buiten best veel geluid of zelfs herrie is.
Foordat ik mijn letters ga maken, wil ik mijn vrienden en vriendinnen bedanken voor alle lieve woorden voor Mikkie, we hebben ze doorgegeefen aan zijn mensen en die hebben ze weer aan Mikkie ferteld, hij kan het goed gebruiken want hij is nog steeds bij de dokter, maar hij mag binnenkort weer naar huis, gelukkig maar!
Na een paar minuutjes wilde ik weer naar buiten, maar het reegende nog steeds, echt keihard, hoe kan zoiets?, mijn vrouw legde me uit dat het al bijna het einde van de zomer is, dat heet naazomer, en toen begreep ik het: dus daarom is het froeger donker, en daarom liggen er allemaal appeltjes en peertjes in mijn gras, daarom waait het ineens vaker, en daarom foelt het in mijn tuin soms te frips om in het gras te liggen: mijn zomer is bijna afgeloopen…
Fieren
Afgelopen woensdag was ‘t alweer een jaar geleden dat het even heel stil werd op de site van Saame…
daarvoor moest eerst plek gemaakt worden, dus Senior ging enthousiast met de snoeischaar in de weer om de oude hortensidingessen in te korten. Precies, de planten die in m’n persoonlijke buitenkattenbak staan, en die ik al het hele jaar goed bemest en bewaterd heb. Dat leek me een mooi moment om even de poten te strekken en een pauze te nemen, want toezicht houden is best hard werken hoor.
Duurde even voordat m’n personeel door had waar ik was gebleven, want ik had me tussen een heel smal spleetje van de schuifdeur doorgewurmd. Ze hebben uren naar me lopen zoeken en ik hoorde ze een paar keer langs lopen en gniffelde zachtjes in m’n voorpoten, terwijl ik lekker tussen de wollen vesten en de truien lag. Pas op de tweede dag zagen ze me uit de kast komen voor m’n lunch, dus toen was de lol er voor mij alweer af om me in de kast te verstoppen. Maar ik hou dat plekje zeker in gedachten voor als het straks weer winter gaat worden.
“Ollie, kom eens,” zei mijn vrouw.