Ken je dat gevoel, dat je kop zo vol zit dat je het niet meer weet? Dat er zoveel woorden door je bol dansen dat het een warboel wordt? Dat letters door elkaar gaan en je geen zinnig woord meer kan miauwen? Zo voelt het in mijn kop. Al een tijdje.
Stiller
Dat maakt dat ik stiller ben op Beestboek. En niet meer zo vaak reageer op de blog. Ik wil het wel hoor! Want ik lees al jullie furhalen en berichten met veel liefde. Steevast krullen mijn snorharen mee omhoog met een grote glimlach. Maar als ik dan iets wil typen, blijven mijn poten steken boven het toetsenbord. De eerste letters beginnen al in de verkeerde volgorde. Moet je eens proberen om er met poten zo groot als de mijne letters tussen te proppen.
Ik kan jullie miauwen dat het meestal nog meer abacadabra wordt. Soms lukt het om een reactie te geven die nog ergens op slaat. Maar meest van tijd wis ik alles weer. Ik word er verdrietig van en ben bang dat jullie je afvragen waarom ik wel bij het ene furriendje reageer, maar niet bij het andere. Misschien denken jullie wel dat ik jullie niet meer leuk vind. Dat is absoluut niet waar. Integendeel zelfs. Misschien helpt het om het hier te miauwen. Zodat jullie weten waarom Japie minder van zich laat horen.
Inspiratie
Wat me nog meer frustreert is dat ik geen inspiratie heb om zelf furhalen te schrijven. Het is niet dat ik niks beleef, dat doe ik heus wel. Alleen zijn dat vaak dingen die anderen griezelig vinden. Die vinden het niet fijn om in geuren en kleuren te lezen hoe ik als patholoog anatoom autopsie verricht op mijn eigenpotig gevangen prooien. Van een muis kijkt niemand meer op. Zeker niet nu er zoveel enthousiastelingen zijn die zich verbonden
voelen met Muisbezorgd. De door mijn tante Luna purrrfect opgezette online cursus ‘Hoe vang ik een Weilandmuis’ wordt massaal gevolgd door iedereen die de fijne kneepjes van het muizenvangvak in de poten wil krijgen. Als ik zou beginnen over de mammoeten onder de muisachtigen lopen bij iedereen de rillingen over de rug. Dus kan ik maar beter mijn bek houden over waar ik mee thuis kom.
Furhalen over witjas, omdat ik me weer eens in de nesten heb gewerkt, is iets waar je niet te vaak over moet miauwen. Ook dat schrikt af. Na het kattefietje met Louis die met ferme kracht mijn boom omver blies, klim ik alleen nog maar naar boven om naar de sterren te zwaaien. Diep onder mijn vacht ben ik best een braverikje. Behalve de keren dat ik kattenkwaad uithaal. Wat dat kattenkwaad is, miauw ik thuis niet. Wanneer ik na mijn nachtelijke avonturen binnen kom, eet ik mijn buik rond en val in diepe slaap. Zodra ik wakker ben, eet ik weer en glip door het luik de wijde wereld in. Waar ik uithang, furtel ik nooit. Zeker weten dat ik dan nooit meer op pad mag. Daar kan ik dus met geen woord over miauwen. Sommige dingen kun je beter voor je zelf houden.
Furhalen
Ik zou zo graag van die mooie furhalen willen kunnen schrijven zoals mijn furriendjes van de blog dat doen. En tegelijkertijd weet ik dat dat iets is dat bij hen hoort. Ik heb mijn manier van schrijven. Joedoejoe zou Leootje miauwen. Inderdaad, ik ben gewoon ik, een kater die woont in een huis waar het leven veel te serieus geleefd wordt. Dat voel ik aan alle letters die uit het toetsenbord komen.
Soms denk ik dat ik beter kan stoppen met mijn furhalen. Mogelijk hebben we wel genoeg geschreven. Maar ja, dat is ook weer zo wat. Over een tijdje komen er misschien weer spontaan gezellige letters uit mijn toetsenbord. Of dat zo is en wanneer weet alleen de tijd. Misschien is onze stilte een stilte voor de storm en barsten we binnenkort weer van de creativiteit. Daarom voor nu een koppie. Voor jullie allemaal.
Koppie van Japie
Allemiauws furriendjes, mijn vorige furhaal heeft nogal wat losgemaakt. Er kwamen ongeruste kattenbelletjes binnen met de vraag of het Mo echt niet lukte om die beestjes er zelf uit te halen? Ik kan jullie geruststellen, daar is mijn mens best handig in.
mijn lange jas blijk een magneet te zijn voor die kleine bijtertjes. Uren-, dagenlang heeft mijn mens mijn dikke jas uitgeplozen. Als ze er eentje signaleerde, vouwde ze voorzichtig alle haren opzij, zodat ze er met de tekentang bij kon. Net als ze het haakje om die gluiperd heen schoof, voelde ik kriebels. Ik weet niet of dat door haar vingers kwam, door de tekentang of door de naarling zelf. Maar door de kietel was mijn poot niet te stoppen en deed scratch, scratch, scratch, zo over haar hand. Na het plakken van pleisters begon ze vol goede moed van voor af aan. Tientallen heeft ze er gevangen. Ze kropen door mijn jas, in mandjes, tussen paperassen op het bureau, over de vloer en in bed. Ik kan jullie miauwen dat het geen feestje was. We gingen naar witjas, omdat ik na de massale aanval van die ieniemienie onderkruipertjes slap op de poten stond en niet meer wilde eten. Ik denk dat ik gewoon misselijk was van alle snackjes die ik kreeg als afleiding tijdens het peuteren. Inmiddels voel ik me weer kiplekker.
We zijn zo blij dat veel van zijn furriendjes uit het hele land komen. Door de online cursus ‘Hoe vang ik een Weilandmuis’ heeft tante Luna een flinke voorraad muis die helemaal op mag. Masterchef Tiga is al weken bezig met het uitdenken van furrukkullukke hapjes. Ollie uit Limburg neemt zijn specialiteit mee: vlaai met ketnip. Ik mag het hier misschien niet schrijven, maar het zou zomaar de beste speeskeek kunnen zijn die we ooit hebben geproefd. Speciaal voor Foppe heeft KeverT meowe muziek gecomponeerd. Ik zie het al helemaal voor me hoe straks met zijn allen bij elkaar kruipen om zachtjes mee te zingen met zijn cattudes. Ik kan niet wachten tot het donker wordt. Dan fonkelen de sterren op hun mooist. Iedereen die wil, mag boven in mijn boom klimmen om naar ze te zwaaien. Deze keer zwaai ik speciaal naar Oom Sjaak, die mij de weg wees naar de tuin waar ik nu mag wonen en waar ook dit feest is. Zo zijn we allemaal bij elkaar. Want Saame, dat is toch het allermooiste katdo dat er is?!
‘Jeetje, Japie, wat heb jij uitgespookt?! Ga je maar gauw opfrissen.’ Balen dat Mo me heeft zien binnenkomen. Ik deed nog zo mijn best om op kousenpoten door het kattenluik te gaan. Tevergeefs. De klik van het slot heeft me verraden. En dat terwijl het allemaal haar eigen schuld is. Zo begon het:
Opfrisbeurt
mijn jas en zetten hun scherpe tanden zonder pardon in mijn vel. Hoe ik ook krabbel, ze bijten zich steeds dieper vast en doen zich te goed aan mijn bloed. De volgende dag voel ik me wat slapjes. Zin in ontbijt heb ik niet. Eén tip voor alle lezers: ga altijd eten als je mens je roept. Want bij de mijne gaan alarmbellen rinkelen als ik niet tevoorschijn kom. Even later word ik van mijn bed gelicht. Mo is in alle staten als ze niet één, niet twee, maar steeds meer teken moet lospeuteren. Voor ik het weet zit ik in de rammelbak richting witjas. Ik heb me flink in de nesten gewerkt.
Alle katten bij elkaar. Wat een week. Wat een week! Ik ben er ondersteboven van. Wie had ooit kunnen bedenken dat mijn droom èn mijn vaKATure zoveel zouden oproepen. Er zijn veronderstellingen dat er een relatie zou zijn met een speciale datum. Alsof katten zich iets van een klok of katlender aantrekken. Ik kan jullie verzekeren dat de enige reden waarom ik naar onze special limited edition katlender kijk, is dat de charmante verschijning van mijn allerstoerste Pummy er de hoofdrol in speelt. De vaKATure van Muisbezorgd is andere brok. Dat komt omdat er in Groningen een heus Muizencafé geopend gaat worden. Zo’n kans wil ik niet laten lopen. Waar Muisbezorgd twee weken terug nog in de kittenschoenen stond, is het in korte tijd gegroeid tot een purfessionele onderneming met goed gemotiveerde pursoneelsleden uit het hele land.
Doordat we onze dromen deelden, kwamen we er achter dat er heel veel soorten zijn: Zandvoortse strandmuizen, bosmuizen in Limburg, zilte zeemuizen aan de kust, huiselijke muizen op veel meer plekken dan we nu nog weten, Rotterdamse stadsmuizen en wollige weilandmuizen. Voor die laatste heeft tante Luna in allerijl een online cursus Hoe vang ik een weilandmuis opgezet. Pootsgewijs kan iedereen het leren in een tempo dat bij poeslief past. Spontaan borrelden ideeën op voor hoe de menukaart er uit zou kunnen zien. Huiskatten die nooit buiten komen, wilden ook graag meedoen met dit initiatief. Zij leggen zich toe in het contact maken met de bezoekers van het Muizencafé. Een aantal heeft zich zelfs al opgegeven voor een nog op te zetten workshop Huismuis vangen.
Ze wisselden tips en tricks uit. Juist omdat ze allemaal anders zijn, ging Muisbezorgd leven. Doordat we het met elkaar deden.
Sinds ik door Nemo ben aangesteld als hofleverancier voor zijn muizencafé *) voel ik me iedere nacht de koning van de buurt. Met mijn schouders breed en dikke wijduitstaande kraag stap ik zelfverzekerd door donkere stegen en sluip onder schuttingen door. Ik hoor ze met mijn ogen dicht, het ritselt onder struiken. Het geluid wijst me de weg. M’n harige poten komen geruisloos neer op de zachte aarde. Haastig schieten ze alle kanten op, zich klaarmakend voor het spel dat zonder pardon gespeeld gaat worden. Glanzende kraalogen boven spitse snuitjes met fragiele snorhaartjes die razendsnel in en uit hun holletjes schieten tegenover mijn vlugge vlijmscherpe stiletto’s.
Soms zit er een slechte tussen die over de houdbaarheidsdatum heen is. Of die dingen heeft gegeten die niet goed voor hem waren en daarmee ook niet goed voor mij. Pas had ik weer zo’n exemplaar te pakken. Ik merk het meestal pas als dat beest al in m’n buik zit. Op kousenpoten ga ik naar huis om me daar onzichtbaar te maken. Want o wee als mijn mens er achter komt dat ik iets heb gegeten waar ik ziek van word. Voor ik weet zit ik in een rammelbak richting witjas. Meestal is de ellende na een licht en donker wel weer weg. Voor Foppe is dat anders. Van alleen al likken aan een muis krijgt hij al krampen in zijn darmen, die weken aanhouden. En dat terwijl mijn grote broer de meestervanger uit de buurt was voordat zijn buik chronisch ziek werd. Hij heeft mij de fijne kneepjes van het muizenvangen geleerd.
we alle piepbeesten uitnodigen in een megagroot pakhuis waar ze naar hartenlust kunnen spelen. Waar ze door rioolbuizen kunnen rennen zonder bedorven te raken. Een kingsize fabriek bomvol kipsnackjes waar ze onbeperkt van kunnen eten. Als zo’n muis bergen kipsnackjes eet, wordt hij vanzelf een muis met kipsnackjessmaak. Tegen de tijd dat ze geen zin meer hebben in dit pretpark en volgevreten richting uitgang waggelen, is er nog een laatste attractie: een superrealistisch kat- en muisspel.