Alle berichten van TegnieseDienst

Een furhaal met een staartje (2-2)

Vorige keer miauwde ik over een onbekend geluid in de keuken. Met angst en beven zocht Mo waar het geritsel vandaan kwam en ontdekte een grote bruine rat die zich in een keukenkast had verschanst. Daarom kon ik hem dus niet meer terugvinden. Ik had mijn kersverse furriend even op de deurmat gelegd om zelf door het kattenluik te kunnen stappen en toen ik binnen stond, was hij opeens foetsie. Eigenpotig krijg ik geen deuren open. Daarom was ik blij dat Mo zowel de kast als de buitendeur open had laten staan toen ze haar slaapkamer in vluchtte, ook al was het midden in het donker. Het moest een fluitje van een cent zijn om dat beest bij zijn staart te grijpen. Zo is hoe het verder ging:

Geen beweging

Tante Cato kijkt Foppe doordringend aan. Mijn broer wacht af wat ik ga doen. Ik staar naar de rat, die onbeweeglijk blijft zitten waar hij zit. Boven in een hoek van de gootsteenkast. Een tijd lang verroert niemand een poot. De stilte is oorverdovend, de spanning om te snijden. Opeens draait m’n tante zich om. Ze is het wachten beu en wil terug naar haar zachte mand op bed. Daar stuit ze op een hermetisch afgesloten deur. Als er iets is waar tante Cato van flipt, is het een dichte deur. Furieus trekt ze alles uit de kast om naar binnen te kunnen: krabben, miauwen, springen en gillen. Terwijl tante Cato boven door het lint gaat, verandert er in de keuken helemaal niets. Maar dat weet Mo niet.
Ik hoor hoe ze uiteindelijk aarzelend de slaapkamerdeur op een kiertje zet. Op de overloop gaat een fel licht aan. Later hoorde ik dat Mo met een spierwit gezicht de gang inspecteerde. Pas toen ze echt geen rat zag, mocht mijn tante naar binnen. Een tijdje later trekt ook Foppe aan zijn stutten om verder te slapen. Net als alles rustig lijkt, wil zijn moeder de dichte slaapkamer weer uit. Hetzelfde ritueel. Terwijl ze boven onenigheid hebben over het wel of niet open laten staan van de slaapkamerdeur klauter in de gootsteenkast om die bruine rakker op te jagen. De slimmerik heeft zich verschanst tussen een voorraad afwasspullen in een bak waar ik net niet bij kan. Hier heb ik geen zin. Ik heb wel wat beters te doen dan wachten tot mijn furriend van plan is om in beweging te komen.

Doorzetten

Na een paar slapeloze uren treft Mo me opgerold in dromenland. Ze verwacht dat ik mijn buik vol heb van een groot harig beest en lig na te boeren van een overvloedig maal. Niets is minder waar en daar komt ze snel genoeg achter. Rat zit nog altijd op precies dezelfde plek tussen de pannensponsjes als waar ik hem het laatst zag. ‘Aan jullie heb ik ook niks’, foetert ze. ‘Ik regel het zelf wel, want dat beest moet hier weg.’ Mopperend gaat ze aan de slag en ruimt met het nodige kabaal de gootsteenkast uit. Mijn broer en tante komen op het tumult af. De indringer kijkt enkel met grote bange kraalogen wat er allemaal gebeurt. Vol belangstelling kijken we toe hoe Mo dit aanpakt. Eerst dekt ze de schuilplaats van Rat af. Zo voorkomt ze dat hij kan zich achter de koelkast kan verstoppen.
In haar nachtjapon wringt ze zich in allerlei bochten om de bak met Rat eruit te krijgen, zonder Rat te laten ontsnappen. Hoe ze ook wurmt en draait het past allemaal net niet. De bak blijft steken en Rat blijft zitten waar hij zit. Er zit maar één ding op, die hele la moet eruit. Met haar blote benen kruipt ze over de koude tegels om gewapend met een allerhande gereedschap de bevestiging van de la los te krijgen. Al gauw gutst het zweet van haar voorhoofd. Tranen staan in haar ogen. Vermoeidheid speelt parten. Net als Mo het op wil geven, komt er beweging in het gevaarte. Hijgend weet ze de la er uit te trekken. De toch al krappe keuken verandert in een nog grotere ravage. Eindelijk is het moment daar. De bak met furrukkullukke inhoud komt los. Ik snel Mo vooruit door de nog altijd wagenwijd openstaande keukendeur. Balancerend met de bak in haar hand hinktstaptspringt ze naar buiten waar motregen haar oververhitte wangen afkoelt. Snel zet ze de bak neer, tilt de plank eraf, doet een stap naar achter en weg is Rat. Vanuit de struiken maak ik een snoekduik. De jacht kan opnieuw beginnen.

Koppie van Japie

Psssst, even checken voor de volgende keer. Smaakt dit naar meer? Of toch liever iets bravers?

Kever heeft een mening over enigst kat zijn

Mijn vrouw froeg me of ik niet weer eens een keer iets moest schrijfen over mijn tuinvriend Mikkie, er is nameluk best veel gebeurd in de tijd dat er geen blog was, ik wil dat wel doen maar ik find het ook moeilijk, en dat snappen jullie vast wel als jullie mijn letters hebben geleezen.

Mikkie

Ongefeer een maand geleeden wilden mijn mensen weer eens probeeren of Mikkie misschien hier zau kunnen wonen, we hebben dat al eerder geprobeerd, en toen fond ik het heel moeilijk, ik werd er helemaal onzeeker van en ook een beetje jaloers.
Mikkie heeft gewoon een eigen huis hoor!, hij is geen zwefkat gelukkig, maar hij komt al bij mijn mensen vanaf dat Bolle hier woonde, dat komt omdat hij een zoon is van Bolle, en hij lag graag buiten in één mand met zijn papa, Mikkie zau het liefste hier wonen omdat zijn eigen huis erg druk is, daarom zit hij hier altijd op het dak of in de tuin van de buuren en gaat hij alleen in de nacht naar zijn eigen huis.

Hierzit ik bij de iesooboks van Mikkie

Iesooboks

Mikkie is ongefeer twaaluf jaaren, net als ik, hij is veel rustiger dan hij froeger was, en mijn mensen dachten dat ik nau stefig genoeg op mijn hoefjes sta om een “broertje” te kunnen krijgen, dus op een dag met veel zon tilden ze Mikkie van het dak, zo mijn tuin in, ze hadden een iesooboks neergezet voor hem, dat is een soort huisje waar zwerfkatten in kunnen slapen, het is lekker warm en Mikkie kent zoiets van froeger, toen hij met zijn hele famielie buiten woonde, in de tuinen.

Die middag lagen we SAAME in het zonnetje, Mikkie gaf me heeeeeeel veel kopjes, hij probeerde niet ons huis in te gaan, alles ging prima en in de nacht sliep Mikkie in zijn huisje, ik was ook de hele nacht buiten, ik moest steeds alles kontrooleeren, ik kwam pas heel froeg in de ochtend binnen, een beetje moe en kaud.

De folgende dag lag Mikkie vaak in zijn huisje omdat het kaud was en reegende, ikzelf bleef steeds opletten buiten, ik weet eigenlijk niet presies waarom, ook in de nacht was ik buiten, Mikkie lag in zijn huisje en kwam af en toe efentjes naar buiten, gaf mij een kopje en ferder gebeurde er niets.

Kramp

Op de derde dag kwam ik naar binnen, mijn vrouw was in de slaapkamer en ik wilde naar haar toe, maar ik kon niet meer loopen, ik probeerde te gaan zitten maar dat lukte ook niet, ik kon me niet meer beweegen omdat ik helemaal ferkrampt was, door de kau en omdat ik zo nerfeus was, ik ging maar een beetje liggen en ik wist het allemaal niet meer, ik had zoveel pijn en was helemaal in de war en ongelukkig.

Mijn mensen schrokken heel erg en ze wisten meteen dat het zo niet ferder kon, dat het geen goed plan was geweest, buiten reegende het keihard en ze wilden Mikkie niet in de reegen op het dak zetten, maar later op de afond toen het droog was heeft mijn man dat gedaan, hij had traanen en mijn vrouw ook want Mikkie kon er niets aan doen en deed zo zijn best om lief te zijn en zich goed te gedraagen.

De daagen daarop waren heel erg ferdrietig, mijn mensen foelden zich sguldig, mijn vrouw had buikpijn van alles, mijn man was helemaal van de leg, Mikkie snapte er niets van en wilde steeds naar beneeden komen, en ik?, ik had kramp, de hele tijd alleen maar kramp oferal.

Saame in de zon

Tuinvrienden

Inmiddels zijn we gelukkig weer een tijd ferder, we zijn allemaal weer gewend aan hoe het altijd was, Mikkie zit op het dak en krijgt daar knuffels en een snekkie, hij gaat gelukkig ook wat vaker naar zijn eigen huis, en mijn kramp is bijna weg, soms heb ik er daagen geen last meer van.

Mijn mensen finden het heel erg voor Mikkie en ook voor mij, ze zeggen dat ik het belangrijkste ben, dat mijn geluk foorop staat, en dat ze nau helemaal zeker weeten dat ik altijd eenigst kat blijf, ja dat wil ik het allerliefste!, we weeten ook weer dat de dingen soms niet gaan zoals je wilt, of dat je niet wilt hoe de dingen gaan, dat je het eigenlijk helemaal anders zau willen, maar ja: daar trekt het leefen zich niks van aan, en daarom zijn Mikkie en ik nau weer tuinvrienden, want dat kan ik wél.

***

Ik stuur heeeeeeeeeel veel sterkte kopjes aan Doerak, voor als hij naar de dokter moet voor zijn oogen, en ik stuur mevrouw Door heeeeeeeeel veel zachte kopjes, en natuurlijk tetter ik weer voor vreede!

Joep en de schutting van de buren

Maanden terug had ik al ’s gemauwd over de oude schutting tussen mijn tuin en die van de nieuwe buren. Daar zou een nieuwe voor komen omdat zij van hiernaast een schutting wilden die helemaal tot aan de grond kwam. En eerlijk gemauwd, die oude schutting was ook best wel aan vervanging toe.
Heel enthousiast was Senior al begonnen om de houten planken en het hek daaronder af te breken, omdat hij ervan overtuigd was dat die nieuwe schutting er binnen een week zou staan.
Maar dat liep even anders…

Jungle

Omdat de buren niet konden beslissen wat voor schutting ze wilden, was mijn tuin de afgelopen zomer dus twee keer zo groot want ik kon zo doorlopen in de tuin van de buren waar veel meer te beleven was dan in die van mezelf. Gras, brandnetels, plantjes met mooie bloemen waarvan ik de naam niet eens ken, het groeide allemaal lekker ongehinderd door, want de nieuwe buren waren eerst druk bezig om hun huis aan de binnenkant helemaal af te krijgen en in te richten.
Het was een heerlijke jungle, waar ik naar hartelust op vliegbeestjes en spinnen kon jagen, en ik heb bij hun keukendeur zelfs een keer een zielige dikke vette muis gevonden die ik netjes naar m’n weiland terug heb gebracht. Hij piepte met tranen in z’n donkere kraaloogjes een verhaal dat hij verdwaald was en in een grote groene vlakte woonde waar hij niet meer kon komen omdat hij niet wist hoe hij de sloot over moest. Ik begreep al snel dat zijn gezin nog in het weiland woonde, en hoewel ik inmiddels een zeer ervaren muizenvanger was geworden was deze muis te verdrietig om in m’n vriezer terecht te komen. Want verdriet doet iets met je, en dan smaakt zelfs de grootste, dikste, vetste muis nergens meer naar.
Dus ik heb ‘m met z’n gezin in ‘t weiland herenigd, en een paar weken erna kwam hij piepen dat hij een nieuwe woonruimte had gevonden, aan de andere kant van de snelle weg achter het weiland. Hij was met z’n gezin geloof ik de laatste muizenfamilie die ik in m’n weiland gezien heb, want sindsdien heb ik er geen piep meer gehoord.

Wildgroei

Maar goed, terug naar m’n tuin en die van de buren.
De hele zomer kon ik genieten van die jungle bij de buren. Ik kwam alleen nog maar thuis om te eten, drinken en slapen. En af en toe wat te knuffelen met m’n personeel, want die begonnen me echt wel te missen…
Op een slechte dag kwam de nieuwe buurman met vuilniszakken naar buiten, waar binnen een dag m’n geliefde jungle in verdween. Ik was in sjok. Weg bloemetjes, weg gras, weg kruipende en vliegende vriendjes. Ik heb urenlang tussen de vuilniszakken op het tuinpad van de buren gezeten voordat ik besloot terug te gaan naar m’n eigen tuin en in de tuinstoel te gaan liggen. Of op m’n kussen op de tuintafel. Of in de pot van m’n kersenboom, met m’n rug naar de tuin van de buren.
Gelukkig had ik nog genoeg wildgroei in m’n eigen tuin staan, al was het daar niet zo druk als in m’n jungle bij de buren. Ik keek naar de spinnen, die onvermoeibaar hun web sponnen tussen de takken van de perenboom. Er kwamen vlinders langs die op de bloemen gingen zitten. Ik zag kevertjes door de tuinaarde ploeteren, mieren die druk bezig waren met van alles en nog wat, maar het zou nooit meer hetzelfde worden…

Schutting

Uiteindelijk heeft Senior de knoop doorgehakt en een nieuwe schutting besteld, want m’n personeel had al snel door dat ik bij het zien van die lege buurtuin niet vrolijker werd. Dus sinds een weekje of wat heb ik weer m’n eigen tuin, en hoef ik niet meer naar die kale leegte bij de buren te kijken als ik m’n achterdeur uit wandel.
En er staat nu dus niet alleen een schutting, maar ik heb daar zelfs twee échte catwalks op! Senior zegt dat hij die gemaakt heeft om de schutting overeind te houden bij een zware storm, maar ik weet dat hij die gewoon speciaal voor mij gemaakt heeft. Eentje loopt vanaf de schuur over het tuinhek naar de nieuwe schutting. En als ik daarop ga zitten heb ik het aller- aller- allermooiste uitzicht over m’n weiland, en ‘t zit een heel stuk beter dan de kiezels op het schuurdak.
De andere catwalk loopt vanaf de schutting naast de schuur tot halverwege de schutting tussen mijn tuin en die van de buren. Daarvandaan heb ik ook een prachtig uitzicht over m’n weiland, maar ik kan ook vanaf een hoogte zó gluren bij de buren. En dat doe ik dan ook af en toe. Tot nu toe is hun tuin nog steeds leeg, op wat speelgoed van m’n kleine buurmeisje na. Maar ik hoop dat daar in het voorjaar weer heel veel groen komt en ‘t geen tegeltuin gaat worden, want daar is helemaal nooit niet niks te beleven. En het is dan wel de tuin van de buren, maar toch ook nog steeds een beetje mijn reservetuin…

Stevige poot en zachte kopjes,

Joep

Minnie gaat naar boven en beneden


Op de dag met de zater er in zat Frau op de computer. Nou eh niet echt op de computer natuurlijk want dan zou die stuk gaan hihi. Wat zeg je Frau? Oh ok dat ik dat soort dingen niet mag mauwen. Straks denken jullie nog dat ze een puikie heeft. Ja echt dat zei ze. Nou toen heb ik maar heel snel teruggemauwd dat mijn liefe Loesjedinnie die nou een mooie ster is een heel mooi puikie had en dat je daar gewoon suuper trots op kan zijn.

Op de stoel

Maar goed ze zat dus bij de computer. Bla bla bla ze zat met andere mensen te praate en te geeme. Een beetje zoals wij poese fia Beestboek en zo ook met elkaar mauwen. Alleen en nou komt het, het was al helemaal donker buiten. En dat was het al best een tijdje. Dus mijn poezeklok had zoies van geeeuuuw het is wel tijd om te gaan slaape. Dus ik keek naar haar. Ze keek niet terug. Dus toen sprong ik op het buroo en liep foor het beeld langs. Ze aaide me oofer m’n ruggetje. Hee liefe Minnie zei ze. Kom je ook eefe kijken? Ik gaf haar een kopje en mauwde zachtjes dat het folgens mij allang bed tijd was geweest.
Ze keek me aan en zei maak je geen zorgen Min dat is wel ok. Nou en omdat ik zelf dus wel echt toe was aan een schoonheidsslaapje sprong ik maar weer fan het buroo af. Ik liep naar de oude buroostoel die nou mijn stoel was geworden omdat zij nu een nieuwe heeft. Ik sprong erop, draaide een paar keer in de rondte en vauwde mijn staartje op me heen. Toen deed ik m’n oogjes dicht en ging slaape.
Ik lag net lekker van een sappig muisje te dromen en toen ineens hoorde ik Frau nou doei ik ga slaape zeggen. Ze deed de computer uit en stond op. Ga je mee Min dan gaan we naar boofe. Dat zei ze. Met een half slaperig kopje dacht ik eerst nog nee lig net zo lekker. Maar ze wou toch graag dat ik mee kwam. Oh ok nou fooruit dan maar. Want tsja ikke weet dat ze als ik erbij lig of in de buurt ben feel beter slaapt.

Naar beneden

Dus we dribbelde saame naar boofe. Gingen liggen op de groote mensenmand en waren al snel allebei in droomeland. En nu hoor ik jullie mauwen he Minnie lig jij dan serieus 8 uur lang naast je mens te slaape? Nou nee natuurlijk. Wij katjes hebben een heel ander slaap ritme dan die tweebeners. Ikke lig op een kussen naast haar en na een uurtje of twee ga ik weer naar beneden. Beetje nachtfensterbank kontrole doen. En ook een slokje drinken en op een paar brokjes knabbelen. Wat soesellen op de bank. En natuurlijk met mijn pootje zwaaien naar alle mooie sterren die aan de hemel staan als het buiten donker is.
Als het dan bijna ochtend is dan dribbel ik weer naar boofe om bij Frau te gaan liggen. Soms gewoon naast haar. Soms op haar voet of been. Deese keer koos ik foor op het kussen. Alleen nou komt het. Mijn interne poezeklok mauwde naar me dat het noepie tijd was. En toen ik achter het gordijn keek in de fensterbank zag ik ook dat het al wat lichter begon te worden. Maar Frau was nog diep in slaap. Ik zat een tijdje naar haar te kijken of ze wakker zou worden. En net toen ik dacht ik ga met mijn pootje op haar wang tikken. Toen deed ze haar ogen open.

Boofe

Goeiemorgen mauwde ik. Wat slaap jij lang het is allang noepie tijd geweest. Frau moest lachen. Snap je nauw waarom ik gister later naar bed ging? Nee dat snapte ik niet. Is dit weer tweebener logica mauwde ik terug. Misschien wel zei ze. Vannacht is de wintertijd in gegaan. Dus is de klok een uur terug gegaan in de tijd. Daarom kon ik wat later gaan slapen en toch genoeg hebben. Ik schudde met mijn kopje. Oh die gekke tijd weer. Pff dat snap ik niet hoor al die dingen. Ik ken maar twee tijden. Noepietijd en natvoertijd hihi. En oh ja jippiezeisterugfanbrokjesfurrdienentijd.
Dit was het weer voor deze keer. Ikke blijf nog altijd mee tetteren foor freede!

Pootje van Minnie

Lucky vertelt meer over Krullieland

Lieve allemaal, hier ben ik weer met het vervolg op mijn blog over alle belevenissen in Krullieland. Ik had vorige keer beloofd wat te vertellen over de eerste dagen dat we hier waren.

Je moet weten, hier heeft het huis drie verdiepingen. Dat is eigenlijk niet anders dan waar we eerst woonden maar toch ook weer wel. De verdieping waar je binnenkomt, heet begane grond natuurlijk maar je moet eerst buiten wel een trapje op om daar te komen. Als je uit het raam kijkt naar buiten, dan ligt daar alles lager. Als ik de tuin in kijk, ligt het gras lager en ook de planten en struiken maar de stoep aan de achterkant ligt wel lekker hoog. Dat is handig want dan kun je veel zien als je daar zit.
Er is ook een muurtje naast dat een perfecte uitkijkplek vormt. Jullie snappen het natuurlijk al, daar heb ik al gezeten. Niet meteen de eerste dagen al toen we hier waren want dat vonden mijn mensen te spannend. Ik niet natuurlijk want ik ben nog altijd een verkenner.

Spannend

Maar goed, de eerste dagen dat we hier waren mochten we op de zolder. Gewoon om even lekker rustig alles te kunnen besnuffelen en een beetje te wennen aan het huis. De zolder dat is dus de verdieping boven de begane grond in dit geval. Ik hoor jullie al zowat denken, waar is dan de derde verdieping? Nou, daarvoor ga je dus een trap af naar beneden en dan ben je in de kelder. Daar kom ik nu inmiddels iedere dag wel een keertje en het is daar een beetje koud soms maar wel heel spannend.
Kijk, de eerste dag dat we aankwamen was het al donker en liet mijn man ons op zolder. Molly en ik samen dus. Dropje kwam vrij snel daarna en zij mocht ook op zolder. Moos kwam daarna nog en hij heeft een eigen kamer gekregen. Dit was omdat hij waar we eerst woonden niet zo goed kon opschieten met Dropje. Dat heb je nu eenmaal wel eens dat je grotere vriendjes bent met een andere kat of juist helemaal niet. Moos was bang voor Dropje maar dat is overigens nu wel over. Hij loopt nu gewoon op de begane grond in alle kamers. En soms gaat hij ook op zolder of samen met mij in de kelder kijken. Dat vindt hij wel oké. Ook prettig want nu zit hij niet meer onder de bank. Wat trouwens niet meer kan want we hebben een andere bank en daar passen we geen een van allen meer onder. Die is dus anders dan eerst.

Trap

Op zolder staat van alles wat onze mensen nog moeten opruimen maar dat is niet erg. Zo hadden ze bijvoorbeeld eerder deze week een nieuw kast gekocht, zo eentje met veel stof eromheen. Dat is helemaal geweldig want daar kun je natuurlijk in liggen. Na een paar dagen had ik het eerlijk gezegd wel een beetje gezien op zolder. De zolder is best groot en bestaat uit twee delen maar we mogen nog alleen maar op de plek komen waar spulletjes staan. Aan de andere kant is het koud en moet eerst het dak goed gemaakt worden. Ik ben er wel al een keer geweest natuurlijk, dat snappen jullie wel maar ik kan me daar zo goed verstoppen dat mijn mensen me echt niet meer kunnen vinden dus dat is geen goed idee als het er zo koud is.
Ik ben na een paar dagen zolder stilaan maar eens gaan kijken wat er verder hier allemaal te beleven is. Er was een deur die open stond met een trap naar beneden. Mijn mensen waren daar ook dus dat leek me veilig en ik ben naar beneden gegaan, pootje voor pootje. Of liever gezegd, tree voor tree. Het is zoiets dat ze een open trap noemen dus dat kan wel spannend zijn maar ik moet je zeggen, ik vind het fijn. Dan kan ik namelijk, waar ik ook zit, gewoon alle kanten opkijken en dat is reuze handig. Als ik ergens halverwege op de trap zit, kan ik naar buiten kijken naar de straat. Dat is erg leuk. Het is er niet zo heel druk maar er is altijd wel iets te beleven. Soms komt er een auto of fiets voorbij maar ik heb bijvoorbeeld ook al paardjes met een koetsje gezien.

Kamers

Zo ben ik stilaan verder gegaan naar alle andere kamers in huis. Ik kwam Moos ook steeds tegen en nu ga ik brokjes eten op de kamer van Moos. Hij krijgt dezelfde als ik maar het natvoer dat hij eet, nou daar vind ik dus niks aan. Dus ik heb wat geoefend met zielig kijken en met Molly afgesproken dat we samen op ons superzieligst miauwen als we wat lekkers willen. Dus nu krijgen we mousse…dat klinkt chique he? En het is super lekker.
Ik moet zeggen, het is hier zo gek nog niet. Mijn mensen brengen steeds wat lekkers mee van de grote dierenwinkel die hier is en dat vind ik wel oké. Op een van de foto’s ben ik al buiten…hoe dat zit, vertel ik later. En ik zal ook eens op een rijtje zetten wat er hier nu anders en wat er eigenlijk precies hetzelfde is als eerst. Dat is voor een katermans zoals ik wel belangrijk om te weten en Molly vindt altijd hetzelfde ook fijn. En ik luister netjes naar haar want Molly is slim en weet alles dus dat komt allemaal goed hier.

Knuffels van Lucky