Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
Er is best wel en grote crises bij mij in de achtertuin aan de hand. Ik lag met Roover lusteloos onder de struiken. Het was warm. Veel te warm. Onze vachtjes voelden aan als winterjassen.
Regendans
Ik keek naar Roover en keek naar het gras. Roover, miauwde ik, het gras is geler dan de kaas die we gisteravond van het aanrecht hebben gepikt. Dit kan zo niet langer.
Roover, die aan slapen zat te denken, zuchtte diep. Hij lag languit onder de struik en riep: Wat dacht je van een regendans? Dat heb ik wel eens bij mijn vrouw op tv gezien hoe ze dat vroeger deden. Gewoon een beetje gek springen en hopen op een plensbui.
Ik sprong overeind. Goed idee! We starten een regendans marathon. Maar daar zat ook een addertje onder het gras, of nou ja, onder het dorre hooi. Net toen ik mijn eerste ritmische bewegingen wilde inzetten, hoorde ik zacht gespin vanaf de schutting. Het was Luna. Ze keek geschokt. Een regendans? Zijn jullie nu helemaal besnaard? Mijn baasjes hebben eindelijk vakantie. We gaan kamperen in de tuin. Als het gaat regenen moet ik naar binnen. Dus geen sprake van!
Roover
Al snel waren Roover en ik in dubio. De mensen van Luna wilden zon en naar het strand. Maar geen regen. Dus eigenlijk mogen we niet dansen. Daar stonden we dan. Aan de ene kant snakte ik naar verkoeling en vers regenwater, en naar groen sappig gras. Maar aan de andere kant… wij hielden ook van onze vriendjes en vriendinnetjes. Roover en ik willen natuurlijk niet de zomervakantie van de buurt saboteren.
Weet je wat zei ik tegen Roover: We gaan ons plan wijzigen. We moeten een hele specifieke regendans doen. Een soort van micro regendans. Roover keek mij aan en zei: Een wat?
Ik ging het uitleggen. We dansen op zo een manier dat de regen alleen in onze tuin valt. En misschien een klein beetje op de planten van de buren. Maar zeker niet op de tent van Luna. En zo begon er een vreemd absurd schouwspel.
Ik nam de leiding. Ik deed een driedubbele salto achterwaarts, en lande met een doffe plof in de aarde onder de struiken. Toen begon ik met mijn staart te zwiepen. Roover, vond het tempo te hoog van mij, en ging mee doen op zijn eigen manier. Hij rolde van zijn linkerflank naar zijn rechterflank, terwijl hij ritmisch bleef miauwen tegen de zon en de wolken. Hij zag eruit als een luie zeehond vond ik. Roover vond van mij weer dat ik op een breakdancer leek.
Luna keek met open mond toe vanaf de schutting. Het was een hilarisch en idioot gezicht. Maar tussen het lachen door zag ze ook dat Bliksem en Roover serieus bezig waren. Bliksem had het zweet op zijn neusje staan. En Roover was zowaar al vijf minuten achter elkaar aan het rollen. Ze deden het ook voor de vogeltjes die dorst hadden.
En geloof het of niet, er kwam een donkere wolk boven onze jungle te hangen. Binnen een minuut viel er een kleine regenbui uit. Precies in onze jungle. Ik ging samen met Roover in de druppels staan. Het was verkoelend en de lucht rook heerlijk fris. Maar het was ook heel snel weer droog.
Tuin
Luna keek vanaf de schutting naar mij en Roover. Nou ja heren, nu blijft het wel droog he, miauwde ze. Ik keek Roover aan en dacht: Goed gedaan! De regendans was een klein succes. Wij hadden de tuin gered, maar ook aan onze vriendjes en vriendinnetjes gedacht. Want dat is wat Roover en ik als katermannen doen: zorgen voor elkaar, met rare kuren maar met een groot hart.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekkere snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem
Haaaalo liefe frientjes,
Op doozen ben ik gek, maar dit zat in een plestik furrpakking. Daar moet in niks fan hebbe, dus frouwtje dee het oopenmaake. Daar kwaame 2 koelmatten uit. Het was 1 plus 1 graatis, dus die andere kan frouwtje ook fan mij leene als haar voeten moete afkoelen. Nou lig er 1 koelmat op de bank waar ik lig, flak naast frouwtje, en 1 koelmat op het hippiefloerlkeed. Ik moet jullie eg waar zegge, het is een waare furrademing om er op te ligge.
Nou kan het mij eg nie scheele wat er op bed ligge doe, als het maar goed is. Forige week kwam er weer een paaket binne uit Sjienaa, maar dat was nie zo lang onderweg als mij koelmat. Het is vast gekoome met een straaljaager Belle, die fliegt harder. Wat zat er in het paaket? Een knalgeele dekbedoofertrek met zonnebloeme.
Gedoe. Iets anders kan ik het niet miauwen. Het is gewoon gedoe. Al dat wachten op ontbijt. Het ‘ik kom er zo aan’ klonk al eeuwen geleden. Net als de wekker die keer op keer aangeeft dat het nu echt de hoogste tijd is om op te staan.
Ik schrik me alle snorharen in de rondte. Mijn broer heeft gelijk. Hier klopt iets niet. Mo is helemaal niet van de gymnastiek en nu draait ze zich in allerlei bochten. Als ze een been naar achter strekt en een arm naar voren kan ik purcies onder haar door. Mijn pluimstaart kietelt zacht onder haar kin. Zie ik daar een glimlach? Misschien ben ik op de goeie weg. Een natte neus, daar krijg ik meestal ook punten voor. Voorzichtig zoek ik haar op wang en geef een lebber met mijn ruwe tong. Voor het beste effect een paar zachte kopjes er achter aan. Ze wankelt. Ondanks het auw, auw, auw, lijkt er beweging te komen. Tergend langzaam kruipt ze naar de deurpost waar ze zich met een verbeten gezicht omhoog hijst.
Omdat ik het zo druk heb gehad met fechten en beestjes fangen en slank worden aan mijn lijf, ben ik best heel moe, en mijn mensen ook want zij helpen mij natuurlijk altijd, en daarom gaan we nau een paar weekjes fakansie hauden, gewoon in ons huis en in mijn tuin, en dan ben ik straks weer fris en frugtig, Fruitig!! roept mijn vrouw, enniewee ik stuur iedereen heeeeeeel veel lieve kopjes en ik blijf tetteren voor vreede, tot na de fakansie!
We zijn nou alweer twee blogs verderder sinds het Derde Grote Weilandfeest, dus misschien denk je wel van Joep, hou er nou maar ‘s over op en ga verder met je dagelijkse leven… Maar het warme gevoel van zo’n groot feest saame, dat blijft gelukkig best lang hangen.
alle vriendjes die we moeten missen en die op dat moment als heldere fonkelende sterren boven ons te zien waren. Want iedereen op het veld had wel iemand die hij of zij elke dag moest missen sinds het moment dat dat vriendje vertrok.