Belle en de tijd van het jaar

Hallo liefe frientjes het is weer mijn beurt om een mooie blog te schrijfe. Ik hep een warrum plekkie gefonden met de aaipet aan de tafel, die vlak foor de furrwarming staat. Het was koud he de afgeloope daage?!
De furrwarming stond de heele dag hoog en hep ik heerlijk in de warme mand op de fensterbank geleege. De zon scheen ook, maar die komp nu niet in de huiskamer, alleen op de muur aan het einde fan de middag. Daar hep ik niks aan, maar de zon is wel op de slaapkamer. Daar is geen furrwarming en staat er een raam oope, maar op bed ligt een warrume deeke, zodat het toch lekker is en ik de zon op mijn fagt foel.

Doozen

Nu zijn de Kersemusdaage achter de rug. Ik hoop dat jullie het allemaal goed hebbe gehad saame, en hebbe genoote van ekstra lekker eete en knuffels. Ik heb het fijn gehad saame met frouwtje. Er kwamen foor de Kersemus zofeel pakketten binne hier, van die groote doozen. En iedere keer die bel, keihard. Dan floog frouwtje snel met de lift naar benee want daar stond de postbezorger. Kadoo,s foor de Kersemus Belle, die gaan wij op Kersemusdag oope maake.
Nou, toen was het Kersemus. De houtkachel ging aan, de lichies en de kaarsen. Ik kreeg een lekker Kersemusontbijt en frouwtje ging in de keuken ook ontbijt maake, en zo zaten we gezellig op de bank op de warrume teddiepleet. Na het ontbijt kwamen er groote doozen tefoorschijn.

Kaado

Belle, jij hep een Kersemuskadoo furrdiend zei ze. Jij ben lief, maak niks kapot in huis, en mijn beste friendinnetje. Weet je wat er in de doos zat ? Een nieuwe krapplank, een ekstra groote! Nou, ik stoof er op af en begon gelijk te krabbe. En lekker dat die plank rook en ik ging er ook op rollebolle. Ik ben er zoooooo blij mee! En in de doos zaten ook nog snekkies.
Toen kwam er een andere doos op taafel, maar die is foor mij zei frouwtje. Belle, ik geef mezelluf ieder jaar met Kersemus een kaado. Kijk eens wat een mooie pannenset, wij gaan gezellig koken in het miniekeukentje. Mooie pannen zijn het hoor en groen fan kleur. Dat was dus uitgepakt allemaal, en toen ging ze de doozen kapot scheuren en opruimen. Dan hellup ik altijd mee want dat fin ik leuk en ren ik er doorheen. Soms doet ze een doos foor mij bewaren waar ik in kan ligge. Maar dit keer zei ze, met Kersemus geen doozen in de huiskaamer, dat komp een andere keer wel weer. We hebbe het ferder heel gezellig gehad.

Wiekent

En nu is het weer een gewoon wiekent, mij best hoor. Frouwtje hep het kersemusboompie opgeruimd, daar is ze raadikaal in. Ze zeg, Kersemus is geweest en we leefe nu toe naar Oud en Nieuw met het fuurwerruk en knallies. We hebbe nog wel lichies hoor en de kaarsen staan er ook nog, dat hoort bij feestdaage. Beneeje staat een oliebollekraam tegen de flat. Die stond er al froeg met Sinneklaas. Frouwtje eet geen oliebolle, die zijn te vet zeg ze en ligt te zwaar op de maag. Soms ruik je de olliebollegeur binne in huis als frouwtje de balkondeur oope hep. Ik ben er niet gek op, ik ruik liefer de viskraam. Die stond er gisteren zellufs ook na de Kersemusdaage.
Frouwtje zeg die man werruk hard en heeft geen Kersemusvaakanzie.

Nu fiere we aan de laatste daage fan dit jaar en doen we mooie herinneringen ophaale. Ik denk aan het foorjaar en de zoomer en hoe keiheet het was. Aan het Groote Weilandfeest wat is geweest, en alle frientjes die ik hep ontmoet, en de leuke bloggen op de Feesboek, maar ook aan frientjes die nu een ster zijn geworden en in Reegeboogland woone.

Ik hoop dat het rustug blijf met knallies op Oudejaarsafond. Ik schrik er wel fan, maar ben niet eg bang. Dat komp ook omdat ik hoog woon, het is ferder weg en die fuurpijle fin ik wel spannend.
Vorig jaar dee ik zellufs niet in het opbergvak acher het bed kruipe, en frouwtje doet ook normaal,
alsof er niks aan de hand is. Dat is het beste zeg ze.

Ik ga afsluiten met jullie allemaal een goede jaarwisseling te wensen liefe frientjes. Blijf feilig binne, dichtbij je frouwtje of baasje,

Dikke knuf fan Belle.

Japie: een feelgood furhaal over een kleine Griekse god

Japie met tante Doortje

Allemiauws, wat een walm. Zodra ze de drempel overstapt, ruik ik het direct. Onmiskenbaar de geur van een rivaal. Eentje met walnoten of misschien zelfs sambaballen. Ik weet dat mijn mens andere katten ontmoet, iedere week weer. Dat heeft ze bedongen, toen ik mijn poot onder haar adoptiepapieren zette. Dat ze blijft zorgen voor dieren zonder thuis. Anders ging het feest niet door. Meestal doet ze dat heel subtiel. Bij thuiskomst heeft ze altijd een andere vacht aan dan waarmee ze eerder op de dag vertrekt. Maar deze keer stinkt haar verschoning alsnog een uur in de wind. Naar een andere kater dus! We moeten nodig miauwen, mijn mens en ik.
Niet veel later zit ze dromerig met een bakkie leut naar buiten te staren, een grote glimlach op haar gezicht. Ze lijkt mij niet te zien, terwijl ik pal aan haar voeten zit. Ze zal toch niet furliefd zijn? Daar moet ik heel gauw een poot voor steken. Ik spring naast haar op de bank waarna ze achteloos begint te aaien. Pas als ik op het punt sta mijn stilleto’s uit te slaan merkt ze me eindelijk op. Poeslief vraagt ze wat er aan de hand is. Dan doe ik mijn boekje open. Over haar vreemdgaan. ‘Het is niet wat je denkt, Japie’, antwoord ze. ‘Dit gaat over een Griekse God. Wil je zijn furhaal horen?’ Schoorpotend geef ik toe dat ik wel meowsgierig ben naar mijn concurrent. Mijn mens begint te vertellen.

Vakantie

Ouzootje net gevonden

Het is hartje zomer als mijn vriendin met haar gezin op vakantie gaat naar een Grieks eiland waar het verzengend heet is. Om koel te blijven vermaken ze zich met plonsen in het zwembad en ijsjes die ze halen in het dorp. Altijd nemen ze het paadje rechtsom hun verblijf. Op hun laatste vakantiedag besluiten ze in een opwelling linksom te lopen. Alsof dat zo moest zijn. Ze keuvelen over de smaak ijs als een van hen plots een geluid opmerkt. ‘Stil eens,’ vermaant ze iedereen, ‘ik hoor iets piepen.’ Eén keer horen ze het allemaal, een heel iel miauwtje en dan blijft het muisstil. Niet veel later vinden ze een kittentje, zo klein dat het makkelijk in hun hand past. Zijn mama is in geen velden of wegen te bekennen. Het kan niet meer op zijn pootjes staan, zo slap is zijn lijfje van honger en dorst. Zijn oogjes zitten dicht door aangekoekte viezigheid. In zijn smoezelige jasje krioelen honderden beestjes. Maar daaronder een zwoegend borstje dat zijn best doet om levenslucht binnen te halen. Ze aarzelen geen seconde. De een snelt naar de supermarkt voor eten, de ander smokkelt het ukje naar de hotelkamer, weer een ander gaat op zoek naar hulp. En zo komt reddingsactie Ouzo in allerijl op gang. Maar waar begin je in een land waar ze anders om gaan met dierenlevens dan je gewend bent?
De kleine van hooguit vijf weken oud is een knokkertje. Met zijn laatste krachten probeert hij iets van eten binnen te krijgen dat ze met het topje van hun pink aan zijn bekje smeren. Een pincet uit de toilettas blijkt perfect om korte metten te maken met het vlooiencircus. Het gezin zet alles op alles om een dierenarts te vinden die bereid is de ieniemienie Ouzo kans te geven. Met de onbetaalbare hulp van een lokale stichting die voor zwerfdieren zorgt, vinden ze er eentje op een halfuur rijden. Terwijl ze wachten op een taxi (want ja, er gaat daar niet zomaar een bus heen), pakken ze snel hun eigen spullen in. De tijd dringt, want hun vliegtuig vertrekt binnen afzienbare tijd. Ademloos luister ik hoe het verder gaat. Mijn hart hamert in mijn borst. Als dit maar goed komt.

Meedogenloos

De dierenarts is meedogenloos. Euthanasie is de enige optie, want wie moet er voor de kleine zorgen als zij terug gaan naar Nederland? ‘Neem hem mee,’ schreeuw ik, ‘neem hem mee!’ ‘Kon dat maar zo makkelijk, Japie,’ zegt mijn mens terwijl ze me kalmeert, ‘je mag niet zomaar een dier meenemen uit een ver land. Daar zijn allerlei regels en wetten voor. Luister maar verder, hoe komt goed. Want daar is het een (waargebeurd!) kerstverhaal voor zoals we ieder jaar vertellen.’ Weer is het de stichting die helpt. Op het eiland is een Nederlands sprekend gastgezin, die de zorg voor Ouzo op zich wil nemen, terwijl ze al voor tientallen zorgen in hun eigen huis zorgen. Na nog een laatste knuffel laten ze hem achter met de belofte dat ze alle kosten op zich nemen en hem zullen adopteren zodra dat mogelijk is.

Furever home

Ouzo viert kerst bij zijn meowe furmilie
Ouzo viert kerst bij zijn meowe furmilie

Na drie maanden van intensieve zorg in het gastgezin is Ouzo sterk genoeg om op eigen poten te staan. Met een poespoort vol internationale stempels stapt de jongeman als handbagage van een bereidwillige toerist mee aan boord van een vliegtuig dat hem naar Amsterdam brengt. Daar staat het voltallige gezin op hem te wachten om hem mee te nemen naar zijn furever home. Opgelucht haal ik adem, tijd om wat te snacken. Als ik weg wil lopen, zegt mijn mens: ‘Het verhaal is nog niet helemaal klaar, Japie. Wil je de rest ook nog horen?’
Ik kruip terug op schoot als ze verder vertelt. In zijn nieuwe huis wonen niet alleen mensen, ook drie katten en een hond. Voordat ze elkaar gaan ontmoeten, moet Ouzo nog één keer naar een Nederlandse dierenarts voor een laatste check. De vreugde slaat om in teleurstelling als die vertelt dat er rare vlekjes in de nog dunne vacht van Ouzo zitten. Die zijn besmettelijk voor de rest van de furmilie. Hij moet in quarantaine. Weken zit hij opgesloten in een kamertje waar hij katzijdank wel bezoek mag ontvangen van zijn personeel mits ze zich in een wit pak hijsen. Hij moet vaak in bad en vieze pillen eten.
Ondanks alles blijft hij vrolijk en lief, weet Mo. Dat vind ik knap van Ouzo. Geen haar op mijn kop die er aan denkt om nat te worden (tenzij het een regenbui is). Ik zou al mijn stiletto’s op scherp zetten als ze dit soort fratsen met me uit willen halen. Die kleine Griek heeft een goed voorbeeld gemist. Hopelijk pakken zijn huisgenoten zijn verdere opleiding goed aan.
Vlak voor Kerst is het eindelijk zo ver. Ouzo krijgt een vrijbrief om los door het huis te mogen rennen om zijn furmilie te ontmoeten, die hem met open poten ontvangt.
‘Is het verhaal nu wel af?’ wil ik weten. Mo knikt instemmend. ‘Maar nu weet ik nog steeds niet wat dit met de walm te maken heeft die om je heen hangt. ’ Dan komt de aap uit de mouw. ‘Dat is omdat ik Ouzo heb mogen ontmoeten.‘ Zolang het maar bij een bezoekje blijft, mopper ik. Jij bent en blijft mijn enige echte Japie, belooft ze. En ze voegt er aan toe: Je kunt niet alle dieren van de wereld redden, maar voor sommige kun je wel een wereld van verschil maken. Zoals ik voor jou heb kunnen doen, Japie, en mijn vriendin voor dit Griekse katertje. Welkom thuis, lieve Ouzo.

Wij wensen al onze furriendjes een veilige jaarwisseling en een meow jaar vol lief en zacht en Saamehorigheid.

Koppie van Japie

Kever heeft ALWEER een mening over fuurwerk

Kramp

Meestal ben ik een frolijke jongen, ik hau van mijn leefen en ik ben snel tefreeden, maar in de winter ferandert dat een beetje want ik hau niet van kau en die is er dan juist veel, ik hau er niet van omdat ik daardoor niet zo lang in mijn tuin kan zijn, maar fooral omdat ik

Klik met de rechtermuisknop om de poster op groot formaat te bewaren en op te hangen.

steeds kramp in mijn beenen krijg, en daar find ik niets aan.

Fuurwerk

De laatste daagen heb ik steeds die kramp, dus als ik heel eerlijk ben was ik al een klein beetje mopperig, maar toen ik hoorde dat over een paar daagen weer dat mensenfeest met fuurwerk komt werd ik ook nog best boos.

Zelf ben ik niet zo bang voor dat lawaai, mijn mensen finden dat biesonder maar ze zijn er ook blij mee, ik zelf ook want ik weet van vrienden dat ze ZOO bang zijn dat ze zich al daagen van teforen ferstoppen en dat ze helemaal moeten bibberen van angst, dat is toch erg?!, voor dieren die buiten woonen is het misschien wel NOG enger, en zij kunnen nergens heen waar het feilig is, o en er zijn trauwens ook mensen die het heel moeilijk finden.

Klik met de rechtermuisknop om de poster op groot formaat te bewaren en op te hangen.

Feest

Als je een feest fiert maar je maakt dieren en ook best veel mensen zo bang dan is het geen goed feest, een feest moet toch voor iedereen leuk zijn?, en nau had ik forig jaar gehoord dat dat lawaai en dat fuur in de lucht ferbooden zau worden, maar het mag toch NOG een keer, hoe kan zoiets?!, forig jaar had ik poosters tegen fuurwerk gemaakt die je op kon hangen of op je feesboek kon zetten, en ik dacht toen dat het dit jaar niet meer noodig zau zijn, maar dat is dus helaas niet zo.

Klik met de rechtermuisknop om de poster op groot formaat te bewaren en op te hangen.

Pooster

We zijn met zijn allen Saame ferantwoordelijk voor de weereld en iedereen die daar op woont, zo zie ik het, en dus moeten we met zijn allen zorgen dat iedereen feilig is en zich feilig foelt, daarom heb ik weer poosters tegen fuurwerk gemaakt, maar ook eentje voor Saame en een pooster voor vreede, want dat hoort allemaal bij elkaar, het nieuwe jaar wordt het allerfijnste als we met zijn allen Saame vrienden zijn en voor elkaar zorgen, en dat kunnen we, ik weet het zeker!

***

Ik stuur iedereen die heel bang is zachte kopjes, ik wens iedereen een mooi nieuw jaar, en ik hoop heel erg dat dit het laatste jaar was met fuurwerk!!

Joep bleef gewoon lekker binnen

De afgelopen week ben ik lekker veel binnen gebleven. Gewoon, omdat ‘t kon en omdat ik ‘t buiten veuls te koud vond. Want ik heb ‘t niet zo op die kouwe nachten die er ineens waren.

Soms stak ik even m’n neus buiten de tuindeur en heel soms rende ik ook nog even een rondje om m’n huizenblok, om gelijk wat straatinspectie te doen en de gemeenteperkjes wat te bemesten en te bewateren. Maar daarna was ‘t snel terug naar de voordeur om te mauwen dat ik toch wel weer naar binnen wilde.
Terwijl ik me dan lekker tussen m’n personeel op ‘t grote bed nestelde, kreeg ik nog een hele hoop aaitjes en knuffeltjes, en dan slaap viel ik tevreden in slaap. Want ik heb een heel goed kattenleven.
De kerssemusdagen waren niet zoveel anders dan de andere dagen, omdat m’n personeel eigenlijk niet zoveel aan kerssemus doet. Geen katdootjes, bijna geen vreemde tweebeners over de vloer, en gewoon het eten dat het hele jaar door al lekker genoeg is. Ik hou daarvan, dat er niet ineens allerlei dingen veranderen maar gewoon z’n gebruikelijke  gangetje blijven gaan.

Binnen

Eigenlijk heb ik deze week dus helemaal niks spannends beleefd. De buurtkatten lagen net als ik overdag boven dat ribbelding in de vensterbank of op een ander warm plekje in huis, of deden de buurtcontrole lekker van achter het raam uit de wind in ‘t zonnetje. En ons personeel was gewoon brokjes aan ‘t verdienen of op jacht om de voorraadkasten te vullen. Of allebei.
Dus toen het weer tijd was om achter de leptop te gaan zitten om m’n nieuwe blog te maken moest ik toch wel even heel hard nadenken waar ik deze keer over zou mauwen. Misschien over die lieve dierendoktermeneer van me, die vorige week met  pensjoen is gegaan. En dat ik daarom vanaf volgend jaar ineens dierendoktermevrouwen krijg die ik helemaal nog niet ken. Maar ik weet haast wel zeker dat mijn lieve dierendoktermeneer heel erg z’n best heeft gedaan om goede opvolgers te vinden. Nou nog even afwachten wanneer ik kennis met ze ga maken, want ik ben nog steeds niet van plan om er vaak langs te gaan. Als ik ‘t voor het mauwen heb maar één keer per jaar voor m’n APK-tje (de Algemene Periodieke Kattencontrole), voor ‘t stempeltje in m’n paspoort als buitenkat. Maar voorlopig ben ik nu nog even liever binnen- dan buitenkater, zolang ‘t in m’n tuin en daarbuiten nog te koud is naar m’n zin.

Kittenkatertje

Misschien kan ik ook nog mauwen over dat ik de afgelopen week weer netjes op m’n huis heb gepast omdat m’n personeel een paar keer weg was. Ik ga dan altijd heel straategies in de vensterbank van het grote raam liggen, want dan kan ik precies in de gaten houden wie er over m’n tuinpad naar m’n voordeur loopt. En ik zie dan ook wanneer m’n personeel weer thuiskomt, en wat ze bij zich hebben.
Vroeger, toen ik nog kittenkatertje was, sprong ik dan gelijk uit de vensterbank en liep naar de voordeur voor een grondige tasseninspectie, maar tegenwoordig neem ik die moeite niet meer omdat ik wel weet dat m’n personeel best wel goed kan jagen. Ze weten precies wat ik graag lust, al slaan ze af en toe toch nog wel ‘s de plank mis door met iets onbekends thuis te komen, om ‘t me te laten proeven. Soms is ‘t heel erg lekker en wordt het toegevoegd aan m’n boodschappenlijst, maar het komt ook wel ‘s voor dat ik al gelijk ruik dat ‘t niks is wanneer m’n etensbakje gevuld wordt.

Eten

Nou heb ik, toen ik nog thuis woonde bij m’n moeder, geleerd om netjes m’n bakje leeg te eten. Maar als baas in m’n eigen huis moet ik m’n personeel natuurlijk wel duidelijk maken wanneer ik iets niet lekker vind. Uit beleefdheid snuffel ik dan wel even in m’n etensbakje, en soms lik ik de saus er uit. Want die is vaak best wel lekker, maar de rest niet. Dus dat laat ik dan staan en neem demonstratief een paar droge brokjes. M’n personeel weet dan genoeg, al laten ze dat afgekeurde bakje nog wel een uurtje staan, voor het geval ik me toch bedenk en wil eten. Maar dat gebeurt zelden, kan ik je mauwen.
Nadeel is dan wel dat ik heus geen ander natvoer in m’n bakje krijg als ik iets niet lust, dus dan zit er niks anders op dan gewoon m’n brokjes te eten als ik écht trek heb. Nou ja, dat vind ik voor een keertje ook helemaal niet erg hoor, maar het moet toch ook weer niet te vaak voorkomen want dan ga ik daar echt wel even een paar hartige woordjes over mauwen.

Druppeltjes

De laatste paar weken merk ik dat er ook iets van druppeltjes aan m’n natvoer worden toegevoegd, en dat doet m’n personeel nou al voor de derde keer zo tegen het einde van ‘t jaar. Ze zeggen dat ik dan beter tegen de harde knallen kan die buiten zijn, dat ik er niet zo erg van schrik. En eigenlijk vind ik ‘t ook best wel lekker, die druppetjes, want het is net alsof ik na het eten lekker relekst ben. Alsof ik een heel half uur met m’n ketnipmuis gespeeld heb en een beetje wieuw ben geworden.
Voordeel is ook dat ik, net als vorige jaren, volgende week weer lekker vanaf de vensterbank boven dat warme ribbelding naar alle lichtjes buiten ga kijken. En voor alle herrie die daarbij hoort draai ik dan m’n poot niet om. Want met de jaarwisseling en de dagen daarvoor ben ik gewoon een Koele Katermans, al mag ik dan niet naar buiten van m’n personeel. Maar dat vind met de kou ook helemaal niet erg hoor.

Ik wens al m’n blogvriendjes alvast een hele mooie jaarwisseling, met heel veel knuffels en gezondheid en lief personeel voor het hele nieuwe jaar!

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Mila en de tweede Kersdag

Lieve allemaal, fandaag is het een speesjaale blog want nu is het tweede kersdag! Me eigen vind kerst altijd speesjaal. Dat komt omdat dan de laag tussen aarde en regenboogland dun is en je misschien iets van je geliefde kunt horen of voelen.
Zo hou ik altijd een plekje vrij op de paal voor mijn grote broer Bram omdat hij misschien eefe langs kan komen. Thuis doen we dat best wel seriejeus omdat Bram familie is ook al is hij in regenboogland.

Saame

Mijn woordjes gaan fandaag over saame zijn. Want dat vind ik zo heel belangrijk. Op de vorige woordjes kreeg ik zoveel positiefe reejaksies van iedereen dat mijn hartje daar helemaal warm van werd. Want psiegies is zwaar en zeker nu.
Er zijn lege dagen zoals ik dat noem. Dat zijn dagen waarbij heel veel mensen en dieren vakanzie hebben wegens kerst en oud en nieuw. Dan houden ze pauze alsof het een zondag is en dat kan soms zwaar zijn. Ik bedoel hiermee dat er mensen en dieren zijn die alleen zijn en geen familie hebben. Zij hebben dan geen plek waar ze naar toe kunnen gaan en dat doet pijn in mijn hartje.

Knuffels

Ik moet eefe naar mijn manspersoon want ik wil knuffels. Dat doe ik door bij hem aan zijn been te staan en dan zet ik mijn nagels in zijn been en dan trek ik mezelf omhoog of hij tilt mij op. Op de foto zie je hoe ik dat doe. Vraag eerst eefe aan je mens of je mens dat goed vindt want onze nageltjes zijn heel scherp. Mijn manspersoon vind het niet erg.
Als mienister van zachte zaake vind ik steun en liefde heel erg belangrijk dus dat iedereen het voelt of meekrijgt op welke manier dan ook. Mijn manspersoon heeft twee armen dus er is nog plek voor iemand die ook knuffels wilt. Ik zal niet blazen maar ik geef je een kopje. En als het klimmen niet lukt dan tilt mijn manspersoon je wel op.

Eefe terug naar kerst want hier vind ik het ook belangrijk om een extra plekje vrij te houden. Voor Bram doe ik het sowieso al maar ik hou een extra plekje vrij voor wie geen familie heeft omdat ik vind dat we allemaal familie zijn en niemand alleen hoeft te zijn. In deze woordjes wilde ik eigenlijk beter uitleggen hoe je kunt klimmen bij je mens maar mijn hartje wil elke keer terug gaan naar kerst omdat ik wat het is om alleen te zijn.
Misschien wist je het al maar misschien ook niet maar ik ben als beebie kitten in het bos neergezet. Ik was zes weekjes oud toen mijn vrouw mij vond. Ik was helemaal alleen zonder mijn mama en zonder eten. Het bos was zo groot dat ik bleef zitten waar ik zat omdat ik anders de weg kwijt zou raken.

Thuis

Toen mijn vrouw langs liep zat ik al zo heel lang alleen in het bos en besloot ik om keihard te mauwen zodat ik niet meer alleen was. Ze hoorde me en ze zag me. Ik kroop naar haar toe en zij pakte mij op. Dat is nu veertien jaar geleden en ik ben zo blij dat ik een thuis heb. Daarom wil ik dat iedereen een thuis heeft al is het maar voor eefe.
Dus iedereen is welkom bij mij thuis en niemand hoeft honger te hebben, ik heb genoeg aan brokjes en sneks. Er zijn ook genoeg dekens waar je op kan dutten. Dat komt door mijn vrouw omdat zij altijd denkt dat we op antartieka zijn. Dat is een plekje op de aarde waar het zo hard vriest dat alles ijs is. Waarom mijn vrouw honderd dekens heeft is dus daarom. Dus er is genoeg voor iedereen.

Warmte

Met deze zachte woordjes hoop ik dat iedereen wat warmte heeft. Normaal heb ik meer woordjes maar nu is het kerstdag en daarom wat minder. Ik heb thuis nog veel te doen om te zorgen dat er een extra plek is voor iemand die eefe langs wil komen.
Misschien komt er een extra ster op bezoek of misschien ook niet maar ik wil dat iedereen zich welkom foelt in mij huisje. Ik geef iedereen een warm neusje en tot de volgende woordjes.
Pootgetekend,
Mienister van zachte zaake, Milamuisje