Toen waren we weer goed op elkaar

Thuis heb ik nog altijd dat we ofer elkaar leren fan wat wil ik en wat wil die ander en folgens mij blijft dat zo weeges ik ben nou anders dan toen ik hier pas was en ook door de pillies en hoe ik nou ben.

Als het afond is dan wil ik spelen met de hengel of het touwtje en dan doen we dan. Dus dat gaat goed.
Of ik wil langzame knuffels met soms praten erbij maar meestal heb ik genoeg aan de knuffel. En pas laatst toen had ik genoeg aan samen liggen. Ik lag op mijn dekenbed en mijn vrouw lag erbij dus een beetje op de deken maar niet tegen me aan, erbij is erbij en dat is dan genoeg.
Ik foelde me rustig en tefreede en dat alles goed was in mijn leefe. Toen draaide ik me om op het dekenbed want ik wilde naar mijn vrouw haar gezicht kijken en dat deed ik dus. Gewoon weeges dan heb ik een dieper saame-gefoel en zij ook dat weet ik gewoon.

Dus zo lagen we het was afond we keken naar elkaar en dit was het allerfijnste moment van de dag en ik wist straks krijg ik weer brokjes.

Maar toen stak mijn vrouw een finger uit en ze aaide mijn kop.
En ik stak mijn poot uit fan nietdoen en mijn nagel kwam in haar hand.
Weeges ik schrok het was te feel.
En toen schrok zij.
Daardoor ik ook weer.

Het is best moeilijk zoon moment. Ik foelde nou is het fijne weg hoe krijg ik het weer terug en zij foelde het ook.
Eefe later ging ze in de keuken mijn hapje maken en toen ging ik een kopje doen. En zij aaide heel zachtjes. Dat kon weer. En na mijn hapje ging ik haar hand wassen en toen wist ik, we zijn weer goed op elkaar en dat zei ze ook.
Dus nou heb ik geleerd het kan weer goed komen en zij heeft geleerd erbij liggen dat is fijn genoeg en nou foelen we ons weer rustig saame dat is poosietief.

Jajim en Frou Frou hebben thuis iets vreemds

Miauw lieve allemaal, daar zijn we weer want het is alweer donderdag. Wat vliegt de week soms voorbij, figuurlijk dan.
Frou Frou en ik moesten goed ofurleggen waar onze letters vandaag over gaan want soms is de inspiratie even niet binnen pootbereik. Dat kan de beste overkomen. Maar de laatste nachten gebeurt er steeds iets, daar kunnen we wel iets over miauwen want er zijn vast meer furriendjes die iets furgelijkbaars meemaken. Jajim gaat er dit keer over miauwen.

Dutjes en opstaan

De nachten duren de laatste week weer langer dan gewoonlijk en dat terwijl het langste donker al geweest is. Hoe kan dat? Nou, het zit zo. Het is de schuld van onze mensenbroer. Ja echt! Wij houden hem niet uit zijn slaap, ook al knuffelt Frou Frou nog zo graag midden in de nachten. Nee, nu is híj de schuldige.

Zoals we de vorige keer miauwden heb ik een mieuw geluid, Willem’s geluid. Onze mensenbroer heeft nu ook een mieuw geluid maar dat is een beetje storend. Helemaal als je net over jouw brokjes of schaaltje met mousse ligt te dromen. Om de haverklap doet hij het.

Zeehond

Wat hij doet? Hij is waarschijnlijk weer op een of andere gekke cursus geweest want hij heeft zichzelf een soort blafgeluid aangeleerd. Een paar nachten terug was het zodanig, het leek wel alsof er een zeehond in de kamer stond!
Maar ja, wat kan je doen als kat zijnde? Op zijn gezicht gaan liggen is een optie maar dat doe je gewoon niet als goede mantelpoes. Je kan jouw tweevoeter alleen maar accepteren, want iedereen is zoals ‘ie is. Met wat voor geluid dan ook. Alleen hopen we wel dat hij wat vaker overdag zijn geluid oefent, graag buiten onze tripjes naar dromenland om.

De reden

We hebben furnomen dat meer tweevoeters zich niet topfit voelen en schijnbaar maken ze dan datzelfde soort zeehonden blafgeluid. Zou dat met onze mensenbroer ook aan de hand zijn? Hij ligt wel meer in bed, wat gezellig is… als hij stil is tenminste. Ik heb het hem nog gemiauwd “we zijn onder de indruk hoor, maar kan het niet op andere tijden?” Hij antwoordde met nog meer zeehond-blafgeluiden. “Mensenbroer, ben je soms ook ‘onder het weer’ zoals de mensen uit het Enge Land dat noemen?” Maar zijn ogen vielen alweer dicht. Wij denken dat het een ‘ja’ was dus wat we nu doen is mantelpoes zijn. Daar is Frou Frou eigenlijk de beste in van ons twee, dat geef ik eerlijk toe. Ze doet haar bekende ‘PRR PRRR PRR’, geeft regelmatig een neusje in zijn gezicht en assisteert met haren wassen terwijl ik zijn benen warm houd door erop te gaan liggen. Of het bed voorverwarm. Zo hebben we Saame een taakfurdeling.

We kregen dus wat minder schermtijd dan wanneer alles gewoon is. Daardoor zijn we iets stiller maar in onze volgende letters gaan we weer miauwen over mieuwe avonturen! Er liggen nog veel bijzondere taken op ons te wachten. Zo gaan we een theorie cursus volgen bij Japie om te leren over het werk bij Muisbezorgd. En zodra de zon ons weer vaker toe lacht, mogen we misschien wel oefenen in Kever’s tuin! Die zon duurt wel nog even, de Iglo in Kever’s tuin is nog niet volledig gesmolten en de muizen zitten nog ergens ver buiten zicht. Maar dromen kan altijd, zelfs als je mensenbroer blaft.

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksems plannen voor 2026

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,

Ik zat op mijn plek op de vensterbank, mijn staartje netjes om mijn pootjes gevouwen. Buiten was het nog winter, maar in mijn hoofd waaide al een zachte lentewind. 2026 voelde als een bijzonder jaar. Een jaar vol plannen, dromen en nieuwe avonturen.

Voorbeeld

Ik ga dit jaar door met bloggen. Dat is in ieder geval zeker. Niet zomaar bloggen. Ik wil wilde verhalen maken. Over nachten waarin de maan laag stond over alle paadjes in de jungle. En over alles wat je alleen maar ziet als je goed kijkt. Mijn blogs zijn er voor iedereen die wil meelezen met een nieuwsgierige kater.
Natuurlijk komen er ook echte avonturen. Ik ken de jungle –anderen noemen het de tuin – inmiddels goed, maar controleren moest toch echt elke dag. Of het nu regent, vroor of bruine blaadjes over de grond rolden. Ik neem die taak heel serieus. De paden, de heg, de schaduwrijke hoekjes: alles moet veilig blijven.
Ik wist dat ik niet meer het kleine kitten was dat alles nog moest leren. Dit jaar wilde ik het grote voorbeeld zijn, net zoals Doerak dat voor mij geweest is. Rustig blijven als het spannend werd. Slim handelen. En soms gewoon even laten zien hoe je waardig op een muurtje zit, alsof niks je kan raken.
Tussen al die plannen door kijk ik vooral uit naar de lente en de zomer. De eerste warme zon op je vacht. De geur van gras. Lange middagdutjes doen en korte, snelle avonturen in de schemering. Dat zijn de momenten waarop ik het gelukkigst ben.
En heel zacht, bijna alsof ik het geheim niet hardop durf te zeggen, dacht ik aan iets nieuws.
Misschien……
Misschien zou er dit jaar wel een baby kitten bijkomen. Iemand om verhalen aan te vertellen. Om te laten zien waar de veiligste slaapplek is. Om mee te delen hoe spannend en mooi de wereld kan zijn.

Egeltje

Terwijl ik dit vertel vond ik de jungle te stil. Veel te stil. Bladeren ritselden zonder wind. Een tak kraakte, terwijl er niets te zien was. Ik bleef staan, mijn snorharen trilden. Dit moest onderzocht worden. Het is tenslotte mijn jungle.
Ik bewoog me soepel, ik dacht aan Doerak die me geleerd had: Kijken zonder gezien te worden.
Ik hoorde weer iets. Wie is daar miauwde ik. Geen antwoord.
Heel langzaam liep ik verder, achter de struiken onder de oude blaadjes zag ik iets bewegen. Iets kleins, iets ronds. Iets wat duidelijk geen gevaar was…. Maar wel bang.
Een egeltje keek mij aan. Hij trilde een beetje maar rolde zich niet op Ik ging rustig voor hem zitten. Groot maar rustig. Dit is veilig gebied zei ik. De jungle staat onder mijn toezicht. Gelukkig begreep het egeltje het.
Ik bleef nog even zitten, wachtend tot het egeltje tussen de struiken verdwenen was. Toen stond ik rustig op en keek om mij heen. Alles klopte weer
Toen ik terug liep over het pad voelde ik mij groter dan ooit. Niet omdat ik iets had bevochten, maar omdat ik het had begrepen. De jungle is geen plek om te overheersen, maar om te bewaken..
Ik kneep mij ogen tevreden dicht.
Wat er ook zou gebeuren in 2026: Ik ben er klaar voor!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Belle foelt zich een tefreede poes

Hallo liefe frientjes, hier is Belle weer. Ik wens jullie allemaal een heeeel gelukkig Nieuwjaar en dat jullie allemaal goed van de gezond mooge zijn, warme slaapplekjes hebbe, lekker eete en feel knuffels krijgen, en alles wat wenseluk is! Hetzellufde foor jullie baasjes en frouwtjes uiteraard.

Nou, we hebbe de knallies en fuurwerrukpijle oferleefd. Nu is alles weer normaal en rustug Je weet weer presies wanneer het wiekent is en wanneer het een door de weekse dag is. Het Kersemusfurrsiersel is opgeruimp en de lichies zijn weg. Er staan nig wel kaarse hoor, maar die staan er het heele jaar. En het Kersemusserfies staat nog op de eettafel. Dat is gezellig zeg frouwtje in de winter, en het blijf staan tot het foorjaar en de Paase. Op de tafel staan bloembolle, hiejasinten zijn het, en dan weet je we gaan de goede kant weer op. Het gaat langzaam steeds lichter worden en foor je het weet lig je weer in het keiheete te bakke.

Viskraam

Jongens, jongens, wat een winter he, het is ijskoud buite en wat is er een sneeuw gefallen he? Op mijn balkon lag een beetje sneeuw en vanuit het raam was er fan de week feel sneeuw te zien. Ik zag fanuit de fensterbank al die flokkies dwarrelen foor mij neus, maar ik kon ze niet pakken. Ik moet eefe heel ver terugdenke, maar folgens mij hep ik nog nooit zofeel sneeuw gezien in mijn leefe. Ik hep mij dus niet furrfeelt deze week.
En weet je wie er aan kwam rije door de sneeuw fan de week? De viskraam, terwijl het eg waar gefaarlijk was om te rije! Stel je foor dat de viskraam op wiele weg was gegleeje in de sneeuw en ijs, dan hadde al die vissen op de straat geleege!
Werruk ga altijd zofeel mogeluk door zeg de visman tegen frouwtje. Flauw doe we nie foor een paar flokkies sneeuw, en moeten we onze centen furrdienen. Thuis blijfe en vaakanzie is er nu niet bij. Het is een flinke man Belle zeg frouwtje, want de viskraam daar kan je altijd op rekenen. Ik ben mij visje fan de week nie mis geloope en smaakte het ekstra lekker. Maar de weekmarkt was eg waar knudde. De afond te voren was er herrie op het parkeerterrein. Ik zag het, er was een groote waage met knipperlichies en die dee knerp, knerp, knerp oofer de sneeuw. Dat is een sneeuwschuifer Belle zei frouwtje en die waage schuift de sneeuw weg, anders kunne morruge die marktkraame er niet staan. Nou, dat heeft een heele afond geduurd dat geknerrup fan die sneeuwschuifer. Maar… de folgende dag lag er weer sneeuw, dus ik kon nie begrijpe waarom die herrie er was van die sneeuwschuifer, en er nu weer sneeuw lag. Dat was foorzorrug Belle zeg frouwtje, anders had er nog feel meer sneeuw geleege en hadde de marktkraame er niet kunnen staan. Soms snap ik eg waar mensen nie hoor, want er stonden bijna geen kraame, alleen de fiskraam, de kipkraam en de groente en fruitkraam. Ferder was het leeg en zellufs de gezellige draaiorgel was er niet. Er was dus nie feel aan en nie feel te beleefe, en ben ik maar gaan slaape op de warrume teddiepleet.

Feilig

Op maandag gaapdag, doe frouwtje altijd froeg opstaan en dan ga ze werken in een huis waar mensen koome die ziek zijn. Sommige worden beeter, maar sommige ook niet zeg ze. Frouwtje doe die mensen masseren heb ze mij furrteld, dan worden ze ontspannen en blij. Ik kreeg froeg ontbijt en ging frouwtje ekstra froeg de deur uit want het sneeuwde en was het heel druk op de weg. Dag lieve Belle tot fanmiddag zei ze.Kwam ze toch thuis met een heel furrhaal, ze had haar jas nog aan. Belle, ik ben geslipt met de auto
in de sneeuw, maar er is gelukkig niets gebeurd hoor, ik ben feilig en de auto ook. Ze was er nog zenuwachtig van. Belle, je weet dat ik saame met de Timmie en de Dikkie op de Noordpool in Noorwegen hep gewoond en ik heel feel erfaring hep met rijden in de sneeuw en ijs. Daar reed ik zellufs in sneeuwstormen en als het te gefaarlijk was alleen, dan reed soms in kolonie, saame achter mekaar foor de feiligheid. Maar daar hadde de auto’s spijkers op de banden en kon je niet zo gauw wegglije zoals hier in Nederland als de wegen glad zijn. Daarom ging ik nu wel slippe en glije zonder die spijkers op de banden. Ik was ineens heel allert Belle, en moes ik tegenstuure, anders had ik teege een boom gereeje of in het water beland, en het was een stille eensaame weg.
Mijn haare gingen rechtop staan liefe frientjes, want wat kan er allemaal gebeure he als je slippe doe in de sneeuw en ijs. Het is gelukkug goed afgeloope hoor Belle zei frouwtje, we gaan lekkere warrume sjokolaademelk maake en jij krijgt je snekkies. Ik kroop ekstra dicht teege haar aan op de bank en zo zaten we saame bij te koome van de schrik.

Grip

De folgende daage was er nog feel meer sneeuw gefallen en was het glad, maar frouwtje hoefde niet meer in de auto de weg op om te werken. Ze was dus de heele week thuis en ik fin dat gezellig. Ze doet dan rommelen in huis en gezellig kooke in de mieniekeuken. Boodschappen doe ze loopend, de viskraam staat tegen de flat en de winkels zijn aan de oferkant. Nu doe ze wel spijkers onder haar schoenen als de naar buite ga. Ze heeft een slipkomplex geloof ik gekreege. Ja Belle, ik hep antie-slipspikes uit foorzorrug onder mijn schoenen, want ook loopend kan je hard valle in de sneeuw en ijs. Nou, het zal allemaal wel dacht ik. Ik heb gelukkig 4 poote en zowiezo altijd goed grip ik loop. Nu is het wiekent en hier is de sneeuw weg. Het is een grijze en ijskouwe winterdag en ik doe lekker dutten. De houtkachel is aan en het is heerlijk warrum, er staat sagte musiek aan, ik krijg knuffels en eete en drinke en treene doen we ook. Wat wil je nog meer? Ik ben een tefreede poes, ik ben saame, feilig en alles is rustug!

Een heele dikke warrume kopstoot fan,
Belle.

Japie : hoe moet het verder met Muisbezorgd?

‘Mo, we moeten nodig praten! Nu het meeste gedoe voorbij is, is het tijd om de draad weer op te pakken. Want mijn handel ligt plat. Als het zo doorgaat, is Muisbezorgd binnenkort failliet, foetsie, met één veeg van de kaart, verdwenen!’ Die woorden komen binnen bij mijn mens. Ik heb direct haar volle aandacht.
‘Wat is er precies aan de hand, Japie?’, vraagt ze en ik brand los. Met horten en stoten begin ik over griep, zwaailichten, knallen, sirenes en sneeuw. De woorden tuimelen over elkaar. ‘Kom eens bij me, ventje, eerst maar eens rustig ademhalen.’ Ze trekt me op schoot voor een aai- en kriebelbeurt en voegt direct de daad bij het woord. Zachtjes gaan haar vaardige vingers langs mijn wangen en onder m’n kin. Heen en weer, steeds weer, net zo lang tot mijn oogleden als vanzelf zwaarder worden.

Van loeiheet

‘Ik ben zo blij dat je weer beter bent,’ mompel ik gesmoord, ‘je bleef maar hoesten. Ik kon er gewoon niet van slapen. Eerlijk gemiauwd is slaapgebrek een drama voor mijn concentratie. Het had totaal geen zin om op jacht te gaan. Ik heb nachtenlang niets gevangen. Zoiets is funest voor Muisbezorgd!’ Mo aait rustig door, terwijl ik verder ga. Over dat ik het doodeng vond toen met dat feest waar KeverT al voor had gewaarschuwd. De knallen en flitsen kwamen van alle kanten en gingen door merg en poot. Het voelde alsof we omsingeld waren door oorverdovend vuurwerk. Toen er ook nog ontelbaar veel sirenes kwamen en zwaailichten die onophoudelijk doorgingen, wist ik het helemaal niet meer. ‘Dat was heel erg eng, Japie’, geeft Mo toe. ‘Ik vond het ook heel spannend dat er vlammen uit de auto’s kwamen in de parkeergarage aan de overkant.’ Ik kijk mijn mens aan. Vond zij het ook eng? Daar heb ik helemaal niets van gemerkt. Ze bleef zo kalm terwijl ze met haar hoofd tussen de dichte gordijnen door nauwlettend in de gaten hield wat er voor de deur gebeurde. ‘Denk je dat de muizen oververhit zijn geraakt door de brand?’ Daar moet ze over nadenken. ‘Dat weet ik niet zeker, Japie. Wel dat muizen superslim en razendsnel zijn. Ze konden vast allemaal op tijd weg komen.’ Ik hoop het zo, want ik heb er sindsdien niet één meer gezien.

Naar ijskoud

Die informatie moet ik eerst laten bezinken. Vlak voor ik in slaap dreig te vallen, bedenk ik me nog iets. ‘Mo, voor ik het vergeet, die heel dikke laag van dat ijskoude, witte spul, hè, dat blokkeerde de uitgangen van alle muizenholen die ik in de wijde omtrek weet te vinden. Dat kan toch niet goed zijn voor die beestjes, van kokend heet naar ijzig koud?! Hoe moeten de muizen zichzelf trouwens vetmesten als ze door de sneeuw niet op zoek kunnen naar eten?’ Nu ik alles zo opgesomd heb, zakt de moed me tot diep in m’n poten. Ik denk niet dat het ooit nog goed gaat komen met Muisbezorgd. Omdat mijn Beestboek al maanden stil ligt, kan ik geen nieuwe katlega’s werven. De bestellingen liggen op zijn gat, terwijl ik zo had gehoopt dat de feestdagen voor een opleving zouden zorgen. Tot overmaat van ramp komen daar die enorme temperatuurschommelingen bij. Mocht ik al een muis kunnen vangen, dan zit er waarschijnlijk kraak noch smaak aan.

Tips gevraagd
Mocht iemand purrrrfecte tips hebben om Muisbezorgd op de poot te houden ik hou me aanbevolen. Voorlopig ga ik slapen. Tot het lente wordt ofzo. Of als er een blik kipsnackjes wordt opengetrokken. Daar mag je me altijd voor wakker maken.

Koppie van Japie