Alle berichten van TegnieseDienst

Joep heeft het voorjaar weer gevonden

Soms dan heb je van die dagen dat je gewoon helemaal niks bijzonders te mauwen hebt. Neem nou de afgelopen week. De eerste paar dagen woeide ik gewoon uit m’n jas en kwam ik nat thuis, soms zelfs met twee paar kouwe poten. En dan heeft ‘s morgens stiletto’s scherpen aan de krabpaal naast de bank voor mij ook helemaal geen zin totdat de tenen weer een beetje warm zijn geworden.
Da’s net zoiets als binnenkomen met kouwe oren, dan weet m’n personeel intussen ook wel dat ik helemaal geen zin heb om naar hun woordjes te luisteren. Niet dat ik de rest van de dag wel luister hoor, want ik ben nou eenmaal een eigenwijze katermans en geen gehoorzame blaffer, zoals mijn buurhond Bubbles.
Maar die ben ik nu stiekum aan het leren om ook net te doen alsof hij z’n baasjes niet hoort als ze ‘m roepen en ik kan je verzekeren dat je een oudere hond echt wel nieuwe kunstjes kan leren.

Rustig

Gelukkig snapt Senior heel goed dat hij ‘s morgens niet teveel geluid hoeft te maken tegen me, terwijl Junior voordat ze m’n ontbijt eindelijk serveert al hele verhalen tegen me begint. Dat ze blij is om me weer te zien, dat ik zo’n mooie en lieve katermans ben. Dat weet ik intussen zelf ook wel, maar om een beetje aardig te blijven krijgt ze dan wel een paar kopjes van me tegen haar been terwijl ze naar m’n voorraadkast loopt. Je moet de hand die je natvoerverpakking open maakt tenslotte nooit bijten of negeren.
Soms pakt ze in elke hand een verpakking natvoer, en dan krijg ik te eten waar ik als eerste aan gesnuffeld heb. Volgens mij heeft ze nu nog steeds niet door dat ik niet kan lezen wat er op de etiketten staat, laat staan dat ik ruik wat er in zit. Maar ik herken wel of ze een blikje of een kuipje of een zakje vasthoudt.
En wanneer die allebei van de middelste kastplank afkomen maakt het me nooit zoveel uit en snuffel ik aan een willekeurige verpakking, om haar het idee te geven dat ik zelf m’n ontbijt gekozen heb. Daar wordt ze dan elke keer weer blij van, en blij personeel is natuurlijk ook een blije katermans, want dat levert altijd wel iets extra’s op.

Binnen

Maar zodra Junior op haar tenen gaat staan om een blikje of een zakje van de bovenste plank uit m’n voorraadkast te pakken dan hou ik scherp in de gaten in welke hand die gaat. Want daar zit meestal wel iets met kaas in, en dat is op dit moment m’n favoriete eten. Dat kan vanavond of morgen natuurlijk weer helemaal anders zijn, al wacht ik vaak wel tot de voorraad weer helemaal aangevuld is voordat ik laat merken dat ik er helemaal geen trek meer in heb. Voor de lieve vrede neem ik dan nog wel een paar hapjes of lik ik de nattigheid tussen de stukjes vlees vandaan voordat ik demonstratief aan m’n brokjesmix begin, die trouwens ook elke ochtend vers in m’n andere etensbak wordt geserveerd. Want als ik helemaal niks eet, dan gaat m’n personeel zich zorgen maken en sta ik binnen de kortste keren weer op de tafel bij die nieuwe lieve dierendoktermevrouw. En daar heb ik de komende tijd geen zin in.
Maar goed, deze week heb ik dus behalve de dagelijkse eet-, dut- en knuffelmomenten en straatcontroles niet zoveel bijzonders meegemaakt. Het weer was er ook gewoon niet naar, dus ik ben overdag bijna de hele tijd lekker binnen gebleven. En dat beviel me eigenlijk best, want ik kon weer helemaal in het ritme van de routines van m’n personeel komen.
Tot gisteren. Toen had ik alweer genoeg gezien en gehoord en ben ik ook overdag lekker naar buiten gegaan. Gewoon, omdat de zon weer scheen, de wind weg was en m’n personeel ook lekker lang in de tuin bleef. En dat is altijd gezellig, zelfs als er een paar druppels vallen. Want onder het balkon van de bovenburen zitten we lekker droog, gezellig saame.

Muizenstand

Vannacht ben ik, nadat ik eindelijk weer ‘s kon zwaaien naar alle vriendjes achter de Regenboogbrug, ook nog lekker op stap gegaan om de muizenstand en de potten pindakaas te controleren. Ik heb zelfs vanmorgen m’n personeel verwend met twee muizen, die ik piepend vers speciaal voor hullie uit het weiland heb meegenomen. Want eigenlijk zouden zij zelf ook ‘s moeten proeven hoe kattastisch lekker de pindakaasmuizen nu al zijn. En dan eet ik vanavond hun zalm wel, dat lijkt me best wel een prima ruil.

De komende dagen ga ik blij zijn dat ik m’n voorjaarsjas al heb aangetrokken, al ben ik wel een beetje bang dat m’n personeel met blote achterpoten in de tuin gaat zitten vanwege de temperaturen die beloofd zijn. Om bij te kleuren, zeggen ze dan.
Maar ik blijf het best een raar gezicht vinden hoor, die kale bleke velletjes zodra de zon schijnt. Dan zie ik toch liever m’n eigen harige witte sokken.

Stevige poot en zachte kopjes,

Joep

Jajim en Frou Frou: hoe we aan onze namen komen

Miauw lieve allemaal, daar zijn we weer met onze donderdagse letters. We hebben pootje gedrukt om te bepalen waar we vandaag over gaan miauwen. Nu willen jullie natuurlijk weten wie er gewonnen heeft met pootje drukken?

De spanning was om te snijden, je kon een snorhaar horen vallen, zo stil was het in de kamer. Strak keek ik Frou Frou aan en fronste een beetje. Met mijn strenge frons, die ik extra aanzet met de witte bliksemschicht boven mijn neus, voor karakter. Ze keek me wat onzeker maar geconcentreerd aan, de kussentjes van onze linkerpoot stevig tegen elkaar aan gedrukt, maar we bleven allebei purrcies in het midden. Zo zaten we al zeker 6 minuten lang en Frou Frou is helemaal niet van de confrontaties. Ik houd daarentegen wel van een potje tikkertje, of in dit geval een serieuzer potje pootje drukken. Onder mijn andere drie poten waarmee ik op de tafel stond, begonnen zich kleine zweetdruppeltjes te vormen en ik voel mijn stand verslappen. Zou dat bij Frou Frou ook zo zijn? Als je je tegenstander maar genoeg vermoeid, komt de ofurwinning vanzelf. Ik zocht mijn moment uit en toen, als een verrassings-move, zette ik extra kracht met mijn poot tegen die van Frou Frou en BAP! Haar pootje ging met een klein plofje tegen de tafel. Laat die snackies maar komen.

Saame spelen

Jajim: “We spelen niet zo vaak Saame, Frou Frou en ik. Alleen met het klosje veren aan een touw en een stok, die dingen klapwieken ook zo indrukwekkend door de hele kamer heen. Vandaag deden we een intensief spel, pootje drukken. Dat speelde ik wel eens met Willem, Frou Frou is meer van de sierlijke spelvarianten zoals bromvlieg vangen of achter lintjes aan springen. Dus waaróm deden we dan aan pootje drukken? Dat komt omdat we Saame onze letters maken en deze keer wilden we allebei over iets anders schrijven. Nu ik gewonnen heb, gaan we het over onze namen en bijnamen hebben, en vooral hoe we daaraan komen. Voor ik verder typ, strek ik mijn pootjes uit en klauw met mijn nagels in de stof van een sierkussen. ‘Poes… poe-hoes’ klonk het meteen vanuit de keuken.”

Bijnaam

Jajim: “Vinden jullie het ook niet gek dat onze mensenbroer mij vaak Poes noemt, terwijl ik Jajim heet? Dat zit zo. Het is vanuit de tijd toen ik nog wilde haren had en als kitten door het huis rende. Ik was zo klein, wollig en snel dat onze mensenbroer vaak niet wist waar ik was. We woonden toen nog ergens met twee verdiepingen en ik kon rondjes rennen van de woonkamer naar de hal, linksom via de keuken terug met een sliding de woonkamer in. Beneden was een supurr plek voor furstoppertje. En als hij me dan bijna vond, was er nog een trap waar ik met mijn kittenpootjes keihard overheen kon rennen. Ik woonde pas net bij mijn mensenbroer en had nog geen naam. Ook niet in mijn poespoort. Op mijn furjaardag, geslacht en kruising na stond er niks. En onze mensenbroer wilde toch af en toe weten waar ik zat, of gewoon iets naar me roepen voor de gezelligheid. ‘Nu je hier woont heb je ook een naam nodig’, zei hij. Kort daarna kreeg ik een tijdelijke naam; Poes. Echt heel veel fantasie zit daar niet in vind ik, maar verder voelt de naam goed. Zo goed dat ik er nog steeds op reageer. Of ik er ook naar luister hangt van de situatie af. Pas na drie weken denken kwam er een naam in hem op. Twee zelfs: Jajim Robinson, want ik furdien ook een achternaam, zegt ‘ie. Jajim is niet echt een woord, het is helemaal furzonnen vanuit zijn kindertijd en het betekent eigenlijk biggetje, en het betekent ook mascotte en in Spanje noemen ze een huisdier ‘mascota’ dus dat lijkt erop. Ik vind het wel prima, het liefst heet ik Jajim Poes want die namen snap ik allebei.”

Kruimeltjes

Frou Frou: “Zo, mijn grote zus Jajim zit weer op de miauwmand. Als die eenmaal begint met miauwen…. Goed, het furhaal over hoe ook ik aan een naam kwam. Dat ging bij mij heel anders want ik kwam net van de straat en had niet eens een poespoort, dus niemand wist wie ik was. De lieve mensen die mij en mijn broertjes van een schoolpleintje hadden gered, gingen een poespoort voor ons maken, dat was nodig voor de witjas en voor het officiële. Omdat mijn broertjes en ik nog zulke mini kittens waren, leken we wel een stelletje kruimels. Zo kwamen mijn broertjes aan hun koekjes namen, zoals Oreo en Cookie. Nou moest er nog een derde koekjesnaam komen zodat iedereen wist dat we bij elkaar hoorden. Mijn mensenbroer en de andere kattenmensen gingen keihard nadenken en uiteindelijk hadden ze het; Frou Frou, dat spreek je uit als Froe Froe. Chique he? Plus, een koekjesnaam vind ik purrsoonlijk wel goed bij me passen want ik ben, al miauw ik het zelf, ook altijd zoet en nog steeds klein. Toen ik mijn gouden furrever mandje kreeg, kwam er ook een bijnaam bij. Op een dag toen onze mensenbroer mij weer eens liep te zoeken gebeurde het. Mensenbroer riep en riep, maar ik kwam niet. En opeens klonk het ‘Kruimeltje’, want hij had al heel vaak Frou Frou geroepen, en sinds die dag noemt hij me ook wel eens Kruimeltje, omdat ik zo klein ben en me goed kan furstoppen en zo zoet ben als een koekje.”

Hoe kom jij aan je naam?

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem weet dat er zon en warmte aankomt

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
Jullie hebben vast wel gemerkt dat het de laatste weken niet echt warm was en dat het leek alsof de zon is verdwenen. Ik dacht: dat is raar, daar moet ik samen met Roover wat aan doen.

Roover

Ik ontdekte wat er aan de hand was. Er zat een hele grote wolk vast voor de zon. Die moet dus weg. Door samen te werken met Roover gaan we zorgen dat die wolk los gaat en dat de zon weer te zien is. Want nu is de lucht grijs en de lentezon blijft angstvallig verborgen.
Ik zat op de vensterbank naar buiten te turen, Roover zat een eindje verderop. Samen verlangde we naar een warme zonnestraal op onze vacht. Ik miauwde: wij katten hebben de zon nodig. Als de zon niet naar ons komt, moeten wij de zon maar een handje gaan helpen. Roover keek mij aan en begon enthousiast met zijn staart te kwispelen.

Jungle


Ik schoot van de vensterbank en rende de jungle in. Ik nam een flinke aanloop en sprong met 4 poten tegelijk de lucht in, in een poging de wolken uit elkaar te slaan. Ik lande heerlijk in het zachte gras. Roover begreep al snel en dacht dat het een spelletje was. Hij begon als een dolle rondjes te rennen en te miauwen om de wolken wakker te schudden. Het mocht niet baten. De bewolking bleef hardnekkig hangen.
Wacht eens even riep ik. Ik weet het. De zon houdt van warmte en gezelligheid. Wij gaan een zonnedans doen! Ik begon rare sprongen te maken, draaide rondjes en rolde door het gras. Roover keek mij aan en vond het fantastisch en deed vrolijk mee. Hij maakte een rolletje en ging zelfs op zijn achterpoten staan.
Precies op het moment dat we beiden compleet uitgeput en hijgend op het gras neerploften, schoof heel even de wolk opzij. Een warme zonnestraal viel precies op de plek waar wij lagen. Ik keek triomfantelijk opzij naar Roover en miauwde: Wij hebben de zon tevoorschijn gedanst!

Zon

Maar de zon bleef maar even en de wolk schoof er weer voor. Ik keek Roover aan en dacht: dit moeten we herhalen, herhalen en nogmaals herhalen. En dan zal je zien dat de zon uiteindelijk helemaal tevoorschijn komt. Door samen te werken, weten we nu dat de wolk los gaat zitten en de zon weer kan schijnen over de jungle. Dus voor al mijn vriendjes en vriendinnetjes: De zon komt eraan, nog even geduld hebben. Het komt goed.
Ik kroop tegen Roover aan en genoot nog even van de welverdiende zonnestraal die tevoorschijn was geweest. De rest van de middag deed ik de controle in de jungle. En morgen ga ik weer verder met de zonnedans. Dan kunnen we straks allemaal weer genieten van de zon. Echt waar. Het is wel hard werken dus ik ga maar even extra snacks halen bij mijn manmens.

Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Belle heeft een nieuwe aaipet

Dag Liefe frientjes,

Zo hé, zit ik me daar tog achter een mooie aaipet, spiksplinter nieuw, en met een lentegroene besgermhoes er omheen ! Ik ben er blij en dik tefreede mee en natuurlijk mijn frouwtje ook. Was eg waar geen doen hoor dat tiepe op de aaifoon, en gelukkig was dat maar foor eefe, en hep ik geen blog oofer hoeve te slaan. Maar dit gaat priema met die nieuwe aaipet, ik sweef zo met mijn poote oofer de toetsjes heen, het is een makkie!
Frouwtje heef diep in de portemonnee moeten duike zeg ze, het vakantiegeld wat nog nie eens binne is, is in 1 klap pats boem weg. Daar snap ik niks van hoor, maar ik begreep wel dat het errug is, want ze keek er zorrugeuk bij. Maar Belle zeg ze, we hebben weer een fijne aaipet die het goed doet en kenne we hiermee jaaren fooruit, de centen koome wel weer terug. De meneer van de telefoonwinkel was trouwens errug aardig geweest hoor. Hij had heel feel aaipets ingekocht zei hij, zodoende kon hij korting geefe en de lentegroene besgermhoes was gratis.

Centjes

Nu weete jullie dat frouwtje af en toe nog werruke doe en forrige week zei ze, Belle ik heb een opdracht foor werruk. Het is een opdracht foor een spesjaale dag en ik moet heel froeg beginne. Zo zie je, er komp altijd iets waardoor ik de centen van de aaipet weer terug kan furrdienen. Jullie weete misschien wel mij frouwtje doe fan beroep mensen aaien die ziek zijn, en mensen die swaar werruk doen, of de heele dag agter de compjoeter zitten en moe zijn. Die doet ze dus hellupe dat ze zich weer beeter gaan foelen en eenerzjie krijgen. Ik moe eerluk zegge dat ze heel goed kan aaien, want dat doet ze natuurlijk ook bij mij.
Ze ging furrtellen, Belle, 12 mei is een biezondere dag, het is internasjonaale dag fan de furrpleeging, zo heet dat. Jij werd ook furrpleegd door liefe mefrouws in het dierenhospitaal waar jij was toen je was aangereeje. Nou, ik ga van de week naar een huis waar ouwe mensen woone die liefdefol worden furrpleegd door liefe mensen, furrpleegsters dus. Zij doen heel hard werruke en op de dag van de furrpleeging worden de furrpleegsters ekstra in het zonnetje gezet, en door mij geaaid, en doe ik daarmee centen furrdienen. Ik doe eg nie alles snappe hoor wat ze zeg, maar aan de klank van haar stem hoor ik dat het dan goed is.

Wekker

Nou, die afond dee ze al foorbereidingen, ze dee een grote tas vullen en ging ze froeg douchen en zo. We gaan 2 wekkers zetten Belle, de ene met de opkomende zon en de andere op batterijen met die keiharde bel. We moete heeeeel froeg op en mooge ons niet furrslaape. Natuurlijk gingen we ook froeg slaape, het was zellufs nog een beetje licht. Maar weet je, als huispoes doe je gewoon mee.
Het was best nog wel donker en opeens ging wekker 1 met die keiharde bel. Die had ik nog nooit gehoord, want normaal gebruik ze die niet. Ik floog eg waar een meeter de lugt in, zo errug shrok ik. En als rejaakzie mepte ik een paar keer met mijn poote keihard terug op de wekker.
Frouwtje werd wakker en moest lachen, Belle wat doe je ? Ik dacht nou wor ik ook nog uitgelache als ik zo schrikken doe. Maar ik kreeg een aai en drukte ze het knopje van de wekker in, en toen was het stil. Toen ging die andere wekker, maar die is gelukkig rustug. Je hoort dan zagies fooguls fluiten en geluiden van een bos met een meer. En als je dan goed kijke doe, zie je langzaam de zon opkoome. Maar frouwtje stond al naast haar bed en ik ook. Ze dee gauw een kattewas en aakleeje en ik kreeg natuurlijk froeg ontbijt. Ik kreeg nog een eksta bakkie brokkies en toen zei ze, liefe Belle ik ga naar benee, ik moet om kwart oofer 6 in de auwtoo zitten, ik hep froege dienst.

Slaape

Een aai en dag dag Belle, daar ging ze dan. En wat dee ik, ik ging weer lekker terug naar bed en dach ik ga lang uitslaape. Het was een hektiese ochtend met die keiharde wekker en zo, en moes ik er fan bijkoome. Ben de dag goe doorgekoome hoor. Een stukkie ferderop in het winkelcentrum zijn werrukmannen aan het furrbouwen. Ze maake herrie en rije met kruiwaagens naar grote konteeners. Gelukkig is de herrie ferderweg en hep ik geen last van. Zo hebbie altijd wel wat te zien als je hoog woone doe en er gebeurd altijd wel iets.

Aai

Flak foor eetenstijd hoorde ik foetstappen in de gang en de sleutel in het slot. Daar was frouwtje weer. Ze had een drukke maar leuke dag gehad en de furrpleegsters waren blij dat ze allemaal een aai hadden gehad. Ik kreeg ook een aai en mijn afondeete en plofte frouwtje in de bank. Ze had zelluf nog een prakkie van gisteren zei ze en deeje haar ooge dicht valle.
Toen ze wakker werd zei ze Belle, wat is het toch koud he, we gaan de furrwarming eefe aan doen hoor. Ik had zelluf ook al gemerkt, de laatste daage is het koud en reege, en schijnt de zon bijna niet. Waar is die mooie lente nou toch gebleefe had frouwtje al geroepe. Het lijke wel herruf! Ik sapte er ook al niets meer van en dach, we gaan agteruit inplaats van fooruit. De dikke winterpleet lag weer op de bank en op bed een warrume deeke.
Je kan aan het weer niks doen Belle zeg ze. De lente doe eefe in mekaar zakke, maar de zon komp eg waar weer gerug hoor. We gaan rigting zoomer straks en wie weet hoefeel keiheete daage we nog krijge Belle dat je denk, mag het wat minder alsjeblief?! Foorlopig hebbe we de furrwarming aan als het te koud is en foor de gezelligheid de lichies van de houtkachel.

Nou, ik hep met plesier de blog geschreefe op de nieuwe aaipet. Ik hoop dat het met jullie ferder allemaal goed is en jullie binne een warrume plek hebbe. Postief blijfe doen we altijd, en hoope we op het beste foor ons allemaal, en de zon !

Dikke knuf van,
Belle

Japie en die ene vraag: mislukking?

Een beetje regenbui kan ik prima hebben. Wel lekker zelfs. Maar een complete wolkbreuk is andere brok. Na een sprintje duik ik onder de dichtstbijzijnde struiken. Al trek ik mijn vacht strak om me heen ik kan niet voorkomen dat er een waterstraal tussen de bladeren door mijn nek in sijpelt. H
et is nog altijd beter dan in mum van tijd tot op bot doorweekt raken. De regen roffelt gestaag door. Dat geeft me tijd om dit nieuwe bosje waar ik niet eerder onder lag te onderzoeken. Het ruikt anders. En het voelt anders met twijgjes en blaadjes. Zouden teken hier van houden? Ik hoop van niet. Ik heb mijn buik – of beter gemiauwd mijn jas – vol van die naarlingen. Ieder licht moet ik er aan geloven, aan een inspectiebeurt door mijn mens.
We zijn de tel kwijt hoeveel van die bloeddorstige beestjes ze er dit jaar al uit heeft gehaald. Terwijl ik luister naar het ritme van de dikke druppels voelen m’n oogleden steeds zwaarder. Een dutje moet kunnen, ook onder werktijd. Ik maak het mezelf comfortabel. Het kan amper een hazenslaapje zijn geweest als ik wakker schrik van een piep. Het klinkt iel, maar is overduidelijk een piepje. Raar, ik weet zeker dat ik geen muizen heb geroken voor ik aan mijn dutje begon. En ik weet ook zeker dat ik gepiep hoor.
Dit vraagt om actie.

Piep

Ver hoef ik niet te zoeken. Het beest schuilt net als ik voor de stortbui en zit gewoon onder pootbereik. Hoe kan het dat ik die eerder over de kop heb gezien? Veel groter dan een muis. Met een beetje fantasie zelfs groter dan een GBK. Twee glanzende ogen nemen me belangstellend op.
‘Piep’, doet het weer.
Het ruikt naar iets dat ik niet thuis kan brengen. Ik steek mijn neus in zijn jas en snuffel diep. Pok voel ik op mijn kop. Echt zeer doet het niet maar om nu te miauwen dat het prettig is. Dan weer pok. Auw! Deze voelde ik wel. Wat nu?
Het bladerdek biedt niet genoeg beschutting. Langzaam raken Piep en ik doorweekt. Met een volle buik van een eerder maal ben ik in een goeie bui. Zal ik met m’n poot over mijn hart strijken? Ondanks de pijnlijke pok op mijn kop stel ik vriendelijk voor dat we Saame naar binnen gaan, waar het warm en droog is.
‘Piep’, piept Piep, wat ik opvat als een ja. Ik neem Piep in mijn bek en ren zo snel als ik kan door de slagregens. Vlak voor m’n kattenluik ga ik in de ankers. Met deze volle vaart zouden we allebei een hersenschudding oplopen en ik heb geen zin in nog meer koppijn. Rustig open ik het luik, zet Piep op de mat erachter en stap dan zelf naar binnen.
Terwijl ik uitdruip, rent Piep op hoge poten weg. Voor hij onder de keukenkast duikt, laat hij een flatsj vallen op de pas geboende vloer. Dat gaat Mo niet leuk vinden! Voor mij is de lol eraf. Ik ga slapen. En droom van het geheime project van Spotje. Want er is iets dat jullie nog niet weten.

Geheime missie

Na een zenuwslopend avontuur is Spotje katzijdank back on track. Met hartkloppingen en bevende poten volgde ik haar furmissing op Beestboek en in het postvak. Want ik had een innige mailwisseling met onze enthousiaste en bevlogen markatingmedewerkster.
Ik wist dat ik me geen zorgen moest maken, want vlak voor haar geheimzinnige verdwijning stuurde Spotje me nog een kattenbelletje. ‘Maak je niet ongerust, Japie, ik moet iets doen dat niet thuis kan!’ Toch stelde haar purrichtje me niet gerust. Het is niet zomaar iets als een medewerker van Muisbezorgd spoorloos verdwijnt. Mijn bissniss heeft het welzijn van alle teamleden hoog in het vaandel staan.
Een zucht van verlichting ging door het hele land toen Spotje na vijf lange dagen midden in de nacht blèrend op de stoep stond. Waar ze was geweest, wilde ze niemand miauwen. Behalve aan mij! Nu mogen we het eindelijk van de daken miauwen.
Spotje heeft in het geheim gewerkt aan een belangrijk project. Naast het ontwerpen van bedrijfskleding en kekke karretjes heeft ze een heus kantoorpand ingericht. Want, zo miauwde de creatieve duizendpoot, de CEO van Muisbezorgd kan niet zonder een eigen kamer. Met tromgeroffel mag ik em eindelijk aan jullie laten zien. Zitten jullie er klaar voor?!
Daar is tie dan: mijn eigen directeurskamer. Nu vraag ik me alleen af of ik zo’n purrachtige kamer wel waard ben na mijn blamage met Piep.

Koppie van Japie