
Lieve allemaal, vorige keer in de blog was er overal liefe. Het was faaletijn geweest maar het was toen ook kei mooi weer. Alsof de lente er al was. Dat was meega fijn. Nu heb ik een hele seeriejeuze blog over wat er gebeurd is, maar eerst even de updeets als mienister van gefoelige saake.
Woefbroer
Allereerst is er een kip gestolen! Pip en Dot zijn feilig. Het is een andere kip. Ooma had een kip gekocht om op te eete. Ze ging heel even weg en toen was de kip ook weg. Woefbroer Toby was op heterdaad betrapt op de bank met nog een stukje kip. De rest zit in zijn buik. Toby kreeg moppers en heeft twee daage buikpijn gehad. Zijn niertjes werken niet goed dus Toby mag geen vlees hebben. Hij heeft wel zijn meediesijnen op en nu voelt hij zich weer beter. Dus geen kippen meer in huis los. Ook geen supermarkt-kippen.
Toby heeft het vaker gedaan en ik denk niet dat hij zijn lesje leert. Een sterkte kopje voor alle buikpijn die je hebt gehad.
Goede kant
Nu een berichtje over Woezel. Het is even niet zo lekker gegaan met Woezel. Hij moest naar de witte jas voor kontroole en toen kwam het nieuws, mevrouw koroona is bij Woezel op bezoek geweest en heeft hem ziek gemaakt. Woezeltje kreeg het kei benauwd en hij had ook veel snotjes. Zijn ooge waren niet helder en hij wilde niet meer eten. Hij heeft antiebiejootieka en andere meediecijnen. Nu gaat het weer wat beter met hem. Hij eet weer en zijn ooge zijn ook weer helder. Hij is nog steed ziek maar het gaat de goede kant op. Heel veel beterschaps-neusjes en kopjes lieve Woezel. Hou je taai!
Dat waren de updeets van de mienister van gefoelige saake. Dan ga ik verder met de seeriejeuze blog van fandaag.
Storm Oenis
Toen mijn blog op de website van Bertje kwam, was er iets heel ergs gebeurd. Namelijk storm Oenis kwam eefe gedag zeggen. Ik wist niet eens dat stormen namen hebben. Maar dees storm was niet zo heel friendelijk. De weer meneer had al verteld over dees storm en
dat Oenis best sterk is. Ik was binnen toen Oenis langskwam. Van mijn Ooma en manspersoon mocht ik niet naar buiten. Oenis maakte keiveel herrie. Ik hoorde de deuren zoemen en kraken. En van buiten gebeurde er van alles maar ik durfde niet te kijken. Ook daar hoorde ik kraken en rammelen. Mijn Ooma stond voor de raam te kijken wat Oenis allemaal aan het doen was. Nou ik kan je mauwen dat het seeriejeus is. Mijn Ooma had traane in haar ooge en ze deed mijn vrouw bellen. Ik kon niet heel veel verstaan van het telefoontje want Ooma was best geschrokken van Oenis. Ze zei dat een huisje deed vliegen. Het was het metaale motorhuisje van mijn manspersoon die is gaan fliege naar twee deuren verder.
Niet veel later kwam mijn vrouw aan. Mijn manspersoon was in een ziekenhuis op bezoek dus die was niet thuis. Mijn vrouw en ik doen altijd kroelen als we elkaar zien, dat hoort zo. Alleen nu was ik verstopt omdat ik bang was van Oenis. Er kwam ook keiveel regen en die kletterde kei hard tegen de ramen. Daar was ik ook echt bang van. Mila was helemaal verstopt. Die vind dat ook eng. Mijn vrouw is naar mij gekomen. Ik was verstopt op mijn manspersoons kamer. Dat wist mijn vrouw al. Ooma had mij namelijk al eerder gezien.
Knuffels
Mijn vrouw kwam heel veel kusjes brengen en knuffels. Ik mauwde haar dat ik Oenis niet zo leuk vond en dat het best een herrie maakte. Mijn vrouw begreep dat meteen en ze zei tegen me dat alles nu goed is want we zijn nu saame. En dat is ook zo. Als we saame zijn dan kan je kei veel.
Eerlijk is eerlijk, ik vind dees kusjes en knuffels super fijn. Want dan weet ik dat ik feilig ben en warm en dat mijn vrouw mij niet alleen laat. Zij komt toch naar mij, Oenis of niet. Mijn vrouw is op haar sportschoenen kei snel komen rennen. Zij kan dat, ik niet. Ik ben gemaakt voor gefoelige saake, niet de sportsaake. Mijn vrouw, Ooma en ik hebben saame tv gekeken tot dat Oenis een beetje minder gek deed. Daarna is mijn vrouw terug naar haar huis gaan rennen, Ooma is naar bed gegaan en ik heb nog gewacht op mijn manspersoon. Die kwam met de auto van een ziekhuis. Toen hij thuis kwam moest ik ook meteen even haaibaaien en aandacht. Vooral knuffels want Oenis was echt kei eng! Ik ben de hele nacht bij mijn manspersoon geweest en saame hebben we geslapen. Warm, zonder Oenis. Die is weer weg. Dees wiekent is er geen Oenis en ik hoop dat iedereen feilig is. Ooma heeft heel veel schade in de tuin maar wij zijn allemaal feilig en gezond.
Dat is wat telt. Ik hoop dat jullie een fijn wiekent hebben. Dees wiekent is het karnaaval. Kei veel plezier en tot de volgende blog.
Als huiskater zijnde woon je natuurlijk in het hele huis, en het is dan ook stom vind ik dat ik niet op de berging mag komen dat is toch ook mijn huis? Maar het mag niet. Misschien is dat de allerfeiligste plek van mijn vrouw net zoals ik ook een allerfeiligste plek heb.
In jou hart
Maar jij foel wel jou weereld ferander. Jou naatuur is net zofeel onrustig als mense die heel feel binne heb geseete. En mij erfaring is, assie eruit moet dan moetie eruit. Maar jij fraag jou eigen wel af, heb mense nog wel fassoen? Heb zij nog wel respek foor elkaar? Selluf vin ik iedereen kan een foorbeeld neeme aan onse vriendje Kever. Hij krijg iedere dag besoek van Bolle ze zoon Mikkie en zij doe foorsichtig neusjes geefe. Dan ga jij niet ofer jou grens, jij heb respek foor elkaar. Selluf vin ik het mij mooie gedachte dattie alteit foorsichtig ben met elkaar. Jij hoef jou eigen nie op te dringe of jou footoo te stuure. Jij kan ook saame tettere of jij vang jou reegeworm foor elkaar. Jij kan saame sneks eete of jij eet jou sneks alleen. Assie allemaal weer naar buite mag hoef jij onse weereld nie te bestorme offie Eunies ben, daar wor niemand blij van in ze hart. Onse weereld moet ook wenne aan iedereen want assie elkaar lang nie heb gesien dan is wenne belangrijk. Jij hoef nie te blaase naar elkaar maar jij doe als Kever. Jij ben vriendeluk en jij geef jou foorsichtige neusje. Dan kan jij Saame opniew ondekke hoe jij ferder moet? Misschien durf onse lente ze eigen dan wel te laate zien en krijg onse weereld ze hart trug.
Katten zijn geweldige dieren. Ik zou zelf niks nadeligs over ze kunnen bedenken.



Hoi lieve poezen en mensenvriendjes. Frau en ik willen jullie heel erg miauw bedanken voor de mooie kaart die wij hebben gekregen. Dat vonden we heel erg fijn.
Frau zegt ik zet de bloemen in de MinKeef en ik doe de deur dicht. Nou van mijn ja! Je snapt dat ik foor de deur miauw mauw miehiejauw heb gedaan. Nou en dat kan ik best lang volhouden hoor. Tot Frau er gek van werd en toen deed ze de deur oope. Ik meteen naar de bloemen en de blaadjes toe rennen natuurlijk. Smikkel smakkel. En daarna weer puuge. Toen moest Frau lachen. Sukkel zei ze en iets oofer een ezel en een steen. Geen idee wat dat laatste is hoor. Ikke fond het fooral fijn dat Frau nog lachen kan in dees moeilijke tijd.
Ikke zorg dat ik de hele tijd bij haar in de buurt ben. Als ze zit ga ik op schoot of ik lig in het mandje ernaast. Wanneer ze naar de plaats met de kastjes en eete gaat dan loop ik met haar mee. Deed ik wel vaker want je weet maar nooit of je een snoepje krijgt. Maar nu doe ik het dus altijd. Ik geef haar dan kopjes tegen haar benen aan zodat ze weet dat ik bij haar ben. Ook als ze op de mensenbak gaat dan ga ik mee of ik ga voor de deur liggen. En als het donker is dan zorg ik dat ik saame met haar naar boven trippel zodat ze goed kan slaape. Als ze dan in de ochtend wakker wordt dan lig ik tegen haar aan. Soms ligt ze langer dan normaal op de groote mensenmand. Dan ga ik eefe aan haar ruiken of ik tik zachtjes met mijn pootje op haar wang. Met nageltjes in natuurlijk! Want anders doet het pijn. En dat zou niet lief van mij zijn. Ja, ik ben een hele goede mantelpoes al miauw ik het zelf.