
Nu het zulk mooi weer is ben ik de hele dag buiten in mijn tuin. Overdag is mijn tuin rustig.
Biesonder
Er zijn natuurlijk veel mieniekleine beestjes, zoals beien en fliegen en hommels. Die laat ik met rust. Ik vang ze niet, want ze doen mij ook niks. Soms zijn er flinders, die vind ik mooi. Ik kijk er graag naar, ik vind ze biesonder. Eén keer had ik bijna een supergrote liebelle gevangen, maar ik durfde het toch maar niet.
Af en toe loopt er een andere kat over mijn schuurtje, dan ga ik even kijken. En soms blijf ik dan op mijn schuurtje liggen, lekker in de zon.
Maar meestal lig ik in mijn mand of in het gras of op mijn stoel een beetje te dutten. Ik hoef toch nooit echt op te letten.
Snuffelen
Maar sinds een tijdje is er iets veranderd.
Als ik lig te soezen in het gras hoor ik ineens geritsel achter de struiken. Er loopt daar iemand!
Ik kom meteen in actie en ren naar de struiken toe. Snufsnufsnuf doe ik, en ik kruip voorzichtig dichterbij. En toch zie ik nooit wie daar loopt, hij is te snel.
Ik weet wel wie het is. Het is een rat, die onder de grond woont van mijn tuin.
Er is een hoekje waar allemaal potten voor planten staan, en daar zit een heel klein gaatje dat je onder de grond kan. Ik niet hoor, ik pas er niet eens met mijn hoofd doorheen. Maar die rat, die woont daar. Elke dag ga ik daar staan snuffelen en rommelen en spullen opzij schuiven, net zolang tot mijn vrouw zegt dat het wel goed is zo. Maar als het donker is ga ik daar toch altijd weer snuffelen, stiekum.
Knuffelen
Mijn vrouw heeft de rat een keer gezien. Hij zag er oud uit, met een staart met allemaal knikken erin. Hij zat eventjes op het terras en rende toen weg. De buurvrouw van de hond heeft hem ook gezien, presies dezelfde. Bij haar zat hij ook op het terras.
Dat komt omdat we in de buurt van een grote rivier wonen. En daar zwemmen ratten in het water. De stoep bij ons in de straat verzakt steeds, wegens die ratten.
Mijn mensen zeggen laat maar lekker zitten, zolang ze niet binnen komen. Je kunt er toch niks aan doen.
Mensen zijn vaak bang voor ratten, vertelde mijn vrouw me. Vroeger brachten ratten ziektes mee. Maar die ziektes bestaan nu niet meer, gelukkig maar. En als je een rat niet aanraakt is er niks aan de hand. En een rat valt je heus niet zomaar aan, als je hem gewoon met rust laat.
Misschien vind je dat ze er eng uitzien. Maar daar kunnen ze zelf niks aan doen, aan hoe ze eruit zien. Er zijn zelfs mensen die ratten in huis hebben, als huisdier. Dat zijn tamme ratten, zo heet dat. Het zijn hele slimme dieren en ze houden ook van knuffelen.
Slim
Ikzelf vind het superspannend dat die rat er is, eerlijk waar. Soms zit ik wel een uur bij de struiken op wacht. Ineens duik ik dan naar voren maar ik krijg hem niet te pakken. Het is een slimme rat, dat is wel duidelijk.
In het donker
Weet je wat ik nog leuker vind? Als het donker is. Dan loopt de rat rond door mijn tuin, hij denkt dat iedereen slaapt. Vorige week ben ik twee nachten buiten gebleven. Ik kwam steeds heel even snel binnen iets eten en hallo zeggen tegen mijn mensen. Daarna moest ik meteen weer naar buiten. Ik had geen tijd om te slapen, ik was op jacht.
Na die twee nachten was ik zo moe dat ik een hele dag heb geslapen op het grote bed. Ik was helemaal nok aut, zo druk had ik het gehad.
Niet omdat ik de hele tijd rondloop, dat niet. Ik zit vooral heel stil, ik zit op wacht. Als ik niet beweeg denkt de rat na een tijdje dat ik er niet meer ben. Dus ik zit superstil op mijn stoel of in mijn kartonnen doos. Daar heeft mijn man een footoo van gemaakt.
Het is me nog niet gelukt om de rat te vangen. Of nou ja, eigenlijk héb ik hem al eens gevangen. Dat zag mijn vrouw, dat ik hem ving. Ik hield hem even vast en liet hem toen los.
Weet je waarom? Het is maar een spelletje. Ik wilde hem alleen maar laten zien dat ik het kan. Ik heb binnen veel lekkerder eten staan dan zo’n ouwe taaie rat.
Bovendien is het een slimme rat, ik respekteer hem. Hij mij ook wel, denk ik. Hij is in ieder geval een beetje bang voor me.
Welkom
Ik doe de rat in mijn tuin dus niks. In mijn tuin is iedereen welkom, vind ik. Als je je maar netjes gedraagt.
Mijn mensen zeggen dat ze nog nooit een kat hebben gezien die zo zachtaardig is als ik ben.
Maar voor mij is het heel logies.
Stel je voor dat ik alle beestjes die in mijn tuin rondlopen op zou eten, dan is er straks niemand meer over. En als ik het enige dier ben in mijn tuin is daar niets aan.
Dan is er niemand meer met wie ik kan spelen.

ruikt bekend en veilig. Ik weet welke geur de bak heeft en hoe mijn eten ruikt en zo en Mila rook zo niet. Ze had een andere thuis geur. En toen gebeurde er iets met mij. Ik denk dat het oer was maar ik weet het niet zeker. Ik wilde dat ze naar ons ging ruiken dus ik ging haar poetsen. Man man man, wat was zij vies zeg. Overal zand en blaadjes bij haar pootjes. Dus ik ging ekstra mijn best doen want Mila moest van mij wel schoon zijn. Ze vond het niet erg dat ik haar deed poetsen en ze deed zelfs spinnen.
ze doet haar eigen poesen dingen. Ik mag haar niet meer wassen want ze vind het niet meer fijn. Ze mauwt dan dat ze al een grote poesedame is en dat het niet meer hoeft.
Het is nou lente en wegens de lente heb je nou overal kittens. In België ook. En daar zit een klup die heet KatZoektThuis en ze zorgen voor kittens. Ik vroeg om een interview maar ze gaven hele korte antwoorden.

brommerts, ik vin het gefaarluk. Katrien scheurde oferal naar toe, maakte haar niks uit. En ze ging ook zinge, iedere dag om fijf uur voor ze man assie moes gaan werreke. Dattie ze eigen nie zou ferslaape. Katrien wis feel van hoe jij moet leeve, zij had feel erfaring want ze was bijna achtien jaar. En zij had zo een mooi hart. Iedereen die mij hartjesdinnetje ken weet, Katrien was er altijd van ze eigen. Katrien was nie ferleege, zij liet ze eigen wel hoore.
Nu ben ik mij heele jaar ferder en mij ferdriet heb nu ze biesondere plekje in mij hart. Soms heb ik nog wel mij moeilukke daage, dattie foel jij kom nie in jou beweeging. Mij vrouw ken mij goed en zij geef mij eigen dan mij kieloo garnaaale. Dan kom jij weer tot jou selluf want jij kan saame met jou ferdriet garnaale eete. Assie genoeg garnaaale in jou buik heb kom jou kop weer in ze beweeging. Jij wil iets doen.