Ineens is het winter geworden, het was al een tijdje best kaud maar ik zat toch nog elke dag een paar keer op mijn stoel in mijn tuin, en fooral in de afond lag ik in mijn gras of bij de peertjesboom om alles in de gaaten te hauden, en natuurlijk om miin tuinvrienden Mikkie, Pokon en Juultje te zien.
Maar afgelopen week kwam ik buiten, ging op het terras zitten en dacht meteen Nee!, het was echt veel en veels te kaud, ik draaide me om, ging naar binnen, kroop in mijn mand bij de ferwarming en fiel weer in slaap.
Twalet
Ik heb het elke dag een paar keer geprobeerd in mijn tuin, en dat moet ook wel want daar is mijn twalet, ik heb wel een binnentwalet maar ik find buiten veel fijner, bofendien weet de hond naast mij daardoor dat het mijn tuin is en dat hij niet de hele tijd moet blaffen als hij mij hoort, niet dat hij zich daar al iets van aantrekt, maar op een dag misschien toch WEL.
Ik heb binnen twee heerlijk warme grote kersmusmanden, gekreegen van het mensenmeisje van Tjessi, Tjilla en Tjaiia, eentje staat onder het bed, met de vlinderdeeken van mijn Brammievlinderleeuw erbij, en de andere staat bij de ferwarming, dat is met die kau een prima plek om het boekje over Bert te leezen, en dat heb ik dus gedaan.
Leezen
En toen ik eenmaal begon met leezen bleef ik leezen, oferal waar ik was nam ik het boekje mee, kijk maar op de footoos, alleen niet naar buiten want dat mocht niet van mijn vrouw, maar ik las in mijn mand, op mijn krabkartonnen en tijdens het eeten, net zolang tot ik het uit had.
Het boekje is geschreefen door mevrouw Olliebert, of eigenlijk mevrouw Timolliebert, omdat het over Tim, Bertje en Ollie gaat, dat snapte ik al meteen want mijn vrouw noemt me soms per ongeloos Bolle, of Popje, of een andere naam van een kat die hier heeft gewoond vóór mij, ik ken ze allemaal want er hangen grote footoos aan de muur, en ik rook natuurlijk meteen toen ik hier binnen kwam dat er al katten vóór mij hadden gewoond, zoiets merk je als kat, en dat find ik ook helemaal prima, ik weet heel goed dat je sterren nooit kan fergeeten, dat doe ik ook niet, ze woonen in mijn hart.
Gefoelens
Ik kreeg heel veel gefoelens toen ik het boekje las want ik heb Bertje ook gekend, hij was zo een lieve en vriendelijke katerman, ik mocht meteen op zijn blog komen en letters maken toen ik hier kwam woonen, hij heeft me geleerd wat vriendschap is en hoe fijn dat is, maar hij wist eigenlijk alles wat er te weeten is op de hele weereld, dus ik snap heel goed dat zijn vrouw hem zo mist, want er is maar één Bert, en dat is Bert van Huiskater Bert.
In het boek leer je Bert kennen zoals hij was, en je leest dat zelfs Bert dingen moest leeren, dat had ik nooit ferwacht!, maar het mooiste van het boekje find ik dat dat je gaat begrijpen dat liefde het allerallerbelangrijkst is en dat liefde je leefen ferandert, je hart groeit ervan en het blijft zo groot, want liefde blijft altijd bestaan, liefde gaat nooit ferlooren, en dat is echt waar, dat heb ik zelf al gefoeld.
Ik geef het boek van Bertje fijf sterren!
*****
Natuurlijk tetter ik gewoon door voor vreede!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.
Informatie
Boek bestellen: klik hier en kijk
De afgelopen week vroeg mijn personeel zich af hoeveel een jonge katermans als ik eigenlijk kan slapen op een dag.
Seizoenen
Ik heb m’n personeel inmiddels geleerd dat ze, zodra ze uit bed komen, dan eerst de voordeur even opendoen om te zien of ik daar zit. En anders dan lopen ze gelijk door naar de achterdeur, dus ik hoef nooit lang te wachten om weer binnen te komen. En dat is, nu de nachten langerder en kouderder zijn geworden, best wel lekker.
‘Ollie, kom je bij me?’ vroeg mijn vrouw. Ik lag weer op mijn grote wollen witte deken, heerlijk warm, en helemaal foor mij. Daar lig ik nou steeds op en dat is elke afond en oferdag en soms ’s nachts slaap ik in de vensterbank.
Miauw lieve furriendjes, we zijn er weer met onze wekelijkse letters. Vandaag miauwen Frou Frou en ik Saame over de inwendige klok. Een belangrijk iets om het over te hebben nu het kouder wordt en het licht van de grote vuurbal furandert.
Frou Frou: “Routine is belangrijk zodat je weet waar je aan toe bent. Zo wil ik elke ochtend om 5.45 knuffels. Hoe krijg je dat voor elkaar, vragen jullie je zeker af. Nou, je ziet je mens bewegen en dan spring je met een kleine ‘MIEW’ op de grote mand. Mocht je mens daar niet wakker van worden dan helpt het meestal wel om heel hard ‘PRRR PRR PRRRR’ in het oor te doen. Als je tweevoeter nou nog te lang blijft liggen, kan je beginnen met haren wassen om te laten weten dat het ochtend-knuffel-tijd is. Tijdens het wassen kriebel je een beetje met je snorharen en kan je er snuffel- en ‘PRRR’-geluidjes bij gebruiken. Succes gegarandeerd! Alleen is mijn schema nu in de war en dat van Jajim ook want de tijden zijn omgehusseld. Hoe zit dat?”
Jajim: “Wij hebben allebei dus een inwendige klok en weten áltijd wanneer het etenstijd, oftewel brok-’o-clock is. Daarom is die zomer- en wintertijd zo furwarrend. Dan weet je niet meer wanneer bijvoorbeeld je mensenbroer thuis komt en hoe laat je schaaltje natvoer klaar staat. En Frou Frou’s mandjes-opschud-schema en knuffelrooster zijn door de war. Je bent zomaar een uur te vroeg of te laat. Mijn motto is chique op tijd, zeker als het om snacks en natvoer gaat”.
Hallo katermannen en kattenpoezen,
zonnestralen op de vensterbank, zachte dekens op koude dagen, en de stille taal van liefde die geen woorden nodig heeft.
Doerak