Jajim en Frou Frou: twee furschillende karakters

Miauw lieve lezers, we hebben weer een week met wat toestanden achter de poot. Niet purr se het soort avonturen waar we wat van begrijpen of over willen miauwen, dus we zijn aan het bedenken wat we nu kunnen furtellen. Door alle tumult in het gebouw de afgelopen dagen hebben we een kleine pootschrijversblock. Zullen we vandaag dan wat meer furtellen over onze karakters en hoe we van elkaar furschillen? We beginnen maar gewoon bij de zondagochtend.

PIEPje

Het is dus zondagochtend en ik til mijn koppie op bij het wakker worden, mijn snorharen nog een beetje gekreukt maar klaar voor de dag. Naast me hoor ik geritsel van de lakens, onze mensenbroer is zo te horen ook wakker. Mooi zo, want ik kijk op de klok en geef een miauw. Het is namelijk al lang 5 uur ‘s ochtends geweest en dat betekent etenstijd. Even richt ik mijn blik op Frou Frou maar die trekt zich niet zoveel aan van de klok. Wel van onze mensenbroer met zijn geritsel. Op de één of andere manier vindt ze dat veel interessanter dan een bakje vol krakend verse brokjes. Zoals bij bijna elk geluidje wat ons mens maakt, gaat haar koppie wel even over de rand van het mandje, purraat om bij hem op de grote mand te springen. Maar omdat hij de lakens weer mompelend over zijn hoofd trekt, over iets met ‘te vroeg’, bedenkt mijn zusje zich, geeft een goedkeurend PIEPje en begint eerst rustig met een wasbeurtje.

Wasbeurt

Frou Frou: “Zo begin ik mijn dag het aller liefste en de volgorde maakt me niet zo veel uit. Als onze mensenbroer nog half in dromenland is komt de wasbeurt eerst, en als hij al een keer overeind is gekomen kom ik er net op tijd bij in de grote mensenmand voor warme ochtendknuffels. Hoe het brokje ook kruimelt, het moet allebei gebeuren vinden, jullie ook niet? Als de mooie en furzorgde poezendame die ik ben, maak ik er een heel werkje van als ik mezelf was. Eerst lik ik mijn linkerpootje nat om furvolgens op mijn gemak achter mijn oren te wassen. Dan volgt de rechterpoot en daarna ga ik half rechtop zitten om mijn witte buikje nog witter te maken door haartje voor haartje mijn vacht schoon te poetsen. Op die manier begin ik heel relaxed aan de dag, met geen vachthaar furkeerd. En als onze mensenbroer al lang purraat is, draai ik het gewoon om en kom ik hem eerst helpen met zijn wasbeurt.”

Honger

Jajim: “Terwijl Frou Frou bezig is met haar ochtendroutine sta ik toch echt te trappelen om brokjes. Verse brokjes, want die van vannacht smaken me niet meer hoor. Onrustig loop ik heen en weer tussen voerbakje en mensenbroer en hij steekt een hand onder de lakens vandaan in een poging mijn staart een aai te geven. Maar omdat ik méér snak naar ontbijt, reageer ik afkeurend en maak een schijnbeweging naar zijn hand om duidelijk te maken hoevéél honger ik heb gekregen van die veel te lange nacht. Even moet ik me inhouden om geen hapje uit zijn hand te nemen maar ik doe het niet, ik weet wel beter. De hand die je voert, moet je te vriend houden, heb ik ooit eens van Willem furnomen.”

Donder

Jajim: “De laatste tijd gaat het, en terecht, veel over het weer. Waar het eerst opeens weer herfst was, werd het zomaar plotseling zomer met keiheet weer. Dat was even wennen maar die zon in mijn vacht voelt supurrr lekker warm en vredig, veel beter dan die dikke regendruppels die nu uit de hemel vallen. Geen haar op mijn kop die eraan denkt om nu een poot buiten de balkondeur te zetten hoor. Onze mensenbroer zegt trouwens dat mijn humeur net zo furranderlijk is als het weer. Ergens heeft ‘ie daar wel een punt, zonder een vers vleesje is het nou eenmaal moeilijker om te bedenken of ik een knuffelsessie nodig heb of toch liever wil spelen met de muis. Net zoals boven in de lucht, gaat het soms bij mij ook wel eens donderen, maar dan in mijn koppie. En daarna gaat de zon ook altijd weer schijnen, zo gaat dat bij mij.”

Zacht

Frou Frou: “En dat is nou het leuke van een duokat-huishouden. We zijn allebei poezendames en toch heel furschillend. Waar Jajim met haar hele lijf duidelijk kan maken hoe de staart staat, ken ik dat wispelturige, zoals onze mensenbroer dat noemt, niet. Voor mij mogen er altijd wel knuffels zijn, dag en nacht! Hoe meer hoe beter. Mijn staart staat altijd goed en er zijn maar een paar aaitjes voor nodig voor ik ‘PRRRR’ zeg. De enige keer dat ik ooit purr ongeluk uitschoot met mijn nagels, was toen onze mensenbroer weer eens in zijn hoofd had gehaald om te oefenen met optillen. Daar ben ik als angst-katje net iets te angstig voor, met vier pootjes aan de vloer voelt alles toch een stuk veiliger. Daar zijn de meeste furriendjes het vast miauwend over eens, toch? Na het krabben kreeg hij een heleboel kopjes hoor, dat met die nagels ging hartstikke purr ongeluk. Dat komt vanwege dat er heel veel liefde en zachtheid in mij zit, dat is gewoon mijn karakter.”

Nou zijn wij benieuwd hoe jullie karakter is en of de staart wel eens op onweer staat of dat het altijd knuffeltijd is?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem weet hoe we met de vakantieperiode moeten omgaan

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
Het is weer de dag met de maan erin en dan schrijf ik mijn verhaal. Ik ga jullie vertellen over de vakantieperiode die er aankomt, en hoe wij als katers en poesen daar mee om moeten gaan.

Schutting

Het was maandagmiddag en ik precies op de plek waar alle grote kattentechnieken worden besproken: Bovenop de schutting. Een eindje verderop zat Roover, mijn trouwe vriend en compagnon in alle kattenkwaad. Roover was niet altijd even slim, hij is soms zo druk en actief dat hij eerst springt en pas daarna nadenkt of er wel een landingsbaan is.
Roover, sprak ik met een zucht. Het is bijna zover. De grote leegte komt eraan. Roover stopte midden in een grondige poetsbeurt en keek mij met grote ogen aan. De grote leegte? Bedoel je dat dat het bakje met de brokken op zijn? Ik zei nog dat we die muis moesten bewaren voor noodgevallen!

Roover

Nee, dat is het niet het is erger zei ik. De vakantieperiode. De tweebenige gaan weer koffers inpakken. Dat betekent dat we straks worden opgezadeld met buurvrouw Truus. Truus Roover, het mens dat denkt dat één aai over onze bol per dag voldoende compensatie is voor het feit dat ze de brokjesautomaat niet snapt.
Roover miauwde: nee, niet Truus. Die geeft altijd light brokjes waar helemaal geen smaak aan zit. We moeten een plan maken, Bliksem. We moeten voorkomen dat ze weggaan.
Ik begreep het en knikte. Ik sprong van de schutting af en liep naar binnen waar de vijand in de slaapkamer klaarstond: de grote blauwe rolkoffer. Plan1: Ik ga gewoon met mijn hele lichaam in de koffer liggen. Als ik daar ga liggen kunnen ze hem niet inpakken. Ik ben immers onmisbaar. Roover keek toe hoe ik mij over de rand van de koffer rolde. Goed idee Bliksem. Maar wat als ze de koffer dichtritsen? Dan ga je mee naar Spanje en daar is geen fatsoenlijk brokje te bekennen.
Ik sprong gelijk uit de koffer. Goeie tip Roover. Plan 1 gaat niet door. Wat kunnen we nog meer doen? Roover sprong naar de koffer en begon aan het draaislot te krabben met zijn uitschuifbare mega nagels. Als ik het draaislot kapot maak kunnen ze de koffer niet openmaken en kunnen ze ook niet reizen. Goed plan zei ik, maar waarom gaan de tweebeners eigenlijk weg? Omdat ze rust willen. Nou die rust kunnen wij ze ook hier geven.

Het plan

Wij staken onze koppen bij elkaar en smeden het thuisblijf plan:
1. De wekker sabotage: Elke ochtend om 04.00 luidkeels miauwen alsof de wereld vergaat. Dan zijn de mensen overdag te moe om nog weg te gaan.
2. De paspoort gijzeling: Bliksem zou de paspoorten van de tweebeners onder de koelkast schuiven, vlak achter het verloren borsteltje waar werkelijk nooit iemand bij kon.
3. Het charme offensief: Continu op de schoot van de mensen liggen zodat ze fysiek niet kunnen opstaan om te vertrekken. Dat is gewoon zo, mensen staan niet op als een kat op hun schoot slaapt.

Tassen

Net toen we ons plan wilden bezegelen, ging de voordeur open. Mijn manmens kwam binnen met tassen vol van de dierenwinkel. Ik spitste mijn oren en Roover snoof de lucht. Kijk eens wat we hebben voor als we straks een weekje weg zijn zei mijn manmens tegen mij. Blikjes luxe tonijn paté, nieuw speelgoed en we hebben de leuke buurvrouw van een paar deuren verder gevraagd om op te passen. Je weet wel de buurvrouw waar je steeds lekkere snoepjes van krijgt.
Ik keek naar Roover en Roover keek naar mij. In één beweging liep ik naar de koelkast en tikte met mijn poot de paspoorten tevoorschijn en legde ze netjes in het midden van de kamer. Roover begon ondertussen luidruchtig te spinnen tegen mijn baasje.
Weet je zei ik, die vakantieperiode is eigenlijk zo slecht nog niet. Zolang Truus maar thuisblijft!
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Belle gaat gewoon uitblaaze

Dag liefe frientjes,

Het is weer mijn beurt een mooie blog te schrijfe. Moet eefe miaauwe dat ik alle blogge van mijn frientjes met plesier leese doe. Het zijn blogge met spannende afontuure, een traan, als er een frientje oofer de Reegeboog is gegaan of ziek is, maar ook vaak met een lach dat ik schuddebuike doe !

Eigenluk hep ik nog geen iedee wat ik zal schrijfe. Het is keiheet, maar daar hebbe al feel frientjes oofer geschreefe, wat moet ik nog toefoegen?
Frouwtje zeg Belle, je moet wel een begin gaan maake, anders komp er niks fan. Je kan het niet maake teege Ollie te zegge dat er deze keer niks fan komp omdat het te keiheet is. Je begin gewoon met je poote op de toetsjes van de aaipet te slaan Belle, dan koome er vanzelluf letters en zo maak je een begin.
Nou dat dee ik dus, maar het waren raare letters, ndjei€8@…. bzwoo….Kslspæebsrfeø 6&=%Dndnek,mvw…. ik kon het eg nie leese. Je doe mij foor de gek houwe frouwtje krijste ik. Het is om je eefe een zetje te geefe om die blog te schrijfe, zo kom je in aksie riep ze. En als je klaar ben krijg je een furrkoelende snek. Nou, jullie weete vast dat ik gek op eete ben, dus begonnen mij poote te tiepe om de blog te maake.

Heet

Keiheet is het he frientjes met soms een wat koelere dag en een plens water met boemies. Dit kan je geen foorjaar meer noemen het is nu zoomer. Je kan het ook zien zeg frouwtje als je naar buiten kijk, je zie andere bloeme nu en de boome worden steeds groener. Ik miaauw nu ook froeger om ontbijt en hoor steeds froeger de fooguls fluite. Zodra frouwtje in bed beweege doe zeg ik miaauw, goedemorgen, en meestal geef ik dan een lik oofer haar neus. Als het nog errug froeg is dan draait ze zich om en dat fin ik ook goed hoor. We hebbe hier een koekoeksklok, en ik weet presies hoefeel keer die rotfoogul uit die klok koekoekt en frouwtje dan opstaan doe.

Visjes

Ik hep sinds het keiheete zoomerspeeltjes. Frouwtje kwam met een groote doos van boofe uit de kast en zei, kijk Belle dat fin jij fast ook leuk. Het zijn nog zoomerspeeltjes fan Stokkie-Stefan en Oscar, zij waren oude oopakaaters, maar speele deeje ze nog wel. Frouwtje dee een teiltje met water vulle en ze liet daarin de visjes zwemmen. Geen egte hoor, maar visjes op batterij die dan gaan zwemmen. Nou, van water ben ik nie bang, want ik steek ook weleens mijn poote onder de waaterfontein. Dus ik zitte foor die teil met zwemmende visjes. Ik keek ernaar en opeens gaf ik een mep in het waater. Het visje schrok zich te pletter en hup ging het visje onder water.
En toen die weer boven water kwam kreeg hij nog een mep van mij. Ik dach, ik zal jou hebbe ! Ik fin het een leuk zomerspelletje ook omdat ik dan furrkoeling foel aan mij poote. Mij kop doe ik niet in het teiltje met visjes hoor, die stop ik onder de waterfontein als het mij te keiheet ga worden.

Frouwtje hep nog een zomerspeeltje door mij bedacht. Op een ochtend pakte ze een kuipje natvoer uit de kast. Ik dacht nog dat is lief ik krijg nog een keer ontbijt en ik liep met haar mee naar onze mieniekeuken. Nee Belle zei frouwtje, ik ga jou geen 2x ontbijt geefe, dat is niet de bedoeling. Ik ga een ijsje foor je maake, maar foordat je het krijg moet het een poosje in de friezer, anders is het geen ijsje. Nou, ze dee dus natvoer in een ijsblokkiesvorm en dat ging hup in het friesvak van de koelkast. Je krijg het fanmiddag als snek zei ze. Dan zeur ik ferder ook niet hoor en weet dan dat het gewoon komp als het friesvak oope ga. Ik ging gewoon wat snuffe op het balkon en lekker binnen foor de oope balkondeur een dutje doen.
Op een keiheete dag doe je gewoon niet zo veel he en ben je toch wat sloomer dan anders. Frouwtje ook hoor en doe ze af en toe languit ligge. Maar zij lig wel in de keiheete zon, nie langer dan een uurtje, ze zeg dat ze er teege kan. Ik niet hoor, ik doe het zo, ik lig met mijn bips in de zon en mijn kop in de schaduw. Dat is het beste foor mij. Ik wil wel graag dat mij hersens in mijn kop niet ooferfurrhit raake en ik hals oofer kop naar de dierendokter moet. Nee, ik doe mij liefer rustug houwe, zo blijf ik bij mij poosietieve.

Ijsje

Opeens ging de ijskast oope en grabbelde frouwtje in het friesvak. Kijk eens Belle, hier is je ijsje, slagroom moet je erbij denken, maar het is vast lekker en een furrfrissing op deze warrume dag.
Ze dee het ijsje uit de vorm haale en scheerde het zo oofer de vloer. Ik had geen puf om er achteraan te renne hoor, nee ik sjokte er achter aan. Het rook wel heel lekker en tikte er een paar keer met mijn poote op. Maar toen ik eraan begon te likke dee het ijsje iedere keer wegglije doen.
Frouwtje hep toen het ijsje in mijn etensbakkie gedaan. Ze zei, ik heb geen zin om met dat keiheete de hele vloer te gaan dweile foor dat kleefijsje. Dus ik likte het ijsje lekker op in mijn furrtrouwde voerbak. Het was heel lekker en echt een furrfrissing op een keiheete dag.

Jullie moeten het maar eens aan je frouwtjes of baasjes fraage of ze foor jullie ook een ijsje willen maake. Het is heel makkelijk, ik hep gezien hoe ze het dee. Je doe een ijsblokkiesvorm vulle met natvoer en een paar uur in de vriezer zetten. Je kan ook eerst een poosje met je ijsje speele over de vloer dat die lekker ga kleven en nat worden, maar je kan het ijsje natuurlijk ook gelijk oplikken uit een bakkie, en dan doe de vloer niet vies worden.
Ferder eet ik maatig met die warrume temperaturen. Maar frouwtje zeg dat is goed foor mij want ik ben nog steeds te dik. Ik zeg teege haar ik ben gewoon Belle en ik hep die groote maat gewoon nou eenmaal.

Afslanken

Toch is frouwtje aan het naadenke doen hoe ze mij kan afslanken. Ze wil niet dat ik de hele dag krijs om eete als ik minder krijg. We doen wel meer speele saame en dat ik moet renne achter een muis of balletje. Maar mijn buik doe nog niet afslanke, het moet tijd hebbe denke we. Met mij naar buite gaan om te wandelen in een tuigje durruf ze niet aan want benee aan weg weg is het errug druk.
Auto’s rije af en aan en toeteren, mensen fietsen en en rije scootertjes met keiharde dreunende muziek, eg gefaaluk is het hier. Soms moet er ook een ambulance koome met keiharde swaajende sireene als er iemand omfer is gereeje. Achter de flat is een groot grasfelt waar ik rustig met frouwtje buite zou kunnen wandelen. Maar frouwtje denk dat buite mij angstig maak en dat wil ze liefer nie. Op de gang loope doe ik nu ook nie.
Er is een nieuwe buurman schuin teegeoofer ons en die is al 3 maanden aan het furrbouwe. Er is dus herrie en er loope werrukmannen die harde stemmen hebbe en met de foordeur gooije. Ik hep in huis een fliegende foogul op batterij, maar met die gekkigheid moet frouwtje eg niet aankoome, ik kijk er niet eens naar. Dus waar ik nie mee speel breng ze naar de Dierenambulance in Den Haag foor het DierenhPspitaal waar ik zelluf hep gezeete.ik doe wel speele met de flinders op batterij die rond vliege. Daar mep ik met mij poote teege, maar of je daarfan afslanke doe? Ze heef nu een hengel met feere gemaak foor mij, dat fin ik wel leuk maar ze moet er niet iedere keer mee aankoome, ik wil ook mijn rust.

We krijge nu een weekie met laagere temperatuure en wat reege, en ik wil er oofer naadenke of ik het treeningsprogamma weer wat aktiever ga oppakke. Maar ik hep ook gezien op de Feesboek dat er frientjes onder ons zijn die ook een wat grootere maat hebbe hoor. Ik ben eg niet de eenige en iedereen is zoals die is/

Nou, ik ga eindigen want dan krijg ik mijn welfurrdiende snek, het furrkoellende ijsje ! We kunne folgende week allemaal eefe uitblaase fan de keiheete daage en bijkoome. Eefe gewoon weer terug van zoomer naar lente.

Ik doe iedereen het allerbeste wense, geniet fooral fan de kleine dingen en hep het goe !
Dikke knuf van Belle

Japie: de zomer is stom

De blog stond de afgelopen tijd al vol over de natuurelementen. Eerst de kou, de nattigheid en de warme platen die aan gingen, terwijl het volgens de kalender toch al lente zou moeten zijn.

Toen, van de een op de andere seconde, het was na de zonnedans van Bliksem en Roover, brak de zon door. En hoe?! Tijd voor het hitteprotocol. Ik vroeg me af of ik niet ook weer over het weer moest miauwen.
En toch ga ik het doen. Want ik vind er iets van. Niet zozeer van de warmte en de kou. Eerlijk gemiauwd kan het mij geen snorhaar schelen of de mussen als geroosterde éénhapjes van het dak glijden of dat storm en regen van mijn vacht een warboel maken. Het gaat om wat daarom heen speelt.

Vliegles

Het is een purrachtig zonnige dag. Mijn mens is vrij en zingt een bekend liedje. Over een mooie Pinksterdag. Daar waar ze de tekst niet weet, vult ze het naar eigen goeddunken in. Het klinkt voor geen meter, maar dat kan me niet deren, want ze is een zomaar een dag extra thuis en dat stemt haar vrolijk. En als zij blij is, ben ik ook blij. En als zij minder blij is, maak ik haar altijd blij. Vandaag is dat niet nodig. Alles lijkt purrrrfect.
Tot dat ene moment.
Oorverdovend geschreeuw! In mijn achtertuin! Daar waar tante Cato al het beste plekje heeft uitgezocht om een nieuwe tropische dag door te brengen.
Verschrikt rent ze naar binnen om te ontkomen aan een paar furieuze zwarte vogels die het op haar gemunt hebben. Bleek om haar snoet duikt ze onder de bank. Deze alarmfase zet ons mens op scherp. Omdat ik vermoed wat ons te wachten staat, piep ik er tussen uit. Onder de hortensia’s, waar de kauwen me niet kunnen zien, vind ik een kattastische schaduwplek. De aarde voelt weldadig koel tegen mijn buik. Hier hou ik het wel een poosje uit.
Niet ver bij mij vandaan hoor ik een piep. Een beetje zoals waar ik de vorige keer over miauwde en toch een beetje anders. Waar het toen een lieflijk piepje was, klinkt dit meer als een schreeuwerig piep. Ik tuur vanonder het dichtbegroeide bladerdek in de richting waar het geluid vandaan komt. Het is lastig iets te zien zonder me zelf te verraden. Als ik nou eens een piepklein stukkie opschuif. Krak doet een tak waar ik onderdoor sluip. Furdorie. Door dit geluid hebben de furies gelijk door waar ik zit.
En mijn mens ook.
Ze sommeert me om binnen te komen. Wat ik natuurlijk vertik. Niet nu het net een beetje leuk aan het worden is. ‘Jaapieh,’ klinkt het zangerig, ‘Japie. Heb je zin in wat lekkers?’ Ik hoor hoe in de keuken het metalen lipje van een blik omhoog getrokken wordt. Oei, dat klinkt best verleidelijk. Op dat zelfde moment zie ik vanuit mijn ooghoek de schreeuwlelijkerd zitten. Een heerlijk hapje als je het mij vraagt. Pluizig met zwarte kraaloogjes in een kop waar een veel te grote snavel op zit. Weer mijn mens die me aanmoedigt om wat te komen eten. Er staat vis op het menu. Het water loopt me in de bek. Vis is mijn favoriet. Zo te zien gaat Piep nog nergens heen. Ik kan best even snel heen en weer. Ik kom uit mijn schuilplaats en waag de gok. Fout!
Net als ik sta te genieten van een bak vol tonijn met sardientjes barricadeert zij mijn kattenluik. Het gaat hermetisch op slot. ‘Helaas voor jou, Japie,’ zegt ze, ‘die studie naar vliegbewegingen van babyvogels moet je vanachter het glas gaan doen.’ Onschuldig kijk ik haar aan. Dat ik mijn tanden al bijna in het fragiele nekkie had staan, hoeft zij niet te weten. Ze trapt er niet in. De rest van de dag lig ik binnenshuis te smoren. De temperatuur in mijn kamer is al snel hoger dan plat op mijn buik in de aarde. Pas in de avond hebben de kleintjes hun basisbrevet vliegen gehaald en mag ik het donker in.

Weg

De dagen erna blijven tropisch. Onder de struiken voor de deur is heerlijk toeven. Boven me hoor ik vogeltjes gezellig tsjilpen. Iets verderop liggen Stekels opgerold te ronken tussen knisperige blaadjes. In het perkje zoemen de bijen. Ze doen zich te goed aan de nectar van goudgele paardenbloemen en koolzaad, sneeuwwitte madeliefjes met donzige hartjes, paarse dovenetel en blauwe boshyacinten. De kleine kauwen lachen me uit nu ze vliegvlug zijn. Het leven is goed. Tot een busje met gierende banden stopt. Vijf oranje hesjes springen eruit. Met herriemakende machines maken ze een einde aan het net nog zo vredige tafereel, waar alles in harmonie was. Na twee uur grof geweld daalt een troosteloze stilte neer.
Weg is het concert van de merels, de mussen en de mezen.
Weg zijn mijn furrienden met stekels die hun schuilplek onder hun poten weggetrokken voelden worden.
Weg is het aanmoedigende geschreeuw van papa en mama kauw die hun kinders een vervolgopleiding vliegen gaven.
Weg is het eten voor de zoemers.
Ik voel hoe het hart van mijn mens huilt. Deze keer kan ik haar niet blij maken.

Koppie van Japie

Kever heeft een mening over streng zijn

Eigenlijk hoef ik het niet eens te schrijfen omdat iedereen het wel heeft gemerkt, maar zooo heee wat was het troopies ineens!, ik smolt weg in mijn tuin en in mijn huis, zo troopies was het, en ik fond het fantasties, van mij mag het wel altijd zo blijfen, het kan mij niet troopies genoeg zijn.

Buiten

De eerste keer dat ik buiten in mijn tuin was tijdens troopies weer (dat is al jaaaaaren geleeden hoor!) waren mijn mensen nerfeus, ze wisten niet hoe ik dat zau finden en of ik er wel goed tegen zau kunnen, omdat ik een hele dikke fagt heb en mijn lijf best rond is van postuur waren mijn mensen bang dat ik het veels te warm zau krijgen, of misschien wel ziek zau worden van het troopies.

Maar ik snapte meteen dat ik niet in de felle zon moest gaan liggen, ik kroop onder de planten en lag op de koele aarde, ik dronk veel meer waater dan ik anders doe, ik deed rustig aan, Net als altijd roept mijn vrouw, nau ja!!, en ik wachtte tot de zon weg was foordat ik op mijn stoelen en in mijn gras ging liggen, het was net alsof ik het altijd al zo had gedaan.

Maar het belangrijkste was dat ik het heeeeerlijk fond, en nog steeds find, ik HAU van troopies, ik foel me zo fijn als het warm is, ik ben de hele dag in mijn tuin en apsorbeer zoveel mogelijk zonnestraalen, net zolang tot ik helemaal warm en zacht en slap ben geworden, een echte gekookte Keverettie Spaagettie-sliert, een sliert die heel dringend knuffels noodig heeft.

Aaipet

Dat is meestal in de afond, want oferdag is mijn vrouw ook in mijn tuin, met de Aaipet, en kom ik steeds naar haar toe en krijg ik een aai, of soms een paar brokjes, maar kwa knuffels is dat toch te weinig, dus in de afond zet ik mijn toeter aan en ga naar binnen, en dan komt het ECHTE knuffelen, dus dat mijn mensen naast me op de grond liggen en liefe dingen zeggen en kusjes geefen en me kammen en aaien.

Tijdens dat knuffelen merkte mijn vrouw iets aan me, ze zei het tegen mijn man en hij dacht van niet, maar mijn vrouw wist het zeker, ik bemoeide me er niet mee want ik snapte niet presies waar het over ging, maar ineens stond het witte ding in de keuken, met lekkere brokjes er op, en die lust ik wel, dus ik ging er snel naar toe.

Mijn vrouw tilde me op en zette me bofenop het witte ding, en mijn mensen riepen allebei dat het niet te geloofen was, mijn man zei “Is er niet iets met hem aan de hand?, waarop mijn vrouw antwoordde dat het kwam doordat ik zo weinig at met het warme weer, en dat ze erg streng was geweest.

Ik at mijn lekkere brokjes, het waren er maar twee, en klom weer van dat witte ding af, en kreeg heeeeeel veel kompliementjes van mijn mensen, ik snapte niet presies waarom, maar ik kreeg nóg twee lekkere brokjes, dus ik was helemaal blij en ik ging snel weer naar mijn troopiese tuin toe.

***
Ik tetter heeeeeel hard voor vreede, zo hard als ik kan!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes, fandaag fooral mevrouw Kim.

Nawoord van mevrouw Kever:
Kever is sinds februari maar liefst 7 ons afgevallen.
We zijn heel trots op hem, en ook een beetje op onszelf 😉