Belle heeft een nieuwe aaipet

Dag Liefe frientjes,

Zo hé, zit ik me daar tog achter een mooie aaipet, spiksplinter nieuw, en met een lentegroene besgermhoes er omheen ! Ik ben er blij en dik tefreede mee en natuurlijk mijn frouwtje ook. Was eg waar geen doen hoor dat tiepe op de aaifoon, en gelukkig was dat maar foor eefe, en hep ik geen blog oofer hoeve te slaan. Maar dit gaat priema met die nieuwe aaipet, ik sweef zo met mijn poote oofer de toetsjes heen, het is een makkie!
Frouwtje heef diep in de portemonnee moeten duike zeg ze, het vakantiegeld wat nog nie eens binne is, is in 1 klap pats boem weg. Daar snap ik niks van hoor, maar ik begreep wel dat het errug is, want ze keek er zorrugeuk bij. Maar Belle zeg ze, we hebben weer een fijne aaipet die het goed doet en kenne we hiermee jaaren fooruit, de centen koome wel weer terug. De meneer van de telefoonwinkel was trouwens errug aardig geweest hoor. Hij had heel feel aaipets ingekocht zei hij, zodoende kon hij korting geefe en de lentegroene besgermhoes was gratis.

Centjes

Nu weete jullie dat frouwtje af en toe nog werruke doe en forrige week zei ze, Belle ik heb een opdracht foor werruk. Het is een opdracht foor een spesjaale dag en ik moet heel froeg beginne. Zo zie je, er komp altijd iets waardoor ik de centen van de aaipet weer terug kan furrdienen. Jullie weete misschien wel mij frouwtje doe fan beroep mensen aaien die ziek zijn, en mensen die swaar werruk doen, of de heele dag agter de compjoeter zitten en moe zijn. Die doet ze dus hellupe dat ze zich weer beeter gaan foelen en eenerzjie krijgen. Ik moe eerluk zegge dat ze heel goed kan aaien, want dat doet ze natuurlijk ook bij mij.
Ze ging furrtellen, Belle, 12 mei is een biezondere dag, het is internasjonaale dag fan de furrpleeging, zo heet dat. Jij werd ook furrpleegd door liefe mefrouws in het dierenhospitaal waar jij was toen je was aangereeje. Nou, ik ga van de week naar een huis waar ouwe mensen woone die liefdefol worden furrpleegd door liefe mensen, furrpleegsters dus. Zij doen heel hard werruke en op de dag van de furrpleeging worden de furrpleegsters ekstra in het zonnetje gezet, en door mij geaaid, en doe ik daarmee centen furrdienen. Ik doe eg nie alles snappe hoor wat ze zeg, maar aan de klank van haar stem hoor ik dat het dan goed is.

Wekker

Nou, die afond dee ze al foorbereidingen, ze dee een grote tas vullen en ging ze froeg douchen en zo. We gaan 2 wekkers zetten Belle, de ene met de opkomende zon en de andere op batterijen met die keiharde bel. We moete heeeeel froeg op en mooge ons niet furrslaape. Natuurlijk gingen we ook froeg slaape, het was zellufs nog een beetje licht. Maar weet je, als huispoes doe je gewoon mee.
Het was best nog wel donker en opeens ging wekker 1 met die keiharde bel. Die had ik nog nooit gehoord, want normaal gebruik ze die niet. Ik floog eg waar een meeter de lugt in, zo errug shrok ik. En als rejaakzie mepte ik een paar keer met mijn poote keihard terug op de wekker.
Frouwtje werd wakker en moest lachen, Belle wat doe je ? Ik dacht nou wor ik ook nog uitgelache als ik zo schrikken doe. Maar ik kreeg een aai en drukte ze het knopje van de wekker in, en toen was het stil. Toen ging die andere wekker, maar die is gelukkig rustug. Je hoort dan zagies fooguls fluiten en geluiden van een bos met een meer. En als je dan goed kijke doe, zie je langzaam de zon opkoome. Maar frouwtje stond al naast haar bed en ik ook. Ze dee gauw een kattewas en aakleeje en ik kreeg natuurlijk froeg ontbijt. Ik kreeg nog een eksta bakkie brokkies en toen zei ze, liefe Belle ik ga naar benee, ik moet om kwart oofer 6 in de auwtoo zitten, ik hep froege dienst.

Slaape

Een aai en dag dag Belle, daar ging ze dan. En wat dee ik, ik ging weer lekker terug naar bed en dach ik ga lang uitslaape. Het was een hektiese ochtend met die keiharde wekker en zo, en moes ik er fan bijkoome. Ben de dag goe doorgekoome hoor. Een stukkie ferderop in het winkelcentrum zijn werrukmannen aan het furrbouwen. Ze maake herrie en rije met kruiwaagens naar grote konteeners. Gelukkig is de herrie ferderweg en hep ik geen last van. Zo hebbie altijd wel wat te zien als je hoog woone doe en er gebeurd altijd wel iets.

Aai

Flak foor eetenstijd hoorde ik foetstappen in de gang en de sleutel in het slot. Daar was frouwtje weer. Ze had een drukke maar leuke dag gehad en de furrpleegsters waren blij dat ze allemaal een aai hadden gehad. Ik kreeg ook een aai en mijn afondeete en plofte frouwtje in de bank. Ze had zelluf nog een prakkie van gisteren zei ze en deeje haar ooge dicht valle.
Toen ze wakker werd zei ze Belle, wat is het toch koud he, we gaan de furrwarming eefe aan doen hoor. Ik had zelluf ook al gemerkt, de laatste daage is het koud en reege, en schijnt de zon bijna niet. Waar is die mooie lente nou toch gebleefe had frouwtje al geroepe. Het lijke wel herruf! Ik sapte er ook al niets meer van en dach, we gaan agteruit inplaats van fooruit. De dikke winterpleet lag weer op de bank en op bed een warrume deeke.
Je kan aan het weer niks doen Belle zeg ze. De lente doe eefe in mekaar zakke, maar de zon komp eg waar weer gerug hoor. We gaan rigting zoomer straks en wie weet hoefeel keiheete daage we nog krijge Belle dat je denk, mag het wat minder alsjeblief?! Foorlopig hebbe we de furrwarming aan als het te koud is en foor de gezelligheid de lichies van de houtkachel.

Nou, ik hep met plesier de blog geschreefe op de nieuwe aaipet. Ik hoop dat het met jullie ferder allemaal goed is en jullie binne een warrume plek hebbe. Postief blijfe doen we altijd, en hoope we op het beste foor ons allemaal, en de zon !

Dikke knuf van,
Belle

Japie en die ene vraag: mislukking?

Een beetje regenbui kan ik prima hebben. Wel lekker zelfs. Maar een complete wolkbreuk is andere brok. Na een sprintje duik ik onder de dichtstbijzijnde struiken. Al trek ik mijn vacht strak om me heen ik kan niet voorkomen dat er een waterstraal tussen de bladeren door mijn nek in sijpelt. H
et is nog altijd beter dan in mum van tijd tot op bot doorweekt raken. De regen roffelt gestaag door. Dat geeft me tijd om dit nieuwe bosje waar ik niet eerder onder lag te onderzoeken. Het ruikt anders. En het voelt anders met twijgjes en blaadjes. Zouden teken hier van houden? Ik hoop van niet. Ik heb mijn buik – of beter gemiauwd mijn jas – vol van die naarlingen. Ieder licht moet ik er aan geloven, aan een inspectiebeurt door mijn mens.
We zijn de tel kwijt hoeveel van die bloeddorstige beestjes ze er dit jaar al uit heeft gehaald. Terwijl ik luister naar het ritme van de dikke druppels voelen m’n oogleden steeds zwaarder. Een dutje moet kunnen, ook onder werktijd. Ik maak het mezelf comfortabel. Het kan amper een hazenslaapje zijn geweest als ik wakker schrik van een piep. Het klinkt iel, maar is overduidelijk een piepje. Raar, ik weet zeker dat ik geen muizen heb geroken voor ik aan mijn dutje begon. En ik weet ook zeker dat ik gepiep hoor.
Dit vraagt om actie.

Piep

Ver hoef ik niet te zoeken. Het beest schuilt net als ik voor de stortbui en zit gewoon onder pootbereik. Hoe kan het dat ik die eerder over de kop heb gezien? Veel groter dan een muis. Met een beetje fantasie zelfs groter dan een GBK. Twee glanzende ogen nemen me belangstellend op.
‘Piep’, doet het weer.
Het ruikt naar iets dat ik niet thuis kan brengen. Ik steek mijn neus in zijn jas en snuffel diep. Pok voel ik op mijn kop. Echt zeer doet het niet maar om nu te miauwen dat het prettig is. Dan weer pok. Auw! Deze voelde ik wel. Wat nu?
Het bladerdek biedt niet genoeg beschutting. Langzaam raken Piep en ik doorweekt. Met een volle buik van een eerder maal ben ik in een goeie bui. Zal ik met m’n poot over mijn hart strijken? Ondanks de pijnlijke pok op mijn kop stel ik vriendelijk voor dat we Saame naar binnen gaan, waar het warm en droog is.
‘Piep’, piept Piep, wat ik opvat als een ja. Ik neem Piep in mijn bek en ren zo snel als ik kan door de slagregens. Vlak voor m’n kattenluik ga ik in de ankers. Met deze volle vaart zouden we allebei een hersenschudding oplopen en ik heb geen zin in nog meer koppijn. Rustig open ik het luik, zet Piep op de mat erachter en stap dan zelf naar binnen.
Terwijl ik uitdruip, rent Piep op hoge poten weg. Voor hij onder de keukenkast duikt, laat hij een flatsj vallen op de pas geboende vloer. Dat gaat Mo niet leuk vinden! Voor mij is de lol eraf. Ik ga slapen. En droom van het geheime project van Spotje. Want er is iets dat jullie nog niet weten.

Geheime missie

Na een zenuwslopend avontuur is Spotje katzijdank back on track. Met hartkloppingen en bevende poten volgde ik haar furmissing op Beestboek en in het postvak. Want ik had een innige mailwisseling met onze enthousiaste en bevlogen markatingmedewerkster.
Ik wist dat ik me geen zorgen moest maken, want vlak voor haar geheimzinnige verdwijning stuurde Spotje me nog een kattenbelletje. ‘Maak je niet ongerust, Japie, ik moet iets doen dat niet thuis kan!’ Toch stelde haar purrichtje me niet gerust. Het is niet zomaar iets als een medewerker van Muisbezorgd spoorloos verdwijnt. Mijn bissniss heeft het welzijn van alle teamleden hoog in het vaandel staan.
Een zucht van verlichting ging door het hele land toen Spotje na vijf lange dagen midden in de nacht blèrend op de stoep stond. Waar ze was geweest, wilde ze niemand miauwen. Behalve aan mij! Nu mogen we het eindelijk van de daken miauwen.
Spotje heeft in het geheim gewerkt aan een belangrijk project. Naast het ontwerpen van bedrijfskleding en kekke karretjes heeft ze een heus kantoorpand ingericht. Want, zo miauwde de creatieve duizendpoot, de CEO van Muisbezorgd kan niet zonder een eigen kamer. Met tromgeroffel mag ik em eindelijk aan jullie laten zien. Zitten jullie er klaar voor?!
Daar is tie dan: mijn eigen directeurskamer. Nu vraag ik me alleen af of ik zo’n purrachtige kamer wel waard ben na mijn blamage met Piep.

Koppie van Japie

Kever heeft een mening over fijn krabben

Buiten speel ik het liefste in mijn upje, dat is omdat ik zelf presies weet hoe alles hoort te gaan, het luistert allemaal heel nouw en als mijn mensen zich er mee bemoeien raak ik in de war, mijn spel gaat zo: ik krab eerst aan mijn eene stoel en klim dan naar de andere, daar krab ik ook aan, daarna spring ik op de grond en ren naar mijn gras dat flakbij is, daar ren ik rondjes en als laatste laat ik me fallen en schop tegen het gras en krab er aan zodat de aarde in het rond fliegt, het is een keigaaf spel en ik speel het al zolang ik in mijn tuin kom, het ferfeelt nooit.

Muisjes

Binnen speelde ik soms daagenlang niet, maar nu speel ik elke dag, wel drie of fier of fijf keeren op een dag!, één spel is dat ik aan de bank ga hangen met mijn naagels, ik slaa mijn naagels zo hoog als ik kan in de stof, ik weet dat mijn mensen gaan zeggen Kee-ee-eef…, dus ik sta al klaar om weg te rennen, ik ben echt raazend snel, mijn mensen gooien muisjes door de lucht en die fang ik, ik ren door het hele huis.

Ik kan ook aan de zijkant van de bank krabben, dan pakken mijn mensen de feer, die ferstopt zich onder een tasje dat spesjaal voor mij is, het is net zo een tasje als waar Bolle graag mee speelde, en ik snap helemaal waarom, je kan het tasje bijten of er tegen schoppen, het is echt heel spannend!

Banaan

En dan heb ik NOG een nieuw spel, het is met mijn ketnip-banaan, die heb ik al een hele tijd maar ik fond er niks aan, ik had al een ketnip-fis en een ketnip-aarbei, daar speelde ik wel mee, maar die banaan… nee.

De banaan lag hoog in de boekenkast omdat Pokon hem anders pakt en helemaal nat gaat zitten sabbelen, jakkie wie doet nau zoiets?!, ik niet in ieder gefal, en ik wil ook liefer ook niet dat Pokon dat doet, dus fandaar dat de banaan altijd maar lag te slaapen, daar hoog in de boekenkast, maar nau speel ik elke dag met die banaan!, ik bijt hem, ik trap er tegenaan en ik gooi hem door de kamer, net zolang tot ik moe ben, en dan ga ik liggen, met mijn hoofd op de banaan.

Inspieraatsie

Het komt allemaal door die nieuwe bank en de nieuwe floerbedekking, die krabben zooo fijn dat ik heel veel inspieraatsie krijg om te speelen, ik heb al flokken uit de floerbedekking getrokken, dat was bij de forige veel moeilijker, je zag het bijna niet maar bij deze wel, dat is natuurlijk veel leuker, de nieuwe bank krabt als de beste, en weeten jullie wat zo grappig is?, als ik aan de bank krab of aan de floerbedekking staan mijn mensen meteen klaar om met mij te speelen, en als dat niet zo is krab ik gewoon nog een keer, RITS RATS en ja hoor – het werkt altijd.

Mijn vrouw zegt wel eens Ik zei het toch?! tegen mijn man, zij wilde geen nieuwe bank omdat ik die kapoo zau maken, maar dat zau ik dus echt nooit doen, zo ben ik niet.

***

Ik tetter voor vreede, wanneer luisteren mensen nau eens???
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.

Joep mist het voorjaar

Ik weet het even niet meer. Dagenlang heb ik genoten van de zon op m’n vacht, waardoor ik dacht dat ik m’n winterjas al wel kon verspreiden over m’n diverse kleedjes en kussentjes in huis, het grote bed, de bank en de stoelen en niet te vergeten m’n favoriete plekje, de schone en bij voorkeur donkere was van m’n personeel. Want het waren een paar heerlijke warme dagen, dus het werd tijd voor m’n zomerjas. Dacht ik.

Maar de afgelopen week had ik daar best wel een beetje spijt van. Buiten woeide een koude wind, het regende en de zon was lang niet meer zo lekker warm als de dagen ervoor, en zelfs de nachten waren frisserig nu ik het grootste deel van m’n wintervacht al losgelaten heb.

Warm

Dus de hele afgelopen week heb ik vaker binnen in de vensterbank gelegen boven dat lekkere warme ribbelding. Want ook m’n personeel vond het zó koud dat ze de kachel weer hadden aangezet. Zij hadden zelfs de versgewassen sjaals weer uit de kast gehaald om te dragen maar ik heb helemaal geen sjaal. En ik vertik het om een wollen jasje met een hoge kraag te vragen, wat als stoere katermans draag ik natuurlijk alleen maar haren. Maar ja, die had ik in mijn blijdschap dat het voorjaar er aan leek te komen al verspreid door m’n huis.
Dus ik vond het eerlijk gemauwd toch wel lekker toen ik op een ochtend deze week best wel wat verkleumd op het nog warme grote bed ging liggen na m’n ontbijt, en Senior het dek over me heen legde. Daar heb ik heerlijk een paar uur onder liggen slapen, en ik snap nou ook waarom m’n personeel dat ‘s nachts altijd over zich heen trekt want ‘t ligt lekker warm.

Ontbijt

Toch ben ik deze week ook wel buiten geweest, want de nachtelijke straatcontroles moesten toch gedaan worden. Ik had vroege diensten, dus ik hoefde pas om drie uur ‘s nachts te beginnen. Dat kwam mooi uit omdat rond die tijd een van m’n personeelsleden meestal wel opstaat om naar hun eigen bak te gaan, hoewel ik ze toch ook een paar keer wakker heb moeten maken om op tijd aan ‘t werk te kunnen.
Ik liep dan zachtjes mauwend over Senior heen en liet Junior slapen, want die moest er twee uur later alweer uit om brokjes te gaan verdienen terwijl Senior pas later hoefde op te staan. Ik kien dat altijd purrrcies uit, want na m’n straatcontrole wacht ik dan in m’n tuin tot Junior het licht in de woonkamer aan doet om haar spullen te pakken en dan spring ik op de tuintafel zodat ze weet dat ik naar binnen wil.
Terwijl ik dan wacht tot de tuindeur open gaat scherp ik m’n stiletto’s alvast voor op de kokosmat bij de tuindeur, voordat ik binnen aan m’n vaste ochtendritueel begin. En als ik daarmee dan klaar ben staat m’n ontbijt al klaar.

Gelei

En over ontbijt gemauwd, m’n personeel heeft m’n voorraadkast weer helemaal bijgevuld met eten dat ze over de grens gejaagd hebben en daar ben ik niet altijd even enthousiast over. Ze dachten me een plezier te doen met wat andere merken en smaken natvoer omdat ik intussen wel een beetje uitgekeken ben geraakt op wat altijd m’n favorieten waren, dus ik ben nu weer even proefkater.
Maar mauw nou zelf, wat moet een stoere katermans met vlees waar worteltjes doorheen zitten? Of asperge, of pompoen? Of nog erger, zeewier? O, ik heb het geprobeerd hoor, maar na een paar hapjes ging ik dan toch liever verder met de knapperige brokjes waar ik al drie jaar dol op ben. En m’n personeel snapt de hint en noteert netjes wat ze kunnen laten lopen wanneer ze weer ‘s voor me op jacht willen. Zo weten ze al dat ik niks met garnalen, mosselen of kabeljauw eet, terwijl zalm en tonijn er altijd wel ingaan. En lever of hart ben ik ook geen liefhebber van, maar kip en rund en konijn en eend en wild zwijn lust ik ook best. Zelfs als ze kangoeroe of eland voor m’n neus zetten eet ik dat op, als ik daar dan toevallig trek in heb.
Zolang m’n eten maar niet in van die glibberige gelei zit. Want dan neem ik gewoon lekker m’n brokjes voor ontbijt of diner, omdat ik toch echt geen moeilijke eter ben.

Zomer

Maar goed, even terug naar het voorjaar. Of eigenlijk, het ontbreken daarvan. Want buiten is nu alles weer lekker groen na alle regen van de afgelopen week, en ik zie alweer allerlei kleine beestjes door de tuin wandelen en vliegen. Maar het is er deze week niet van gekomen om lekker languit in m’n tuin te zonnen. Zelfs de muizen in het weiland komen niet eens hun holletjes uit, dus daar was ook niks te beleven. De potten pindakaas blijven onaangeroerd staan, omdat het wel weer herfst leek. Dus ik hoef dit weekend nog geen enkele pot te vervangen.
Daarom denk ik dat ik maar lekker binnen boven dat ribbelding blijf dutten de komende dagen. Afwachten wat ik ‘s morgens en ‘s avonds in m’n etensbak vind. En korte straatcontroles doen, want ik vind er buiten even niks aan. Ik wil voorjaar, zon, warmte op m’n zomerjas. Lekker buiten in de tuinstoel kunnen liggen, achter de muizen aanjagen of lui op m’n catwalk kunnen hangen. Samen met Senior in de tuin werken en zonder kouwe poten weer binnenkomen na een nachtje stappen met de buurtkatten.
Misschien wordt dit jaar de lente wel gewoon overgeslagen en staat ineens de zomer voor de deur. En dan zit er nu even niks anders op dan geduldig te wachten tot het eindelijk zo ver is.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Waarom duurt het zo lang met de reenovazie

Op Feesboek krijg ik steeds meer de fraag wanneer de reenovazie af is en ik weet het niet, weeges niemand weet het.
Mijn vrouw ook niet.

We waren naar de flet om daar rustig te zijn en geen herrie te hebben. Toen kwamen we terug en de reenovazie was in huis maar een beetje gedaan. Nieuwe ramen in de keuken en in de huiskamer ferders niks. Maar we waren weer thuis en we gingen wennen.
Maar wennen is moeilijk als je steeds herrie in de straat hebt.
Er kwamen mannen. Soms feel met harde stemmen. Soms weinig en dan kon ik wel in de fensterbank maar zoiets blijft gefaarlijk in mijn kop. En soms was het opeens stil dan had ik helemaal geen fertrouwen want dan is het juist griezelig dat er alles kan gebeuren.

“Het gaat niet goed met jou, Ollie,” zei mijn vrouw en ze keek droefig. Weeges ik heb nou meer spanningen omdat er elke dag iets met de straat is en dus ook met mij. Spanning is dat ik anders ben, opeens wil ik geen aaien meer of juist wel of ik wil spelen of ik weet het eefe niet.
Soms kan ik in de fensterbank en dan weer niet.
Ik ben dus mijn zekerheid kwijt fan hoe is het hoe gaat de dag en wat gebeurt er.
Straks krijg ik andere druppels die helpen me bij mijn gefoel maar dat is pas folgende week.

Mijn achtergrond is moeilijk daar komt het door, dat ik eerst op straat moest leefe en toen kwam ik in het asiel en daar werd ik gepest en niemand wist dat ik allergies was, alleen toen ik hier kwam werd alles beter. Ik kreeg saai eete dus daar had ik mijn rust in.
En ik snapte het is hier rustig en elke dag hetzelfde. Daar had ik ook mijn rust in.
Dat is nou anders daar ben ik eerlijk ofer.
Mijn vrouw zegt fan we komen er saame doorheen Ollie en dat is misschien waar ik hoop het, weeges ik wil mijn leefe terug.