Jajim en Frou Frou: lente in de winter

Miauw lieve lezers, het is weer tijd voor onze wekelijkse letters. We gaan vandaag miauwen over de afgelopen dagen toen het wel lente leek. Eén van die dagen begon met een avontuur en Jajim gaat het furtellen.

Op een ochtend werden we redelijk laat wakker. Het was weekend en dan slapen we Saame met onze mensenbroer uit. Zachtjes hoorden we ergens vanuit een boom vogeltjes fluiten, dat geluid was alweer een tijd geleden, bedacht ik me, nog half in slaap. Ook de zon was al wakker toen wij pas net aan de dag begonnen. Ik keek onze mensenbroer aan met een vragende blik en hij zei ‘de kortste dag van het jaar is alweer geweest Jajim, we krijgen weer meer zon’. Ik dacht bij mezelf zo van dat het wel lente leek en kreeg kriebels. Jachtkriebels.

Vlieg

Frou Frou en ik hoorden de vogeltjes roepen en we gingen er Saame naar kekkeren, ‘EKEKEK!’, dat betekent ‘kom maar met ons spelen’. Dat spelletje hielden we een hele poos vol en bovendien was het hartstikke gezellig zo in de vensterbank. Het was zelfs een beetje warm door de stralende zon op onze vacht. En toen gebeurde er iets! Er kwam opeens een vlieg, en niet zomaar eentje. Het was zo’n flinke, zo een die geluid maakt. Hij kwam dichter- en dichter- en dichterbij en toen.. ‘POK’, sloeg ik met mijn poot. Net mis. Zo ging het spel nog een tijdje door. De vlieg besloot naar de andere kant van de kamer te gaan en ik ging HUP via de salontafel achter hem aan. Het boek wat daar net nog had gelegen vloog met een spectaculaire klap tegen de radiator aan. Tijd om daar aandacht aan te besteden was er niet. Er volgde een kat-en-vlieg spel wat wel een eeuwigheid leek te duren.
Frou Frou had zich net in een krulletje gedraaid bovenop de krabton om verder te slapen in de lenteachtige winterzon, maar hief haar koppie op om te zien waar al dat kabaal vandaan kwam. Meteen was mijn zusje wakker. ‘Zal ik helpen?’ miauwde ze. Nog voor ik kon antwoorden, tikte ze met twee pootjes tegelijk op de plek waar de vlieg zat, boven bij het raam. Ze trippelde achter hem aan via het glas waar hij tegenaan danste maar het mocht niet baten, de vlieg was ons allebei te snel af. De balkondeur stond op een kier en vlieg wist opeens een uitweg. ‘Bzzz’ en weg was ‘ie.

Lentedag binnen

Hoe we verder zijn gegaan met de lentedag? Die was heel gewoon en rustig na het avontuur met de vlieg. Onze mensenbroer beloonde ons voor het harde werk met felix snoepjes, we hebben achter het glas in de zon liggen relaxen, ons balkon was nog net iets te koud. Het raam stond open voor de frisse bijna-lentegeur en we droomden Saame over vogeltjes die tikkertje kwamen spelen op het balkon. En over Willem die lag te soezen onder zijn frambozenstruik.
‘Nog maar heel even’ zei onze mensenbroer zachtjes ‘en dan is het elke dag lente.’

Wij hopen dat al onze furriendjes ook leuke winter-lentedagen hebben gehad en het duurt dus nog maar heel even tot het echt zover is en dan is het ook nog warm!

Zachte kopjes,

Jajim en Frou Frou

🐾 Bliksem en de verdwenen maathouder

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen,
In het huis in Doetinchem, waar de zon ’s ochtends altijd net iets te vroeg naar binnen keek, lag ik met mijn zacht zwarte vacht heerlijk op de vensterbank. Mijn maag gedroeg zich als een bodemloze put.
Overdag ben ik voornamelijk vooral bezig met één ding: eten. Brokjes, snacks, kruimels die misschien op de grond waren gevallen. Ik heb het talent om alles te vinden. Zelfs dingen die er niet lagen, daar kon ik dan wel naar zoeken voor de zekerheid.

Meester-slapert

Maar in de avond gebeurt er altijd iets merkwaardigs. Zodra de schemering invalt verander ik ineens in een meester-slapert. Ik vind dan mijn favoriete deken, draai een keer rond, alsof ik een perfecte spiraal wil worden, en floep….in slaap. En niet zomaar slapen, diepe dromerige, bijna mystieke slaap die uren kan duren. Vroeger duurde het soms zo lang dat Doerak even kwam checken of ik nog wel ademde.
Mijn mensen vinden mij heel lief, maar soms ook een beetje…tsja onhandig. Vooral als het ging om eten. Want ik kan soms gewoon geen maat houden. Helemaal geen. Mijn interne maathouder, het stemmetje dat tegen je zegt dat je genoeg hebt gehad…..leek bij mij soms volledig verdwenen.
En toen kwamen mijn mensen met een plan.

Snack

Toen ik na een intensieve dag van zes dutjes en drie extra snackrondes eindelijk in de avond in slaap was gevallen, sloop mijn man mens naar mij toe.
“Bliksem” fluisterde hij zachtjes in mijn oor, ik denk dat jouw maathouder is zoekgeraakt. Ik opende slaperig mijn ogen. Maathouder? Wat is dat…een snack? Nee zuchtte mijn man mens. Het is een ding in je hoofd dat zegt: Ho, stop! Genoeg gegeten. Jij hebt die. Alleen hij is waarschijnlijk met pensioen gegaan. Ik knipperde twee keer met mijn ogen, geeuwde zo wijd dat mijn man mens bang was erin gezogen te worden, en mompelde: Kan ik een nieuwe bestellen? Mijn man mens glimlachte. Misschien hoeven we geen nieuwe te bestellen. Misschien vinden we de oude gewoon terug.

Zoektocht

En zo begon het avontuur. De zoektocht. ’s Nachts, wanneer ik normaal gesproken snurkte alsof ik een klein motortje had ingeslikt, trok ik door het huis. Ik keek onder de bank, daar vond ik alleen oude spelletjes en verdwenen sokken. Ik zocht in de keukenkastjes, daar vond ik vooral afleiding. Ik keek zelfs in de jungle, waar alles nog heel stil was.
Ook aan Roover vroeg ik of hij misschien mijn maathouder had gezien. Roover krabde zich achter het oor. Hmmm… ik heb wel iets horen piepen naast de grote struik. Ik riep: een snack???
Nee zei Roover. We gaan kijken. In de struik zagen we iets kleins, glinsterends… een piepklein lichtgevend bolletje. Daar is die! riep Roover. Bliksem dat is jouw maathouder!
Ik keek er aandachtig naar. Hij is klein zei ik. Dat klopt zei Roover en je moet er goed naar luisteren. Het bolletje tikte zachtjes tegen mijn neus en rolde toen terug op zijn plek. Ergens onder de struik.
Ik voelde meteen iets nieuws. Een soort rustig gevoel. Een stemmetje dat zacht fluisterde: Misschien later nog wat… nu even genoeg.

Eten

Vanaf die dag… at ik nog steeds graag. At ik nog steeds zo veel? Zeker. Maar nu wist ik net op tijd te stoppen. En elke keer als dat lukte keek mijn man mens trots toe. Goed zo! Zei hij dan.
Ik glimlachte tevreden, dook die avond extra diep in mijn deken, en sliep als een held die die een groot avontuur had volbracht.
En ome Doerak? Die zag vanuit zijn ster dat het goed was gekomen.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem

Minnie en haar mandje

Hoi liefe friendjes en friendinnetjes! Fandaag ga ik mauwe oofer mijn mandje. Kijk maar op de footoos het is mijn mandje van Simon de kat. Niet zijn echte mandje natuurlijk want dat zou zielig zijn. Nee deze kat is zo populair dat ie zijn eigen mursjendeis heeft. Dat is een engelands woord foor dat je allemaal spulletjes hebt met je eigen koppie erop.
Frau heeft wel eens aan mij gevraagd wat ik daar fan zou finden. Dat mijn koppie ooferal op zou staan. Op mandjes, op etensbakjes, alles. Daar heb ik dus toen wel effe serieus oofer nagedacht. Zou ik een wereld beroemd poesje willen zijn? Dat dan alle mensen en diertjes hier foor de ramen komen staan om maar een glimp fan mij op te fangen. Katers die foor de deur mauwen Minnie ik wil een kopje fan je. Kittens die me ooferal folgen en graag mij willen zijn.

Prifee

En toen hebben Frau en ik saame besloten om ons zelf en onze koppies maar gewoon lekker prifee te houden. De enige die footoos in zijn huis mag hebben fan mij is mensenopaa. Wat ik ben zijn allerliefste kleinkat en hij is suuper dol op mij. En neemt natuurlijk ook heel faak lekkere noepies foor mij mee. Dus dat helpt ook hihi.
Maar dat was niet waarom ik het oofer mijn mandje wilde hebben. Ik heb er namelijk heel lang niet in gelegen. En nu hoor ik jullie denken ja maar Minnie dat was fast omdat het in de lente en zomer en herfst gewoon te warm is om in je mandje te liggen. En dat is absoluut waar. Hij ligt echt heerlijk dat mandje maar is toch wel het fijnst als het 5 graden of kouder is buiten. En daarnaast is mijn andere favoriete plek tegenwoordig ff wat meer favoriet bij mij.
Jullie kennen die plek fast allemaal wel als trouwe leesers fan mijn blog. Die andere favoriete plek is namelijk mijn hangmatje in mijn suuper de luuxe krappaal. Daar tsjil ik hem faak best wel keihard hoor hihi. Ja dat is moderne taal die kittens van tegenwoordig mauwen. Die hebben echt een beetje hun eigen taal. Ook iets met dat je 6 of 7 brokjes hebt. Als een al wat oudere poes snap ik dat niet altijd meer hoor. Ze doen ook maar hihi. Zolang ik fan Frau maar mijn noepies en aaitjes en knuffeltjes krijg hihi.

Warmte

Maar goed mijn mandje dus. Sinds een paar weken is het dus best wel koud. Dus dan ga je toch op zoek naar warmte. En zo kwam ik dus toch weer uit op mijn mandje van Simon de Kat. Kijk dat mandje staat elke dag op de bank. Dus ik weet waar die is. Of nu ja als Frau met haar benen lang uit wil dan zet ze het mandje eefe op de grond. Dat dan weer wel. Maar dan ga ik gewoon op haar benen liggen. Dus dat maakt dan ook niet uit.
Dus maar als ze er niet is of ergens anders in huis is. Dan kan ik dus wel in het mandje gaan liggen. Oef en dat is met deze temperaturen toch wel echt behoorlijk aangenaam hoor. Zeker als ik er helemaal lekker in opgekruld lig dan duurt het niet lang foor mijn oogjes dicht fallen en ik lekker ga slapen of een tukkie doen.
Nou dit was het weer foor deze keer. Ben benieuwd of jullie ook zo een fijn mandje hebben zoals ik om in te liggen? Miauw, blaf of tok het maar in de reaksies. Ikke blijf trouwens ook nog altijd keihard meetetteren foor Freede!
Pootje van Minnie

Lucky over de buurpoezels

Hoi lieve allemaal in het nieuwe jaar, we zijn inmiddels weer van de sneeuw verlost hier. Ik noem het maar zo want om eerlijk te zijn vond ik er echt niet veel aan.

Er kwamen wel heel veel vogels hier tot groot genoegen van mijn broer Moos maar dat witte spul is zo koud aan de pootjes dat ik niet eens meer naar buiten ben geweest. Ik heb één keer de stoute schoenen aangetrokken (zo heet dat nu eenmaal, maar ik draag uiteraard geen schoenen, hoewel snowboots me toch wel aantrekkelijk leken) en ben naar buiten geglipt. Maar toen moest ik door een dun laagje sneeuw terug naar mijn ren en dat vond ik niet echt aangenaam. Inmiddels is mijn tuin weer gewoon groen en bruin en is er geen witte laag meer.

Wit

Het gekke was dat die witte laag op een dag ineens ook weg was dus dat vond ik wel oké. Maar de dag daarna ging mijn vrouw extra vroeg brokjes verdienen. Dat ze zo vroeg ging, kwam omdat ze de sneeuwstorm voor wilde zijn. Dat is gelukt maar ik moet nog wel zeggen dat ik dacht: sneeuwstorm??? Dat ken ik helemaal niet maar nu snap ik wat ze bedoelde. Toen ze weg was, kwam er veel sneeuw en alles waaide om het huis. Er tegenaan, erop, ernaast…echt overal was sneeuw. Waar je ook keek, alles wat wit en nog meer wit. Mijn man was thuis en die heeft met zo’n meetding gekeken hoeveel sneeuw er in een paar uur gekomen was. Nou, dat was behoorlijk veel. Omdat het zo hard erbij waaide, lag er zelfs sneeuw in onze ren! Nou ja zeg…dat kan toch eigenlijk echt niet.

Poezels

Onze zwarte buurpoes vindt sneeuw denk ik niet zo erg want ik zie haar iedere dag toch minstens twee keer voorbijkomen. Ik moet wel zeggen dat ze wel wat harder loopt dan anders en soms zelfs wel eens rent dus misschien vindt zij het ook te koud aan de pootjes. Er is wel een dingetje dat me ineens opviel…ik denk dus dat het twee verschillende poezels zijn! De ene dag komt er namelijk eentje die precies op Dropje lijkt (ze is het niet hoor want zij zit lekker warm binnen, gewoon samen met Molly op zolder want dat vinden zij het fijnste) en de andere dag kwam er eentje die een stuk groter is. Als ze nu eens een keer tegelijk komen, dan weet ik het zeker dat ik me niet vergist heb en dat er daadwerkelijk twee zijn.

Ik ben voordat er sneeuw kwam wel een keertje een van beide in de tuin tegengekomen. Kijk, ik ben een vrij relaxte kater als ik in mijn tuin zit of wandel. Dat betekent dat ik rustig rond sta te snuffelen en allerlei geuren opsnuif in de lucht en sporen zoek in de tuin zelf. Ik was daar dus voordat het niet zo koud was ook mee bezig en lette niet zo goed op wat er om me heen gebeurde. Komt me toch ineens die zwarte buurpoes uit de struik gerend en dook ze zowat bovenop me! Ik denk dat we allebei erg schrokken, ik omdat ik haar niet gehoord had en niet zag aankomen en zij omdat ik ook in de tuin was. Onze man zag het gebeuren en toen zij hem zag, was ze meteen weer weg. Ik moet wel zeggen dat ik toch wel even van de leg was hoor en een beetje in de war van er gebeurde maar we zijn er allebei zonder kleerscheuren (alweer zo’n rare uitdrukking want ik draag toch geen kleren, alleen mijn vacht is prima en die voldoet altijd) vanaf gekomen dus dat scheelt. Ze zat natuurlijk wel in MIJN tuin he….en dan nog ineens uit de struiken komen duiken. Pff…

Lente

Ik hoop dat de lente nu snel komt maar dat kan nog wel even duren zeggen ze. We wachten het af en het komt vanzelf wel goed want dat is nu eenmaal altijd zo met de seizoenen. Die wisselen steeds en na de winter komt er lente en dan zomer. Dat is toch wel bij uitstek mijn meest favoriete seizoen met veel zon en dan kun je fijn buiten slapen en spelen! Denken jullie dat ik vriendjes zou kunnen worden met de zwarte buurpoezels?
Veel knuffels van Lucky

Kever heeft een mening over kleine grote afonturen

Nu die witte flokken en het fuurwerk weg zijn is mijn leefen weer gewoon geworden, ik kan weer oferal tsjekken of alles in orde is, ik kan weer op mijn stoelen in mijn tuin zitten, ik kan weer op mijn terras liggen, ik kan mijn vrienden de duifen weer een klein beetje plaagen, Juultje ligt weer op het dak van het schuurtje, en er staat nog maar één twalet voor mij binnen.

Zolder

Mijn andere twalet is terug naar zolder, dat heeft mijn man gedaan toen de witte flokken weg waaren, en ik had daarna meteen een afontuur gemaakt voor mezelf, en weeten jullie hoe?, op de dag dat mijn man mijn tweede twalet naar boofen bracht was ik uuuuuuren in mijn tuin maar kwam ik spesjaal naar binnen om te plassen, terwijl ik met die flokken niet EEN keer binnen naar het twalet ben geweest!, mijn vrouw froeg waarom ik dat deed – nau gewoon: zo hau ik mijn leefen spannend.

Want ook al find ik het het fijnste als alles hetzelfde is, soms doe ik toch iets nieuws, dat gaat vanzelf, zonder er over na te denken, ineens foel ik dat ik iets durf wat ik nog nooit heb gedaan, zo heb ik een keertje gegromd tegen Pokon toen hij me wegduwde bij MIJN eeten, daar kreeg ik kompliementen voor van mijn mensen, ze zeiden dat ik best mag zeggen dat ik iets niet wil, misschien fraagen jullie je nu af of Pokon zich er iets van aantrok, en ja dat deed hij efentjes, maar de folgende dag was hij het alweer fergeeten.

Eerste keer

Iets anders dat ik zomaar ineens deed was dat ik op het grote bed met mijn hoofd op het been van mijn vrouw heb geslaapen, ik lag heeeerlijk te knorren en ik werd niet eens wakker toen ze me aaide, ik draaide me alleen op mijn rug en legde ook mijn voorpooten op haar been, mijn vrouw zei dat ze traanen kreeg want het was de eerste keer dat ik zo sliep, alleen de eerste nacht hier ben ik in haar armen gekroopen, ferder slaap ik altijd aan het foetenstuk op bed, maar sinds een tijdje slaap ik af en toe tegen mijn man aan, en nau foelde ik ineens dat ik tegen mijn vrouw aan wilde slaapen.

Ik heb ook al een paar keeren in kastjes gekeeken als de deur open was, dat deed ik nooit maar ineens wilde ik weeten wat er in die kastjes zat, het was niks spesjaals eigenlijk, alleen maar kleeren van mijn mensen, maar nau weet ik dat tenminste.

Ik krabte nooit in mijn tuin, waarom ik dat niet deed weet ik zelf niet presies, maar sinds een tijdje krab ik aan de boozenroog, Rozenboog!! roept mijn vrouw, nau enniewee: ik ga staan en krab zo hoog als ik kan en dan ga ik met mijn hele gewigt aan mijn naagels hangen, skritsj skritsj skritjs en zo maak ik mijn pootteekening in het haut, het is er de tijd voor, zo foel ik dat.

Afonturen

Mijn mensen zijn helemaal onder de indruk, ze zeggen Keef wat durf je toch veel!, ze worden er heel blij van, en ik ook, maar ik doe niet elke dag spannende dingen hoor, soms is er een gewone dag met knuffelen, speelen, slaapen en eeten, en dat zijn fantastiese daagen want knuffelen, speelen, eeten en slaapen zijn altijd fijn, maar als ik er zin in heb maak ik zelf kleine afonturen, afonturen die leuk zijn en niet eng, want ik ben dan wel een groote jongen maar ik heb mijn leefen het liefste klein, Kever-klein.

***

Ik tetter KEIHARD voor vreede, en ik ben bang dat het nog best een tijd noodig is, maar ik geef het niet op!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.