Kever heeft een mening over zijn weereld

Ik ben een rustige katerjongen van 12 jaaren, ik hau er van als alles altijd hetzelfde is, als er iets nieuws is doe ik vaak alsof ik het niet zie want anders word ik misschien nerfeus en dat wil ik niet, als ik speel speel ik maar kort en het liefste kijk ik gewoon om me heen of word ik geknuffeld door mijn mensen, ik moet er NIET aan denken om mijn tuin uit te gaan, veels te grieselig!, ik ken mijn tuin goed maar andere tuinen niet, waarom zau ik in een tuin willen komen waar ik nooit ben geweest?, bofendien kan ik me niet foorstellen dat een andere tuin mooier is dan de mijne.

ik leef mijn leefen zoals ik find dat het hoort, ik ben helemaal gelukkig met hoe alles is en meer wil ik niet, mijn leefen is perfekt, folgens mij kan het niet NOG beeter worden, nau ja… misschien als ik meer knuffels zau krijgen en als het altijd zomer zau zijn, maar ferder ben ik kompleet tefreeden.
Froeger dacht ik dat elke kat zo was maar dat is dus niet waar, dat heb ik geleerd sinds Pokon hier ferderop kwam wonen, al fanaf het begin ging hij bij alle huizen naar binnen, hij keek in alle schuurtjes, hij klom in alle bomen en hij ontmoette alle katten uit de tuinen, als ik in mijn tuin lag zag ik hem foorbij komen rennen naar weer een nieuw afontuur, en ik werd al moe en bang als ik naar hem keek.

Pootje

Pokon komt bijna elke dag bij mij op bezoek in mijn tuin en in mijn huis, hij zegt mij altijd gedag met een hoge PRRRRT en een kopje, dat find ik netjes van hem, daarna eet hij mijn eeten op, speelt met mijn speelgoed of krabt aan mijn krabspullen, en als mijn mensen prooberen

Hier zie je de neus van Pokon als hij onder mijn bank ferstopt zit!

hem naar buiten te brengen ferstopt hij zich onder de bank of achter het buroo omdat mijn mensen daar niet bij kunnen, en dat durfen ze ook niet: Pokon krabt en bijt best heel hard als hij iets niet wil!
Zelf kijk ik alleen maar, ik loop hem achterna om te zien waar hij is, HEEL soms geef ik hem een tik, en weet je wat hij dan doet?, hij geeft mij ook een tik!, ja dan weet ik het dus niet meer, daarom laat ik het maar zo, wat zau ik trauwens nog meer kunnen doen?, ik fertrauw er op dat mijn mensen het wel reegelen, en dat doen ze door net te doen alsof Pokon er niet is, dat findt hij niet leuk en dan gaat hij vanzelf weer weg.
Maar Pokon en ik speelen ook met zijn tweetjes, pas lag hij ONDER mijn krabfootuil (hoe dat past weet ik niet!) en ben ik op mijn rug er voor gaan liggen en zo probeerden we elkaar te tikken, het was echt heel leuk, in de tuin rennen we elkaar achterna, dan rent hij mij achterna en ineens draait ik me om en ga hem achterna rennen, dat is keispannend!

Weereld

Wanneer mijn mensen Pokon op het dak van het schuurtje zetten is hij meestal binnen een minuut weer terug, mijn vrouw zegt dat hij een lefgozertje is, ze moet altijd om hem lachen, ik weet alleen dat Pokon een jong katerjongetje is, dat hij niet gemeen doet tegen mij, en dat ik zelf ook ooit jong was, dus ik find het best dat hij in mijn tuin en huis komt.
Pokon durft ALLES, hij klimt zó de ladder naar het schuurtje op en af, echt waar hoor!, als mijn mensen mijn deurtjes dicht doen gaat hij er tegenaan tikken met een pootje, zo van Ik ben hier en ik wil naar binnen, hij is altijd onderweg naar nieuwe afonturen, terwijl ik altijd thuis ben, hij is een wijdeweereldkater en ik ben een huis-, tuin- en keukenkater.
Mijn weereld is klein en daar ben ik blij mee, dat wil ik zo hauden, de weereld van Pokon is groot en daar is hij blij mee, zo hebben we allebei onze eigen weereld en soms komen die twee weerelden elkaar tegen in mijn huis, Pokon denkt dat het afontuur ergens fer weg ligt, ergens waar hij nog niet is geweest, maar ik weet dat de grootste afonturen ook heel dichtbij kunnen zijn, en dat het grootste geluk thuis is, waar liefde is.

***

Nau tetter ik al zooooo lang voor vreede, maar nog steeds is er geen vreede, hoe kan dat nau toch?!, zau ik iets faut doen?, ik froeg het aan mijn vrouw en zei zij dat het niet aan mij lag, maar aan mensen oferal, en dat mensen weleens een foorbeeld zauden kunnen nemen aan katten, omdat die veel minder ruusie maken!

Joep heeft nou 30 blogs

Het is voor mij een bijzondere dag want vandaag, op de dertigste van deze maand, mag ik precies m’n dertigste blog aan jullie presenteren.
Heel eerlijk, ik had niet gedacht dat ik ooit zo ver zou komen toen ik hoorde dat Bert over de Regenboogbrug was gegaan omdat z’n leef-tijd bij Mevrouw Bert op was. In de weken daarna keek ik niet naar de leptop om, ik had gewoon helemaal geen zin meer om nog een blog te laten opschrijven. Ik kon écht niks verzinnen dat leuk of interessant of belangrijk genoeg was om over te mauwen…

Boep

Inmiddels weet ik dat dat gewoon kwam omdat ik Bert kwijt was. Hij was m’n inspiratiebron, m’n leermeester (oooh, en best wel een beetje strenge hoor, als hij vond dat ‘t even nodig was) en m’n vriend. Ook al kenden we elkaar helemaal nog niet zo lang, voor mij leek het alsof Bert m’n hele leven al bij me was. Eigenlijk hetzelfde gevoel als dat ik had toen Bram plotseling vertrok. Want ook hij was net zo wijs als Bert en als jonge kittenkater wist ik toen al gewoon gelijk dat ik van allebei nog heel veel kon leren.
‘k Had me zelfs voorgenomen om, als ik eenmaal net zou oud en wijs zou zijn als Bram en Bert, dat ik m’n naam zou gaan veranderen in Boep. Want ik wist toen heel zeker dat de wijsheid die zij hadden en hun talent om prachtige letters te kunnen schrijven iets te maken moest hebben met de B waarmee hun naam begon.

In je hart

Intussen ben ik er achter gekomen dat het gevoel dat ik toen had, alles te maken bleek te hebben met iemand heel erg missen. Ik heb daar lang met m’n personeel over zitten mauwen, en zij herkenden het wel. Ze zijn al héél veel ouderderder dan ik en hebben al heel veel meer lieverds over de Regenboogbrug moeten laten gaan. Elke keer weer voelden ze die enorme leegte, zoals ik die ook had gevoeld in ‘t afgelopen jaar. Ze mauwden me dat alle mooie herinneringen die je samen gemaakt hebt zorgen dat iemand voor altijd in je hart blijft wonen, ook als je ze nooit meer kunt knuffelen, of kopjes geven. En dat ze stilletjes nog steeds naar al die mooie sterren knipogen, omdat andere tweebeners het vaak maar raar vinden als ze ineens naar een ster zouden gaan staan zwaaien.
Nou, ik vind dat helemaal niet raar hoor, en ik weet zeker dat iedereen die iemand mist daar ook niks raars aan zou vinden.

Letters

Toen Mevrouw Bert vroeg of ik weer wilde gaan bloggen was ik net bezig om alles wat ik in de weken daarvoor had gevoeld een plaatsje te geven. En hoe vaker ik weer achter de leptop zat te mauwen, hoe steviger en mooier dat plaatsje werd. Met Bert dicht bij me in de buurt kon ik alle letters weer laten intikken.
Want ik wist dat niet alleen hij, maar ook Bram met me mee zou kijken, zolang ik blogs blijf mauwen. Omdat echte vrienden elkaar nooit meer kwijtraken…

Kater

En zo ben ik alweer dertig blogs verder. De zeven zaterdagen nadat Bert vertrokken was en alle dagen daartussen in heb ik veel nagedacht. Over vrienden, over ‘t leven, over de Regenboogbrug. Maar ook welk natvoer favoriet is en waarom ik sommige speeltjes in huis helemaal niet leuk meer vind en andere juist ineens wel.
Ik denk dat ik in die tijd ook begon te veranderen, van de kittenkater die ik was naar de echte katermans die ik nu geworden ben. Da’s best nog wel even wennen hoor, want ik moet helemaal zelf gaan bedenken hoe ik me als kater moet gaan gedragen omdat m’n moeder me daar nooit iets over gemauwd heeft. Volgens m’n personeel ben ik gewoon nog even lekker aan ‘t puberen, maar ik heb echt geen idee wat ze daarmee bedoelen.

O, en ik denk nu dat ik toch m’n eigen naam maar hou, voor de rest van m’n leven. Ik ben er nou eenmaal aan gewend, en volgens mij kan ik ook met een naam die met een J begint prima wijs worden en blogs mauwen.

Zachte kopjes en ‘n stevige poot,
Joep

Ik oefen met intiemiedinges

Sinds ik hier ben leer ik van alles en nou heb ik gehoord dat er iets nieuws is waarmee ik ook ga oefenen het hoeft niet zegt mijn vrouw dus dan weet je van ik moet meedoen. Het is de intiemiedinges van het saame zijn.
Weeges ze zegt het leefe is meer dan eete en speele en slaape.
Ik zal twee foorbeelde geefe die zijn het belangrijkste.

Aaien

Elke ochtend ga ik naar de slaapkamer. Ik wil weete is ze wakker ja of nee en gaat ze opstaan want ik wil een hapje eete en dat kan ik niet zelf maken. Dus eerst stond ik voor het bed. Of ik ging er zitten. Liggen. Kijken. En toen begon ze te vragen van Ollie kom erbij en ze klopte op het bed. Speele dacht ik en ik ofer het bed rennen heen en weer en terug en fan alles.
Nou klopt ze niet meer. En ik heb ook meer rust in mijn kop gekregen dus ik kan gewoon op bed springen en tegen haar aan gaan liggen. Dan voel ik aaien en dat het fijn is en ik ga spinnen.
Dat heb ik ook beneden op het tapeitje. Saame liggen.

Oefenen

Alleen dat gaat niet zomaar vanzelf nog ik kan het gewoon niet goed en daarfoor is het oefenen. Het wordt steeds moeilijker:

  • gewoon liggen dus dat je bij elkaar bent maar ook op je eigen
  • tegen haar aanliggen dat kan ik ook, dat je het warme van elkaar foelt
  • saame liggen en dat ze dan aait dat kan ik ook maar niet heel lang dan ga ik rollen met mijn poote in de lucht van nou eefe afblijfen en dat doet ze dan
  • saame liggen en aaien en liefe woordjes van OllieWollie dat kan ik eefe dan heb ik heel feel gefoel in mezelf dus soms gaat het ook niet meer dan loop ik weg of ik doe bam met mijn poot

Eerlijk waar ik wist geeneens dat zoiets allemaal bestond toen ik hier kwam. En nou ben ik ermee aan het oefenen en het is best fijn maar ook spannend. Soms sta ik op en dan ga ik eefe weg en dan kom ik toch weer terug. Knorren doe ik ook dat is van het fijn maar ook van de spanning want het zijn nieuwe gefoelens die intiemiedinges.

Bert en de nacht-gewoonten (8)

Bert was een kater die van vaste gewoonten hield, alleen veranderde het nogal eens wat hij een vaste gewoonte vond. Dat gold zeker voor de nacht.

Eerste nacht

De allereerste nacht samen was veelbelovend. Als kersverse ex-asieljongen sliep hij zomaar op het hoofdkussen naast het mijne en ik dacht, voortaan is het zo. Bert dacht er anders over. Eenmalig vond hij genoeg. In de maanden erna sliep hij beneden in de huiskamer, wat voor hem een overzichtelijke ruimte was.
Geleidelijk veranderde hij van mening, vermoedelijk door een toename van zelfvertrouwen door de eindeloze speelsessies. Boven slapen, dat leek hem wel wat.

Spannend

Het begon met nieuwsgierigheid. Dan zag ik vanuit het bed een nieuwsgierige kater zijn kop boven de trap uitsteken. En weer weg. Terug. Weg. En terug.
Daarna kwamen incidentele bezoeken, die voor hem zo spannend waren dat hij eenmaal op de slaapkamer, er meteen uit wegrende. Later werd ik weleens wakker omdat hij op bed stond en mij bestudeerde.
Online las ik verhalen over katers die op en onder het dekbed wilden, over poezen die zo dicht mogelijk bij hun mens sliepen, maar Bert niet. Hij wilde weten waar hij aan begon, en hij wilde grenzen, en hij bleef bij alles wat aarzelen over wat kon en mocht. Oude angstklachten, nog van het straatleven van voor het asiel.

Trap op

Al snel na de beginfase van nieuwsgierigheid begonnen we te lijken op zo’n oud stel uit een Engelse comedy-serie. Het tutten met en voor elkaar. Dat begon al bij de trap.
Bert zette een pootje op de eerste trede en keek me aan.
– Ga jij eerst?
Pootje eraf.
– Goed, dan ga ik eerst.
Na drie stappen rende Bert de trap op, om op de overloop me op te wachten.
– Goedzo Bert, wat ben je een snelle jongen, dat kun je hoor.
Elke avond dit in de herhaling. Ook wat hierop volgde, de slaapkamerscène.

Nacht

Bij het voeteneind had Bert een eigen kussen. Dat snapte hij: waar zijn stuk begon en eindigde. Dan had hij ook zekerheid dat hij er mocht liggen. Aanvankelijk was er wel het probleem geweest dat ik zo ver weg leek te liggen, maar toen ik eenmaal dwars in bed ging slapen, konden we elkaar gewoon aankijken. En, ook belangrijk, bij het aaien was hij onder handbereik.
Soms moest dat aaien opeens, ongeacht het nachteljk uur.
-Meww!
– Wat is er Bert?
– Mewww!
Aaien. Knorren, wat snel overging in een motorgeluid als ik knorrieborriebeertje Bert in zijn vacht fluisterde. “Nu gaan we weer slapen.”

Eerlijk is eerlijk, dit was niet wederzijds. Wanneer ik uit een angstdroom wakker schrok en piepte “Bert?” dan hoorde ik hem snurken.

Trap af

Soms sliep hij de hele nacht op bed, vaker ging hij beneden naar de
vensterbank om daar, in de donkere huiskamer, naar de autolampen te kijken.
’s Morgens was hij weer present in de slaapkamer, en dan gingen we samen naar beneden, op de overloop boven begon het al:
– Ga jij als eerste?
Pootje op de trap, pootje weer terug.
– Dan ga ik, hoor.

Soms rende hij langs me heen. Soms hopte hij tree voor tree achter me aan. Soms moest ik vragen of hij nog dacht te komen. Rssst! Daar was hij.

Gezellig

Beneden hadden we weer het zachte genoegen van het aaien, en dan vertelde ik wat er die dag zou gebeuren (bij voorkeur niets) en dat het ongetwijfeld weer fijn zou zijn, en ook dat deden we in de herhaling, als een eindeloze reeks van bevestiging dat we van hetzelfde hielden, de alledaagse gezelligheid van het samenzijn, dat zo heerlijk en vertrouwd aanvoelde, iedere avond en elke ochtend weer iets meer dan de vorige keer. Gewoonten zijn het fundament van elk samenzijn.

Mila kijkt naar de regen

Lieve allemaal, afgelopen week was het heel raar met het weer. Een dag was het zo heel veel mooi zon en toen kwamen er inees donkere wolken. Ik was heerlijk aan de bloemen aan het snoffen toen er ies gebeurde.

Mijn vrouw schepte mij zo inees op vanuit mij achterwerk zo naar voren. Ik liet meteen weten met een meh en een Prrrr dat ik het een beetje niet verwacht had. Dat was natuurlijk met een reden want mijn vrouw doet anders niet zo scheppen en zo snel. Mijn beide achterpoten hingen over haar arm heen net als mijn voorpoten. Eigenlijk hing ik best fijn zo over haar arm heen. Mijn pootjes gingen meteen in koekjesbakstand. Eerst ging links een trappel doen en daarna rechts. Prrrr vrrrr vrrr kwam er vanuit mij lijfje.

Binnen

Zo gebeurde het dus. Ik werd geschept en hing in de lucht. Er kwam ook nog een mehh bij. Mijn vrouw liep van achterin de tuin heel vlug naar binnen. Daar werd ik op de grond geland met mijn vier pootjes tegelijk. Sorry Poekie maar het moest even.
Mijn vrouw zette mij gewoon neer hoor alleen ging alles heel vlug en voordat ik het in de gaten had zat ik binnen en zij buiten. Dat was niet eerlijk want ik wil ook buiten zijn. Mijn manspersoon en mijn vrouw waren allebei buiten en ik was binnen. Ik was in de war, waarom moest ik nou naar binnen. Ik dacht, ik ga eens kijken waarom ik nou naar binnen moet en hun niet.

Raamrand

Als ik op mijn achterpootjes ga staan kan ik net over de raamrand kijken van de keukendeur. Dat was lekker handig want nou kon ik zien wat er is. Eerst was er helemaal niks. De wolken waren wat donkerder en het waaide een beetje maar dat ken ik allemaal. Het was niks nieuws dus bang was ik niet. Er kwamen ook geen harde geluiden of enge dingen voorbij.
Dus ik bleef op mijn achterpootjes staan en toen keek ik meteen in mijn vrouw haar ogen. En zij ook in de mijne ik weet het zeker toen het inees kwam. Heel hard en heel veel. De wolken waren stuk en er kwam heel veel regen naar beneden. Dikke druppels die heel hard kletterde op de ramen en deuren maar ook op de tent waar mijn manspersoon en vrouw onder zaten.

Ik keek naar de wolken omdat er zoveel druppels kwamen toen ik inees een flits zag. Het gebeurde zo heel snel dat ik niet eens kan mauwen hoe snel het ging. Wat daarna kwam dat klonk best eng en hard zo van KNAL en BOEMDELDEBOEM. Ik schrok er best van en nau wilde ik even niet meer voor de raam staan want je weet maar nooit met zo’n boemeldinggeluid. Ik leerde later dat het onweer was en dat het knal geluid van de wolken en de bliksem afkwam. De bliksem is het felle licht en die kan soms een knal maken als hij iets raakt.
Nau dat vond ik al meteen eng ik wilde even niet naar buiten of voor de raam staan. Ik vond mijn paal de beste keuze. Toen ik op mijn paal lag hoorde ik best lang alle druppels kletteren. De bliksem en onweer waren er ook nog steeds. Zij maakte heel veel herrie overal, zo veel dat ik niet eens mijn eigen gespin kon horen. Ik vond er helemaal niks aan. En telkens als ik probeerde te dutten schrok ik weer wakker van de felle flits die dan inees in mij ogen kwam.

Regen

Na een hele lange tijd en ik weet echt niet hoelang, stopte het met flitsen en knallen boven mijn huis. Het leek wel alsof de wolken zeiden van dat de onweer maar ergens anders heen moest want hier is genoeg geweest. Dat vond ik wel fijn want nu kwam ook de zon weer terug en die kwam meteen door de raam heen kijken en lekker warme straale brengen. Daar geniet ik altijd van. Mijn vrouw maakte de deur weer open Mieltje? kom maar meisje, nou kan het weer!
Daar mauw ik geen nee tegen. Ik sprong van mij paal af en rende zo de tuin in en toen rende ik ook weer terug naar binnen. He bah, mijn pootjes waren helemaal nat en vies van de modder in de tuin geworden. Ik had besloten om die middag binnen te blijven en te dutten want weer vieze pootjes wilde ik niet en misschien kwamen de donkere wolken nog wel terug.

Ik hoop dat jullie ook allemaal heel feilig waren want op het nieuws zagen mijn vrouw en ik heel veel bomen kapot en heel veel regen en overal takjes. Ik geef voor de zekerheid een steunkopje voor wie het nog nodig heeft en ik blijft mee tetteren voor freede, ook in de wolken!

Pootgetekend, mienister van zachte zaake
Milamuis