Als jonge binnenjongen speel ik elke dag, weeges ik heb eenerzjie en het is ook voor mijn geestelijk gezond, en daarom kan ik niet de hele tijd hetzelfde speele en ook is het zo dat ik nou gewoon meer kan en snap van speele.
“Kom eens Ollie,” zei mijn vrouw, “er is een nieuw spelletje.” Dus ik erheen, weeges ik wilde weten wat er is en waarom ze roept, ik ga alteit weeges ik ben nieuwsgierig.
“Het heet muis onder de krant,” zei ze. Ik kijken. Niks te zien. Er lag gewoon een platte krant op het tapeit. En net toen ik dacht ik heb liefer dat ik kan rennen, toen bewoog er iets onder de krant.
Wat? dacht ik. Of ik dacht niks weeges alles in mij keek van watnou, watnou.
Er bewoog weer iets.
Heel langzaam.
En ik BAM met mijn poote erop. De krant scheurde, dat geluid is ook spannend. KRRR dat geluid kwam meteen in mijn kop.
Het is dus heel anders dan muis onder de lap. Dat speel ik al lang niet meer, je hebt dan geen geluid en geen scheuren. Dus het is te gemakkelijk geworden en gemakkelijk speele dat doe ik alleen als ik moe ben, dan speel ik muis in de pantoffel. Want daar kan ik bij blijfe liggen.
Muis
Mijn vrouw zegt, muis onder de krant speele is foor wanneer ik spanning heb en die moet uit me dan heb ik andere spanning nodig daarom is het. Het is teerapie. Spel-teerapie. Dat zegt ze.
Ik find speele is speele.
Maar als het onder de krant beweegt dan doe ik BAM. En dan steeds weer tot de krant helemaal aan stukken is. Het is ook met dat ik een aanloop neem en op de krant spring en dan weer nieuwe stukken scheur. Als ik de muis heb ga ik er eefe mee rollen, je wilt toch weete van ik heb gewonnen, maar daar gaat dit eigenlijk niet ofer, wel over goed kijken van waar is de muis en dat ik dan het gefoel heb van NU springen, NU en dat doe ik dan ook.
Rust
Als de krant helemaal stuk is, dan gaan die stukken in een doos en dan speel ik muis tussen de krant. Ook met een aanloop en dan BAM erin, en dan schuift de doos weg en ik ook, dat is zo spannend, ik wist niet dat het bestond.
En helemaal erna heb ik meer rust in mijn kop en dan hoor ik “Goedzo Ollie”, ja dan foel ik me toch anders dan ervoor, eerlijk waar.
Meestal zag ik Bert niet drinken, wat juist goed was, zeiden alle kattenwebsites, maar naarmate in de zomer de temperaturen stegen, stonden diezelfde kattenwebsites vol met waarschuwingen. Drinken, drinken, drinken.
Lieve allemaal, de tijd is zo heel snel gegaan want nou zitten we alweer in de laatste maand van dit jaar en binnenkort begint het nieuwe jaar alweer.
Mijn vrouw kwam laatst naar me toe met ies nieuws. Ze zei Milamuisje, er is iets en ik denk dat je het heel leuk gaat vinden. Waar ik woon heeft Ooma een akwariejum met visjes er in. Mijn vrouw vertelde me dat ze me vaker op de poef met deken bij de akwariejum zag zitten kijken naar de visjes. Soms lag ik daar te slapen zei ze en soms ook niet. Dan zat ik te kijken. En dat is zo.
Er is ook een vis en die is echt zo heel raar want die plakt tegen de raam aan. Op deze foto kan je hem niet zien want toen de foto gemaakt werd ging de vis inees weg naar de andere raam. Maar deze vis plakt dus tegen het raam met zijn bekje en als je zoies ziet dan zie je hoe hij doet happen, of zij want ik weet niet of het een meisje of jongens vis is. Mijn vrouw legde uit dat deze vis algen doet eten en dat zijn kleine groene dingetjes die wij niet zo heel goed kunnen zien pas als er een tijdje niet schoongemaakt is. Hij of zij is eigenlijk de schoonmaker van de akwariejum. Als deze vis dan op de raam zit is het een ramenwasser en als hij of zij op de grond zit dan doet hij of zij daar algen eten. Eigenlijk vind ik dat zo heel erg knap van deze vis dat hij dat allemaal zo kan want dat is best slim.
Vandaag mag ik Dopey jullie mijn verhaal vertellen. Het gaat over onweer, bbbrrrrrrr.
En net toen ik naar mijn vrouw zat te kijken hoorde ik het… gerommel in de lucht boven me. Wat was dat nou?
Inmiddels ben ik een flinke kater van 8 jaar maar voor onweer ben ik nog steeds heel erg bang. Ik merk al dat het eraan komt als er eigenlijk nog niets aan de hand is. Ik word dan onrustig en loop heen en weer en blijf bij vrouw in de buurt.
Ons huishouden is van een rustig en voorspelbaar soort. Dat helpt tante Cato en Foppe om zo min mogelijk spanning te hebben. Vooral mijn broer heeft snel last van stress en benat dan ons huis op plekken die daar niet voor bedoeld zijn. Daarom gaat Mo meestal zelf naar haar vrienden en familie toe. Eerlijk gemiauwd zijn de mensen die hier wel langs komen altijd stuk voor stuk aardige gasten, die rekening houden met wat goed is voor ons.
grijze wolken die hun druppels laten vallen. Oopa Floris lijkt alle registers open te trekken. Na een nacht op stap en een uitgebreid ontbijt plof ik drijfnat op de bank voor een heel lange slaap. Alles om komend donker weer fris en fruitig op stap te kunnen.
Nadat code oranje is weggejaagd, gaat het kattenluik van het slot. Buiten inspecteer ik het slordige werk van mijn mens. Ik ben er niet over uit wie de grootste ravage heeft aangericht. Was het die Conall of was het Mo? Treurig staar ik naar de stapel waar ik niet over heen kan kijken. Tante Cato komt bij me zitten. ‘Kijk eens omhoog, ventje, naar je boom’, meowt ze zacht. Ik richt mijn blik naar opzij en zie em staat, afstekend tegen de prachtig blauwe hemel. Fier staat hij overeind! Met bonzend hart klauter ik naar boven, naar dat ene plekje. Door het felle licht kan ik ze nu niet zien, maar ik weet dat ze daar zijn. De sterren. Er zijn er dit jaar heel veel bij gekomen. Zittend op mijn tak voel ik de rust neerdalen en weet dat ook deze storm ons niet omver heeft geblazen.