Kever heeft een mening over duuwen

Zomaar ineens heeft de lente zich een beetje ferstopt, ze zit ferstopt achter de wolken, of duuwen de wolken de lente naar achteren?, dat zau niet netjes zijn find ik, ik duuw zelf nooit want dat hoort niet, Pokon duuwt mij weleens en dan ga ik gewoon opzij, ook al zeggen mijn mensen dat ik best wel een keertje terug mag duuwen, maar zo ben ik nau eenmaal niet.

Knuffels

Soms was de lente efentjes in mijn tuin: er was zon en de lucht foelde warm aan, maar net als ik dan op mijn stoel wilde gaan zitten kwam er reegen, en van reegen hau ik niet, daarom ben ik veel binnen in mijn huis geweest, dat was een paar daagen heel fijn, want ik had een beetje een tekort aan knuffels doordat ik steeds in mijn tuin was, en dat heb ik nau weer ingehaald.

Maar omdat ik gewend was aan mijn tuin foelde mijn huis ineens veel kleiner, gek is dat, het foelde een beetje saai, en daarom heb ik zelf afontuuren voor binnen bedacht.

Ik had toch ferteld dat ik niet naar buiten wil kijken?, dat is omdat ik aan de ene kant van ons huis mijn tuin zie, en die ken ik, en aan de andere kant zie ik de straat, met mensen en kinderen en outoos en dat find ik zooo eng, dus daar kijk ik niet meer, het is te groot voor mij, ik snap het niet en daar word ik bang van.

Maar forige week ging ik ineens op een ding zitten dat voor het raam staat, dat heeft mijn vrouw daar neergezet voor als ik misschien TOCH naar buiten wil kijken, en ik foelde dat ik het nu durfde, ik zat op dat ding dat mijn mensen een poef noemen en ik keek naar de straat, en ook steeds naar mijn vrouw want zij was er bij, ze zei dat ik zo een grote jongen was en dat ik heel dapper was, ze kwam naast me zitten en ik durfde zelfs te kijken naar iemand die foorbij ons raam liep, maar toen er WEER iemand foorbij liep werd het me tefeel en sprong ik op de grond.

Naar de gang

Mijn tweede afontuur was dat ik langs mijn man heen glipte om de gang op te gaan, de grote gang waar iedereen die hier woont binnen komt, ik heb oferal gesnufsnuft en gekeeken, ik krabte aan de mat die voor de deur ligt zodat iedereen weet Hier woont Kever!, ik heb aan de fiets van de buurman kopjes gegeefen en ik wilde eigenlijk ook de trap naar boofen op, maar dat mocht niet van mijn man, mijn mensen gafen me heel veel kompliementen, ze zeiden dat ik een tijger was die alles durft, en zo foelde ik me ook, ik was best trots op mezelf.

Maar toen ik van mijn mensen na een paar daagen WEER de gang op mocht wilde ik dat niet, ik was nog aan het bijkoomen van mijn forige afontuur, dat was foorlopig genoeg, ik moest ook alles goed ferwerken, zo een afontuur kost best veel eenersjie, ik moet alle nieuwe erfaaringen een plek in mijn hoofd geefen en dat kost tijd, voor een nieuw afontuur was het nog te froeg, mijn weereld moet zonder duuwen wel in mijn hoofd blijfen passen, want ik hau nau eenmaal niet van duuwen.

***

Ik tetter KEIHARD voor vreede, wat zijn mensen nau allemaal aan het doen?!
En ik stuur iedereen die iemand mist zachte kopjes.

Joep over zijn vaste gewoontes

Ken je dat, dat je eigenlijk het liefste binnen wilt blijven, ondanks dat je personeel in ‘t grote bed elke nacht weer alle bomen in de wijk ligt om te zagen? Want geloof me, het is nog steeds geen voorjaar als de dag voorbij is.

Knuffels

Meestal ga ik na m’n diner even naar buiten om m’n ontbijt en lunch weg te brengen. Dat moet dan gewoon gebeuren, en dan mauw ik buiten op de tuintafel voor het grote woonkamerraam als ik daarna weer naar binnen wil voor knuffels, aaien, kinkriebels en kroelen.
Wel van m’n eigen personeel natuurlijk, want ik laat echt niet zomaar elke tweebenervoorpoot door m’n vacht gaan. En als ik daar dan genoeg van heb nestel ik me lekker in de mand van m’n cactus zolang het rolgordijn nog niet naar beneden is, en dan kijk ik naar de lichtjes achterin m’n weiland of zwaai naar alle sterrenvriendjes die hoog boven me schitteren, als er geen wolken in de lucht zijn.

Warm

Of ik ga ergens in huis in een vensterbank liggen, vooral wanneer de kachel aanstaat. Dan draai ik af en toe, zodat de ene keer m’n poten en de andere keer m’n rug en staart lekker warm worden. Met m’n ogen dicht stel ik me dan voor dat ik heerlijk in de zomerzon lig te dutten terwijl m’n jas lekker warm wordt.
En af en toe ga ik op ‘t grote bed voor een dut, lekker tegen een kussen aan. Da’s iets dat ik graag voor m’n personeel doe, hun bed opwarmen. Alleen hebben zij de pech dat ze met z’n tweetjes een heel stuk groterderer zijn dan ik, dus ‘t lukt me nooit om het hele bed voor ze op temperatuur te krijgen. Soms komt Junior of Senior gezellig bij me liggen en dan krullen ze zich helemaal om me heen en dan dutten we even samen.
Maar zij houden dat overdag nooit zo lang vol als ik.

Snekkies

Ergens tussen een uurtje of tien en elf ‘s avonds ben ik weer een beetje uitgedut en weet ik dat ‘t tijd is voor snekkies want dan gaat ‘t rolgordijn naar beneden en maakt m’n personeel zich klaar om te gaan slapen. Da’s elke avond een vast ritueel waar ik inmiddels wel aan gewend ben, want dan stoppen ze een borstel in hun mond en trekken een andere vacht aan dan dat ze overdag dragen.
Ik ga dan alvast naast m’n snoeptoren zitten omdat ik weet wat er komen gaat. M’n personeel pakt m’n snektrommel uit de kast en daar hoeven ze niet eens mee te rammelen omdat ik ze heel goed in de gaten hou. Zodra het deksel er af is, vliegt het eerste snekkie al door de keuken. En dat is eigenlijk de leukste training om een dag mee af te sluiten, want als ik die snek op heb volgen er meer, dat weet ik. Door de donkere gang, de woonkamer, onder de eettafel, ik krijg ze altijd allemaal te pakken door er achteraan te rennen en dan BAM, gewoon m’n poot erop te zetten. Of ik vang ze uit de lucht met m’n voorpoten. Dat kan ik heel goed, omdat ik ‘t elke avond oefen sinds ik op mezelf woon.
Als afsluiting van de avondtraining gaan er ook nog drie of vier snekkies in m’n snoeptoren, maar die bewaar ik meestal tot de volgende ochtend, als behendigheidstraining na m’n ontbijt.

Nacht

Daarna breng ik m’n personeel naar ‘t grote bed en wacht net zo lang totdat ze bijna slapen. Dan is ‘t voor mij tijd om over ze heen te lopen, of gewoon bovenop ze te gaan liggen en heel zachtjes te mauwen dat ik naar buiten wil. Soms duurt het even voordat ze reageren, maar als ik steeds harder ga mauwen staan ze voor hun doen best nog wel redelijk snel naast ‘t bed. Ik loop dan alvast naar de voordeur, maar als die open gaat kijk ik altijd eerst even wat voor weer ‘t is voordat ik een poot over de drempel zet. Want als ‘t heel hard waait of errug koud is dan draai ik me gewoon om en ga weer terug naar ‘t grote bed, en dan bij voorkeur op de plek die al opgewarmd was door Senior of Junior.
Maar dat is de afgelopen weken niet gebeurd, want ik laat me door mist en regen en kou echt niet tegenhouden om naar buiten te gaan omdat ‘t, ondanks dat ik een luxe kattenbak met lekker vers grit in de badkamer heb staan, heel dankbaar werk is om m’n eigen tuin te bemesten en te bewateren.
Of de gemeenteperkjes rondom m’n huis, of breeduit in het weiland, om daar gebied terug te veroveren dat door de andere buurtkatten eerder al was gemarkeerd. Zo houden we elkaar elke nacht lekker bezig, tussen het trainen, buurtwachten, uitmauwen van de laatste nieuwtjes, dutten en spelen door.

Vaste gewoonten

M’n nieuwe dag begint ‘s morgens bijna altijd op de tuintafel in m’n achtertuin, want daarvandaan kan ik van buitenaf goed in de gaten houden wanneer m’n personeel uit bed komt. Meestal hoef ik niet eens te mauwen dat ik er weer ben, want zodra ze van hun eigen bak afkomen lopen ze naar de tuindeur om die open te maken zodat ik naar binnen kan.
Nadat ik dan goeiemorgen heb gemauwd loop ik direct door naar m’n krabpaal naast de bank om m’n stiletto’s bij te scherpen. En als ik te vroeg ben voor m’n ontbijt knabbel ik eerst wat brokjes van de avond ervoor weg en doen we daarna wie weer ‘t eerst terug is in ‘t grote bed.
Meestal laat ik m’n personeel winnen, want dan kan ik daarna op de beste plek gaan liggen om m’n knuffels en kroelen te krijgen. Voorspelbaar? Jazeker. Want ik ben nou eenmaal een katermans met vaste gewoontes. En m’n personeel weet dat als geen ander.

Stevige poot en zachte kopjes,
Joep

Jajim en Frou Frou over gezond blijven

Miauw lieve allemaal, het is weer tijd voor onze nieuwe letters. Nou hebben we niet zo veel spannends meegemaakt de afgelopen week en dat vinden we zoals de meeste poezen en katers eigenlijk het fijnste; als alles gewoon en normaal gaat. De vorige keer hadden we het over hoe je je mens alert houdt en deze week miauwen we meer over onze hobbies in furband met gezond blijven.

Gewoon

Jajim: “De lente bleef dus doorgaan en er zijn elke dag duiven, parkieten en andere vogels die goedemorgen zingen. En maandag, toen de lage wolk optrok, zagen we zelfs twee Vlaamse gaaien in de boom schuin tegenover ons balkon. Dat laatste was dan weer niet purr se gewoon, het was nieuw. Maar als het om vogels gaat vinden we nieuw wel spannend en leuk.”

Gezond

Frou Frou

Frou Frou: “Voor mij is het seizoen van lente en zomer heel belangrijk voor mijn gezondheid. Zoals jullie wel weten is de kou niks voor mij en mijn delicate pootjes. Ook al ben ik buiten geboren, ik ben en blijf een lente- en zomerpoes. Waarom zijn de zonnige maanden zo belangrijk voor mijn gezondheid? Nou, sinds ik me kan herinneren moet ik vaak niezen en hoesten. Dat laatste komt door mijn astma. Het gaat wel goed met mij hoor, we hebben altijd frisse lucht binnen. Maar als je op het balkon bent is de lucht nóg frisser en het balkon is nou eenmaal fijner in de zonnige tijden van het jaar. Dus overdag loop ik regelmatig naar buiten voor een paar diepe teugen frisse lucht, die geur is nostalgisch voor mij wegens vroeger. En er staat buitenwater in een grote bak, daar neem ik ook meteen een paar slokjes van als ik er toch ben. De lavendel plant begint ook weer te groeien en het is mijn taak om die bij te snoeien. De hommels en bijen komen weer ‘BZZZ’ doen op het balkon en soms maai ik met mijn pootjes in de lucht, vooral om hallo te zeggen hoor. Helemaal eerlijk zou jagen namelijk niet zijn want eigenlijk zijn ze geen partij meer voor mij en Jajim. We zijn nu supurr getraind in het vangen van dikke bromvliegen. Jajim rent er achteraan en ik tik met mijn pootje, zo zijn we een purrfect team.”

Wilder

Jajim

Jajim: “Frou Frou doet altijd aan rustig spelen en buitenluchtjes snuffelen, ze is meer van het relaxte type. Zelf ben ik wat wilder en dat is te zien aan mijn stappenteller. Op de zonnige dagen sjees ik keihard ‘ZOEF’ van het balkon naar de voordeur en terug. De bromvliegen zijn niet aan te slepen en elke vogel die voorbij komt krijgt een uitgebreide begroeting. Mijn energie lijkt bijna onuitputtelijk. Allemaal heel goed, want volgens onze mensenbroer is het belangrijk om elke dag te spelen, dat is goed voor mijn gezondheid. Scheelt weer dat ik heel goed ben in spelen, rondrennen en aan de krabpaal krabben. Frou Frou doet tussendoor haar dutje, springt in als de bromvlieg er is of gaat verder met de mandjes opschudden om haar voorpootjes te trainen. Zo hebben we allebei onze eigen kwaliteiten. Wel kunnen we allebei heel goed iets anders wat belangrijk is voor je gezondheid en dat is catnaps doen, daar ben ik eerlijk over. Wat van mij wél anders mag is dat je voor je gezondheid soms ook een pil moet, of stinkende druppels in je nek.”

Wat zijn jullie manieren om je gezondheid bij te houden?

Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou

Weg uit huis voor de renovatie

Even een bericht uit huize Ollie van zijn vrouw, over de situatie hier. Die is spannend. In de straat waarin we wonen, worden in de woningen de kozijnen van alle ramen vervangen.

Dat betekent boren en hakken en al die dingen meer, wat vooral in de ochtend met veel hard geluid gaat. Het betekent ook een straat vol auto’s waaruit klusmannen met hun materiaal komen. Er staat ook een tent in de straat, pal voor de woning waar de klusmannen in aan het werk zijn.
En volgende week beginnen ze zowat hier.
Wat te doen?

Ollie is een kater met angstklachten, waarvoor hij ook druppeltjes neemt en andere medicatie, in overleg met zijn arts. Evenzogoed zijn die klachten niet weg, alleen minder. En nu met de naderende renovatie voelt hij dat er iets op komst is, en ik ook natuurlijk.

Klusmannen in huis, met alle herrie en ongemak van dien: dat gaat niet.

Daarom gaan we naar een wisselwoning. Donderdag (vandaag dus) vertrekken we, dan kunnen de mannen hier hun gang gaan, daarna komen we weer terug.
In die wisselwoning hebben we rust en veiligheid.
Ik ben de hele week al daar wat spullen aan het neerleggen in de hoop dat Ollie er veilige luchten door ruikt. Gisteren heb ik er een verstop-kamer voor hem ingericht. Daar mag hij schuilen als hij het nodig heeft.

Verhuizen is het beste dat er nu op zit, maar het brengt wel nieuwe zorgen mee. Want Ollie is sinds hij hier kwam – ruim zestien maanden geleden – nog nooit in een andere woning geweest, alleen hier waar alles voor hem vertrouwd en goed is. Dus hoe hij zich daar voelt, dat is een zorg. Als hij maar wil eten. Als hij maar durft rond te lopen, naar buiten te kijken. Zijn vaste spullen gaan natuurlijk mee en ik blijf zoveel mogelijk bij hem.
In overleg met zijn dokter krijgt hij op de verhuisdagen Gabapentine, om de overgang te verzachten.

Verder hoop ik dat het internet goed werkt in de nieuwe woning.
Dan kan Ollie zelf vertellen hoe hij het vindt, als hij er dan tenminste aan toe is.

En Jajim en Frou Frou, dank voor het mogen wisselen van de dag, zo kon ik de situatie uiteenzetten. Jullie mooie verhaal staat al ingepland voor morgen.

🐾 Bliksem en de paashaas. Wie is dat?

Hallo lieve katermannen en kattenpoezen.
Daar ben ik weer met een vreemd verhaal. Jullie weten dat ik van jagen hou in mijn jungle en van slapen in de zon. En dat allemaal in mijn territorium: De jungle!
Ik hoor geluiden van mijn mensen dat het Pasen gaat worden. En ze hebben het maar steeds over de paashaas die langs zou komen. Ik vond dat maar vreemd. Want wie is die paashaas eigenlijk? Ik ken alle bewoners van de jungle. De eksters, de dikke duif, Roover, Luna en natuurlijk de familie egel die in de struiken woonde onder de heg. Maar een haas? Die heb ik nog nooit gezien.

Egels

Dus ik miauwde tegen mijn man mens: Er is geen haas. Er zijn egels, die hebben stekels. Maar die leggen geen eieren. Die rollen zich alleen maar op.
Dus ik deed nog maar eens mijn ronde in de jungle. Ik sprong op de schutting en keek rond. Ik zag echt geen haas. Wel de familie egel, moeder egel en haar 2 kleintjes liepen rustig rond bij de oude struiken.
Ik besloot maar een kijkje te gaan nemen. Ik liep rustig en behoedzaam naar de struiken. Ik was verbaasd wat ik toen zag. Bij moeder egel lag een half opgegeten wortel. Het leek wel of iemand een feestje had gehad. Moeder egel keek mij aan met haar kraaloogjes en snuffelde.
Toen begreep ik het. De haas is hier natuurlijk in de nacht geweest en had hier zijn laatste stukje wortel verstopt. Dat moet dan wel de paashaas zijn geweest. Ik liep naar de moeder egel en gaf voorzichtig, zonder mijn neus te prikken, een kopje. Toen ging ik in de zon liggen en dacht: Pasen is dus eigenlijk gewoon een ontbijtfeest voor de tuinbewoners. En nu was daar dus ook een haas bij geweest.
Toen had ik nog maar 1 missie. Als die haas bestond en zomaar willekeurige eet dingen in de tuin gooit kan ik dat natuurlijk ook doen. Ik was tenslotte de koning van de jungle.
Ik ging dus op zoek in de keuken naar een buit. Van de vorige avond lag daar nog een schaal met brokjes. Als die haas en de egels zo blij waren met die wortel, dacht ik, dan zullen ze ook wel blij zijn met mijn brokjes.
Met enige moeite sleepte ik de brokjes de jungle in. Het was best wel een komisch gezicht want ik liep achterwaarts de tuin in omdat het een grote schaal was waar de brokjes in zaten.
Ik deponeerde de schaal met brokjes voor de neus van vader egel die net zijn snuit door de heg stak. Hij keek naar mij en naar de brokjes en rolde zich toen langzaam op tot een bal. Dat vond ik raar. Maar toen gebeurde het. De 2 jongste egels zagen de brokjes en liepen enthousiast richting de schaal. Ze begonnen gelijk te eten. Vader egel rolde uit zijn bol en zag dat het goed ging.

Buiten

Mijn man mens kwam naar buiten en riep: Kijk nou! De paashaas heeft dit jaar zelfs aan de egels gedacht.
Ondertussen zat ik alweer op de schutting en schudde met mijn kop. De mensen dachten dat een onzichtbare haas het eten had bezorgd, terwijl ik, de grote koning van de jungle, zich een ongeluk heeft gesleept voor de familie egel.
Volgende keer verstop ik gewoon zijn autosleutels. Kijken of hij dan nog steeds in de paashaas gelooft.
Al mijn vriendjes en vriendinnetjes wens ik knuffels, lekker eten, snacks en snel veel zon toe. En ome Doerak zit voor altijd in mijn hart.
🐾 Poot van Bliksem